null Beeld

Francky Dury, coach van Zulte Waregem en goeroe aan de Gaverbeek: 'Er gaat niets boven het winnen van een prijs'

Zulte Waregem trapt vrijdag thuis tegen Anderlecht play-off 1 op gang, het eindspel in de Jupiler League. Coach Francky Dury – de oudste van het trainersgild, in oktober wordt hij 60 – leeft er gefocust naar toe.

'Wie vijf keer op de paal trapt, kan ook scoren'

De bekerwinst twee weken geleden tegen KV Oostende leverde Zulte Waregem alvast op wat het zich dit seizoen als doel had gesteld: een Europees ticket. Met de winst verzekerde het team van Francky Dury zich van een plaats in de groepsfase van de Europa League. Dat betekent tot december gegarandeerd zes mooie duels. Maar er is een máár. Als Zulte Waregem in de play-offs als tweede eindigt, staat alles op de helling. Dan moet de club verplicht naar de derde voorronde van de Champions League. En verliezen ze daar, dan dreigen ze hun Europese avontuur alsnog mis te lopen. Kromme voetballogica voor gevorderden is het, waar Dury niet vrolijk van wordt. ‘Leg dat maar eens uit aan de mensen: dat je nu al geplaatst bent, maar door tweede te worden nog overal naast kan grijpen.’

HUMO Als u vrijdag Anderlecht klopt, bent u plots titelkandidaat. Wat doet u dan?

Francky Dury «Je mag mij alles vragen, maar dat niet! (lacht)»

HUMO De winst tegen Oostende leverde uw tweede Beker van België op: in 2006 klopte u Moeskroen al in de finale.

Dury «Er gaat niets boven het winnen van een prijs. Daarom ook was ik zo gelukkig, het was lang geleden. Zelden heb ik zoveel gelukkige mensen bij elkaar gezien als ’s anderendaags op de markt van Waregem. Toen we enkele jaren geleden tweede werden in de competitie, na Anderlecht, stond de markt ook vol. Maar meer uit medelijden. Het was een ánder geluk. We waren blij dat we zo ver waren geraakt, maar we hadden niets gewonnen.»

HUMO Na de beslissende strafschop van Hamalainen zeeg u op uw knieën neer. U viel even uit uw rol van koele kikker.

Dury «Ik wilde dit jaar per se een Europees ticket winnen. Op onze eerste training daagden er tweeduizend fans op. Ik heb gezegd: ‘We gaan voor play-off 1 en we willen daarin competitief zijn.’ Na zes play-offs in acht jaar tijd – vijf met Zulte Waregem, één met AA Gent – weet ik dat je dan ongeveer 50 punten moet hebben. We werden herfstkampioen, we haalden 54 punten en eindigden als derde. In de bekercampagne zat het ons mee. We klopten Geel en Eupen, die Standard en Club Brugge hadden uitgeschakeld, waardoor wij los naar de finale gingen.

»Voor die finale had ik de spelers een compilatie getoond van de 6-1 van Barcelona tegen Paris Saint-Germain in de Champions League. Ik wilde laten zien dat grenzen alleen in je hoofd zitten en dat niets onmogelijk is. Zelfs al sta je vijf minuten voor affluiten achter: geef nooit op. Ik liet ook vreugdetaferelen zien, onder meer van Luis Enrique (de coach van Barcelona, red.). Toen wij in 2006 de beker wonnen, heb ik daar te weinig van genoten. We waren nog amateurs, ik had een job naast het voetbal, en plots stond ik met die beker in mijn handen. Pas toen we in 2014 de finale verloren van Lokeren, werd ik me er bewust van dat je moet genieten van de momenten waarop je iets wint. Vandaar die knieval.»

HUMO Dat heeft Enrique niet gedaan.

Dury «Hij liep wel als een gek het veld op, maar zo snel ben ik niet meer (lacht). Ik was intens gelukkig omdat ik weet wat de jongens ervoor hebben gedaan. We hebben niet zomaar gewonnen: we zijn vooraf zéér diep gegaan, tot in de kleinste details.»

HUMO U had zelfs een Noorse psycholoog uitgenodigd.

