null Beeld

'Flikken' in het echt: 'De recherche'


Loeiende sirenes en krakende walkie-talkies, een overvaller die in de boeien wordt geslaan, familiepakketten cannabis, een wapen in de linnenkast. In het nieuwe programma ‘De recherche’ (dinsdagavond op Vier) volgen we de lokale recherche van Gent op boevenjacht. ‘Flikken’, maar dan in het echt!

Dat hij drie dagen met zijn zoon naar Graspop gaat, zien we Jürgen Van Overmeire (43) aan zijn collega Luc vertellen in de eerste aflevering van ‘De recherche’, waarin een onderzoek van de drugsafdeling gevolgd wordt. De twee rechercheurs zitten in de auto en houden het huis van een dealer in het oog. De uren tikken weg, de verveling slaat toe, maar bij het huis van de dealer beweegt er niks. ‘Observaties zijn de saaiste kant van de job, vooral als er niks gebeurt,’ vertelt Jürgen, teamleider van de unit drugs. ‘Je moet vier, vijf uur zitten wachten tot er iets beweegt. In een snikhete wagen of in de kou. Je moet je voorzien van eten en drinken, want je mag je post geen moment verlaten. En als de nood hoog is? Dan wordt er weleens in een plastic fles geplast.’

Loeiende sirenes en krakende walkie-talkies, een overvaller die in de boeien wordt geslagen, een onschuldige videodoos van Walt Disney propvol bankjes van 50 en 100 euro, een wapen in de linnenkast. De boevenjacht in ‘De recherche’ oogt bij momenten spectaculair. ‘Maar ook onze dagelijkse beslommeringen worden getoond, en dat vind ik goed,’ zegt Tamara V.G. (28), de jonge blonde rechercheur van de unit Meprosch (mensenhandel, prostitutie en schijnhuwelijken). ‘De archaïsche manier waarop we soms moeten werken – pv’s moeten we anno 2014 bijvoorbeeld nog altijd faxen naar het parket. De urenlange verhoren en het energievretende papierwerk. De teleurstelling soms, als de magistraat beslist dat we een verdachte moeten vrijlaten bij gebrek aan bewijzen, goed wetende dat hij de dader is…’

Tamara jaagt op mensenhandelaars en malafide pooiers, aan de zijde van haar oudere collega Patrick, die al tegen zijn pensioen aanschurkt – psychologen zouden gewagen van een vader-dochterrelatie. Zij is pas 28 maar kent zowat elke prostituee – of ‘dienster’, zoals dat heet in het jargon – in het Glazen Straatje (de Pieter Vanderdoncktdoorgang) en de prostitutiebars aan de Zuid. Die buurt kent ze als haar broekzak. Ze maant de dames die in bikini voor de vitrine zitten aan om zich aan te kleden, speurt naar misbruiken achter de seksadvertenties op het internet, en controleert de hygiëne in gore prostitutiebars (‘Mens, hier zou ik mijn broek niet willen afsteken hoor! En zulke kleine kamertjes? Die vrouwen zijn toch geen legkippen!’).

HUMO Je hebt een vertrouwelijke band met veel van die meisjes, merk ik.

Tamara «We doen ook veel voor hen, los van het politiewerk. Ze bellen ons eigenlijk voor alles. Die jonge meisjes uit het Oostblok weten totaal niet waar ze terechtkunnen. We gaan bijvoorbeeld weleens mee als ze een rekening bij de bank willen openen. Dat is niet onze taak als politie, maar je krijgt dan wel een band met hen. Het is geven en nemen. Als er iets gebeurt, zullen ze je vertellen wat ze weten. Die meisjes zien heel veel. Prostitutie hangt samen met veel vormen van criminaliteit. Elke keer als ik er langs ben geweest kom ik terug met nieuwe informatie.»

Een paar maanden geleden hielpen Tamara en haar collega’s een Hongaars pooierskartel op te rollen in het Gentse Zuidkwartier, waar het aantal Hongaarse prostituees plots spectaculair was gestegen (van 4 Hongaarse meisjes in 2009 naar 283 in 2013). Alleenstaande moeders en meisjes die in een weeshuis opgroeiden, werden door de criminele organisatie gedwongen om hun lichaam te verkopen, moesten vrijen zonder condoom en per dag tot 600 euro aan hun pooier afgeven.

