null Beeld

Het lieve leven en hoe het te lijden: Jaak Van Assche

In het gezegende jaar 1987 schreven mijn onvolprezen ex-collega Guido Van Meir en ik ‘Het Ultieme Kerstverhaal’, een tv-scenario over een aan de drank verslaafde voormalige topjournalist en zijn verbeten maar op voorhand verloren strijd om niet te worden afgeschreven. Zonder dat met elkaar te hebben afgesproken hadden wij voor de hoofdrol éénzelfde naam op onze verlanglijst: Jaak Van Assche (73).

Omdat Van Assche de meest naturelle acteur is die ooit op een Vlaams scherm is verschenen. Uiteindelijk bleek onze held niet vrij: wij waren blijkbaar niet de enigen met oog voor kwaliteit.

Jaak speelt geen rol, Jaak ís de rol. Of hij nu Jean De Pesser uit ‘De Collega’s’ neerzet, Fernand Costermans uit ‘F.C. De Kampioenen’ of, deze week triomfantelijk terug op VTM, Frans Van As uit ‘De Zonen van Van As’: Jaak duikt in de figuur, verdwijnt in de figuur, wórdt de figuur, en laat ons vergeten dat we naar een acteur kijken. Hoe hij het doet is mij nog altijd een raadsel. Alleen al daarom wilde ik hem voor Het Lieve Leven interviewen.

Van Assche Ik heb altijd naturel gespeeld. ’t Is aangeboren. Sommige regisseurs konden mijn manier van acteren niet uitstaan, vooral toen ik jong was. Je hoorde toen dramatisch te acteren, met de hand op het hart en met plechtige stem. Ze vonden mij ‘te gewoon’. Even struikelen over je woorden, dat was toen absoluut taboe. Terwijl ik vond: als deze passage zich in het ware leven voordoet, dan begin je te stotteren. Kijk, ik heb vroeger veel cafécabaret gespeeld – dat is een ongelooflijke leerschool. Je begint te improviseren, je wordt door je tegenspeler moedwillig uit balans gebracht en dan is het aan jou om weer op je twee pootjes terecht te komen. Dat is een enorme training in het naturel spelen. Ik heb altijd veel van Koot en Bie gehouden: zij gebruikten het cliché om het cliché, maar altijd met een ironiserende knipoog. Dat is wat ik zelf in mijn spel nastreef.

HUMO Eigenlijk kom je nog beter tot je recht voor de camera.

Van Assche Misschien doordat ik mij geen bal aantrek van de techniek. Sommige regisseurs aanvaarden dat, anderen worden lastig. In het Conservatorium kreeg ik les van Nand Buyl – dié heeft mij enorm veel geleerd. Hij kon je dingen vertellen die raak waren, pal in de roos. Als hij goesting had, tenminste (lacht). Maar het meeste leer je toch wel uit jezelf, al doende. In mijn beginperiode heb ik enorm veel gespeeld – simpelweg om te overleven. Honderden en nog eens honderden voorstellingen met het MMT. Timing bijvoorbeeld, dat leert niemand je, dat leer je alleen door veel te spelen. Nog een levensles: een jonge acteur mag zijn neus er niet voor ophalen om in een soap te spelen. Daar leer je verdorie het vak! De bagage die je daar opraapt is onbetaalbaar. In mijn jonge jaren werd er echt neergekeken op acteurs die voor tv werkten: dat hoorde niet, dat was schnabbelen, dat was je verlagen en je talent verloochenen. Dat is wél ten goede veranderd. Er worden voor tv fantastische reeksen gemaakt.

HUMO Eén van jouw memorabele uitspraken: ‘Ik speel graag figuren die al slaag in het leven hebben gekregen’. Van waar die bekommernis?

Van Assche Ik heb mij altijd al kunnen inleven in de misère van andere mensen. Kijk, niemand is perfect, en ik zeker niet (lacht). Dus moet je niet te hoog van de toren blazen en je bekommeren om de kleine mens. In de literatuur is er al genoeg aan heldenverering gedaan. Mij interesseert de kwetsbare mens.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234