Fuck Cynisme: Vincent Byloo en Eva De Roo, het nieuwe StuBru-duo

Vincent Byloo (34) en Eva De Roo (28) werden heus niet alleen omwille van het rijm gekozen werden om sinds vorige week samen het avondspitsblok op Studio Brussel te presenteren. Ze doen in charmante vriendschap en rellerige humor, en vullen mijn bandje met uitroeptekens.

'Ik hou van mensen die niet bang zijn van hun eigen gekkigheid'

Vanavond ben ik hun eenmanspubliek, maar dat is eerder uitzonderlijk: recent onderzoek leerde dat er op dat moment 700.000 mensen naar StuBru luisteren.

HUMO Dat is tien keer de wei van Werchter.

Vincent Byloo «De Red Hot Chili Peppers moeten dus tien keer optreden om aan hetzelfde publiek te geraken. Wat zijn dat voor amateurs, eigenlijk?

»Serieus: ik sta bewust niet stil bij dat gigantische aantal, want dan zou ik helemaal blokkeren.»

Eva De Roo «Gelukkig kun je al die mensen niet in de ogen kijken. Want dansen voor zo’n massa, dat zou ik misschien nog wel durven. Maar práten? No way. Ik stel me meestal één concrete, fictieve luisteraar voor.»

Byloo «Iemand heeft me ooit gezegd dat ik me mijn oma moet voorstellen terwijl ik presenteer. Maar dan mocht ik alleen nog tweelettergrepige woorden gebruiken, en dus ben ik er na een tijdje toch maar mee gestopt (lacht)

HUMO Twee jaar lang heb je de show in je eentje gepresenteerd, Vincent. Waarom moest Eva er plots bij?

Byloo «Het was toch een beetje eenzaam. Een slechte mop maken, en dan niemand hebben die je zégt dat dat een slechte mop is... Ik miste gezelschap.»

De Roo «Eigenlijk hebben ze gezegd: ‘Ga jij met Vinnie mee de studio in, dan lacht er toch iemand om zijn moppen, en gaat die jongen er misschien iets gelukkiger bijlopen.’ (hilariteit)»

Byloo «Het is gewoon leuker met twee: dat beetje feedback dat ik meteen van Eva krijg, maakt me zelfverzekerder.»

HUMO Worden jullie vaak herkend op straat?

Byloo «Ik heb daar niet zo’n last van. Behalve op festivals dan, omdat het publiek daar pal in de doelgroep van StuBru zit. Op Best Kept Secret was er een kerel die me beloofde dat hij me een pint zou trakteren als we elkaar nog eens tegenkwamen. Ik ben ’m nog zés keer tegengekomen: zeer goedkoop dronken geraakt, toen. De zevende keer heb ik ’m maar eens een pint betaald.»

De Roo «Op Rock Werchter kwam er een jongen van een jaar of 20 naar me toe: ‘Jij bent toch Eva De Roo, hè? Ik ben een beetje verliefd op u.’ Hij zei het echt met de bibber in zijn stem. Toen stonden we daar met twee wat te blozen.

»Ik woon in Brussel, en dat is een totaal andere realiteit. Daar word ik nauwelijks aangesproken. Toen ik mee ‘Music for Life’ presenteerde, was mijn Italiaanse buurman stomverbaasd dat hij me op televisie had gezien. Hij was in alle staten en vertelde het meteen aan de andere buren: ‘Dat meisje komt op televisie! Ze is beroemd!’»

Byloo «Onlangs ging ik met mijn vriendin op restaurant, en we wilden een kamer huren in een bed and breakfast. Toen we daar aankwamen, vertelde de uitbaatster dat alle kamers in principe verhuurd waren aan een familie, maar dat ze die familie vriendelijk had gevraagd om met meer mensen samen te liggen, zodat er een kamer vrijkwam. ‘Want Vincent Byloo willen we toch niet weigeren.’ Dat moet zo ongeveer het gênantste zijn dat ik al heb meegemaakt. Ik ben me ook uitgebreid gaan verontschuldigen bij die familie.»

'Het begrip guilty pleasure bestaat niet meer bij wie jonger is dan 25. Jongeren schamen zich niet meer om iets goed te vinden'


Oogkleppen af

HUMO Studio Brussel doet het al een aantal jaar bijzonder goed in de luistercijfers. Toch klinkt er ook kritiek: de zender zou z’n rebelse eigenheid wat verloren zijn. Het alternatieve jeugdhuis is een mainstream Sportpaleis geworden.

