Het lieve leven en hoe het te lijden: Marc Herremans, ex-triatleet en coach

Op 28 januari 2002 kreeg triatleet Marc Herremans een dom ongeval met z’n trainingsbike. Het verdict was even hard als onherroepelijk: complete dwarslaesie van de wervelkolom, verlamd van borst tot tenen.

'Iederéén heeft een beperking: bij mij zie je het, bij anderen zit het in het hoofd'

Bijna 15 jaar later dien ik mij aan bij het 185 Coaching Center, aan de Bredabaan in het bosrijke, in mist gehulde Wuustwezel. 185 is niet het huisnummer, wel het rugnummer dat Herremans in 2006 droeg toen hij het wereldkampioenschap Ironman Triathlon, handbike division, won. Marc rolt zijn handbike tot bij z’n designbureau. Naast hem een rood-witte maquette van Kuifjes ‘Raket naar de maan’. Recht tegenover hem een poster van een motorcrosser, in volle actie, met eronder, in fraaie letters: ‘Life’s limitations are the ones we make ourselves. It’s all in the mind. Nothing is impossible.’ Voorwaar, als eerste levensles kan dat tellen.

Marc Herremans «Mijn vader werkte bij de havenpolitie: schepen controleren, dat soort dingen. Hij was erg handig, heeft het ouderlijk huis samen met zijn schoonvader helemaal zelf gebouwd, werd door Jan en alleman gebeld voor klussen. Hij was bij de vrijwillige brandweer en stond altijd klaar om mensen te helpen. Hij is twee jaar terug overleden. Moeder was in dienst bij de Bank Van Breda en werd later huisvrouw en onthaalmoeder. Samen hebben ze drie kinderen op de wereld gezet, een oudere zus, ikzelf, en een jongere broer. Een doodgewoon doorsneegezin dat altijd in Wuustwezel heeft gewoond.

»Mijn moeder leeft nog; ze is een echte moederkloek, heeft altijd tussen de kindjes gezeten. Het enige doel in haar leven is te zorgen voor anderen. De koppigheid om iets te willen bereiken, heb ik van mijn vader. Het zorgende en sociaal voelende komt van mijn moeder. Ook mijn optimisme heb ik van haar. Mijn vader was eerder op zijn hoede: hij had in zijn job bij de havenpolitie te veel gezien, denk ik. Bij de politie gaan zou ook wel iets voor mij hebben kunnen zijn, vooral het Speciaal Interventie Eskadron (SIE, de vroegere Groep Diane, red.) van de politie interesseerde mij.

»Ik had een hekel aan stilzitten en luisteren en was superslecht op school. Sommige leraars pakten mij hardhandig aan, het was een ramp. Buiten schooltijd zat ik bijna voortdurend in het bos, kampen bouwen en spelen met mijn vrienden, kattenkwaad uithalen.

»Ik was alleen goed in turnen. Maar daar kreeg ik nooit een beloning voor. Terwijl zij die goed in wiskunde waren, snoep kregen. Ik revolteerde daartegen! Al van jongs af aan had ik het gevoel: ik red mij wel en zal later bewijzen dat ik er op mijn manier kom.

»Vanaf mijn 16de ben ik gigantisch hard beginnen te trainen, altijd in mijn eentje. Springen, pompen, lopen met gewichten aan mijn enkels. Meestal zat ik op mijn zolderkamer aan bokstraining te doen – zonder ooit echt in de ring te hebben gestaan. Ooit heb ik meer dan zes uur aan één stuk zitten touwtjespringen. Maniakaal. Na een voetbalmatch gingen mijn vrienden onder de douche en vervolgens pinten pakken. Maar ik trok meteen mijn kleren aan en ging nog een paar uur in het bos lopen.

»De film ‘Rocky’ (met Sylvester Stallone, red.) heb ik wel tien keer gezien. Rocky werd een rolmodel: de eenzaat, de underdog, de man die het allemaal in z’n eentje klaart. Rocky had een goed hart, dat vond ik gewéldig. En zijn training: hout hakken in het bos, tot je erbij neervalt. Fantastisch! Je lichaam afbeulen, je eigen grenzen verleggen, afzien.

