Helse pijnen, nachtmerries en wraakgevoelens: overlevenden van terreur getuigen

Hoe kijken overlevenden van terreuraanslagen in Europa naar zichzelf en de wereld om zich heen? Wat ergert hen? Welke lessen hebben ze uit de gruwel getrokken, en wat kunnen wij van hen leren? Zestien slachtoffers getuigen in woord en beeld: ‘Ik weet niet wat ik de daders zou aandoen, maar ik zou ervoor zorgen dat hun moeders om hen huilen.’

'Ik hou van mijn littekens. Ik heb geleerd dat ik sterker ben dan ik dacht'


Nice, 14 JULI 2016 ‘Tegen de truck’

Hager Ben Aouissi (34) «Kenza (6) zegt vaak: ‘Mama heeft toverkracht: ze heeft gewonnen tegen de truck.’ Ze denkt sindsdien dat alleen ik haar kan beschermen.»

Het vuurwerk ter gelegenheid van de nationale feestdag is net afgelopen als een terrorist met een tientonner door de mensenmassa op de Promenade des Anglais raast. Hager Ben Aouissi werpt zich op haar dochtertje, maar ze worden allebei overreden. Wonder boven wonder blijven ze nagenoeg ongedeerd. Om hen heen sterven 86 mensen en raken er 450 gewond. Sedert die fatale avond wordt het meisje geplaagd door terugkerende nachtmerries, en ze kan alleen in het bed van haar moeder de slaap vatten. Zodra ze het geluid van een vrachtwagen hoort, plast ze in bed.

★★★


Utøya, 22 JULI 2011 ‘Ik moest sterven’

Tarjei Jensen Bech (27) «Ik kon zijn adem horen. Zijn voetstappen. Toen hoorde ik hem spreken: ‘Vandaag zullen jullie sterven, marxisten.’ Telkens opnieuw zei hij dat.»

Tarjei Jensen Bech wordt wakker door geweerschoten. Eerst denkt hij dat er vuurwerk wordt afgestoken. Dan ziet hij een blonde man in politie-uniform met een geweer door het tentenkamp stappen en kampeerders executeren. Hij waarschuwt zijn vrienden en loopt vervolgens voor zijn leven. Hij laat zich van de klippen vallen en zwemt als een bezetene. Toch wordt hij door een kogel geraakt in zijn been. Bij de aanslag komen 69 mensen om het leven, 66 raken er gewond en 650 anderen blijven getraumatiseerd achter. Vandaag zet Tarjei zich als vicegouverneur van de provincie Finnmark in tegen haat en racisme. Zijn been doet nog elke dag pijn.

★★★


Parijs, 13 NOV. 2015 ‘Held van de ladder’

Noumouké Sibidé (41) «De woning vanwaaruit de terroristen aan hun raid zijn begonnen, ligt op amper vijf minuten van mijn flat. Ik kan er nog altijd niet bij.»

Drie terroristen vuren met machinegeweren op de concertbezoekers in de Bataclan. De vluchtwegen zijn versperd, maar veiligheidsverantwoordelijke Noumouké Sibidé kan een uitschuifbare ladder uit het plafond links van het podium doen zakken. Meer dan vijftig mensen kunnen zo aan het inferno ontsnappen. Frankrijk viert Sibidé als een held, maar het trauma van die avond, waarop negentig mensen gedood en er bijna honderd verwond zijn, heeft hij nog altijd niet kunnen verwerken. Hij is arbeidsongeschikt verklaard en ontfermt zich nu als vrijwilliger over de jeugdwerking van een voetbalclub.

★★★


Londen, 7 JULI 2005 ‘Beide benen kwijt’

Daniel Biddle (39) «Elke terrorist is gedoemd om te falen. Ze vermoorden en verwonden mensen, maar versterken alleen maar ons geloof in de vrijheid.»

Eigenlijk wilde Daniel Biddle zich op die 7de juli ziek melden, maar hij gaat toch werken. Hij mist een metrohalte, neemt een andere lijn en komt zo naast één van de terroristen te staan. Die ochtend sterven er 52 mensen en raken er meer dan zevenhonderd gewond. Daniel overleeft de aanslag als bij wonder, maar hij verliest wel beide benen en ligt 51 weken in het ziekenhuis. Vandaag woont hij met zijn vrouw in Wales. Hij mist vooral twee dingen: voetbal spelen en spontaan kunnen zijn.