Byloo «Als puber zat het toenmalige Studio Brussel me als gegoten. Ik zette mij af tegen commerciële muziek, tegen VTM, tegen alles wat platte pulp was. Studio Brussel deed dat ook: het was de smaakpolitie met het opgestoken vingertje, vaak cynisch en elitair. Ik vond dat supercool. Alleen: mensen veranderen, en tijden ook. Rond de eeuwwisseling is er een gigantische mentaliteitsverandering gekomen, en Studio Brussel heeft die slim opgepikt. In de jaren 90 was je een rocker of een gabber, een alternativo of een johnny. Maar toen kwamen er bands als Soulwax, die de schotten tussen gitaarrock en dance vrolijk lachend neerhaalden. En dat was exact waar de jonge generatie op zat te wachten.»

De Roo «Ik heb me eigenlijk nooit iets aangetrokken van wat er zogenaamd juist of fout was. In mijn jeugd luisterde ik naar de Vengaboys, Bach én Limp Bizkit. Ik schaamde me daar ook helemaal niet voor.»

Byloo «Het begrip ‘guilty pleasure’ bestaat niet meer bij wie jonger is dan 25. Jongeren schamen zich niet meer om iets goed te vinden.»

De Roo «En dus zeg ik elke dag: ‘Oogkleppen af, Vinnie, hokjesdenken uit!’»

Byloo «Maar ik heb die evolutie zélf doorgemaakt! Toen Studio Brussel indertijd elektronische muziek begon te draaien, was ik gechoqueerd en boos. Maar intussen is mijn smaak veel eclectischer geworden, en zie ik in dat je perfect van hedendaagse popmuziek kunt houden én ’s avonds naar Nick Drake of Bonnie ‘Prince’ Billy kunt luisteren. Ik aanvaard het zelf ook niet meer dat iemand me komt vertellen wat ik wel en niet goed mag vinden.»


Borduren met Winnie

HUMO De openbare omroep heeft al een nieuwszender, een familiezender, een hitzender en een klassieke zender. Moet Studio Brussel dan niet gewoon zoals vroeger de enclave zijn voor wie daarbuiten valt – voor wie toevallig links van de mainstream zit?

Byloo «Ik snap je redenering. Maar hoe ga je alternatief vervolgens definiëren? Heb je het over alternatieve rockmuziek? Over obscure elektronica? Eigenlijk moet je dan honderd nichezenders maken. Die echte muziekliefhebbers vinden hun stuff nu op Spotify – of op één van de honderd andere kanalen waar je vandaag nieuwe muziek kunt ontdekken. Het is als radiozender simpelweg niet meer nodig om je luisteraar elke tien minuten iets nieuws op te scheppen. Ik geniet tegenwoordig ook van Drake en Justin Timberlake, en ik wil overdag niet meer doodgemept worden met triestige muziek of moeilijke avant-garde – daar zal ik ’s avonds wel naar luisteren.»

De Roo «En Studio Brussel is toch nog altijd behoorlijk alternatief? De oude rocker bijvoorbeeld wordt toch nog goed bediend? Die zal zich ergeren aan Justin Bieber, maar is vervolgens heel blij met Soulfly

Byloo «Ik heb het net nog op vakantie gemerkt: zoek in het buitenland op de FM-band eens een zender die ook maar een beetje op Studio Brussel lijkt. Wel, je vindt ’m niet. Een zender die én Justin Bieber én Royal Blood en ’s avonds ook nog eens Sparklehorse draait: bestaat nérgens.»

De Roo «Mijn vriend is een Fransman, en hij beschouwde radio als iets stoffigs. In Frankrijk kan je kiezen tussen pokkelelijke Franse hits en babbelradio – en dat is het wel zo’n beetje. Iets eigentijds en eclectisch als Studio Brussel, waar ook debuutplaten of liedjes van minder bekende groepen aandacht krijgen, vindt hij echt revolutionair.»

HUMO Luistert hij als je presenteert?

De Roo «O ja. En aanvankelijk, toen hij nog geen Nederlands begreep, snapte hij er niets van. Zijn evaluatie was elke dag dezelfde: ‘Keigoed gedaan, schatteke!’ Maar intussen begrijpt hij Nederlands, en zijn z’n complimentjes al veel genuanceerder. ‘Dat was een goede mop. Met die studiogast liep het soepel. In dat gesprek ging je toch wat de mist in.’.»