Tamara «Ik zie heel veel miserie op het werk, en zelfs al ben ik nog jong, als ik ’s avonds naar huis ga, naar mijn gezin, besef ik altijd weer hoeveel geluk ik heb dat ik zo’n goeie thuis heb. Heel veel meisjes die ik in de prostitutie zie, hebben dat niet. Ze zitten in ellendige toestanden en kunnen geen kant op. De meeste mensen stellen zich daar nooit vragen over. (Bitter) ‘Het zijn maar hoeren’.

Ik sta er nog altijd versteld van hoeveel mannen aan hun trekken willen komen bij een prostituee. Velen zijn getrouwd of hebben een relatie. Dat is hun zaak, maar ze beschouwen die meisjes echt wel als een gebruiksvoorwerp, en daar heb ik het moeilijk mee. Zo’n man vraagt zich nooit af of dat meisje daar wel vrijwillig zit, en of ze haar geld niet moet afgeven. Nee, hij gaat nog een beetje afdingen op de prijs ook. De gangbare prijs voor een kwartier is 50 euro. De meeste mannen halen niet eens een kwartier, met ontkleden en wassen bij (lachje). Hongaarse meisjes doen het meestal al voor 30 euro, en dan gaan die mannen nog proberen of het niet voor 20 euro kan.»

HUMO Waarom ben je bij de politie gegaan?

Tamara «Als kind was het mijn droom om bij de politie te gaan, maar als puber waren die plannen weggedeemsterd. En toen werd ik plots het slachtoffer van een carjacking; ik was net achttien geworden. Het waren zware feiten, ik ben ook een paar uur gegijzeld. Die heftige gebeurtenis heeft me behoorlijk door elkaar geschud – ik denk er tot vandaag nog altijd aan. Maar ik ben toen zó goed opgevangen door de politiemensen, dat ik daardoor de klik heb gemaakt: ‘Oké, nu ga ik ervoor. Wat zij voor mij gedaan hebben, wil ik ook doen voor de mensen.’ Kort daarop ben ik naar de politieschool gestapt, en een jaar later zat ik hier.»

HUMO Komt die carjacking soms naar boven op je werk?

Tamara «Soms, in gesprekken met slachtoffers denk ik daar weleens aan terug. Ik heb veel empathie voor mensen die iets ergs hebben meegemaakt. Ik ben me er heel goed van bewust wat dat met iemand doet. Ik weet wat het is om aan die kant van het bureau te zitten en je compleet verloren te voelen. Het heeft me gevormd, maar in positieve zin, vind ik. Ik denk er nog aan, maar het heeft me niet klein gekregen. Ik ben wel altijd erg op mijn hoede, ook in het dagelijks leven.»

Vuurdoop

Danny Rijkbosch (52) ging 27 jaar geleden bij de politie omdat hij graag aan sport deed en een job met afwisseling wilde. Door de jaren heen ontpopte hij zich tot een expert in het onderzoek naar criminele branden, en vandaag is hij teamleider van de unit Bijzondere Criminaliteit, die een allegaartje van misdrijven onderzoekt: wapendelicten, cybercrime, illegaal gokken, stalking, en dus ook brandstichting.

HUMO Per jaar worden er in Gent ongeveer 350 branden gemeld bij de politie, waarvan 150 kwaad opzet zijn. Dat zijn bijna drie aangestoken branden per week!

Danny «Ja, iedereen valt achterover van dat cijfer. Maar het zijn niet allemaal grote branden. Soms gaat het gewoon over een vuilnisbak die tijdens een feestnacht door studenten in de fik wordt gestoken. Dat lijkt misschien niet zo erg, maar zo’n brand kan overslaan naar een woning en dan wordt het ineens wél heel erg. Tot een jaar of drie geleden hadden we veel branden die werden aangestoken door mensen met anarchistische sympathieën, en zo waren er in Gent wel wat. Er waren brandstichtingen in overheidsgebouwen, politievoertuigen die werden beschadigd… Dat is nu stilgevallen, de daders zijn blijkbaar tot rust gekomen.»

HUMO Je hebt een handboek voor de politie geschreven: een soort ‘Criminele branden voor dummies’.

Danny «Omdat er helemaal niks bestond! Onderzoeken naar brandstichtingen zijn aartsmoeilijk omdat er nauwelijks sporen zijn. Bij drugs heb je een dealer wiens gangen je kunt nagaan, of een pand waar gedeald wordt, maar bij een brand heb je alleen een afgebrand huis vol roet en rook. De meeste branden worden ’s nachts aangestoken, dus zijn er weinig getuigen. En als er al sporen zijn, worden die door de brand en het bluswerk vernield. Je hebt dus eigenlijk niks om te starten.