Dury «Geir Jordet, iemand die met beelden veel meer kan tonen dan je in duizend woorden gezegd krijgt. Op die manier maakt hij een verhaal sterker. Via onze mental coach Steven op ’t Roodt ben ik twee jaar geleden met hem in contact gekomen op een conferentie in Londen. Toen we onlangs van de voetbalbond de vraag kregen om een workshop te organiseren, hadden we snel een mooie titel – ‘De weg naar succes’ – maar ik wilde ook een topspreker uitnodigen. Zo kwamen we bij Geir terecht. Voor de workshop hadden we een aparte meeting met hem en onze staf. Alles wat ik jou nu vertel, heb ik daar toen ook op tafel gegooid. Diezelfde middag – het was 6 maart, minder dan twee weken voor de finale – heeft hij een plan opgesteld voor de bekerfinale.»

undefined

null Beeld

undefined

'Er zijn coaches die nooit verliezen: 'De spelers hebben de opdrachten niet goed uitgevoerd.' Ik vind: je verliest samen, je wint samen.'

HUMO Wat was het plan?

Dury «In je comfortzone blijven is de grootste vijand voor je ontwikkeling. In de week van de finale hebben we nog een ministage aan zee ingelast. De spelers gingen er spreken voor een klas in een middelbare school. Ik heb daar schitterende dingen gezien. Ze werden uitgedaagd om uit hun comfortzone te treden. Wie zoiets doet naast het veld, doet dat ook óp het veld. Grenzen verleggen om een doel te bereiken: daar gaat het om. Hoever wil je gaan om die finale te winnen? Geir liet een beeld zien van John Terry (verdediger van Chelsea, red.), die letterlijk zijn hoofd voor de bal gooit. De boodschap: zelfs toppers zijn tot alles bereid. Op dezelfde manier ging Sammy Bossut (de doelman van Zulte Waregem, red.) in de finale naar de bal net buiten het strafschopgebied – buiten zijn comfortzone dus, daar waar hij zijn handen niet mag gebruiken.

»Jan Mulder zei in ‘Extra Time’: ‘Een penalty trappen, dat is techniek.’ Ik ga daar maar gedeeltelijk in mee: je kunt maar techniek ontwikkelen als de mind goed zit. Wij hadden die strafschoppen vooraf grondig doorgenomen. Ik ga je niet alles verklappen, maar toch dit: we hadden de spelers gevraagd om als groep vóór die van Oostende in de middencirkel te gaan staan. Telkens als wij scoorden, zagen zij ons juichen. Een detail, maar het gaf ons een mentaal overwicht. Dat was geen ingeving van het moment, maar iets wat Geir ons vooraf met beelden had laten zien.

»De kans dat het op strafschoppen zou uitdraaien, was klein. Juist dan is het heel mooi dat we de beker op dat detail hebben gewonnen. Het was het werk van een heel team, en de spelers hebben het perfect uitgevoerd. Dat heb ik na al die jaren wel geleerd: in elke finale, of het nu met Real, Bayern of Barcelona is, zit – als je er later op terugkijkt – een detail waaraan iemand vooraf heeft gedacht. Als dát je dan de overwinning bezorgt, is dat buitengewoon mooi.

»Details maken het verschil. Ik lees daar veel over. Als Cristiano Ronaldo zegt dat hij de mensen die hem haten nodig heeft omdat net zij hem nog meer motiveren, dan is dat belangrijke info voor mijn spelers. Als Andrea Pirlo op 29-jarige leeftijd nog de vrijschoppen bestudeert van Juninho, de Braziliaanse specialist van Lyon, waarna hij in de laatste minuut tegen Torino scoort op zo’n vrijschop, dan is dat een fantastisch verhaal. Diezelfde Pirlo die een assist omschrijft als zijn manier om geluk te verspreiden over het veld: schitterend, toch? James Rodríguez, door Real Madrid voor 85 miljoen gekocht, die indruk wil maken op zijn coach Ancelotti door ’s ochtends als eerste in de fitness te verschijnen. Blijkt hij de twééde te zijn: Ronaldo was er al! Dan weet je: dat lichaam komt niet uit de lucht vallen.