Utøya, 22 JULI 2011 ‘openlijke haat’

Blijdschap is het eerste wat Emma Martinovic (26) voelt als ze zeker weet dat ze zwanger is. En daarna: angst. Een vreselijke angst: ‘Hoe kunnen we in hemelsnaam dat kleine wezentje beschermen?’ Diezelfde angst was de reden waarom haar ouders Bosnië hadden verlaten en naar het veilige Noorwegen waren verhuisd toen ze nog een baby was. Nu draagt ze zelf een kind en is Noorwegen een land geworden waarin de haat alleen maar toeneemt. Ze vraagt zich af of het niet beter zou zijn om de zwangerschap te beëindigen.

Vandaag is Emma’s dochtertje 2 jaar oud en heeft ze zelfs een broertje gekregen. Emma is nog even bezorgd als een paar jaar geleden, maar ze laat zich niet meer gek van angst maken.

Emma Martinovic «Breivik is de Voldemort van Noorwegen. We noemen zijn naam liever niet. Maar we moeten wel over hem en over zijn opvattingen praten. Helaas is Noorwegen veel kouder geworden. De liefde, waarover we na Utøya zoveel hebben gesproken, schiet er vandaag bij in. We zijn vergeten hoe we elkaar de hand kunnen reiken.»

Ze kan haast niet wachten tot haar kinderen oud genoeg zijn om samen met hen terug naar Utøya te varen.

Martinovic «Ik wil hun uitleggen wat er is gebeurd, en waarom. Ik hoop dat ze op die manier zullen begrijpen dat je vrijheid niet in een winkel om de hoek kunt kopen.»

Emma was de leidster van een groep jongeren uit Kristiansand, en ze begreep op die 22ste juli meteen dat het een kwestie van overleven was. Ze dreef zoveel mogelijk jongens en meisjes het koude water van de fjord in, terwijl Anders Breivik op hen vuurde. Een kogel schampte haar arm, tien van haar vrienden kwamen om het leven.

Kort daarna circuleerden de eerste haatberichten. ‘Waarom heeft Breivik de klus niet afgemaakt?’ schreef iemand online. En een ander: ‘Jij gaat er als volgende aan.’ Het werden er zoveel dat Emma haar Facebook-account moest afschermen en haar blog offline haalde. Ook haar Instagram-account sloot ze af toen steeds meer mensen Breiviks racistische manifest doorstuurden.

Martinovic «Als je hun profiel bekeek, leken het heel normale mensen te zijn. Ze hebben kinderen, een vrouw, vast werk, een huis. Het is een naar gevoel om te weten dat er op straat mensen rondlopen die net zoals Breivik denken. Vorige zomer marcheerden er plots neonazi’s door de stad. Oké, het waren er maar tien. Maar ik ken hen, en het is maar een begin.»

Noorwegen is na Utøya wel eerlijker geworden, vindt ze.

Martinovic «Je ziet de haat nu op klaarlichte dag. Mensen durven openlijk toe te geven dat ze tegen immigratie gekant zijn. Dat ze iets tegen mensen met een donkere huidskleur hebben. Vóór Utøya hielden ze hun mening voor zich.

»De anderen zijn nog altijd in de meerderheid, maar je ziet de haat dag na dag toenemen. Het maakt me bang. Niemand kan nog volhouden dat er niets ergs meer zal gebeuren, dat Noorwegen een mooi land is waarin iedereen van de anderen houdt, want zo is het helemaal niet. We beseffen nu dat er vreselijke dingen kunnen gebeuren wanneer we het extremisme niet ernstig nemen.

»Eigenlijk is het beter dat ik pas na Utøya kinderen heb gekregen. Hopelijk kan ik hen nu beschermen, omdat ik op alles voorbereid ben.»


Djerba, 11 APRIL 2002 ‘Niet opgeven’

Adrian Esper (20) «Ik ben een positief ingestelde mens. Ik kan mezelf goed motiveren. Al toen ik klein was, hebben mijn ouders me geleerd: als je niet opgeeft, wordt het weer beter.»

De groep toeristen is al in de El-Ghriba-synagoge op het Tunesische eiland Djerba, als de 3-jarige Adrian merkt dat alle mannen keppeltjes dragen. Hij wil er ook één en loopt terug naar de ingang, waar een mand met keppeltjes staat. Op dat moment ontploft er vóór de synagoge een tankwagen met 5.000 liter vloeibaar gas. De jongen loopt tweede- en derdegraadsbrandwonden op, 40 procent van zijn huid is weg. Hij heeft de voorbije jaren meer dan zestig operaties ondergaan en studeert nu psychologie.