»Ik was vrij lang, 1,83 meter, maar was erg dun. Toen ik naar de para’s ging, woog ik amper 63 kilogram, geen grammetje vet. Ze noemden mij ‘spieren en pezen met een condoom erover’ (lacht).»

HUMO Waarom koos je voor de para’s?

Herremans «Omwille van de opleiding, om de sport en het avontuur. Die opleiding was de max, het was de tijd van mijn leven. Ik voelde mij er als een vis in het water. Dat waar de anderen hun tanden op stukbeten, was voor mij spielerei. Wij kregen ook gevechtstechniek, close combat. Maar ik slaagde er niet in de ander echt pijn te doen, ik voelde mij daar niet goed bij. Iemand op z’n gezicht slaan en zien dat zijn oogkas begint te bloeden, daar kon ik niet tegen. Maar als iemand zijn rugzak niet meer kon dragen, hing ik die gezwind boven op de mijne. Ik heb altijd graag mensen geholpen.

'Ik ben 80 procent van mijn lichaam kwijt, maar ik hou zo veel over: vrienden, familie, mijn dochtertjes. Mijn leven is mooi'

»Na de para’s ben ik in de bouw gaan werken, als schrijn- en dakwerker. Een weddenschap met een paar maten mondde uit in het lopen van de marathon van Berchem. Ik liep die mee en werd vierde, in een tijd van 2 uur en 35 minuten. Terwijl ik vooraf nooit aan marathontraining had gedaan. Ik ging mij verder verdiepen in de duursport, kreeg een filmpje over de Ironman van Hawaï onder ogen (3,86 km zwemmen, 180,2 km fietsen, en ten slotte hardlopen over de marathonafstand van 42,195 km, red.) en ik was verkocht. Ik zag mensen die door de hitte werden geveld, mensen die kruipend de eindmeet haalden, en ik dacht: ‘Dát is het!’ Wind, hitte, avontuur, afzien, lijden: fantastisch! Ik hield ervan mij tot voorbij de limiet te pushen. Geef mij maar het extreme, dat wat niemand voor mogelijk houdt. Luc Van Lierde had als eerste Belg de Ironman van Hawaï gewonnen (in 1996 en 1999, red.) en ik dacht: ik zal de tweede zijn. Ik begon nog extremer te trainen, kreeg het fantastische lichaam van een professionele triatleet.»


Geloof en hoop

HUMO Beschrijf zo’n training eens?

Herremans «Om halfvijf in de ochtend reed ik met mijn mountainbike naar het zwembad, om er een uur te zwemmen. Vervolgens fietste ik naar mijn werk, in de bouw. ’s Avonds kwam ik thuis, at een bord couscous en liep naar Scherpenheuvel, 65 kilometer van huis. Dat waren zowat de meest extreme trainingsdagen uit m’n leven (lacht).»

HUMO Zo’n leven kost bergen energie; hoe zag je dieet er toen uit?

Herremans «Soms ging ik op een nuchtere maag drie uur lang lopen. Ik trainde onwaarschijnlijk hard op kunnen presteren met een minimum aan voedsel en drank. Die nuchtere trainingen doe ik nog altijd. Ik trainde helemaal op mezelf, zonder enige medische begeleiding, deed alles alleen. Ik at bijna nooit vlees en had in die tijd een hematocriet van 37, leefde constant in bloedarmoede, terwijl sommige renners in de Tour rondfietsen met een hematocriet van 50 (lacht).»

HUMO Nooit jaloers geweest op de reguliere profrenners, die met hun sport fortuinen verdienen?

Herremans «Je kunt het herleiden tot passie. En die had ik: vechten tegen de natuurelementen. Geld interesseerde mij toen nul komma nul-nul-nul. Ik woonde nog thuis en alles wat ik verdiende, werd meteen weer in mijn sport geïnvesteerd. Ik beleefde mijn droom! Triatlon was mijn natuur. Achteraf beschouwd zou ik heel misschien wel een behoorlijke Tourrenner hebben kunnen worden, of een goeie bokser. Maar dat was niet mijn ding.

»Mijn slogan was, en is nog steeds: ‘Niets is onmogelijk. Het zit allemaal in je hoofd’. Het zijn niet de mannen met de grootste mond en de zwaarste spieren die het in het leven het verst brengen, nee, het zijn de mannen die het juiste hoofd erop hebben staan.»

