Heleen Debruyne: 'Dikke mensen raken moeilijker aan een baan en worden vaak en plein public beschimpt'

Hij stapt statig door de bus, alsof hij verwacht dat alle reizigers voor hem zullen opstaan en applaudisseren. Zijn brede lijf ploft neer op het stoeltje tegenover mij. Ik ruik gedoe in zijn adem. Hij speurt de bus af, zijn blik blijft even haken aan een gehoofddoekt meisje naast me. Hij snuift en zoekt, maar vindt bij mij geen woordeloze steun.

De volgende halte. De chauffeur remt bruusk. Naast ons grabbelt een vrouw naar een paal. Ze verliest toch haar evenwicht, landt hard tegen de wand van de bus, schrikt en roept: ‘Auw!’ Meteen excuseert ze zich zachtjes voor haar uitroep. ‘Moet je maar gaan zitten,’ hoor ik tegenover me mompelen, terwijl hij toch even goed als ik ziet dat die vrouw onmogelijk in de krappe stoeltjes van de bus past. Daarna, harder: ‘Lekker zachte landing, toch!’ Ik zwijg even, verbouwereerd.

Dikke mensen raken moeilijker aan een baan, worden vaak en plein public beschimpt. Zelfs als ze perfect gezond zijn, krijgen ze berispende blikken van dokters. Bizar, in deze vette tijden – de helft van de Belgen heet te dik te zijn. Nu ja, te dik: de body mass index is een te ruw meetinstrument voor de gezondheid. Sommige magere mensen zijn ongezonder dan sommige dikke mensen. En lang niet iedere dikke persoon eet te veel. Tegelijk is obesitas natuurlijk vaak wél een medisch probleem. Maar er zijn geen andere medische problemen waar je door volslagen onbekenden zo vaak en zo grof op wordt gewezen.

Kortom: gewichtsdiscriminatie bestaat. Dat wist ik. Dat het stigma rond dik zijn een fijn zelfbeeld niet bevordert, kon ik ook vermoeden. Maar nooit eerder zag ik het van zo dichtbij gebeuren. Het moet demoraliserend zijn, hondsvermoeiend ook, om er constant aan herinnerd te worden dat je lijf zo afwijkt van wat de samenleving van lichamen verwacht. De vrouw wordt rood, haar ogen vullen zich met tranen, ze wendt haar hoofd af, lijkt haar lijf te willen verstoppen, maar waar? De man zwijgt, blijft naar haar staren, het lijkt alsof de lucht warm wordt van de spanning.

‘Denkt u niet dat het beter is om gewoon te zwijgen?’ gooi ik eruit. De vrouw glimlacht naar me. Het warme gevoel dat haar dankbaarheid me geeft, vind ik al meteen walgelijk. Straks stap ik uit, wandel ik mijn gestroomlijnde lijf naar huis en kan ik me even een held wanen. Terwijl zij morgen waarschijnlijk weer zo’n man moet trotseren. Ik frutsel mijn oortjes in, wil me beschaamd terugtrekken uit de situatie.

In zijn waterige blauwe oogjes zie ik alle pestertjes die me lastigvielen toen mijn lijf niet was wat puberjongens van lichamen verwachten. Te groot, te breed, te plat. Net als hij wisten de tirannen van de speelplaats feilloos de zwakste plekken van hun slachtoffers op te sporen. Tegelijk zag ik ook altijd een sluimerende onzekerheid. Zij wisten vaak beter dan hun slachtoffers dat het verschil tussen pester en gepeste klein is. Nu pas zie ik dat de man zijn dooraderde handen op een enorme bierbuik laat rusten.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234