HUMO Was radio jullie eerste liefde?

De Roo «Ik wilde absoluut iets met muziek doen, maar had geen zin in het conservatorium. Ik luister graag naar de radio, ik hou van muziek en ik ben een gulzige babbelaar: radio leek me wel wat. Maar ook tijdens die opleiding hield ik er niet echt rekening mee dat ik ooit écht achter die microfoon zou belanden. Had je me toen gezegd dat ik een paar jaar later ‘Music for Life’ zou presenteren, ik had het nooit geloofd. Iets mogen doen voor FM Brussel, een stageplaats versieren bij Klara: dat vond ik al het summum. Dat is het bizarre: ik was misschien wel de minst ambitueuze van de klas, het meisje dat weigerde om ver vooruit te kijken. En plots zit ik hier.»

Byloo «Als kind speelde ik wel radiootje, lekker eenzaam in m’n kamer. Maar op m’n 12de heb ik dat losgelaten. En sindsdien heb ik er nooit – echt nóóit – nog aan gedacht als een mogelijke professionele piste. Ik was een schrijvende journalist, en dat leek me ook m’n bestemming. Maar ondertussen deed ik ook redactiewerk voor Radio 1, en daar kreeg ik van mensen als Ruth Joos, Annemie Peeters en Luc Janssen te horen dat ik een goeie stem heb. Dat ik de radio op moest! Ja, als die mensen dat zeggen, dan begin je dat toch te overwegen. Maar zelf zou ik er nooit aan gedacht hebben.

»Nu, ik ben wel altijd een grote radioluisteraar geweest. De ontdekking van Studio Brussel was een sensatie. Thuis stonden Radio 2 en Radio Donna op: ik groeide op met de landerigheid van ‘De zoete inval’, en Michel Follet ’s ochtends vroeg. Tot ik dus aan de knop van de radio draaide, en bij ‘Hallo Hautekiet’ uitkwam. Ik wist niet wat ik hoorde: ‘Is dit óók radio?’»

De Roo «Ik was zo’n meisje dat bewust naar de radio luisterde. Het was meer dan behang, bedoel ik. Dan ging ik aan tafel zitten met een onnozel Winnie de Poeh-borduurwerkje en dacht iedereen dat ik daarmee bezig was, terwijl dat gewoon mijn alibi was om naar de radio te luisteren. Enfin, nu heb ik een lief en een leven, en hoef ik me niet meer te verschuilen achter Winnie de Poeh-borduurwerkjes als ik naar de radio wil luisteren (lacht)

'Ik was de minst ambitieuze van de klas, het meisje dat weigerde om vooruit te kijken'


Vinnie vetlap

HUMO Vincent, wat zou Eva’s totem bij de scouts geweest zijn?

Byloo «Twerkende bever? Vulgaire vink?»

De Roo (lacht) «Ik had om een alliteratie gevraagd: Stralende Spreeuw.»

HUMO ‘Een vrolijk beest, een groepsdier, makkelijk in de omgang, kalm in elke situatie,’ legde je eerder al uit in Humo.

Byloo «En dat klopt. Ik ken niemand die fundamenteel vrolijker is dan Eva. Ik zou me bij eender welke andere persoon in de wereld na drie seconden gigantisch ergeren aan die opgeruimdheid. Maar dus niet bij Eva. Je bent bíjna onuitstaanbaar vrolijk.»

De Roo «Maar bij de mensen die ik écht goed ken, kan ik wel al eens bokkig zijn. Ik wil altijd de beste versie van mezelf aan de wereld tonen.»

Byloo «Je bent een pleasertje?»

De Roo «Ik vind het gewoon leuk om mensen een goed gevoel te geven. Dat is geen missie – het is niet dat ik denk: ‘Laat ik die treurwilg van een Vinnie eens wat opvrolijken.’ Ik ben gewoon van nature nogal blij. Maar noem me asjeblieft geen spring-in-’t-veld: ik heb een gruwelijke hekel aan dat ‘alles is goed voor haar’-sfeertje dat aan die term kleeft. Ik merk soms dat mensen schrikken als ik een vuile of sarcastische opmerking maak. ‘Kom op,’ denk ik dan, ‘ik ben toch niet zo’n dezeke dat met alles blij is?’»

