Frank Zappa [1940-1993] voor beginners

Frank Zappa is dood. Al vijfentwintig jaar, om precies te zijn: op 4 december 1993 is hij, zo deelde zijn diepbedroefde familie mee, vertrokken op z’n allerlaatste tournee. Prostaatkanker had de reus geveld, en sindsdien werd er eigenlijk veel te weinig over hem gesproken. Wij proberen Man, Werk en Geest even terug te brengen in een bescheiden naslagwerkje. Volg de gids!


De Tracks

Bij elk van de onderstaande stukjes staat een track die van dichtbij, veraf of wanhopig bij de haren gesleurd met het thema te maken heeft. Omdat dat nu eenmaal de kortste weg is naar het begrijpen van om het even welke artiest. Een beetje zoals men Mark Eyskens het beste leert kennen aan de hand van zijn schilderijen? Absoluut niet.


Genie

Laten we het woord eens en voor altijd in ere herstellen: wij tellen, op een goeie dag, maximaal zeven genieën in de popmuziek, en Frank Vincent Zappa was één van hen. Je hebt het gevoel dat z’n hele oeuvre al panklaar in z’n hoofd zat nog voor er één noot was uitgebracht. Klassiek, jazz, hardrock, doowop, rhythm-and-blues, pop, funk: hij heeft het allemaal gedaan, en telkens ging hij met het genre aan de haal. Alsof hij het maar voor het grijpen had – wat wellicht ook zo was.

Wil dat zeggen dat alles wat hij deed even goed was? Wij vinden van niet. Z’n vroege platen, waarop hij de popmuziek van zijn tijd op de hak neemt, vermangelt en mixt met z’n cynische kijk op zowel het keurslijf van conservatief Amerika als de Summer of Love die z’n generatiegenoten bezongen, zijn onze favorieten. Later hoorden we weleens het bos niet meer door de noten – de verzamelde solo’s in ‘Shut Up ‘n Play Yer Guitar’ hebben we altijd met groot genoegen aan ons voorbij laten gaan. Maar ook daar was z’n exceptionele talent onmiskenbaar. Zappa hield je altijd op de toppen van je tenen: hetzij door z’n verbluffende techniek en zin voor orkestratie, hetzij door z’n puntige, vileine popsongs, hetzij door z’n lucide maatschappijkritiek, hetzij door het onnavolgbare gevoel voor humor dat z’n platen kruidde. Een genie, dus.


Toilet

‘Op het toilet zitten heeft me waarschijnlijk beroemder gemaakt dan al mijn muziek samen,’ liet Zappa zich begin jaren tachtig eens ontvallen in een interview. Onverdeeld gelukkig was hij daar niet mee, ook al omdat de iconische poster hemzelf geen rotte frank opleverde: de foto, die dateert uit 1967, was indertijd gewoon bedoeld als illustratie bij een krantenartikel.

De toiletposter heeft sindsdien duizenden studentenkamers versierd. Het is een teken van herkenning: als je ergens kwam waar Zappa je zat aan te kijken (naakt, maar zijn blik zegt: ‘Heb ik iets van je aan?’) wist je dat het weleens een interessante avond kon worden.


The Mothers of Invention

Soms ook The Mothers, en in de loop der jaren gemuteerd tot verzamelnaam voor Zappa’s begeleiders op een gegeven moment – historici zullen met gemak negen verschillende versies opsommen. Het gemiddelde Mothers-lid werd gekenmerkt door een bovengemiddelde virtuositeit, de bereidheid om met alles en iedereen te lachen, inclusief zichzelf, en totale onderwerping aan de despoot Frank Zappa. Wij sommen er een paar bekendere voor u op:

Lowell George: richtte na een korte spanne bij Zappa zijn eigen Little Feat op (sleutelplaat: ‘Sailin’ Shoes’). Stierf in 1979.

Mark Volman en Howard Kaylan: weggeplukt bij The Turtles (die van ‘Happy Together’). Fors gebouwde clowns met gouden stemmen. Maakten als Flo & Eddie samen een paar goeie, zij het enigszins gedateerde platen in de geest van de meester.

Van Dyke Parks: bekend van Brian Wilson en zichzelf (ontdek ‘Discover America’!). Was in 1965 heel kort een Mother, maar verliet de groep ‘omdat hij het beu was dat er tegen hem geschreeuwd werd’.

