null Beeld

Finding Dory

Geen boter bij de vis.

Erik Stockman

De magie van de cinema: zit je daar als ongeschoren, in een stoere G-Star Raw gewurmde manskerel in een donkere zaal samen met een tiental andere leden van het filmjournaille mee te leven met een vis. Die gigantische bolle ogen die Marty Feldman-gewijs uit die schubben puilen, die piepkleine flapperende vinnetjes, dat vertederende blauw-gele staartvinnetje: de kleine Dory moet zowat het meest verrukkelijke onderwaterwezentje zijn sinds de kleine zeemeermin.

In ‘Finding Dory’ dient Dory in eerste instantie op zoek te gaan naar haar vader en haar moeder (en in tweede instantie naar zichzelf): geen makkie, want Dory heeft het geheugen van een garnaal. Jammer genoeg – en hier komt het droeve nieuws – duurde dat meeleven niet lang: al na een kwartiertje werden we tot in onze kieuwen bevangen door het hoogst ongemakkelijke gevoel dat ‘Finding Dory’ lang niet de gave duik is die het prachtige ‘Finding Nemo’ was; en dat we wat betreft de plot naar een koudbloedig rommeltje zaten te kijken – of liever: een mislukte bouillabaisse. Het grootste probleem: speelde ‘Finding Nemo’ zich grotendeels af in de mysterieuze openheid van de oceaan, dan blijft ‘Finding Dory’ als een goudvis in een kom veel te lang ter plaatse trappelen in dat ‘Sea Life’-achtige zeecentrum – een locatie die, ook al ontmoet Dory er een bijziende walvishaai en een witte dolfijn die denkt dat zijn echolocatie niet werkt, bitter weinig tot de verbeelding spreekt.

De tot een eindeloze reeks flashbacks leidende gimmick met het kortetermijngeheugenverlies maakt het verhaal ook nodeloos ingewikkeld: soms lijkt ‘Finding Dory’ zelfs meer op de diepzeevariant van ‘Memento’ dan op een avontuurlijke animatiefilm. En net wanneer je denkt dat je het ergste hebt gezien – een kinetische achtervolging waarbij een octopus achter het stuur van een gestolen vrachtwagen zit – krijg je nog eens heel nadrukkelijk de onvermijdelijke ‘Je kunt iets van je leven maken!’-boodschap tussen de graten gesplitst. Op puur grafisch vlak hebben de Pixar-tovenaars wel weer straf werk geleverd. Een mens zou zelfs een tweede keer moeten gaan kijken teneinde de subtiele rijkdom van de onderwater-wereld helemaal in zich op te kunnen nemen: de zon die in het water speelt; de over de zeebodem glijdende schaduw van Meester Rog; de zandwolkjes die verschijnen telkens de vinnen van een grote vis snelheid beginnen te maken.

Maar al bij al hielden we aan ‘Finding Dory’ de diep teleurstellende indruk over dat we een flauwe spin-off van ‘Finding Nemo’ hadden gezien; een ongeïnspireerde sequel die eerder thuishoort op het lagere niveau van ‘The Good Dinosaur’ en ‘Cars 2’ dan op het topniveau van ‘Inside Out’ en ‘Up’. Om Hank de octopus maar even te citeren: potverkarperdorie.

undefined

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234