null Beeld

Het Brusselse hiphopwonder Roméo Elvis: 'Yvan Mayeur was een rotte appel in de mand, een huichelaar en een blaaskaak'

We delen een lief, Roméo Elvis en ik: zijn Bruxelles is ook ma belle. De aimabele Peter Pan van de Franstalige Brusselse hiphop (u kent hem sowieso van het hitje ‘Diable’, en hopelijk ook van zijn opwindende doorbraakplaten ‘Morale’ en ‘Morale 2’) speelt vrijdag op Couleur Café – zíjn Couleur Café. De uitkomst is al bekend: iedereen zal branden in het hellhole aan de Zenne.

'Als er Fristi is voor mijn optreden dan zal de soundcheck oké zijn, het geluid goed, en de organisatie vriendelijk'

Roméo Elvis (24) staat deze zomer ook nog op onder meer Les Ardentes en de Lokerse Feesten. ‘Alle grote festivals,’ zegt hij in zijn flatje in Brussel, ‘behalve – oef – Tomorrowland.’ Ondertussen is hij ook aan nieuw werk bezig.

Roméo Elvis «Onlangs nog heb ik een week met een beatmaker en een geluidstechnicus in een studio in Amsterdam doorgebracht. Productieve dagen waren dat: we werkten er van tien uur ’s ochtends tot zeven uur ’s avonds, en hadden op het einde acht nieuwe nummers klaar. Die zijn bedoeld voor een nieuw project. Ik weet nog niet precies wat het wordt, maar alleszins niet gewoon ‘Morale 3’. Le Motel (de producer van de twee ‘Morale’-platen, red.) zal er opnieuw aan meewerken, maar ik wil er ook nog anderen bij betrekken. Het mag iets groots worden, ja.»

HUMO Knap dat je na een week in Amsterdam terugkeert met acht nieuwe songs. Je kunt er per slot van rekening op elke straathoek heerlijke koffie vinden.

Roméo Elvis «Ja, hè. Ik schrok er zelf van (lacht). Vooraf vreesde ik inderdaad dat we veel te veel zouden roken, en zo onze studiotijd zouden wegrelaxen. Maar kijk: we zijn à fond gegaan, en op het einde van die week zei de geluidstechnicus dat hij nog nooit met rappers had gewerkt die zo professioneel waren.»

HUMO Je doet niet flauw over je cannabisgebruik. Levert dat op tournee nooit problemen op met de plaatselijke autoriteiten?

Roméo Elvis «In Nederland alleszins niet: toen we terugkeerden met de Thalys en de treinbegeleider ons vroeg of we gerookt hadden, antwoordden we gewoon ‘neen’, waarop-ie lachend verderliep. ‘Fijne dag nog!’ Nee, ’t is in Frankrijk dat we altijd problemen hebben. (Jaagt vuur in de joint die hij heeft gerold) De flikken, de douane: ze controleren je áltijd. Twee uur voor we moesten spelen op Printemps de Bourges, een festival in Frankrijk, stonden we nog papieren in te vullen bij de politie. En het bleef die dag maar onheil regenen: we openden het festival, waardoor het volk nog volop aan het toestromen was, en het geluid was archislecht. Het weer, de timing, de klank, het publiek: allemaal onvoorspelbaar op festivals. Je moet de controle uit handen geven.»

HUMO Nog zo’n factor: de Belgische nationale voetbalploeg. Op Couleur Café moest je vorig jaar spelen nét nadat het publiek op groot scherm had gezien hoe de Rode Duivels op het EK uitgeschakeld werden door Wales.

Roméo Elvis «Iedereen zat in zak en as. En uiteindelijk kreeg ik de sfeer er wel in, maar toch: stel dat de Duivels toen gewonnen hadden, de boel was ontplóft. Ik hoop echt dat ik ooit een concert mag spelen net nadat onze nationale ploeg een belangrijke wedstrijd heeft gewonnen.

»Ik kijk geweldig uit naar het festivalseizoen, en zeker naar Couleur Café. Uiteraard: het is hét festival van Brussel. Ons symbool.»

HUMO Maar het vindt wel voor het eerst plaats in de schaduw van het Atomium, en niet meer op de fabelachtige terreinen van Tour & Taxis.

Roméo Elvis «Ik ben nieuwsgierig naar wat het wordt. Een ánder festival, allicht, want die locatie maakte Couleur Café. Maar dat bedoel ik niet negatief: een festival mag al eens vervellen, en sowieso wordt het la folie

HUMO De arme Yvan Mayeur zal er allicht geen lintje komen doorknippen.