'Laat ik het zo omschrijven: ik ben een liedje van Eels, Eva is een liedje van Drake'

HUMO Jij bent niet zo’n fundamenteel vrolijke frans, Vincent?

Byloo «Goh, op mijn manier ben ik ook wel een twerkende bever. Maar het is waar: een melancholisch twerkende bever. Ik kan weleens platgeslagen worden door de tragikomedie die het leven is. Laat ik het zo omschrijven: ik ben een liedje van Eels, Eva is een liedje van Drake.»

HUMO Waarom is Vincent een leuke man, Eva?

Byloo «Vergeet mijn heerlijke lichaamsgeur niet te vermelden asjeblieft.»

De Roo «Ik moet keihard met ’m lachen. Hij kan van iets heel kleins iets heel gevats maken. En hij is nog zo’n oldskooler die schone woorden gebruikt.»

Byloo «Zoals Vatersuche

De Roo «Juist, ja. Eigenlijk herken ik in Vinnie mijn oudere broer: slim en sarcastisch.»

HUMO Die pinnige humor wordt niet door iedereen gesmaakt.

Byloo «We kregen onlangs een cursus deontologie: wat kan wel en wat kan niet op de radio? Uiteraard zaten er een paar praktijkvoorbeelden in, waaronder eentje van mij. In het nieuws zat een item over PIP-implantaten die lekten. Daarna had ik Babette Moonen geïntroduceerd, die het verkeer zou voorlezen: ‘Nu is het tijd voor verkeer met Babette. Ze heeft geen implantaten maar ze kan naar het schijnt wel goed lekken.’ Blijkbaar zijn er toen mails binnengekomen over hoe seksistisch die opmerking wel niet was. Terwijl dat in mijn hoofd gewoon een dom, onnozel grapje is dat plots in me opkomt, en op geen enkele manier denigrerend bedoeld is tegenover Babette.»

De Roo «‘Vinnie, vétlap!’ zou ik zeggen, en vervolgens gewoon het verkeer lezen. Ik ben niet zo gevoelig aan dat soort dingen. En ik heb me op de radio zelf ook uitgebreid vrolijk gemaakt over de piemelfoto’s van Orlando Bloom

Byloo «We leven in een tijd van overgevoeligheid.»

HUMO Ik ben al die hysterie zo beu. Het lijkt wel of iedereen ten onder gaat aan ernst.

Byloo «Absoluut.»

De Roo «Ik vind dat ook, maar tegelijk ben ik me er zeer van bewust dat ik echt nog niets dramatisch heb meegemaakt. Dat maakt het natuurlijk makkelijk om te zeggen dat het leven vooral een kwestie van lichtheid en humor moet zijn. Ik kan het perfect begrijpen als mensen denken: ‘Dat stom positief wicht moet haar bakkes houden.’ Want sommige mensen hebben echt een moeilijk leven, en dan is het logisch dat je een soort van zwaarte uitdraagt.»

Byloo «Ik draag van nature een melancholie met me mee, die ik zeer bewust counter met lichtheid: onnozelheid als way of life. Maar ik ben wel een pak minder zwaarmoedig dan tien of vijf jaar geleden. Ik word met de jaren alleen maar vrolijker.

»Ik ben tegen een geïnstitutionaliseerd cynisme, want dat vind ik verwerpelijk. Maar ik vind niets zo bevrijdend als een goeie cynische grap. Je moet de kutste dingen durven te benoemen met een streep cynische humor.»

HUMO Maar fundamenteel ben je dus niet cynisch?

Byloo «Nee. Wie van voor tot achter cynisch is, is dood voor hij z’n graf in gaat.»

De Roo «Ja, fuck cynisme. Ik ga mijn eigen angsten net te lijf door het leven nog harder te vieren. Ik was in Parijs ten tijde van de aanslagen daar, ik was in Brussel toen de stad getroffen werd. Dat zijn avonden waarop ik heel bewust ’s avonds op café gegaan ben. Ik wilde vrienden zien en wijn drinken. Vanuit de filosofie: als jullie mij willen doodschieten, laat het dan asjeblieft zijn terwijl ik het merg uit het leven aan het zuigen ben. Niet terwijl ik thuis m’n angsten zit te tellen.