»Als ik mijn spelers die verhalen kan brengen, aangevuld met het verhaal van Geir, dan héb je iets.»

HUMO U raakt er nog steeds niet over uitgepraat.

Dury (onverstoorbaar) «We kwalificeerden ons begin februari, maar de bekerfinale was pas zes weken later. Daar moet je focus dan naartoe. Ondertussen wilde ik die ook in de competitie niet verliezen. We verloren met 4-2 op Anderlecht, waar we niet goed speelden. Na die wedstrijd heb ik aan de boom geschud. Eventjes maar, ik doe dat niet vaak. Er zijn coaches die nooit verliezen: ‘De spelers hebben de opdrachten niet goed uitgevoerd.’ Begrijp je? Ik vind: je verliest samen, je wint samen. Ik heb nog nooit gescoord en nooit een assist gegeven, maar ik ben wel een onderdeel van het team. Ik weet hoe spelers zich voelen na een nederlaag. We hebben ooit in Kazan verloren. We hadden gelopen als gek, en toch: 4-0. De jongens waren kapot. Dan ga je ze als coach toch niet nog eens aanvallen? Ik heb gezegd: ‘Wat gebeurd is, is gebeurd.’ En drie dagen later klopten we Standard.

undefined

'Heel dichte vrienden: zo heb je er geen tien. Wie dat beweert, kent het verschil tussen een vriend en een kennis niet'

»Een week na de nederlaag op Anderlecht stonden we 0-1 achter tegen STVV. Wat doe je dan tijdens de rust?»

HUMO Zegt u het maar.

Dury «Rustig blijven. ‘Vind je organisatie terug,’ meer heb ik niet gezegd. We wonnen met 4-1. Toen was voor mij duidelijk wat de groep nodig had voor de bekerfinale: rust.»


Lekker knuffelen

HUMO U klinkt nu wel heel empathisch, maar bent u niet meer een rationeel dan een emotioneel type? Een controlefreak ook?

Dury «Mensen vragen mij soms: ‘Ben jij nog dezelfde trainer als tien jaar geleden?’ Nee, natuurlijk niet. Iemands kracht zit juist in de evolutie die hij doormaakt. Mijn eerste wedstrijd als coach in de eerste klasse was met Zulte Waregem bij AA Gent. Georges Leekens was er coach: hij omhelsde mij voor de wedstrijd en we dronken samen een koffie. We wonnen met 1-3, het is één van mijn weinige koffies geweest die ik vooraf met een coach heb gedronken. Een week later ontvingen we Standard. We stonden voor, maar we verloren in de extra tijd nog met 1-2. Dominique D’Onofrio zaliger (toen de coach van Standard, red.) pakte me vast, hij was een knuffelaar: ‘Mais Francky, t’as une belle équipe, toi!’ Ik geloofde hem nog ook. Het duurde niet lang voor ik besefte: als je complimenten krijgt van een tegenstander, is het meestal omdat je hebt verloren. Toen we later dat jaar in de halve finale van de beker Standard versloegen, is niemand mij komen vertellen wat voor een fantastische ploeg ik had. Dat was een eerste les.»

HUMO Vanaf 2013 begon u zich in interviews te profileren als een zachtere, meer menselijke versie van uzelf.

Dury «Ik voelde dat ik van trainer naar coach was geëvolueerd. Vroeger werkte ik op fysiek, techniek en tactiek. De klassieke ontwikkeling van een voetballer, zeg maar. Gaandeweg ontmoette ik mensen die mij ervan overtuigden dat je ook aandacht moet hebben voor het emotioneel-mentale, de levensstijl, de structuur van het lichaam. Mijn manier van omgaan met spelers is erdoor veranderd. Ik voel me daar ook beter bij. Vroeger schudde ik vaker aan de boom. Nu, ook daar heb ik successen mee behaald: zo slecht zal het dus niet geweest zijn.