Steve Vai: de man van tienduizend noten per seconde is nooit een Mother of Invention geweest – de naam was al met pensioen gestuurd – maar speelde met Zappa van 1979 tot 1982.

Jimmy Carl Black: zegt u niks? Nee? The Indian of the group!


Humor

Tegenwoordig ligt dat natuurlijk anders (wij moeten nu onwillekeurig aan Coldplay denken), maar in de jaren zestig en zeventig, toen rock nog in volle wasdom was, viel er eigenlijk bedroevend weinig te lachen. Lou Reed moest de stand-upcomedian in zichzelf nog ontdekken, Mick Jagger had helemaal geen humor nodig om de vrouwen in zijn bed te krijgen, en wie zich ooit bescheurd heeft bij het luisteren naar The Beatles, had vast per abuis The Rutles opgezet.

Enter alweer Frank Zappa, die waar hij ook kwam een eindeloze sliert van oneliners, imitaties, persiflages, scatologie en aangebrande grappen achterliet. Hij werd daarbij geholpen door zijn muzikanten, die het bullshitten bij voorkeur net zo goed beheersten als hun instrument. Terry Bozzio zet een tot wanhoop gedreven satan neer in ‘Titties & Beer’, Adrian Belew is een geweldige Bob Dylan in ‘Flakes’; en overal waar Flo & Eddie kwamen, was onzin koning. Maar Zappa was zelf de oppernar: hij was soms plat en ging geregeld ver over de schreef – vetzakkerij spuien: ook dát is freedom of speech – maar hij zette met een welgemikte grap net zo goed een deur in je hoofd op een kier (zie, niet voor het laatst, ‘We’re Only in It for the Money’). Typerende uitspraak: ‘Je geest is net als een parachute: je hebt er alleen iets aan als hij open is.’ Noteer: niet zijn gitaartechniek, maar wel z’n zin voor humor was het voornaamste wapen van de meester.


Bekijk: Bobby Brown


Helden

Een held herkent men aan zijn helden. Hier zijn drie favorieten van music nut Frank Zappa.

Edgar Varèse: voor zijn vijftiende verjaardag kreeg Zappa vijf dollar, te besteden naar eigen goeddunken. Hij koos voor een interzonaal telefoonge- sprek en belde naar avant-gardecom- ponist Edgar Varèse. Van hem heeft hij één van z’n favoriete uitspraken (‘The present day composer refuses to die’ ) en de neiging om z’n publiek naar ei- gen goeddunken uit te dagen én des- noods weg te jagen. Doe je zin: dat is wat Varèse de jonge Zappa lijkt te heb- ben ingefluisterd.

Johnny Guitar Watson: net als alle groten (John Lennon, Bob Dylan, Lou Reed, The Stones) was Zappa gek op en beïnvloed door de vroege rock-’n- roll. Maar ook hier was hij weer tegen- draads: zijn favoriet was niet Chuck Berry of Little Richard, maar Johnny Guitar Watson, een uitmuntend gitarist en excentriek podiumbeest die hij van de obscuriteit redde. Watson is te gast op ‘One Size Fits All’, de laatste studioplaat met The Mothers.

Black Sabbath: volgens Ozzy Osbourne heeft Frank Zappa hem ooit op een feestje verteld dat ‘Supernaut’, uit ‘Black Sabbath Vol. 4’, zijn favoriete song aller tijden was. Ozzy zal wel zat geweest zijn die keer, maar waarom zou het niet waar kunnen zijn? ‘Supernaut’ is een bom.


Fans

Herkent men een held ook aan zijn fans? Eens kijken: John Lennon, Red Hot Chili Peppers, The Muffin Men (tributeband), The Ex, Matt Groening, Pere Ubu, Black Sabbath, John Zorn, dEUS, Throbbing Gristle, George Clinton.... Check: even divers als de muziek van Zappa zelf. Twee case studies:

Deep Purple: ‘Smoke on the Water’, hun grootste hit, was er nooit gekomen als de groep op die bewuste avond, 4 december 1971, niet naar Zappa was gaan kijken in het casino van Montreux: een idioot met een seinpistool ‘burned the place to the ground’.

