null Beeld

Herman Brusselmans: 'Bobby'

M'n tienduizenden fans zullen zich afvragen: 'Met welke vrouw zal u uw zoontje Bobby hebben, meneer Brusselmans?

Herman Brusselmans

Als ik in 2017 of 2018 een zoon krijg, wil ik hem de naam Bobby geven, naar Bobby Fisher, Bobby Setter en Bobby ‘Greenface’ Calarocci, de maffiabaas uit Chicago die in 1927 de handel in getaxidermeerde roerdompen in handen kreeg, nadat hij z’n rivaal, Al ‘Left finger’ Dorocci, met een blok beton rond z’n hoofd in een kreek had gegooid – niet zomaar een kreek, wel de kreek aan de oever waarvan in de lente van 1802 de Heilige Maagd Maria was verschenen aan een arm herderinnetje, Ciska Johnson, in de gedaante van een poetsvrouw die twee voortanden mankeerde, en eerlijk gezegd waren haar andere tanden er ook niet te best aan toe: gaatjes, tandplak, bruine nicotinevlekken, noem maar op.

Er werd derhalve aan getwijfeld of die verschijning wel de Maagd Maria was, in plaats van het spook dat in en rond Chicago door de mist strompelde, en diverse verschijningen als vermomming had: een oude postbode, een handelaar in koperdraad, de tante van de vroegere president Adams, en de uitvinder van de vingerhoed voor geestelijk gehandicapten. M’n tienduizenden fans zullen zich ondertussen afvragen: ‘Met welke vrouw zal u uw zoontje Bobby hebben, meneer Brusselmans?’

Wel, dat zal allicht met het meisje zijn dat thans nog niet volledig opnieuw m’n verloofde is, maar het hangt wel in de lucht. Ze is jong, van een botticelliaanse schoonheid, en pril als de dauw die ’s ochtends in de lente de boterbloemen omhelst, maar ik ben er allang zeker van dat ze compleet m’n type is, dat ze me zal verzorgen en behoeden, dat ze zal kunnen leven met m’n downs en m’n ups die op m’n downs gelijken, dat ze me seksueel ernstig neemt, en dat ze zinnens is om gedurende de jaren die mij nog resten aan m’n zijde te blijven, als was ze m’n gulden schaduw.

Als ik aan haar denk, fluisteren de goden me woorden in. Als ik haar zie, straalt in m’n ogen het licht der nieuwe zonnen, als ik over haar droom, glijdt de engel des voorzienigheids langs m’n geloken lichaam. Ik wil met haar zo gelukkig worden als een mug in een bloedplas. Zij woont een eind van m’n huis, maar er zijn trams en er zijn taxi’s en op de koop toe stapt ze graag. We zullen derhalve een latrelatie hebben, ik hier en zij ginder, en een keer of drie in de week komen we samen, eten een maaltijd, raken elkaars huid aan, zweven door elkaar heen, en lachen, dansen en bidden.

Het gebed mag er één zijn in verloren woorden, in zinnen die rafelen, en in mompelingen die gerust de Dikke Van Dale mogen halen, als ooit ons verhaal wordt geschreven, en wie anders dan ik zal dat verhaal schrijven, misschien wel m’n allerlaatste verhaal, en terwijl ik het in de machine ram, ligt de kleine Bobby te kirren op z’n dekentje waarop figuurtjes uit de wereld van de eeuwige zichtbaarheid zijn getekend. Juist ja, de kleine Bobby. M’n lief en ik moeten die eerst nog creëren.

We zullen gedurende de welbewuste nacht op het zomerbed gaan liggen, en eerst zal ik haar zodanig koesteren dat ze niet alleen beeft van verlangen, maar ook geiler is dan ze voor mogelijk had gehouden, en ja, ook ik, de ouwe zonderling, ben hitsig en mannelijk en bereid, en ik lik haar, en ik zoen haar, en ik betast haar, en krek op het juiste moment penetreer ik haar, en het genot is zowel zeemzachtzoet als harder dan marmer, en als de orgiastische voorspelling haar uitkomst heeft gehad, hebben we Bobby gemaakt, en gedurende de eerste minuten waarin Bobby in de moederbuik ademt als de koning der amoeben gaan m’n lief en ik iets drinken, nagloeiend als kooltjes uit een Leuvense stoof, en ik rook een sigaret, en m’n lief rookt niet, zeker nu niet, nu ze zwanger is van Bobby, en ik vraag haar: ‘Hou je van mij en ons kind?’ en ze zegt: ‘Meer dan van m’n eigen halo.’

Nou ja, ik stel het hier nu allemaal wel redelijk positief voor, en ik ga ervan uit dat het meisje over wie ik het heb niet vanaf morgen verdwenen is voor altijd, en ik neem aan dat zij en ik de liefde hebben heruitgevonden op het allerhoogste niveau, en ik veronderstel klakkeloos dat m’n ouwe, door de vermoeidheid in de ban geslagen geslacht in staat is om een jonge oervrouw te bevruchten, en ik hoop dat wat ik hier uit m’n mouw schud meer wordt dan een lam vertelsel, en dan is er ook nog de kwestie: wie zal Bobby verschonen als ik alleen met hem ben en m’n lief de baan op is, god weet waarheen? Weet je, ik zal Bobby verschonen, en ik zal hem in z’n wiegje leggen, en z’n glimlach beantwoorden, en daarna denken: ‘De handel in getaxidermeerde roerdompen? Doe toch normaal, onnozel fantastje.

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234