»Om het voetbal te begrijpen, moet je eerst trainer zijn. Een zakenman moet toch ook eerst zijn product kennen voor hij het aan de klant kan verkopen? Hoe sterker je relatie met het individu en hoe sterker je relatie met het team, hoe meer je met z’n allen bereid bent om uit de comfortzone te treden. Ik zag ooit een fantastische BBC-documentaire over Alex Ferguson (de legendarische coach van Manchester United, red.). Daarin heeft hij het over een iconische foto van arbeiders die op een balk van een wolkenkrabber in aanbouw in New York zitten: elf mannen naast elkaar die een broodje eten, honderden meters hoog. Die foto hangt bij Ferguson in zijn bureau. ‘Dát is een team,’ zei hij. Ik heb het gebruikt voor de finale.»

HUMO Plots zei u ook dingen als: ‘Ik knuffel mijn spelers.’ Dat was van een lichamelijkheid die ik me bij u niet kon voorstellen.

Dury «Ik heb geleerd me te verdiepen in mijn relaties met de spelers. People management: had jij daar twintig jaar geleden al van gehoord? Dat bestond niet. ‘Het is zo omdat ik het u zeg!’ klonk het thuis, op school, op je werk. Maar de maatschappij is veranderd. Iedereen heeft nu een mening: ‘Ja, máár…’ Dat is een moderne nee, hè (lacht). Ik probeer mijn spelers iets anders te leren: ‘Ja, én…’ Dat is veel boeiender: ‘Ja, én...’ heeft een verhaal, ‘Ja, maar...’ trappelt ter plaatse.

undefined

'Als je complimenten krijgt van een tegenstander, is het meestal omdat je hebt verloren'

»Cruciaal blijft echter dat je succes boekt. Stel: je hebt twee verkopers in je bedrijf, maar van je boekhouder moet er één weg. De ene is je beste vriend en verkoopt 10 procent van de productie. De andere is een rare vogel en ligt niet goed bij het personeel, maar is wel goed voor 80 procent van je omzet. Wie ontsla je?»

HUMO Euh…

Dury «Je vriend! We mogen de beste vrienden zijn, maar we moeten wél winnen, hè. Targets halen.

»Toen we Meïté bij Rijsel gingen halen, vroeg ik hem naar zijn ambitie. ‘Manchester United.’ ‘Oké,’ zei ik hem, ‘dan zit je goed bij Zulte Waregem. Ik zal je gids zijn. Als ik voel dat je de verkeerde weg opgaat, roep ik je terug.’ Die jongen heeft het afgelopen jaar vijftien keer in mijn bureau gezeten. Maar hij pikt alles op en zit nu over halfweg. In juni laten we hem gaan.»


Straffe stoot

HUMO Over targets gesproken: in oktober wordt u 60. Hoever staat u?

Dury (lacht) «Ik heb er een pak bereikt die nooit op mijn blad hebben gestaan. Ik heb altijd haalbare targets geformuleerd. Ik was trainer in derde provinciale en wilde naar tweede provinciale. Iedere stap die ik zette, was een verrijking. Mijn uitgangspunt was simpel: als je iets doet en het lukt niet, betekent het dat je het tóch kunt – je bent er namelijk al eens dicht bij geweest. Een hoogspringer die over 2 meter probeert te raken en geregeld over 1,99 meter springt, die kan óók over die 2 meter. Wie vijf keer op de paal trapt, kan ook scoren.

»Ik heb een jaar bij AA Gent gewerkt. Dat was goed: weg uit de comfortzone. Daarna zat ik een halfjaar bij de Belgische voetbalbond. Steven Martens (toenmalig CEO van de bond, red.) wilde dat ik een visietekst schreef. Ik heb daar ongelofelijk veel tijd in gestoken. Ik voerde gesprekken met heel veel mensen, de ene nog boeiender dan de andere. Daar is voor mij een nieuwe wereld opengegaan.»

HUMO U kwam tegen wil en dank bij de bond terecht na het dieptepunt uit uw carrière. U verbrak uw contract bij AA Gent omdat u rond was met Club Brugge. Toen Club u alsnog liet vallen, bleef u met lege handen achter.

Dury «Die periode is heel belangrijk geweest in mijn ontwikkeling als coach. Na een halfjaar bij de bond ben ik naar Waregem teruggekeerd. De knowhow die ik er had opgedaan, is me toen goed van pas gekomen. We stonden veertiende, met nog elf wedstrijden te spelen: iedereen zag in mij de redder. Na zeven matchen waren we gered. Al zeg ik het zelf: dat was een straffe stoot!