HUMO Toen kwam de Ironman van Hawaï 2002: je werd zesde maar gaf de indruk nog dichter te kunnen eindigen.

Herremans «In Hawaï ontmoet je de échten, de freaks, zij die er alles voor overhebben. Veel van de deelnemers toen waren al tien jaar en meer met hun sport bezig. Mijn weg was helemaal anders: ik kwam van het dak, ik kwam uit de modder. En ik stond er metéén. Bij de start was ik nog Mister Nobody, maar ik eindigde als zesde.»

HUMO Zou je hebben kunnen winnen?

Herremans «Winnen niet, podium wél. Ik was door de trainer gebrainwasht: spaar tijdens het fietsen zo veel mogelijk energie voor het lopen. Ik kwam als elfde van de bike en ben aan een sterke remonte begonnen. Op 3 kilometer van het einde liep ik samen met Lothar Leder, de toenmalige wereldrecordhouder. Zijn begeleider kwam naast hem fietsen: ‘Lothar, you can still win this race: the guys in front of you are dying.’ En Lothar: ‘Sorry, mate, I’m already dead.’ Toen ben ik veel te impulsief gaan versnellen, bijna sprinten, want ik zag de nummers drie en vier voor mij uitlopen. Fout natuurlijk: het licht ging volledig uit. Puur gebrek aan ervaring.»

''Geloof in de kracht van je brein. Niets is onmogelijk.' Herremans werd zesde op de Ironman in Hawaï in 2001. Een paar maanden later raakte hij verlamd.

HUMO Vier maanden later breek je je rug op training. Hoe kon dat gebeuren?

Herremans «Ik had op Lanzarote acht dagen lang gigantisch hard getraind en voelde mij tien keer sterker. Ik was niet 99 maar 100 procent zeker dat ik de volgende editie van de Ironman in Hawaï ging winnen, ik haalde de beste trainingstijden van mijn leven. ’s Ochtends mat ik mijn rustpols: 29 slagen per minuut – buitengewoon. Ik was er klaar voor. Die dag wilde ik wat rusten, maar de anderen haalden mij over om mee te gaan fietsen. We klimmen wat, beginnen dan aan de afdaling. Er komt een auto aan, ik moet uitwijken, verlies de controle over m’n bike. Ik vlieg met m’n voorwiel ergens tegen, ga over de kop en word weggekatapulteerd. Met een smak kom ik neer, pal op mijn rug. Ik heb toen de film van mijn leven gezien, in zwart-wit: ik zag mezelf als kleine jongen op mijn fietsje, bij de Chiro, op school. Alsof ik daar uren had gelegen. Maar in werkelijkheid waren mijn maten meteen bij me. Ik was even weg maar kwam snel weer bij. Meteen had ik begrepen dat ik verlamd was: ik voelde niets meer, lag er raar bij. Ik probeerde mijn been op te heffen maar er gebeurde niets. Ik voelde niet eens pijn. Ik had mijn twee armen en mijn hoofd nog, de rest leek verdwenen.

»Er kwam een ambulance, ik werd naar de kliniek gebracht, waar ik allerlei tests moest ondergaan. Het verdict was duidelijk: complete dwarslaesie van de ruggengraat. Ik was verlamd van tenen tot borst. Met een helikopter vlogen ze mij naar Las Palmas: zelfde diagnose. Er werd een speciaal vliegtuig ingezet om mij naar België te brengen, maar daar konden ze de zaak alleen maar bevestigen. Ze hebben mij negen uur lang geopereerd. Enkele seconden vóór het ongeval was er helemaal niets aan de hand, was ik er nog rotsvast van overtuigd: ‘Dit jaar, zonder enige twijfel, word ik de beste triatleet van de wereld.’ En één uur later ben je een kind dat zichzelf opnieuw moet leren wassen en eten. Een onwaarschijnlijke switch.»

HUMO Wanneer besefte je: ik zal nooit meer kunnen lopen?