Roméo Elvis «Man, ik heb gejuicht toen hij ontslag moest nemen. Mayeur was een rotte appel in de mand, een huichelaar en een blaaskaak. Samen met Stikstof (Brussels hiphopcollectief, red.) heb ik twee jaar geleden nog actie tegen hem gevoerd. Het ging over de Disneyficatie van ‘54cinq-quat’, zoals de Place Sainte-Catherine in hartje Brussel door jongeren wordt genoemd. Dat was een volkse plek waar iedereen samenkwam. Maar plots had het stadsbestuur beslist dat de omliggende restaurants daar hun terrassen mochten bouwen, en dat wie niet consumeerde, er weg moest. De banken verdwenen, en niemand mocht nog op de trappen van de Sint-Katelijnekerk zitten. Na die actie werd ik samen met Stikstof door Mayeur uitgenodigd voor een gesprek. We legden onze grieven op tafel, meneer de burgemeester knikte, en dat was het dan – een hallucinante ontmoeting.»

HUMO Je bent een trotse vertegenwoordiger van Brussel, maar je bent wel opgegroeid in de rand. Heeft dat op de één of andere manier in je voordeel gespeeld? Dat je vanuit het gezapige Linkebeek de grote stad op je eigen tempo kon benaderen, bijvoorbeeld?

Roméo Elvis «Ja, precies: daar ging ‘Bruxelles c’est devenu la jungle’ over, mijn debuutplaat. Vanuit mijn slaapkamerraam zag ik de stad liggen. En als ik naar de bioscoop, op restaurant of naar een club wilde, was dat uiteraard altijd in Brussel. Maar er was een duidelijke grens: de stad was een aparte entiteit, waartoe ik niet behoorde. Er zat een vlies tussen mijn leven en Brussel. Toen ik op m’n 18de dat vlies doorprikte en er ging wonen, ontdekte ik hoe de stad écht is. Groot, met name, en goed voor de conditie – ik doe alles met de fiets (lacht). Maar ook: multicultureel, vol geheim leven, een stad waar de straat een andere taal spreekt dan de politiek. Brussel greep me naar de keel.

»Voor Zwangere Guy, één van mijn copains in de scene, was dat anders: hij is een echte Brusselaar, en kent al sinds zijn vroege jeugd elk hoekje en verborgen kantje. Maar we delen de drang om Brussel uit te dragen, om een vertegenwoordiger te zijn van die mooie, moeilijke stad.»

undefined

'Yvan Mayeur was een rotte appel in de mand, een huichelaar en een blaaskaak. Ik heb gejuicht toen hij ontslag moest nemen'

HUMO Het hellhole, zoals een groot staatsman ooit zei.

Roméo Elvis «Ach, Donald Trump: weet hij eigenlijk wel in welk werelddeel Brussel ligt? Nu goed, ik ben niet één van die romantici die doen alsof Brussel het paradijs op aarde is. De stad is vergeten te evolueren, en daardoor hinken we flink achterop bij steden als Amsterdam, Parijs, Berlijn en Kopenhagen. Brussel is niet streng genoeg voor zichzelf. De affaire-Mayeur is toch het beste voorbeeld? Er is genoeg geld in Brussel, maar het komt altijd weer in de verkeerde handen terecht. Eén week Amsterdam volstond voor mij om te zien hoe het wel kan: een fraai stadsbeeld, comfortabel openbaar vervoer, degelijke sociale voorzieningen. Maar dit is dus Brussel, de stad die altijd iets onofficieels heeft – de regels gelden er de ene keer wel en de andere keer niet.»

HUMO Maar je overweegt toch niet om te verhuizen?

Roméo Elvis «Nee hoor, ik zou nergens anders in België kunnen wonen. Of toch: in Antwerpen! Telkens ik er kom, vraag ik me oprecht af waarom dát niet de hoofdstad van België is. Het is er netjes, de dingen werken er, en er hangt een goeie vibe in de straten. Ja, eigenlijk heeft Antwerpen maar één echt probleem: de N-VA (lacht).

»Ik heb het afgelopen jaar veel opgetreden in Vlaanderen, en alles is daar zo goed georganiseerd: de zalen, de ontvangst en het publiek zijn onveranderlijk uitstekend.»

HUMO Je kreeg dus overal Fristi? Dat staat namelijk op je rider. Een grap, neem ik aan?