»Ik ben de lamlendigheid soms beu, dat brave en afwachtende dat veel Vlamingen hebben. Je ziet het ook op concerten: we kijken het even aan voor we echt enthousiast durven worden. ‘Vier dat leven nu toch,’ denk ik dan, ‘trek je niet te veel aan van regeltjes en conventies en smijt je gewoon.’»

Byloo «Ik ben van ons twee dan toch diegene die in de concertzaal van het leven het liefst ergens aan de kant staat, niet te ver van de bar. En ik zal af en toe met mijn voet een beetje meetappen op het ritme van de muziek. Terwijl jij je in het gewoel gooit.»

De Roo «Ik hou van uitbundigheid.»

'Ik ken niemand die vrolijker is dan Eva. Ik zou me bij eender welke andere persoon in de wereld gigantisch aan die opgeruimdheid ergeren'


De salonkosmopoliet

HUMO Vincent, in Knack Focus heb je een rubriek waarin je de draak steekt met mediafiguren die zichzelf net iets te hoog hebben zitten.

Byloo «Voor mij is jezelf te serieus nemen de grootste zonde die er bestaat. En ik merk nu dat ik, door op de radio te presenteren, vanzelf een soort van personality word. Maar ik mag hopen dat ik mezelf daardoor nog geen seconde serieuzer ben gaan nemen dan tevoren.»

De Roo «Mensen die dat wel doen, geraken daar vaak heel ver mee.»

Byloo «Van mij mag het als je Barack Obama heet. Maar al de rest daaronder moet gewoon dimmen. Nee, er is niets mis met gezonde ambitie, natuurlijk. Maar de dingen alleen doen ter meerdere eer en glorie van jezelf, dat vind ik laakbaar.

»Toen ik bij Studio Brussel begon, ben ik de eerste vijf maanden élke dag de VRT buitengewandeld met de oprechte gedachte dat ik het strontslecht gedaan had. Ik had geen vijfhonderd kilo zelfvertrouwen. Maar zodra de microfoon aanging, deed ik het wel normaal lijken dat ík daar stond, en niemand anders. Dat is belangrijk: je moet laten zien dat je gelooft in wat je doet. Ik had hetzelfde toen ik nog muziek-recensies schreef. Ik beschouwde mezelf niet als de grote autoriteit, maar ik vond wel dat ik ervoor moest gaan. Dat ik moest zeggen waar het op stond. Ik heb een hekel aan mensen die van die bloedeloze ‘Het was een beetje goed en een beetje slecht’-meningen verkondigen. Hetzelfde op de radio: ga er vol voor. Niet ‘Sorry, ik ga hier eventjes iets zeggen. Hopelijk stoort het niet.’

»Dat heb ik dus wel, maar mezelf fundamenteel ernstig nemen? Nooit.»

De Roo «Eigenlijk hou ik wel van mensen die voor zichzelf een piëdestal hebben gebouwd. Die je kunnen doen geloven dat ze glitter kakken in plaats van dampende drollen. Zo’n over the top-vrouw als Astrid Bryan: ik vind dat stiekem geweldig. Maar tegelijk hou ik ook van mensen die helemaal aan de andere kant van het spectrum zitten. De antihelden, ja. Zo’n Otto-Jan Ham bijvoorbeeld, die zich maar blijft excuseren omdat hij je lastigvalt op de televisie of de radio, en maar niet lijkt door te hebben dat hij bulkt van het talent.»

HUMO Zie je jezelf ook als een antiheld?

De Roo «Eigenlijk wel, ja. Ik ben toch een beetje de girl next door die zelf niet goed beseft hoe ze achter die microfoon van Studio Brussel terechtgekomen is. En ik heb daarnaast niet zo’n leventje dat helemaal af is – met een huis dat altijd kraaknet is en vrienden die allemaal iets doen in de media. Nee, mijn huis moet meestal dringend gekuist worden, en mijn vrienden zijn geflipte gevallen die vooral níét in de media werken.»

'Eigenlijk herken ik in Vincent mijn oudere broer: slim en sarcastisch'

HUMO Dat geldt naar verluidt ook voor je vriend.

De Roo «Hij is een beetje een geflipte hippie, ja. Op dit moment doorkruist hij Frankrijk op de fiets, met alleen een hangmat als bagage. Als hij vindt dat hij te dronken is als hij van het café thuiskomt, gaat hij als een bezetene toertjes racen in het Josaphatpark. Dan denk ik: ‘Jij halve zot!’ En ook: ‘Jij bent de meest bijzondere mens die ik ken.’ Ik hou van mensen die uit de band springen. Die niet bang zijn van hun eigen gekkigheid.»