»Een jaar later werden we tweede na Anderlecht. Ik heb toen onderhandeld met Rijsel, zonder zaakwaarnemer – ik doe alles zelf. De volgende dag stond het in de krant. Ook dat was een les. Zulte Waregem heeft me vervolgens een langdurig contract gegeven. Ik combineer nu twee functies: coach en sportief manager.»

HUMO De afgesprongen transfer naar Club was een kras op uw ziel. Is de wonde ondertussen geheeld?

Dury «Ja, 100 procent. Ik leef niet in het verleden. Het is ook uitgepraat met de betrokkenen. Ik heb toen niet het beste van mezelf laten zien: er waren contacten, maar in zo’n situatie moet je je club waarschuwen en een zaakwaarnemer aanstellen. Dat heb ik niet gedaan. Mijn spelers lazen in de krant wat er gebeurde, en dan kun je niet meer naar behoren functioneren. Maar het kan geen kwaad om eens met je kop tegen de muur te lopen. Ooit ben ik ontslagen bij Zulte, nog vóór de fusie met Waregem. Iemand zei me toen: ‘Je wordt maar een grote coach als je al eens ontslagen bent.’ Ik legde de telefoon neer en dacht: ‘Ik ben op weg om een grote coach te worden’ (lacht).»

HUMO U zou nu door het Duitse VfL Wolfsburg benaderd zijn.

Dury «Dat was via een agent. Ik werd in de wagen opgebeld door een onbekend nummer. Gelukkig zat mijn staf bij me. Ik vroeg 24 uur bedenktijd en heb toen teruggebeld: ‘Ik doe het niet.’ Ik werk hier aan een project en ik heb nog zes, zeven jaar te gaan. Ik wil dat afmaken. Natuurlijk heb ik niet alles onder controle. Toen Patrick Decuyper (voormalig CEO van Zulte Waregem, nu van Antwerp, red.) het stamnummer van de club naar Antwerpen wilde verhuizen, was ik daar ook niet van op de hoogte. En als de aandeelhouders morgen alles verkopen aan een Chinees – wat ik niet verwacht, want ik ken die mensen – en Dury past niet meer in het verhaal, kan het ook voorbij zijn.»

undefined

null Beeld

undefined

'Ik wil laten zien dat grenzen alleen in je hoofd zitten en dat niets onmogelijk is.'

HUMO U spreekt van een langetermijnproject, maar ondertussen blijft u toch mooi in uw comfortzone. Een trainersleven lang bij dezelfde club, op dat zijstapje naar Gent en de bond na. Om uw eigen woorden te gebruiken: zet dat geen rem op uw ontwikkeling?

Dury «Goeie vraag. (Denkt lang na) Het zou kunnen dat mij dat afremt, ja. Maar tegelijk is mijn drive heel groot: het stopt voor mij niet met deze beker. De uitdaging voor volgend seizoen is er al: we spelen Europees en de mensen willen dat we weer meedoen voor play-off 1. We zullen onze kern moeten versterken, want ik wil geen mal figuur slaan in Europa. ‘Het is máár Zulte Waregem’: ik wil dat niet meer horen.»

HUMO Komt er een dag dat u nog eens uit die comfortzone treedt?

Dury «Ik heb ooit gezegd: ik wil Europees voetbal spelen in het nieuwe stadion. We spélen nu Europees, maar het stadion is nog niet af. Maar zoals gezegd: ik heb een langdurig contract. Dan heb je niet het recht om uit te kijken naar iets anders.»


Zoek de vrouw

HUMO Jarenlang ging u door het leven als de politieman die ook voetbaltrainer was. Uw politieverleden wordt steeds minder vaak opgerakeld.

Dury «Ik ben er ook al tien jaar weg. Ik heb daar toen goed over nagedacht: het bestaan van een voetbaltrainer is erg onzeker. Ik ben ook niet meteen vertrokken: ik heb eerst nog parttime gewerkt, maar zo kun je niet 100 procent functioneren. Soms kwam ik ’s morgens op het bureau en was er de avond voordien – terwijl ik op het trainingsveld stond – nog ergens ingebroken, zonder dat ik daarvan op de hoogte was.