Parijs, 13 NOV. 2015 ‘Dankzij de aanslag’

Dag na dag, en dat maandenlang, heeft Mehdi Zaidi (32) zich afgebeuld om alles opnieuw te leren: eten, naar het toilet gaan, lopen. Als een baby, bijna.

Mehdi Zaidi «Tegelijk moet ik de hele tijd vechten om mensen duidelijk te maken dat ik niet op die 13de november geboren ben, maar op 13 september 1986.»

Velen zien in hem alleen nog de overlevende van een terreuraanslag. De chirurgen hadden vijftien operaties nodig om te proberen te herstellen wat zes kogels hadden aangericht. Mehdi heeft ongeveer een jaar in het ziekenhuis gelegen.

In het revalidatiecentrum wordt hij aangesproken door een vrouw met grote bruine ogen en een lang litteken op de onderarm. Ook Chloé De Bacco (32) heeft de schietpartij in de Bataclan overleefd. Hij beseft het meteen, hoewel hij op dat moment nog niets weet over de schotwonden in haar arm en been – ze heeft maanden in een rolstoel gezeten.

Zaidi «Ze zei iets als: ‘Hebben ze ook met kalasjnikovs op jou geschoten? Cool! Zullen we vrienden worden?’»

Chloé De Bacco (verlegen) «Nu overdrijf je toch een beetje.»

Zaidi «Je hebt gelijk, zo cru was het ook weer niet.»

De Bacco «Het is geen gebeurtenis waar je ons om moet benijden.»

Toch worden de twee een stel en gaan ze samenwonen.

De Bacco «Zonder die aanslag zouden we elkaar nooit ontmoet hebben. Maar die 13de november is niet de reden waarom we van elkaar houden.»

Drie van de vier vrienden met wie Mehdi had afgesproken in café Le Carillon, hebben het niet overleefd. En Chloés beste vriendin is in de kogelregen in de Bataclan gestorven.

De Bacco «‘Nu moet je voor twee leven,’ heeft haar moeder me gezegd. Ik probeer nu Fanny’s nagedachtenis in ere te houden door te proberen gelukkig te zijn en mijn leven in handen te nemen. Ik kan het me niet meer veroorloven om maar wat aan te modderen.»

Zaidi «Er is al zoveel tijd van mij gestolen, dat ik het me niet meer kan permitteren er nog meer van kwijt te raken. Soms word ik er agressief en woedend van. Zoals wanneer de aanslagen worden herdacht, die eindeloze ceremonieën, die horden rouwenden die op kalasjnikov-safari langs de verschillende locaties trekken. Het is stuitend. Er is te veel pathos en te weinig nederigheid. Onze samenleving heeft nooit geprobeerd om lessen te trekken uit wat er is gebeurd. Ze heeft nooit diep nagedacht over wat de terreur met ons te maken heeft.»

Mehdi Zaidi is opnieuw aan de slag als bedrijfsadviseur. En vorige zomer kreeg hij van de dokters de toelating om opnieuw te fietsen: het voelde aan alsof hij weer een stukje vrijheid had herwonnen.

Zaidi «Ik probeer de angst niet te laten regeren. Maar onbewust ga ik voortaan overal dicht bij de uitgang zitten, en ik blijf alert, bijna op het paranoïde af. Het gevoel dat ik onbekommerd kan leven, ben ik abrupt kwijtgeraakt, en voorgoed.»

Chloé heeft tijdens de kinesitherapie het naaien ontdekt. De beige regenjas die ze bij zich heeft, heeft ze zelf gemaakt, net als de overgooier met opgenaaide zakken.

De Bacco «Genaaid met mijn T-Rex-hand, zoals ik hem noem. Ik kan er nog maar 20 procent mee doen van wat ik vroeger kon. Mensen zeiden me dat ik ze niet meer kon gebruiken. Dat was voor mij juist een aansporing om er zoveel mogelijk mee te doen, en er zelfs kleren mee te naaien.»

De creaties van Chloé De Bacco staan op Instagram, hashtag: #cripplesdoitbetter.

★★★


Londen, 3 JUNI 2017 ‘OORLOGSSLACHTOFFER’

Marine Vincent (37) «Ik hou van mijn littekens. Ze zijn een deel van mijn reis, van mijn levensgeschiedenis. Ik heb geleerd dat ik sterker ben dan ik had gedacht.»