»In Gent kregen we zo’n tien jaar geleden te maken met een reeks nachtelijke brandstichtingen in de kelders van een hoogbouw in een sociale woonwijk. De aanvankelijke wrevel onder de bewoners groeide na een paar branden uit tot een angstpsychose. We moesten iets doen, maar niemand bij ons had er ervaring mee. Ik heb toen rondvraag gedaan bij andere politiekorpsen in Vlaanderen, en wat bleek? Niemand wist goed hoe je een onderzoek naar brandstichting voert. Verbijsterend, maar toch is het zo. Terwijl het mensen toch keihard kan raken, veel materiële schade aanricht en levens kan verwoesten.

»Dat onderzoek in het appartementsblok werd dus onze vuurdoop. Er waren vier brandstichtingen in tien dagen tijd, dan drie maanden niks, en dan weer drie branden, en dan weer een hele tijd niks. Naar een motief hadden we het raden, en de lijst met verdachten was gigantisch: het was zo’n appartementsblok waar er officieel 300 mensen wonen, officieus nog eens 300 en waar ook nog een 300-tal bezoekers ‘geregeld’ over de vloer kwamen. Nachtelijke observaties in de kelders leverden niks op en werden in de war gestuurd door overdreven wakkere bewoners die ’s nachts zelf op pad gingen.

»Uiteindelijk hebben we de dader toch kunnen pakken, dankzij camerabewaking. Het was een echte pyromaan, met een ziekelijke fascinatie voor vuur. De reden voor de onderbrekingen? Na de eerste reeks had hij een vriendin leren kennen, waardoor zijn aandacht werd afgeleid van zijn ziekelijke neiging. Maar zodra het gedaan was met die vriendin, floep, viel hij weer in zijn oude patroon. Toen kocht hij een hond, en plots stopten de branden weer omdat hij altijd met de hond moest gaan wandelen. Wij hadden hem trouwens vaak met die hond zien passeren tijdens onze observaties. Uiteindelijk bleek hij onze verdachte te zijn. De man werd geïnterneerd.

»Sinds dat onderzoek kwamen alle branden naar ons, zodat we stilaan meer expertise konden opbouwen. En omdat er nergens een handleiding bestond voor zulke onderzoeken, heb ik er dan maar zelf één geschreven.»

HUMO Jürgen, over Antwerpen werd een paar jaar geleden gezegd dat er meer coke in het afvalwater zat dan in dat van Parijs, Berlijn of Amsterdam. Hoe zit het in Gent?

Jürgen «Alle coke in het afvalwater van Gent komt uit Antwerpen. Gentse dealers gaan zich daar bevoorraden om het hier te verdelen. Wij zijn de parking van Antwerpen, hè (lacht).

»Ik zie vooral het cannabisgebruik onder jongeren enorm toenemen. In Vlaanderen is er geen enkele school waar je geen cannabis kunt kopen. Een heel kwalijke evolutie vind ik dat, in de hand gewerkt door jaren gedoogbeleid. Een nieuwe trend zijn kleine drugsplantages, sinds ze in Nederland de weedpas hebben ingevoerd. We vinden tegenwoordig heel veel plantages van dertig tot vijftig planten. Mensen beginnen te kweken voor eigen gebruik en bevoorraden en passant ook hun hele vriendenkring. Het is gemakkelijk: een zolderkamertje of een tweede slaapkamer en je kunt beginnen. Alles wat je nodig hebt, kun je via het internet bestellen of in Nederland gaan kopen.»

HUMO Waarom ben je zo tegen cannabis? Drugsexperts pleiten dezer dagen juist voor een legalisering, omdat het de controle veel gemakkelijker zou maken.

Jürgen «(verontwaardigd) Ik ben ertegen omdat ik zie wat voor schade het kan aanrichten bij jonge mensen. Een dertiger die in het weekend graag een jointje rookt, is niet echt een probleem, maar ik zie veel andere gevallen: jongens die op hun veertiende met hun eerste joint beginnen, al snel aan drie per week zitten en voor je het weet aan vijf per dag. Ze gaan niet meer naar school, ze gaan niet werken, ze krijgen karakterstoornissen en psychoses, en raken heel zwaar verslaafd aan cannabis. Ik vind het niet zo’n onschuldig goedje. En er is massaal veel geld mee te verdienen.»

HUMO Wat vinden jullie van advocaten die zeggen dat we in een politiestaat leven?