Roméo Elvis «Een gráp? (Opent zijn koelkast, haalt er een brik Fristi uit en neemt een genoeglijke slok) Du Fristi, copain, toujours du Fristi.»

HUMO Het was ook mijn lievelingsdrank, hoor. Toen ik 6 was.

Roméo Elvis «Net daarom drink ik het nog altijd zo graag: Fristi herinnert me aan m’n kinderjaren. Aan de onschuld, de onbevangenheid. In mijn hoofd ben ik nog altijd een klein ketje.

»Tegelijk is die Fristi ook een truc om meteen te kunnen inschatten of de dingen in een concertzaal of op een festival goed geregeld zijn. Als er Fristi is, zal de soundcheck oké zijn, het geluid goed, en de organisatie vriendelijk. (Plechtig) Als je de Fristi op mijn rider respecteert, respecteer je álles. Het zorgt ook weleens voor grappige toestanden. In Frankrijk kennen ze Fristi niet, en gaan ze altijd wanhopig op zoek naar iets dat erop lijkt. In Zwitserland hebben ze ons zelfs eens melk en aardbeien geserveerd (lacht).

»We vragen op onze rider ook altijd om een lokaal product. Je krijgt dan een plaatselijk bier, of een sappige saucisson, of van die hartige pannenkoeken – in Bretagne was dat. Het is mijn manier om te laten zien dat ik geïnteresseerd ben in de plaats waar ik optreed. Dat ik niet gewoon kom cashen.»


Le pot belge

HUMO Terug naar je Fristi-fascinatie: waarom blijf je hengeltjes uitgooien naar je kindertijd?

Roméo Elvis «Omdat die zo fantastisch was. Ik ben blij dat ik buiten Brussel ben opgegroeid. Niet dat ik geloof dat je in de stad per definitie vroeg met allerlei verdorvens in aanraking komt, maar opgroeien op het platteland is nu eenmaal onschuldiger. Je kunt er het leven een beetje uitstellen.

»Ik heb geen enkel drama meegemaakt in mijn kindertijd, maar dat veranderde toen ik op mijn 15de voor het eerst geconfronteerd werd met de dood – ik heb toen vrienden verloren. Ik was plots wakker geworden in de echte wereld, en dat deed pijn. Vandaar allicht dat ik zo’n nostalgicus ben, en in mijn hoofd voortdurend terugga naar de utopische wereld van m’n kindertijd. Ik teken graag, en dan probeer ik mijn naïeve stijl van toen terug te vinden. De lichtheid in mijn muziek, de frivole toets, is er ook een gevolg van. Bij mijn zus Angèle, die ook zingt, hoor je trouwens diezelfde hang naar een onschuldig verleden.»

undefined

'Met twee bekende ouders verlies je meteen je street credibility in het hiphopmilieu, dus zweeg ik daar in het begin over.'

undefined

null Beeld

HUMO Jullie vader is Marka, de bekende Franstalige zanger die ook nog bij Allez Allez gespeeld heeft. En jullie moeder is de populaire comédienne Laurence Bibot.

Roméo Elvis «Het zou een grote leugen zijn om te zeggen dat ik vanuit het niets mijn passie en mijn talent gevonden heb, dat ik nooit gekeken heb naar wat mijn ouders deden. Nochtans probeerde ik dat aanvankelijk wel te verzwijgen. Ik begon muziek te maken in mijn puberteit, de periode waarin je niets te maken wil hebben met je ouders. Het voelde toen echt als een handicap: met twee bekende ouders verloor je meteen je street credibility in het hiphopmilieu, en je werd ook nog eens bekeken als een wieltjeszuiger – want je ouders zouden vast wel het pad geëffend hebben. En dus zweeg ik, en probeerde ik mijn eigen stijl te vinden.

»Nu ben ik net trots dat ik het kind ben van twee zo’n geïnspireerde ouders. Ik loop ook niet meer weg van de gelijkenissen. De manier waarop ik op een podium sta: helemaal m’n moeder. Alle muziek die ik ken: dankzij m’n vader. Nu durf ik hem ook te zeggen dat hij mijn grootste inspiratiebron is. Dat de manier waarop hij muziek at en dronk, muziek lééfde, mij geïnspireerd heeft. Maar op je 18de wil je dat niet zien als je in de spiegel kijkt.»

HUMO Is je vader mee met de muziek die je maakt?

