null Beeld

Herman Brusselmans: 'De huid'

Herman Brusselmans

Dimitri Verhulst heeft een tattoo van het centrum van Aalst tussen de kaken van z'n gat.

Ik zag op straat een gast lopen die op z’n ene arm het interieur van de Sint-Baafskathedraal getatoeëerd had gekregen, en dat was op zo’n magistrale manier gedaan dat ik dacht: ‘Verdomd, als ik nu ook eens een tattoo liet placeren?’ Tot nu toe ben ik altijd anti-tattoo geweest, en de oorzaak daarvan is te zoeken in 1987, toen ik een meisje leerde kennen in café Caruso, en zij heette Sofie, en zij was werkelijk bloedmooi, en bovendien intelligent en spraakvaardig, want ze kon me in slechts drie minuten tijds perfect uitleggen waarom de net verschenen debuut-roman van Kristien Hemmerechts zo’n in wezen vrouwonvriendelijk flutgeschriftje was.

Op de koop toe was Sofie een fan van Woody Allen, Johan Anthierens en Dora van der Groen, drie topfiguren op wie ik ook altijd gek ben geweest. Het duurde niet lang of we zaten in de hoek aan de oostzijde van de Caruso te muilen dat het kletterde, en toentertijd kon ik, als ik meer dan vijftien whisky-cola’s had gedronken, enorm goed muilen, en Sofie werd zo geil als een brandend braambos, en ze fluisterde in m’n oor: ‘Ik woon hier wat verder, in de Overpoortstraat.’

Dus wij naar haar studentenkot, waar het behoorlijk schoon was en smaakvol ingericht, met aan de ene muur onder andere een pentekening van Egon Schiele, zij het niet van de beroemde Egon Schiele, maar van een andere Egon Schiele, een Oostenrijkse vriend van Sofie die toevallig ook zo heette en geheel kwansuis ook pentekeningen maakte, en z’n tekening aan Sofies muur stelde een ballerina voor die met een kruiwagen vol mest op weg was naar haar schoonmoeder. We kleedden ons als gekken uit. De seks begon waarlijk veelbelovend, tot ik Sofie begon te beffen. Ik bedoel zeker niet dat haar geslachtsdeel geurde naar pakweg een pekelharing die drie maanden geleden z’n verjaardag heeft gevierd, integendeel, Sofies vagina rook bijzonder lekker naar pis, zeep, ligusterblaadjes, een vleugje smeerkaas van La Vache Qui Rit, en gepoetst koper. Dus niks aan de hand zou je zeggen, tot ik de tattoo zag op de clitoris van Sofie.

Deze tattoo was het getal 666, en in die periode was ik, door het overmatig drankgebruik en m’n natuurlijke neiging tot angst, zo bang voor alles wat met de duivel, de hel en het eeuwige vuur te maken had, dat ik terstond het beffen staakte, trillend en bevend en zonder een woord m’n kleren aantrok, en Sofie achterliet als was ze een hoop afval en puin. Overigens heb ik haar daarna nooit meer teruggezien omdat ze nog diezelfde week haar ouders ging bezoeken in Oeganda en daar is gebleven omdat ze er de man van haar leven ontmoette en met hem in de brousse een handeltje in schapulieren opzette. Dat was ik nog vergeten te zeggen: Sofie was een zwart meisje. Maar zwart of wit of voor mijn part oranje met gele bollen, een feit is dat ik sindsdien veel schrik had voor tattoos en dat ik er nooit zou aan gedacht hebben om er zelf één te laten inkten op m’n eigen lichaam. Tot ik die gast zag lopen met het interieur van de Sint-Baafskathedraal op z’n arm en ineens, als in een flits, besefte dat tattoos erg mooi kunnen zijn.

Bovendien hebben enkele van m’n vrienden geslaagde tattoos, bijvoorbeeld Arnon Grunberg een tattoo van een joodse neus op z’n rug; Dimitri Verhulst een tattoo van het centrum van Aalst tussen de kaken van z’n gat, en Griet Op de Beeck een tattoo van – wat had je gedacht? – een gigantische penis op haar buikvet. Dus welja, ik dacht ik ga eens checken bij een tatoeëerder hoe het zit, en of er niet iets geschikts is dat ik kan laten tekenen ergens op m’n lijf. Ik ging meteen naar de beste tatoeëerder in Oost-Vlaanderen, Tattoo Pikkie in Waarschoot. ‘Pikkie,’ zei ik tegen hem, ‘ik denk eraan om een tattoo te nemen. Wat zou je mij aanraden?’ Hij dacht lang na, en zei: ‘Wat ik voor mij zie, meneer Brusselmans, is de afbeelding van een biefstuk/friet op uw linkerschouder.’

Nu ben ik altijd al dol geweest op biefstuk/friet, en het leek me op het eerste gezicht zeker geen slecht idee. ‘En bovendien,’ zei Pikkie, ‘zou ik de biefstuk overgieten met een bearnaisesaus, en de achttien frieten zou ik zo leggen dat ze drie onder elkaar staande swastika’s vormen.’ Zonder verder nog na te denken wees ik z’n voorstel af. Die bearnaisesaus was er teveel aan. Plus, plotseling schoot het door me heen dat ik ooit wilde doodgaan in de huid waarin ik geboren was, zonder tegennatuurlijke elementen erop. Ik verliet Tattoo Pikkie en opgelucht beet ik in m’n arm tot bloedens toe.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234