»Mijn droom was om sportmonitor bij de politie te worden, maar na het eerste jaar zag ik het niet meer zitten: de verplaatsingen naar de sportschool in Eupen wogen te zwaar. Zo ben ik in Gent terechtgekomen. Ik heb altijd bureauwerk gedaan: ik heb nooit gepatrouilleerd, nooit een proces-verbaal opgesteld. De laatste vijftien jaar heb ik misdrijven geanalyseerd: ik legde verbanden tussen inbraken, overvallen en ramkraken. Ik heb bij de politie 32 mooie jaren gekend, tot het niet meer te combineren viel met het voetbal.»

HUMO Voetbal was uw grote liefde.

Dury «Ik kwam uit het amateurmilieu en ik had twee jobs. Ik heb een lange weg afgelegd, van tweede provinciale naar eerste klasse, maar daar gaat het mij niet eens om. Ik heb met veel mensen gewerkt, dat is wat telt. Ik heb lichten van oefenvelden aangestoken en ballen opgepompt. Ik ben altijd iemand van de werkvloer geweest.

undefined

'Het kan geen kwaad om eens met je kop tegen de muur te lopen'

»Om op het team terug te komen: in 2014 werden we vierde en ik werd uitgeroepen tot Coach van het Jaar. Vier maanden later stonden we laatste, met zes punten op dertig! We hebben toen een nachtelijke vergadering gehad. Weet je hoe dat gaat, zo’n vergadering over ontgoocheling? ‘Wiens fout is het?’ Terwijl je bij crisismanagement maar twee vragen moet stellen: wie is verantwoordelijk en wie gaat het oplossen. Het antwoord is twee keer hetzelfde: wij. Níét de scheidsrechter, niet de tegenpartij, niet de supporters.»

HUMO Over uw jeugd is weinig bekend.

Dury «Ik ben een gewone dorpsjongen, uit Hulste. De oudste van drie: ik heb nog een broer en een zus. Over mijn kindertijd kan ik alleen maar zeggen dat die erg leuk was. Mijn moeder hield een tijdje een dorpscafé open, maar dat is ondertussen lang geleden. Ze is nu 86 en volgt nog al onze thuismatchen. Mijn vader is overleden.»

HUMO U schermt uw privéleven erg af. Ik vond maar één interview met uw vrouw terug, uit 2005, in de Krant van West-Vlaanderen.

Dury (lacht) «Als je haar wil zien: ze komt altijd mee naar de wedstrijden, hoor. Ze is een ongelofelijk toffe vrouw, maar ik vind: ik ben een voetbaltrainer, met een voetbalverhaal. Dáár moet het over gaan. Als de vraag komt om mijn vrouw te mogen interviewen, praten we daarover. Maar zij beslist, en het hoeft niet voor haar.»

HUMO Over u zei ze in dat interview: ‘Hij was een mooie voetballer, met een mooi kopje haar. Ik was direct voor hem gewonnen.’

Dury (lacht) «Is dat niet mooi?»

HUMO U leeft voor het voetbal. Is er nog ruimte voor vriendschappen?

Dury «Heel dichte vrienden: zo heb je er geen tien. Wie dat beweert, kent het verschil tussen een vriend en een kennis niet. Bovendien: vriendschap evolueert. Zijn jouw vrienden nog dezelfde als toen je 20 was?

»Ik heb twee vrienden die al overleden zijn. Een stuk of drie zijn gescheiden en met hen is het contact verwaterd. Laatst had ik een vriend aan de lijn, die ik al een maand of zes niet meer had gehoord. Ik had voordien weleens gedacht: ‘Misschien is er iets?’ Maar je wilt je niet moeien, dus je laat niets van je horen. Wat bleek? Hij had een zware bacterie opgelopen op zijn hartspier, die daarna ook zijn hersenen had geïnfecteerd. Wekenlang had hij op intensive care gelegen. Hij is nu pas terug thuis, 16 kilo vermagerd. Maar hij was de zondag na de bekerfinale wel één van de eersten die mij een bericht had gestuurd. Meer dan tweehonderd berichten had ik, maar dat ene: dat koester ik.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234