Op een zachte zomeravond neemt Marine Vincent samen met haar vriendin Marie plaats op het terras van een restaurant als islamisten plots willekeurig mensen aanvallen met messen. Haar vriendin wordt geraakt en als Marine hulp wil zoeken, krijgt ook zij messteken. Acht mensen overleven de aanslag niet, 48 anderen zijn zwaargewond. Marine ligt dagenlang in coma. De farmacologe ziet zichzelf als een oorlogsslachtoffer. ‘Ik zou graag willen weten wat hun beweegredenen zijn. Zelfs als wij die niet kunnen begrijpen.’


Berlijn, 19 DEC. 2016 ‘Anders leven’

Het had ook de naam van Russell Schulz (74) kunnen zijn, die in de trappen van de Kaiser-Wilhelm-Gedächtniskirche gegraveerd moest worden. Nu staat daar de naam van zijn vriend Peter, met wie hij glühwein stond te drinken op de kerstmarkt aan de Breitscheidplatz in Berlijn. In dezelfde bar waar ze elk jaar kwamen. Ook de naam van de vrouw die naast hem zat, is vermeld. En die van tien anderen.

Daar heeft hij nog het meest last van gehad. Niet alleen de angst voor lawaai, of de huilbuien die hem steeds opnieuw en onverwacht overvallen, maar vooral het schuldgevoel dat hij de aanslag heeft overleefd.

Russell Schulz «Wat daar is gebeurd, is zo unfair. De doden hebben het even weinig verdiend te sterven, als de overlevenden het verdiend hebben te blijven leven. Waarom was ik maar licht gewond aan mijn hand en kon ik uit het puin kruipen, en lag Peter, die lachend naast mij stond, dood onder de truck? Die vraag heeft me bijna tot wanhoop gedreven.

»Ik heb het opgegeven om te willen begrijpen wat er die dag is gebeurd. Ik zal het nooit kunnen doorgronden. We moeten het aanvaarden en verder gaan met ons leven.»

Veel mensen hebben hem daarbij geholpen. Zijn Duitse echtgenoot. Zijn zussen en zijn zonen. En volslagen onbekenden, die hem een hart onder de riem staken met een klein gebaar. Zoals de politieagente die hem enkele minuten na de aanslag in de armen nam. Of de ambtenaar die hem opbelde om te melden dat hij een schadevergoeding zou ontvangen.

Schulz «Ze zei dat het vast een druppel op een hete plaat was, maar ik antwoordde: ‘Nee, helemaal niet. Dat wij nu met elkaar spreken, is ongelofelijk belangrijk voor mij.’»

Het liefst van al zou hij willen dat er iets goeds uit de catastrofe voortkomt.

Schulz «Als je op een haar na dreigde alles te verliezen, ga je anders leven en denken. Ik heb nog meer leren te waarderen wat ik vroeger al graag deed of zag. Ik zie het bijna als een wonder dat ik op bus 29 kan stappen en 20 minuten later aan de Berliner Philharmonie ben. Ik hou van Berlijn, het is de stad waar ik me thuis voel.»

Het is ook een stad vol herinneringen. Aan zijn vader, bijvoorbeeld, die er in de jaren 20 wegtrok richting Amerika, op zoek naar een beter leven. Of aan een concertreis in 1965, toen hij met het collegekoor in de Gedächtniskirche kwam optreden. Al die beelden komen in hem op als hij bij de trap met Peters naam staat, ongeveer één keer per maand – ‘Mijn kleine bedevaart.’ Dan prevelt hij de verzen van Dietrich Bonhoeffer die hij zelf op muziek heeft gezet: ‘Von guten Mächten wunderbar geborgen, erwarten wir getrost, was kommen mag...’ (‘Door goede krachten wonderlijk beschermd, wachten wij vol troost op wat komen kan’, red.).

Schulz «Zijn woorden klinken vandaag anders voor mij dan vroeger. Alleen iemand die terreur aan den lijve heeft ondervonden, kan zulke woorden van hoop schrijven (de Duitse theoloog Dietrich Bonhoeffer werd in 1945 geëxecuteerd in het concentratiekamp Flossenbürg, red.). Daarin kun je steun vinden.»

Het jaar na de aanslag is Schulz terug naar de kerstmarkt op de Breitscheidplatz gegaan. Hij heeft er glühwein gedronken met vrienden, in dezelfde tent waar ze elk jaar samenkomen.

Schulz «Anis Amri (de dader, red.) wilde ons vernietigen. Hij wilde míj vernietigen. Dat was zijn bedoeling, maar hij heeft gefaald. Hij heeft Berlijn niet kunnen verwoesten, onze cultuur, de dingen die wij liefhebben. Wij doen voort. Hij heeft verloren.»