Danny «(geërgerd) Politiestaat? Laat me niet lachen. Iedereen in België kan toch min of meer zijn ding doen. Wie ons land streng vindt, is nog niet in het buitenland geweest! Ik durf te zeggen dat onze onderzoeken in 99 procent van de gevallen goed gevoerd worden... Welk bedrijf kan dat zeggen? Dat advocaten procedurefouten moeten gaan zoeken, toont voor mij aan dat er inhoudelijk niets op de dossiers aan te merken valt.»

Jürgen «Eigenlijk kijkt de wet altijd over onze schouder mee, en soms maken ze het met die wirwar van procedures hopeloos gecompliceerd voor ons. Als je een auto in beslag laat nemen, moet je zonder het proces-verbaal mee te tellen al zes formulieren invullen. Door de Salduz-wetgeving zit er nu ook dikwijls een advocaat bij het eerste verhoor.

»Politieseries op televisie geven daar een compleet verkeerd beeld van. ‘Flikken’ bijvoorbeeld: het enige realistische daaraan waren de scenario’s, want die waren gebaseerd op waargebeurde feiten – hier in Gent trouwens. Maar voor de rest onderzochten die flikken er maar op los, zonder zich iets van de regels aan te trekken. Ik kan daar niet naar kijken. Want dan zie ik ze een huiszoeking doen die onwettig is, en is het voor mij al om zeep. Als wij zouden doen wat ze daar doen, zaten we allang in de bak.»

Melk in de kelder

HUMO Van alle ploegen hebben de mensen van de drugsafdeling de meest onregelmatige werkuren, zo blijkt uit ‘De recherche’.

Jürgen «(knikt) Om het bij ons vol te houden, moet je een stevig gezin hebben en een goeie partner, die begrijpt waar je mee bezig bent. We beginnen om 8 uur maar we weten nooit wanneer we ’s avonds naar huis gaan: dat cliché klopt echt.

»Het langste dat ik ooit zonder stoppen gewerkt heb, samen met Danny, was 29 uur aan één stuk door. In 2009 was dat. Het begon met een onderzoek naar een brand in een villa, en uiteindelijk hebben we zeventig inbraken opgelost.»

Danny «Die villa was compleet vernield. De daders hadden niet alleen brand gesticht, maar ook een ravage aangericht: de televisie kapotgegooid, alle waterkranen opengedraaid en vodden in de gootsteen gestopt, ketchup op de muren gespoten… Ze hadden ook een heleboel gestolen.

»Door een alerte buurvrouw kwamen we op het spoor van een dievenbende die altijd op dezelfde manier te werk ging: als de inbrekers niet tevreden waren over de buit, werden schilderijen en leren zetels met een schroevendraaier kapotgemaakt, werd het gas opengedraaid en zo veel mogelijk vernield. En het was een heel actieve bende. We zijn nog in een kelder in Sint-Amandsberg geweest waar ze een volledige muur met melkkratten hadden doorkliefd zodat de hele kelder onder de melk stond.»

Jürgen «We hadden de bende in kaart gebracht, en waren van plan om ’s anderendaags met huiszoekingen te beginnen, maar ’s avonds zagen we plots hun auto voor een Formule 1-hotel staan. Die gasten zaten dus in dat hotel. Alles kwam plots in een stroomversnelling: er werd een heel team bij gehaald, de kerels werden opgepakt, er volgden huiszoekingen en verhoren… Alles moest in één moeite door gebeuren. We hebben gewerkt van donderdagochtend 8 uur tot vrijdagmiddag 13 uur. Maar we hadden zeventig inbraken opgelost die de bende had gepleegd, met één brand. De bendeleider duidde op foto’s aan in welke huizen ze geweest waren. Uiteindelijk heeft hij zeven jaar cel gekregen.»

HUMO Naast de urenlange observaties lijken me ook de telefoontaps verschrikkelijk saai.

Jürgen «Dat valt best mee, hoor. Het kan vaak heel interessant zijn. Maar wel arbeidsintensief. Je moet bijna de klok rond tappen, en zelden tap je maar op één nummer. Vaak zijn het er een stuk of vijf tegelijk. Dat is doorwerken. Onlangs hadden we weer een telefoontap. Ik was ’s avonds anderhalf uur naar huis gegaan om te eten, en toen ik terugkwam, zat ik al meer dan honderd gesprekken achter.

