null Beeld

Herman Brusselmans: 'Paparazzi'

Herman Brusselmans

Ik verwar Beethoven altijd met de bassist van dEUS.

Ik zat te lezen in het Rode Boekje van Mao. Wat me opviel, was dat de auteur, Zedong, een vlotte stijl hanteert, voor een goed doortimmerde plotontwikkeling zorgt, en z’n personages in een naturelle taal met elkaar laat converseren.

Wat jammer dat we dit soort schrijvers niet in onze eigen, Vlaamse rangen tellen. Is er dan werkelijk niemand van bij ons die kan wedijveren met buitenlanders als de reeds genoemde Zedong, de Roemeen Ilja Campusesçu, of eerder nog de Noor Vlot Nürngärd, die met z’n recente roman ‘Moslims en tandenstokers’ een perfect beeld schetst van de gespletenheid van onze maatschappij, de diverse angstpsychosen die de westerse mens tot een ongeleid projectiel maken, en de babylonische spraakverwarring die zelfs ontstaat als een doorneeman aan een doorsneevrouw wil vragen: ‘Mag ik uw kleine schaamlippen eens vernissen met mijn oorsmeer?’

Tja, het is echt wel zo dat de doorsneevrouw in de huidige tijden dat soort vragen niet pikt van een doorsneeman. Het is allemaal de schuld van het internet, Tinder en Instagram. Individuen ontmoeten elkaar niet meer via oogcontact, een hand op een dij, of een briefje dat stiekem in een handtas wordt gestoken en waarop staat: ‘Ik peins dat ik verlieft bent op u, zullen we zatterdag naar de kermist van Berlaare gaan?’ Welneen, alles moet viraal gebeuren tegenwoordig, met de nefaste gevolgen van dien. Zelf gebruik ik noch Tinder noch Instagram noch al die andere zever.

Oké, toegegeven, het internet gebruik ik wel, want ik moet godverdomme toch een mail naar m’n lief kunnen sturen, waarin ik haar aanmaan om bij onze volgende ontmoeting haar onderbroek vol afbeeldingen van Mickey Mouse te dragen? Dat is namelijk m’n favoriete onderbroek van haar. Er zitten een paar gaten in veroorzaakt door m’n tanden, maar voor de rest is het nog een prima onderbroek, van een stevige stof, met een perfect functionerende rekker, en lekker ruikend naar de onovertroffen flamoes van m’n allerliefste. Maar goed, ik beweer nu ook weer niet dat we in Vlaanderen geen enkele uitstekende auteur hebben. Neem nu Peter Terrin, niet toevallig één van m’n beste vrienden.

Zo hebben we dezelfde hobby’s: het verzamelen van muizenstaarten, het lopen van de marathon in minder dan een etmaal, en het luisteren naar de muziek van hoe heet hij, juist ja, Beethoven. Ik weet niet hoe het komt, maar ik verwar Beethoven altijd met de bassist van dEUS. Zou het komen omdat ze als baby allebei in hun fluit gebeten zijn door een wezel? Of zou het komen omdat ze allebei in hun jeugd een hekel hebben ontwikkeld aan het plitse pletse doen met forse memmen, terwijl dat eigenlijk toch wel best leuk is?

Hoe dan ook, Peter Terrin is een schitterende romancier, en hij draagt tenminste geen voddenbalen als pantalon, zoals die andere romancier, Jeroen Olyslaegers. Kennen jullie die? Jeroen werd geboren als zesde spruit van Jef en Rita Olyslaegers–Van Dunne, en als kind had hij last van de bof, mazelen, kinkhoest, gezwollen poliepen, aids, de ziekte van Duquesne en een voetbalknie. Gelukkig kwam dokter Van Smullepijp op bezoek, en die gooide Jeroen door het open raam, ging ’m toen beneden een paar schoppen tegen z’n testikels geven, goot een pan opgewarmde pis van de Duitse scheper over z’n kop, en zei tegen hem: ‘En nu naar bed zonder eten, zakkenwasser!’ Geneeskunde is vaak een kwestie van de juiste psychologische aanpak.

Doch niet enkel Terrin en Olyslaegers staan bijna op hetzelfde niveau als Zedong, Campusesçu en Nürngärd. Laten we vooral de wijffies niet vergeten. Ik had trouwens laatst nog een dubbelinterview met Lize Spit. Van haar roman ‘Het smelt’ zijn inmiddels 2 miljoen exemplaren verkocht, dus Lize is niet de eerste de beste temeier met krulhaar tussen de kaken van haar gat, integendeel, Lize is een heel serieuze schrijfster, wier vaste vriendje haar tijdens het schrijfproces, dat vijf jaar duurt, met geen vinger mag aanraken, dus bijvoorbeeld ook niet snelsnel een grote teen in haar foef douwen. Nee hoor.

Ik roep Lize derhalve uit tot onze beste vaderlandse vrouwelijke auteur, en ondertussen moeten we ook rekening houden met mijzelf en m’n roman ‘De fouten’, die de grenzen van de onmogelijkheid heeft verlegd. Mocht ik niet bestaan, ze zouden mij moeten uitvinden. Kortom, ik ben een toffe jongeman, en bescheiden als ik ben, ga ik thans rustig door met lezen in het Rode Boekje, alhoewel de paparazzi weer voor m’n deur m’n naam staan te schreeuwen.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234