★★★


Manchester, 22 MEI 2017 ‘Geniet van het leven’

Adam Lawler is pas 17 geworden, maar hij spreekt helemaal niet als een doorsnee 17-jarige. Hij drukt zich helder en duidelijk uit, elke zin is zorgvuldig geformuleerd. Hij was 15 toen zijn leven voorgoed veranderde en zijn beste vriendin, Olivia Campbell, om het leven kwam bij een zelfmoordaanslag tijdens het concert van Ariana Grande in de Manchester Arena. Adam raakte zwaargewond: hij brak zijn beide benen en de rechterkant van zijn lichaam stak vol granaatscherven – één scherf raakte zijn rechteroog. De operatie nam tien uur in beslag.

Sindsdien heeft Adam goede en slechte dagen, zegt zijn moeder. Hij slaapt slecht, en naar school gaan is een corvee. Over de aanslag spreekt hij niet graag, maar hij wil het toch proberen.

Adam Lawler «Ik haat die dag.

»Het moeilijkste moment was toen ik besefte dat Olivia dood was. Dat was het dan. Ze komt niet terug, ze is gewoon weg. De herinneringen aan haar zijn er wel nog, maar ik zal haar nooit meer terugzien. Plots was ik me ervan bewust dat ik niet eens afscheid van haar heb kunnen nemen.

»Ik haat mezelf ook omdat ik in zekere zin verantwoordelijk ben voor haar dood. Ik heb de kaartjes gekocht en haar mee naar het concert genomen. Als ik niet haar vriend was geweest, dan zou ze nu nog leven. Ik heb me erg schuldig gevoeld, maar ik heb leren aanvaarden dat ik onmogelijk kon weten wat er zou gebeuren.»

Adam moest weken in het ziekenhuis blijven. Toen hij ontslagen werd, ontmoette hij één van zijn idolen, de gewezen Oasis-frontman Liam Gallagher , een icoon in Manchester. De dagen na de aanslag kwamen mensen bijeen op St. Ann’s Square in het stadscentrum, ze legden bloemen neer en zongen spontaan de Oasis-klassieker ‘Don’t Look Back in Anger’.

Adam gelooft dat de aanslag de stad ten goede heeft veranderd. Hij voelt nog meer verbondenheid.

Lawler «We zijn sterker geworden als samenleving. Manchester was altijd al fantastisch, en dat is het nu nog méér. Maar geen wrok koesteren, dat kan ik niet. Ik ben cynischer geworden. Ik ging er vroeger altijd van uit dat we in een mooie, vrije wereld leefden, maar nu ben ik realistischer. Realisme kan pessimistisch en somber lijken, maar het is op zijn manier ook mooi.»

Ook zijn gedachten zijn dikwijls duister. Dan zou hij de dader het liefst eigenhandig ombrengen, als die al niet dood was geweest.

Lawler «Het is een monster, een beest, een ziekte, een infectie. Maar hij is dood en ik leef nog. Daar haal ik persoonlijk toch voldoening uit.

»Bovendien kunnen we als samenleving ook leren van de terreur. Kom buiten en geniet van het leven, want je weet nooit wanneer je laatste uur geslagen heeft. Omhels je geliefden en zeg hun dat ze alles voor jou betekenen.»

★★★


Istanbul, 12 JAN. 2016 ‘Nieuwe terreur’

Martina Model (67) «Als ik niet kan slapen, probeer ik in mijn geheugen naar herinneringen te graven. Hoe is het afgelopen? Ik moet toch iets gezien hebben? Maar ik vind niets.»

Op de eerste ochtend van haar reis naar het Midden-Oosten moet Martina Model even wachten voor ze de Blauwe Moskee kan bezoeken. Iets na tien uur brengt een zelfmoordterrorist een bom tot ontploffing te midden van de groep Duitse toeristen. Twaalf mensen komen om, zestien anderen raken gewond. Een scherf boort zich in het onderbeen van de hoteluitbaatster uit Dresden, haar man loopt zware gehoorschade op. Omdat ze zich niets van de aanslag kan herinneren, slaagt ze er niet in haar angst voor nieuwe terreur te overwinnen.