Byloo «Dat herken ik. Ik omring me ook graag met mensen die iets onvoorspelbaars hebben. Mensen die elk talent voor saaiheid missen.»

'We leven in een tijd van overgevoeligheid'

HUMO Jullie zijn beiden opgegroeid op het platteland, maar kozen voor de stad.

Byloo «Ik zou mezelf graag als de grote kosmopoliet zien, maar de werkelijkheid is wat ze is: ik woon in Leuven. Dan ben je hoogstens een salonkosmopoliet.»

De Roo «Ik was banger in Reet dan in Brussel. Want in Reet is er ’s avonds niemand op straat. Brussel geeft me ook comfort, omdat ik er zo weinig sociale druk voel. Je hoeft er op je 28ste geen vast lief en twee kinderen te hebben, en de job waarvan je zeker weet dat je ze voor de rest van je leven zal doen. Je kan er vrolijk op je bakkes gaan zonder dat iemand het ziet.

»Brussel heeft me geleerd dat ik me niet bij dingen moet neerleggen waar ik me niet 100 procent goed bij voel. Of het nu over een relatie gaat, over werk of over wie je bent: je mag hier zeggen dat iets je niet ligt. Nu goed, dat heb ik ook gewoon van mijn ouders meegekregen. Mijn moeder moedigde mijn broers en mij aan als we gek stonden te dansen. Ze was niet het type dat zei dat we moesten stoppen met ijs eten, want dat we anders dikke billen zouden krijgen.»

Byloo «Dat is één van de belangrijste lessen die het leven je kan leren, geloof ik: dat je zélf beslissingen kunt nemen. Je kunt het heft in eigen handen nemen, en je leven een andere kant opsturen. Je hoeft het je niet laten overkomen.»

HUMO Jij hebt twee jonge dochtertjes, Vincent.

Byloo «Dat ik met de jaren gelukkiger ben geworden, heeft daar natuurlijk mee te maken. Niet dat ik automatisch springerig word van de argeloze vrolijkheid van mijn kinderen – dat is me toch iets te veel een cliché. Nee, het gaat om iets substantiëlers. Ik ben me veel bewuster van het leven geworden. Dat klinkt tsjeverig, maar het is wel zo. Ik zie makkelijker de schoonheid en de troost sinds er thuis twee nog onbeschreven blaadjes rondlopen.

»Ik hoed me wel voor ouders die helemaal opgaan in het ouderschap. Voor wie er niets anders meer bestaat dan de kinderen. Verschrikkelijk vind ik dat.»

De Roo «Ik vind het prachtig om te zien hoe mijn collega’s die wel al kinderen hebben op Pukkelpop ook tot vier uur ’s ochtends staan te feesten. Als het zo kan: cool!»

HUMO Maar het maakt je wel kwetsbaar.

Byloo «Het verantwoordelijkheidsgevoel dat ik ervaarde toen het eerste kindje nog maar gewoon op komst was, was verplétterend. Ik denk dat dat er onrechtstreeks aan heeft bijgedragen dat ik nu voor Studio Brussel werk. Ik was toen freelancer voor Knack Focus en Radio 1, en ze zochten nieuwslezers voor Studio Brussel. Ik weet niet of ik me daarvoor had opgegeven als ik niet op het punt stond om vader te worden. Ik had meer dan genoeg werk, ik verdiende goed – maar toch voelde ik plots de nood aan vastigheid. Ik herinner me nog het moment dat ik thuiskwam met m’n eerste kindje, en dat gigantische verantwoordelijkheidsbesef op me viel: ‘Fuck, de volgende 18 jaar moet ik voor dit wezentje zorgen.

»Sinds ik kinderen heb, maak ik mezelf weleens de ‘Wat als ik er niet meer ben?’-bedenking. Als ik morgen onder een tram loop, wil ik geen rotzooi achterlaten. En dus zijn m’n administratie en m’n financiën nu in orde. Vroeger was ik daar veel achtelozer in.»

De Roo «Daar ben ik nog niet. Eerst maar eens proberen om de tomatenplantjes op m’n terras geen trieste dood te laten sterven als ik op vakantie ga.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234