Herremans «Nooit. Ik heb nog steeds de hoop niet opgegeven. Misschien wordt er ooit iets gevonden, door de wetenschap. Ik sta nog iedere dag anderhalf uur rechtop, in mijn stapapparaat. En in bad doe ik mentale oefeningen om mijn benen weer aan de praat te krijgen: soms voel ik een tinteling, een prikkel, in elk geval íéts, en dat geeft mij moed. Het is beter te leven met hoop en geloof dan je te laten gaan. Als je het opgeeft, heb je helemaal niets. Maar nu heb ik nog altijd die hoop en dat geloof: zij maken dat ik zonder medicatie leef. Als er ooit een oplossing komt, weten de artsen: ik ben er klaar voor. Echte aanvaarding is er nooit geweest, en zal er ook nooit komen. Aanvaarding is alleen mogelijk als je beseft dat je verdiend hebt wat je is overkomen. Maar ik had dat ongeval niet verdiend! Mijn gebroken rug is onterecht! Ik heb volgens mij altijd geleefd zoals het hoorde. Mijn lot is onrechtvaardig. En ik blijf mij ertegen verzetten, zoals ik mij altijd tegen iedere vorm van onrechtvaardigheid heb verzet.»

HUMO God is onrechtvaardig?

Herremans «Ik ben nooit echt gelovig geweest. Wel geloof ik in het lot. Fatalist? Welja, sommige dingen overkomen je nu eenmaal. Iedereen draagt een rugzak mee: bij sommigen zit die vooral vol met leuke dingen en ervaringen, bij anderen is hij hoofdzakelijk gevuld met nare dingen. Als je dat niet aanvaardt, word je zot. De vraag is: wat doe je met die rugzak vol nare dingen, met je pech? De kunst is: je maakt er een pluspunt van. Ik héb de Ironman van Hawaï gewonnen, met mijn handbike. En ik heb later To Walk Again opgericht, om mensen te helpen die hetzelfde lot als ik hebben ondergaan. Daaruit is een onwaarschijnlijk positieve vibe voortgekomen. Mensen in een rolstoel worden tegenwoordig met andere ogen bekeken, ze revalideren beter, doen meer aan sport, ze worden gezonder, blijven gespaard van medische complicaties, worden beter begeleid. Fantastisch toch! Voor hetzelfde geld zou ik in mijn rolstoel zijn blijven zitten kniezen. Wie had daar baat bij? Ik niet, níémand.

'Je denkt: dit jaar word ik de beste triatleet van de wereld, en één uur later ben je een kind dat zichzelf opnieuw moet leren wassen en eten'

»(Mijmerend) Ik ga wel ’ns voor mensen spreken en dan vertel ik ze altijd over ‘het kaartspel van het leven’. De kunst is niet: met goede kaarten winnen. De kunst is: van slechte kaarten toch nog het beste maken. Ik heb er zelfs een boek over geschreven: ‘De kaarten van je leven’. Ik heb ook geleerd om mijn zegeningen te tellen, count your blessings. Er zijn mensen die véél grotere pech hebben gehad dan ik. Ik ben redelijk pijnvrij, voel mij gezond, heb twee schatten van kinderen, doe nog altijd aan sport. Wat wil een mens nog méér?»

HUMO Vele jaren terug heb ik motorcrosser André Malherbe geïnterviewd, enkele maanden na zijn fatale val in Parijs-Dakar 1988. Hij was verlamd tot aan zijn hals, moest constant beademd worden, kreeg het om het kwartier moeilijk en dreigde dan te stikken.

Herremans «Als je mij met hem vergelijkt, heb je het over enkele centimeters hoogteverschil van de verlamming – en toch is het resultaat een verschil van dag en nacht. Als je zoals Malherbe ook nog ’ns de bovenkant van je longen en je beide armen moet missen…

»Als ik rechtop zit, ben ik niet in staat een ballon op te blazen, maar wel als ik vooroverbuig. Hoesten of me verslikken is mega-ellendig voor mij. Maar ademen is geen enkel probleem. Ik herken nog heel veel van mijn lichaam, ik voel bijvoorbeeld wanneer het tijd wordt om naar het toilet te gaan. Elke dwarslaesie of tetraplegie (verlamming van alle vier de ledematen, red.) verschilt. Ik revalideer nog altijd iedere dag drie uur. ’s Ochtends drink ik wat warm water met limoen, dan ga ik trainen, vervolgens eet ik wat fruit, en zo gaat dat de hele dag door. Eigenlijk ben ik hypergezond (lacht). Iedere dag trek ik met m’n handbike en mijn hond het bos in. In het bos voel ik me altijd gelukkig.»


