null Beeld

Gameverslaving: Jonas gamede 16 uur per dag

Ouders van fanatieke onlinegamers zijn dezer dagen vaak wanhopig. De jongeren zelf halen hun schouders op: ‘Wat is het probléém eigenlijk?’ Ook Jonas, nu 20, stemde enkel in met therapie om van het gezeur af te zijn. ‘Ik speelde zestien uur per dag. Niets was belangrijker dan met mijn virtuele vrienden monsters verslaan.’

‘Gaat u zitten.’ Jonas* (20) schuift mijn stoel beleefd naar achteren en glipt dan snel weg naar de keuken. Omdat het interview niet meteen kan beginnen, is er tussentijd te doden en aan de sociale chit-chat die daarbij hoort, heeft de schuchtere middelbare scholier duidelijk een broertje dood. In het gesprek is hij vlot en rechtuit, maar daarna kan hij er niet snel genoeg vanonder muizen.

Jonas is sinds februari in begeleiding voor zijn gameverslaving. Opnieuw. De eerste keer was drie jaar geleden, na een zomervakantie waarin hij de zon en de blauwe buitenlucht niet één keer had gezien. ‘Na die vakantie vroeg ik me af wat ik de voorbije twee maanden ­eigenlijk had gedaan. Niets, ­helemaal niets. Ik had alleen maar Runescape gespeeld. Elke dag, van ’s morgens tot ’s nachts. En daarna speelde ik soms nog op mijn Xbox. Ik had geen enkele vriend gezien, ik was amper buiten geweest.’ Hij glimlacht even, half verontschuldigend. Foute boel, vindt hij nu. ‘Toen kon ik alleen maar aan dat spel denken. Dat was heilig.’

Wat is het doel van zijn favoriete spel, vraag ik. ‘Er is geen doel. Je mag doen wat je wil. Er zijn spelers die maar een paar vaardigheden trainen, anderen voeren alleen missies uit. Ik wilde álles doen: mijn vaardigheden trainen en met mijn vrienden monsters vermoorden.’

‘Kijk, dit is mijn karakter,’ zegt hij terwijl hij mij op de computer in de woonkamer door ­Runescape gidst. Ik zie een blonde, schaars geklede jonge vrouw die met pijl en boog door een middeleeuws gebouw holt. Wanneer een golem-achtig monster ­opdoemt, mept ze het in drie seconden morsdood, waarop het monster ontploft en er ­alleen nog een hoopje beenderen rest. ‘Soms heb je meer geluk: dan win je een handvol gouden munten.’ In sneltempo wijdt hij me in zijn ­onlinewereld in. Hij toont hoe je speciale krachten kunt krijgen waarmee je anderen kunt damagen, wat je nodig hebt om te overleven, en vooral: hoe je alsmaar beter kunt worden.

‘Je moet level 99 zien te ­behalen. Dan krijg je een cape met het symbool van je verworven vaardigheid. Zo kunnen de andere spelers zien dat je dat level hebt gehaald.’

HUMO Vind je dat belangrijk?

Jonas (haalt schouders op)«Bwoah, niet zo belangrijk. Maar het is wel fijn dat andere spelers zien dat ik toch vrij goed ben.»

‘Gamen was altijd al een hobby van Jonas,’ vertelt zijn moeder. Hij kreeg zijn eerste Nintendo toen hij vijf was en hij was er meteen uren zoet mee. Waar en wanneer het plots uit de hand is gelopen, weet ze niet. ‘Dat is aan mij voorbijgegaan.’ Ze was zelf ernstig ziek in die periode; ze had andere zorgen aan haar hoofd. ‘Jonas was toen veel thuis, hij zat altijd op zijn kamer. Dat stelde me gerust, ik was al lang blij dat hij als tiener niet op straat rondhing.’

Wat ze wél merkte, was dat hij zijn games steeds moeilijker kon loslaten. Riep ze dat het eten bijna klaar was en stond het nog niet op tafel te dampen als hij beneden kwam, dan snauwde hij dat hij wel belangrijker dingen te doen had dan drie minuten te wachten. ‘Na een tijd was eten er zelfs bijna te veel aan. Hij schrokte het snel-snel binnen en verdween weer. Wat bijpraten aan tafel vond hij tijdverlies.’

Ze probeerde hem achter dat eeuwige scherm vandaan te halen. ‘Waarom sprak hij niet af met vrienden? Waarom ging hij niet op stap? Andere ouders zouden blij zijn met een zoon die niet op café zat, antwoordde hij dan bits. Maar ik wou ­gewoon dat hij af en toe mensen zag.’

‘Volgens Jonas dramatiseerden we de zaak en gunden we hem niets. Ik heb een tijdje ­gedacht dat het misschien bij zijn puberjaren hoorde. Toegegeven: echt veel last veroorzaakte dat gamen niet. Het is niet zoals een andere verslaving. Hij kwam niet in aanraking met de politie of zo. Misschien zag ik het daardoor ook lang door de vingers.’

‘Ik dacht dat hij dat spelletje na een tijd wel beu zou worden, maar het blééf duren. Als ik ’s nachts wakker werd, zag ik soms nog licht branden op zijn kamer, maar ik had de energie niet om even lang op te blijven als hij. Hoeveel uur hij speelde? Geen idee. Je kunt toch niet dag en nacht naast je tienerzoon zitten?’

Jonas weet het wel. ‘Op een bepaald moment speelde ik zestien uur Runescape per dag.’ Dat is 112 uur per week, of het equivalent van bijna drie fulltime werkweken. ‘Zodra ik opstond, zette ik mijn computer aan. Als ik kon, at ik achter mijn scherm. Hoe beter ik werd, hoe meer zin ik kreeg om te spelen en hoe langer ik doorging.’

HUMO Hoe evolueert dat van enkele uren naar zestien uur per dag?

Jonas (denkt na) «Ik ben veel fanatieker beginnen te gamen toen ik van het tweede naar het derde middelbaar ging. Ik moest van ASO naar TSO overschakelen. In het ASO studeerde ik nog veel en ik volgde voor enkele vakken ook bijlessen. Maar zelfs met die extra inspanning was ik gezakt. Als het zelfs met zo veel moeite niet lukte, hoefde school niet meer voor mij. Toen kwam die klik om meer te spelen.»

HUMO Uit frustratie dus?

Jonas «Niet echt. Toen ik naar het TSO moest, kon school mij gewoon niets meer schelen. Ik had in het ASO willen blijven. In het TSO voelde ik me dommer, minder waard. Dat is toch wat anderen denken: dat je een loser bent als je in het TSO zit? Vanaf toen wou ik mijn energie alleen nog in Runescape steken.»

HUMO Omdat dat wel voldoening gaf?

Jonas «Ja. Als je echt goed bent, kun je met Runescape soms héél zeldzame dingen winnen. Als je zo goed bent, kijken andere mensen ook wel naar je op. Mijn virtuele vrienden mailden mij dan: ‘Wow, gij hebt altijd het hoogste level!’ Dan voel je je wel... Hoe zeg je dat?»

HUMO Bijzonder?

Jonas (knikt) «Die waardering is heel fijn. En na een tijdje was ik lid van een clan, iets waarvoor je een vrij hoog total level moet hebben.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234