Roméo Elvis «Hij heeft ook nog bij MC Solaar gespeeld, dus hij weet wel wat rap is. En Allez Allez was natuurlijk geen rap, maar het ritme en de feel van hun muziek is er wel mee verwant, vind ik. Het zijn dus geen twee werelden die clashen, wel twee werelden die afwisselend in en uit elkaar schuiven. Soms kijkt hij op een heel slimme manier naar hiphop, en soms verschillen we ook flink van mening over wat cool en niet cool is.

»Mijn ouders luisteren beiden naar alles wat ik maak. Mijn moeder checkt zelfs m’n Instagram – ik moet dus een beetje uitkijken met scheve foto’s (lacht).»

HUMO Luistert ze ook naar je teksten?

Roméo Elvis «Ja. Het is een grens waar ik telkens weer over moet tijdens het schrijven. Ik wil mijn moeder niet ongerust maken, snap je? Het is niet de bedoeling dat ze denkt dat ik vol woede zit, of erger: het grootste deel van mijn dagen in de goot spendeer. Maar ik verzet me tegen zelfcensuur, want dan zou ik mezelf niet meer zijn. Het moet altijd de brute waarheid zijn. Heel af en toe hoor ik mijn moeder weleens klagen over een trashy tekst: ‘Te vulgair, jongen.’ Maar over het algemeen is ze trots, hoor (glimlacht).»

HUMO Sérieux en lichtheid lopen elkaar elegant voor de voeten in je teksten.

Roméo Elvis «In het artistieke wereldje tref je veel te veel van die vervelende bellenblazers aan. Dat pedante taaltje, dat niets zeggen met veel te veel woorden, die totale afwezigheid van humor... Ik haat het. Het ergst kun je me beledigen door te zeggen dat ik mezelf te serieus neem. Maar omgekeerd heb ik ook geen zin om light te zijn, iemand die alleen maar voor entertainment zorgt.

»Ik zie het als iets typisch Belgisch. Bekijk dit land eens: het koestert de democratische waarden, het probeert de dingen voor zijn burgers een beetje te regelen – het heeft iets ernstigs. Maar tegelijk is het ook een land dat, liever dan met de vlag te zwaaien, met zichzelf lacht. Stromae, Benoît Poelvoorde, Kamagurka, de film ‘Ex-Drummer’: ze hebben dat allemaal, die mix van sérieux en zelfrelativering. In Frankrijk bestaat dat niet. Daar ben je ofwel heel serieus, ofwel heel what the fuck

HUMO Maar ze spreken er wel één unificerende taal.

Roméo Elvis «Ja, maar op dat vlak zijn we in België op een heel interessant punt aanbeland: in de hiphop zijn de grenzen opgeheven. Dat maakt me nog trotser om het truitje van Brussel aan te trekken: er is hier één scene, en die is meertalig. Al hebben de Franstaligen, vind ik, nog te veel de neiging om de zaken door een francofone bril te zien. Er wordt nog te vaak gedacht dat Brussel Franstalig is. Maar wat ze dan vergeten: het zijn voornamelijk de Nederlandstaligen die in Brussel muziek mogelijk maken. De Vaartkapoen, de Ancienne Belgique, veel goeie culturele centra: allemaal Nederlandstalig, hè.»

HUMO Tot slot nog een voetbalvraagje: wie is de ploeg van ’t stad? Union Saint-Gilloise of RWDM?

Roméo Elvis «RWDM. Mijn vader heeft er gespeeld en is altijd een diehard Molenbeekfan gebleven: ik heb geen keuze. Hij is zo blij als een kind dat de club na veel donkere jaren als een feniks uit haar as is herrezen. Union is ook een prachtige club, natuurlijk, maar het valt me wat tegen dat ze zo branché geworden is. De jonge hipsters hebben hun weg ernaartoe gevonden, omdat het cool staat om voor een oude traditieclub te supporteren. Nu goed, zo erg is dat niet: het Brusselse voetbal staat weer op de kaart, en dat is geweldig.»

HUMO Heb je zelf ook gespeeld?

Roméo Elvis «Ja, bij Linkebeek. Ik hield als kind al van voetballen, maar op school wilde niemand met me spelen: ik was te slecht. En toen ik me bij de plaatselijke club aansloot, werd ik uitgelachen. Ik ben er toen mee gestopt, en heb me thuis urenlang toegelegd op het spelletje. Gewoon, in m’n eentje, uren oefenen, tot ik het voldoende onder de knie had om niet meer uitgelachen te worden. (Glimlacht) Tiens: heb ik nu net tóch een modderspatje op mijn kindertijd gevonden?»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234