»Je leert mensen wel heel goed kennen door naar hun telefoons te luisteren. De stopwoorden die ze gebruiken, de manier waarop ze met hun partner omgaan, de ruzies… Je stapt eigenlijk in het leven van iemand anders. Na een tijdje heb je het gevoel dat je ze echt kent, zeker als je de taps combineert met observaties, wat vaak gebeurt. Dan krijg je een heel duidelijk beeld van iemand.

»Klassiek bij drugs is de codetaal, daar moet je wel op letten. Als je niet weet dat ‘een cd’ een gram cocaïne is of dat ‘ijzer’ voor wapens staat, dan mis je dingen. ‘Een bruin brood’ is heroïne, en met ‘snelle’ bedoelen ze speed, uiteraard. Er was eens een slimme Hollander die we op de tap hoorden zeggen: ‘Ik heb ook nog eh… je weet wel hoe je ‘snel’ in het Engels zegt’ (lacht).»

HUMO Wat doen jullie het liefst?

Danny «Wat mij na 27 jaar politiewerk nog altijd een kick geeft, is een arrestatie op heterdaad. Maar het is ook een enorme ontlading als een onderzoek al maanden aansleept en je hebt plots een doorbraak, bijvoorbeeld door een bekentenis in een verhoor.»

Jürgen «Arrestaties op heterdaad gebeuren bij drugs heel vaak. Soms bedanken verdachten ons zelfs als we ze oppakken. Dat zijn vooral dealers die zelf gebruiken en drugs verkopen om hun eigen verslaving te bekostigen. Gisteren hadden we nog zo iemand: ‘Dit had ik nodig om te kunnen stoppen,’ zei hij.»

Danny «Dat komt ook door de manier waarop we ze behandelen: met respect en menselijkheid. In ons korps is het niet alleen belangrijk dat de slachtoffers tevreden naar buiten gaan, maar ook de verdachten.»

HUMO Gaat dat ook zo gemakkelijk als je bijvoorbeeld de serieverkrachter moet verhoren die begin dit jaar in het Citadelpark is opgepakt, of een kindermisbruiker?

Jürgen «Dan moet je je eigen gevoelens wegcijferen. Maar er zijn collega’s die vragen om zulke verhoren niet te hoeven doen.»

Tamara «Zoals ik. Als het kan, doe ik het liever niet.»

Jürgen «Misbruiken met kinderen liggen altijd gevoelig. Een paar weken geleden kreeg ik informatie over een heroïneverslaafde die zijn spul zat te chinezen (de damp inhaleren, red.) met zijn baby op schoot. Daar word ik geweldig kwaad van, ja. Meestal behandelen we druggebruikers als slachtoffers – het zijn de dealers die we willen raken. Maar als een gebruiker zoiets doet, beseft die toch ook niet goed waar hij mee bezig is. Dan móét je wel optreden.»

HUMO Zie je dingen die je nooit vergeet?

Danny «Ik denk dikwijls terug aan die keer toen we aan het begin van de winter een oproep kregen in verband met CO-vergiftiging, één van de vele. Er was een overlijden gemeld. Meestal gaat het om bejaarde mensen die in slecht verluchte huizen wonen, en ik verwachtte dus ook hier een ouderling die zijn kachel had aangestoken in een slecht verluchte kamer. Toen we er aankwamen, was de MUG net weg. Achter in de gang kwam het water ons tegemoet en we gingen kijken. In een kleine badkamer achterin lag een jongetje van acht jaar in een plas water, met de stickers van de reanimatiepogingen nog op zijn lijfje. Gestikt door CO-intoxicatie. Dat beeld vergeet ik nooit. Toen vonden we in een andere kamer de vader die voor zich uit zat te staren, totaal van de kaart. Dat beeld herinner ik me ook nog goed. Hij vertelde dat hij in een vechtscheiding zat met de moeder van zijn zoontje, die een paar dagen bij hem was, want de vader had wel bezoekrecht. Hij zag er enorm tegenop om haar het nieuws te melden. Maar hij wilde het dan toch zelf doen. Hij belt haar op, en op het moment dat hij zijn ex-vrouw aan de lijn heeft, zegt hij: ‘Ik ga u de politie doorgeven.’ Hij stopt de hoorn in mijn hand. Op zo’n moment moet je al je moed bij elkaar rapen. Die moeder bleef maar herhalen: ‘Nee, dat kan niet, want mijn zoon is op voetbalkamp bij zijn vader’. ‘Ja mevrouw, maar we zijn nu bij zijn vader…’ Die hele scène is me altijd bijgebleven.»