★★★


Madrid, 11 MAART 2004 en 30 DECEMBER 2006 ‘gekmakende pijn’

Het noodlot kan onbarmhartig zijn. Dat geldt nog meer als een familie in twee jaar tijd twéé keer door terreur wordt getroffen. Luis Ahijado (39) raakte zwaargewond bij één van de bomaanslagen op forensentreinen in Madrid op 11 maart 2004. Zijn moeder, Paloma Róque Morales (55), bleef ongedeerd toen de Baskische afscheidingsbeweging ETA een bomauto liet ontploffen aan de Madrileense luchthaven Barajas, maar mentaal heeft die aanslag diepe sporen nagelaten.

Luis wilde carrière maken bij de brandweer, maar nu is hij fotograaf en filmmaker. Hij heeft geen psychische problemen, zegt hij zelf. Zijn moeder werkte op de luchthaven, en zij is nog steeds arbeidsongeschikt. Telkens als er ergens ter wereld een aanslag wordt gepleegd, spelen de gebeurtenissen van 30 december 2006 zich opnieuw af in haar hoofd. Of ze denkt aan hoe Luis twee jaar eerder op de trein stapte en er vlak vóór het station Atocha een bom explodeerde, waardoor zijn onderkaak werd verbrijzeld en hij zwaar verbrand werd in het aangezicht.

Luis Ahijado «Ik was de enige passagier in mijn wagon die de aanslag heeft overleefd. Toen ik hevig bloedend in het ziekenhuis aankwam, hield een vrouw verschrikt een krant voor haar ogen. Het begon me te dagen dat ik er vreselijk moest uitzien.

»Ik herinner me nog haarscherp de gekmakende pijn toen de dokters mijn gezicht met borsteltjes bewerkten, zodat er later geen korsten en littekens zouden ontstaan.»

Als hij erover vertelt, voelt Paloma de pijn alsof het haar eigen wangen zijn. Zijn trommelvliezen zijn nog altijd beschadigd.

Ahijado «Ik moet altijd oordopjes inbrengen als ik wil douchen, ga zwemmen of aan het strand wil liggen.»

Maar dat neemt hij erbij. Hij wil zich niet meer laten opereren, sinds de verdoving tijdens één van de vorige operaties niet werkte en hij bewust beleefde hoe de chirurgen met zijn lichaam bezig waren. Hij is doodsbang om nog onder narcose te gaan en wil alleen nog maar leven.

Paloma’s collega’s wisten dat haar zoon al een aanslag had overleefd. Toen de bom aan de luchthaven ontplofte, hebben ze haar bliksemsnel geëvacueerd. Een tijdlang verkeerde ze in de waan dat ze de horror had verwerkt, maar toen de aanslagen in Parijs, Nice en Barcelona elkaar opvolgden, merkte ze dat dat allerminst het geval was. Ze lijdt aan paniekaanvallen, durft niet meer per trein of met het vliegtuig te reizen en verlaat zelden nog haar huis.

Paloma Róque Morales «Na de eerste aanslag dacht ik: de terroristen willen ons verlammen, maar het zal hun niet lukken. Na de tweede aanslag ging ik eronderdoor. Als het één keer kan gebeuren, dan kan het ons steeds opnieuw overkomen – mij of andere familieleden.»

Vergeven kan ze niet, daarvoor is ze nog te woedend op de daders.

Morales «We zullen het nooit kunnen verwerken. Psychologen kunnen ons niet helpen, pillen ook niet. Er zijn al zoveel jaren voorbij, en wij lijden nog steeds. Ze hebben geen besef van het lijden dat wij hebben moeten ondergaan. Ik weet niet wat ik hun zou aandoen, maar ik zou ervoor zorgen dat hun moeders om hen huilen, zoals andere moeders en families al jaren doen.»

★★★


Parijs, 13 NOV. 2015 ‘Voor mijn dochter’

Grégory Reibenberg (49) «Ik ben niet geraakt door een kogel. Ik leef nog en zeg tegen mezelf: ‘Glimlach. Schenk het leven een glimlach.’ Gewond zijn en toch kunnen glimlachen, dat lukt wel.»

Het terras van Grégory Reibenbergs brasserie La Belle Equipe in het elfde arrondissement zit afgeladen vol, als de terroristen uit hun auto springen en op de aanwezigen beginnen te schieten. Voor zijn ogen sterven twintig mensen, onder wie Djamila, de moeder van zijn dochtertje. Vandaag is Tess 11 jaar en ze doet hem steeds meer aan zijn vrouw denken – wanneer ze slaapt, of Djamila’s schoenen en kleren draagt. Het valt hem dikwijls zwaar om sterk te blijven, maar hij bijt door, voor Tess.

© Stern

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234