Vaclav Havel: schrijver, dissident en later Tsjechische president, noemde The Velvet Underground en Frank Zappa als inspiratiebronnen voor zijn revolutionaire strijd tegen het communisme. In 1990 mocht Zappa bij de nieuwbakken president op bezoek. De legende wil dat hij Havel ook platen opstuurde uit Amerika, om diens collectie te vervolledigen.


Zappa & Kama

Kamagurka heeft in zijn jonge jaren nog bij The Mothers gezeten! Of nee, wacht: Zappa heeft nog voor Humo gewerkt! Of... Hoe zat het ook alweer, Kama?

Kamagurka «Zappa trad in 1976 op in Vorst Nationaal. Omdat hij geen interviews wilde doen, had Guy Mortier er niks beters op gevonden dan mij te stu- ren: een jonge tekenaar – ik zat nog op de academie – met een grote tekenmap onder de arm. Ik was zowat vergroeid met Zappa’s platen, dus ik wilde dat natuurlijk wel doen.

»De eerste die ik backstage tegenkwam, was Zappa’s bodyguard: een enorme kale neger met een sigaret achter zijn oor – let wel: een brándende sigaret. Ik had een ferme verkoudheid die dag, en het eerste wat Zappa zei toen die bodyguard me eindelijk had binnengelaten, was: ‘There’s the door.’ Enfin, uiteindelijk mocht ik dan toch blijven. Ik had een strip gemaakt, maar de tekstballonnen waren leeg: het was de bedoeling dat hij die zou invullen. En dat heeft hij gedaan. Hij is er een uur mee bezig geweest, tot alles klopte. En toen hij klaar was, zette die neger mij weer buiten de deur (lacht). De week erop werd de strip gepubliceerd, onder de titel ‘Zappa in zoeloeland’. Het was één van de eerste dingen die ik voor Humo gedaan heb.»


Tegenstanders

Tipper Gore: de vrouw van Al Gore richtte in 1985 het Parents Music Resource Center (PMRC) op, dat ouders wilde waarschuwen voor muziek die een slechte invloed invloed op hun kin- deren (zie de Parental Advisory-stickers op uw favoriete cd’s). Zéér tegen de zin van Zappa, die een groot voor- stander was van het First Amendment (over de freedom of speech). Het kwam tot een hoorzitting in de senaat waar- op Frank zich van zijn meest eloquente én schunnigste kant liet zien.

Lou Reed en Zappa waren nadrukkelijk geen fan van elkaars werk. Beide heren onderhielden een vete sinds de sixties, toen hun groepen (Velvets en Mothers) concurrenten waren bij de- zelfde platenfirma. Gek genoeg was het Reed die mocht komen speechen toen zijn gewezen vijand in 1994 postuum werd opgenomen in de Rock and Roll Hall of Fame. Maar wel nadat Eddie Van Halen eerst geweigerd had.


Conversatie

Interviewer: ‘Je hebt lang haar. Wil dat zeggen dat je een vrouw bent?’ Zappa: ‘Jij hebt een houten been. Maakt dat van jou een tafel?’

(Zappa hield niet van journalisten.)


Captain Beefheart

Volgens de overlevering had Don Van Vliet een oom die op familiefeestjes geregeld zijn lid bovenhaalde, erin kneep tot z’n eikel paars en gezwol- len was en dan zei: ‘Look, it’s like a big ole beef heart!’ Kijk, als wij zo’n verhaal horen, maakt het al lang niet meer uit of het waar is of niet.

Don Van Vliet en Frank Zappa waren klasgenoten en vrienden. Na schooltijd reden ze samen rond in Dons Oldsmobile of luisterden ze urenlang naar platen op Zappa’s kamer. Ze waren allebei geniaal, gedreven en moeilijk in de omgang. Beefheart was rauw en primitief, Zappa technisch onderlegd en gedisciplineerd. Zappa was water, Beefheart vuurwater. Geen wonder dat het geregeld tot een botsing kwam. Na het gezamenlijke ‘Bongo Fury’ zouden ze jarenlang niet meer met elkaar spreken; het kwam pas tot een verzoening op het einde van Zappa’s leven. Captain Beefheart stierf op 17 december 2010. Drie gezamenlijke topmomenten:

★ ‘Trout Mask Replica’ (1969): Beefhearts meesterwerk, één van de vreemdste, moeilijkst te vatten werkstukken in de popgeschiedenis. Zappa was producer.