Jürgen «Ik herinner me een aanrijding waar we bij geroepen werden. Een jongen was uit de auto geslingerd, de wagen was in brand gevlogen. Ik kwam er als eerste aan, er stond al een hoop volk rond. De jongen lag niet ver van de brandende auto op het asfalt, ik probeer zijn hoofd op te tillen en tast met mijn hand los door zijn verbrijzelde schedel, in zijn hersenen. Zijn achterhoofd was uit elkaar gespat. Je voelt dat, je ziet al dat volk naar je kijken terwijl die auto daar staat te branden, en toch sta je niet op om te blussen. Die jongen is dood, maar toch laat je hem niet achter, je blijft erbij tot de ambulanciers er zijn.»

Tamara «Veel mensen onderschatten politiewerk toch, hoor. We zitten soms op de eerste rij van heel trieste gebeurtenissen. Vooral bij de interventiedienst, waar je van de ene situatie in de andere rolt. Dan sta je naast het lijk van zo’n jongen, en een halfuur later moet je naar iemand die klaagt dat de buurman de takken over zijn haag laat groeien. Dan moet je je inhouden om niet te zeggen: ‘Alstublieft mensen, waar zijn jullie eigenlijk mee bezig?’ Het ene moment sta je op een verkeersaanrijding waar mensen ruziemaken over een kras in hun bumper, en een uur later moet je bij ouders thuis gaan melden dat hun kind zelfmoord heeft gepleegd.»

HUMO Heeft dit werk jullie veranderd? Kijken jullie anders naar de wereld?

Danny «Ik denk het wel, zonder dat we ons daar echt van bewust zijn. We zijn natuurlijk veel wantrouwiger. Ik vertrouw alleen mezelf.»

Jürgen «Je wordt alerter, je ziet meer. Als ik naar huis rij en een jonge kerel staat op de hoek van de straat, dan is dat voor mij een klant die op zijn dealer staat te wachten. Een ander rijdt daar gewoon voorbij.»

Danny «Elke ochtend om halfnegen hebben we een briefing van het logboek van de voorbije 24 uur: overval hier, inbraak daar… Het stopt niet, hè, het blijft maar komen. De agressie neemt toe, er zijn ook steeds meer wapens in de uitgaansbuurt. Als we tien jaar geleden bij een vechtpartij geroepen werden, was het uitzonderlijk dat er een mes werd getrokken. Nu hebben ze van alles bij: wapenstokken, baseballbats, boksbeugels, stroomstootwapens en vuurwapens. Daar treden we heel kordaat tegen op: vanuit het parket is er een nultolerantie in Gent en wapens worden altijd onmiddellijk in beslag genomen. Door de deur open te zetten naar mensen van de Balkanlanden is er veel veranderd. Die mensen hebben andere normen en waarden dan wij. Als die boel hebben, trekken ze direct een mes of een vuurwapen.»

Tamara «Bij ons zijn de normen en waarden van de mensen toch ook fel veranderd. Als wij vroeger een politiecombi zagen passeren, dan haastten we ons om zeker op het zebrapad over te steken. Nu zouden ze opzettelijk in het midden van de straat oversteken en steken ze hun middelvinger op. Soms vraag je je wel af: in wat voor maatschappij leven wij?»

Danny «Een mens is tot veel in staat: dat besef dringt wel tot je door als je bij de politie werkt. Ik deed eens een onderzoek naar een moordpoging. Een man die al jaren gescheiden was van zijn vrouw, koesterde nog altijd zo’n haat dat hij haar ging opzoeken en talloze keren met een mes in de hals en in de borst stak. Die vrouw overleefde het op mirakuleuze wijze. En toen de man later opgepakt werd en ik hem vertelde dat zijn ex nog leefde, antwoordde hij: ‘Hoe? Ze leeft nog? Dan is mijn werk nog niet af.’ Haat kan soms zó intens zijn dat mensen erdoor gaan doden.»

HUMO Maakt dat jullie bangere ouders voor jullie kinderen?

(Knikken alle drie instemmend)

Danny «Oh yes. Je ziet alle miserie rond jou, het zit allemaal heel dicht op je huid, je weet wat er allemaal fout kan gaan. Dat dat ook met je dierbaren kan gebeuren, is iets wat je wel bezighoudt.»

HUMO Willen jullie heel je leven bij de politie blijven?

(Knikken alle drie heftig)

Danny «Ik weet niet welke andere job ik zou moeten doen. Je bent zoveel animo en afwisseling gewoon, wat zou je nog moeten doen dat een even grote uitdaging is?»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234