★ ‘Willy the Pimp’: Beefheart overtreft zichzelf als vocalist op Zappa’s ‘Hot Rats’ (1969).

★ ‘Man With the Woman Head’: de kapitein reciteert een gedicht, terwijl Zappa en The Mothers achterin loos gaan. Extra freaky momentje uit ‘Bon- go Fury’ (1975).


Familie

Moon Unit, Dweezil, Ahmet en Diva Muffin: dat zijn de namen van Zappa’s vier kinderen. Zijn vrouw heette gewoon Gail. Op de vraag hoe hij het in zijn hoofd had gehaald om zijn zoon Dweezil te noemen, antwoordde Frank ooit: ‘Het had erger gekund: ik had ’m ook Ralph kunnen noemen.’ De kinderen zelf nemen hem alleszins niets kwalijk: Dweezil toert onder de noemer Zappa plays Zappa nog altijd de wereld rond met de muziek van zijn vader. Moon Unit zette als veertienjarige een geweldig oppervlakkig wicht neer in ‘Valley Girl’.


Tabak

Zappa dronk niet en was fel gekant tegen alle soorten drugs: ook zijn groepsleden moesten ervan afblijven, of toch zeker niet op tournee gebruiken. Maar roken deed hij wel, als een schoorsteen nog wel. ‘Tabak is mijn favoriete groente,’ verklaarde hij in 1993 in een interview, luttele maanden voor zijn dood.


Quotes

★ ‘Iedereen is een klootzak, tot hij het tegendeel bewezen heeft.’

★ ‘Drugs zijn niet slecht. Dat kan ook niet, het zijn chemische bestanddelen. Het probleem is dat mensen ze gaan gebruiken als excuus om zich als een idioot te gedragen.’

★ ‘Er zijn meer liefdesliedjes dan om het even wat in de wereld. Als muziek écht iets kon veranderen, dan zouden we allemaal van elkaar houden.’

De platen

‘Als u de platen niet meer vindt: de titels zijn ook al mooi om naar te luisteren,’ schreef Marc Didden twintig jaar geleden in zijn in memoriam. Maar onvindbare platen, die vind je tegenwoordig niet meer, wel? Tien favorieten.

1. ‘We’re Only in It for the Money’ (1968)

Conceptplaat die zich tegen hippies en politie kant. Grappig, subversief, me- lodieus en messcherp. Een onbetwist meesterwerk.

2. ‘Hot Rats’ (1969)

Heeft een hele generatie gitaristen be- invloed. Bevat de klassiekers ‘Willy the Pimp’ en ‘Peaches en Regalia’.

3. ‘Apostrophe’ (1974)

Commerciële doorbraak (al was het eenmalig), met dank aan ‘Don’t Eat the Yellow Snow’.

4. ‘Freak Out!’ (1966)

De geboorte van een genie. Eén van de indrukwekkendste debuten uit de popgeschiedenis.

5. ‘Roxy & Elsewhere’ (1974)

Zappa live op z’n best, met onnavolgbare bindteksten en dito dildo’s, ex- cuus, solo’s.

6. ‘Uncle Meat’ (1969)

Dubbelaar om langdurig in te verdwa- len. Wie er een touw kan aan vastknopen, mag het houden.

7. ‘Sheik Yerbouti’ (1979)

Met vuile praat, grappige pastiches en iets te veel solo’s gevulde hitplaat (‘Dancing Fool’, ‘Bobby Brown’).

8. ‘Absolutely Free’ (1967)

Het parcours dat Zappa in de jaren zestig aflegde, was wat ons betreft feil- loos.

9. ‘Waka/Jawaka’ (1972)

Voer voor gevorderden. Geen grappen hier, enkel virtuositeit. Ideaal om hard- nekkige plakkers weg te jagen van uw instuif.

10. ‘Cruisin’ with Ruben and the Jets’ (1968)

Van rand tot gaatje gevuld met doowop, nog een muzikale liefde van Zappa. Tekstueel een parodie, maar muzikaal: onversneden passie.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234