Kampioen of huisvrouw

HUMO Zal de technologie mensen als jij ooit volledig kunnen helpen?

Herremans «De vraag is niet óf er een oplossing komt, maar wanneer. Men probeert nu om via elektroden informatie over te brengen van boven het letsel naar eronder. Andere onderzoekers werken vooral op het inbrengen van stamcellen. De medische wereld gaat niet met stappen maar met sprongen vooruit. Veertien jaar terug leek ik de fantast die tegen beter weten in bleef geloven in herstel. Maar tegenwoordig is de situatie helemaal anders: verlamden zoals ik sporten, revalideren, letten op hun voeding, denken positief. Ik zeg vaak: eigenlijk heeft iedereen een beperking. Bij de ene zie je het, zoals bij mij; bij de andere zie je het niet, zit het in het hoofd.»

HUMO Als je dat maar weet!

Herremans «Onze enige échte beperking is dat wij met z’n allen begrensd zijn in de tijd, dat wij sterfelijk zijn en ooit doodgaan. Maar de rest zit allemaal in je hersens, in hoe je jezelf en de wereld aanschouwt. Of er nu 70 miljoen op je bankrekening staat of 200 euro: wat maakt het eigenlijk uit? Wereldkampioen of huisvrouw: what’s the big deal? Aan het einde van de rit worden wij allemaal weer gelijk.»

HUMO Betekent seks nog iets voor jou? Of is dat helemaal afgelopen?

Herremans «Ach, er zijn hulpmiddelen en technieken en houdingen zat (lacht). De ervaring van het genot is wel veranderd. Alles situeert zich nu in mijn hersens. Een macho neemt het genot tot zich, consumeert het, terwijl ik geleerd heb genot te géven. En daar geniet ik minstens even intens van.»

HUMO Krijg je nog een erectie?

Herremans «Ja. Maar net op de verkeerde momenten (hilariteit). Het heeft met bloeddruk te maken. (Nadenkend) Ik zeg weleens tot mezelf: ‘Eigenlijk is er met jou niets aan de hand.’ Wat míj gelukkig maakt is: mijn twee dochtertjes zien rondlopen, of mijn partner blij maken. Of met mijn hond het bos intrekken. Of hier in het centrum lotgenoten helpen. Ik heb heel weinig materiële behoeften. Kijk, deze hoody hier, draag ik al tien jaar. Hij zit vol gaten maar ik doe hem niet weg omdat ik mij er goed in voel. Mijn handbike is met tape aan elkaar geplakt (lacht).»

HUMO Toen je je ongeval kreeg, was je nog met Martine, nu met Griet. Is die eerste relatie stukgelopen op wat je is overkomen?

Herremans «Misschien indirect: vóór het ongeval was ik een gedreven iemand, maar erna werd dat met tien vermenigvuldigd. Ik was nooit thuis, altijd bezig met nieuwe projecten, met Hawaï, met het doorgeven van mijn visie binnen To Walk Again. De relatie kwam op de 17de plaats. Daarop is het, denk ik, stukgelopen. Met Griet was het anders, het klikte meteen.»

'Als iemand mij ziet als een arme stumperd in een rolstoel, is dat zíjn probleem. In zo iemand ga ik geen seconde energie stoppen.'

HUMO Hoe heb je Griet leren kennen?

Herremans «Wij waren allebei dronken (lacht). En nee, ik was niet bij haar in behandeling: ik ben nog nooit naar een psycholoog getrokken, ik ben er zélf één (lacht). Ik organiseerde een wedstrijd voor het goede doel, hier in Wuustwezel, en nadien bracht Griet mij naar huis. Voor wij het wisten zat het spel op de wagen (lacht). Zij is nu de moeder van onze twee dochtertjes – het licht van mijn ogen.»

HUMO Was het voor Griet geen probleem om zwanger te raken?

Herremans «Wij hebben het eerst op de natuurlijke manier geprobeerd, wat niet lukte. Later hebben wij, zoals duizend-en-één valide koppels, kunstmatige inseminatie geprobeerd. Ook weer tevergeefs. Uiteindelijk is ivf (in-vitrofertilisatie, red.) wél gelukt.

»(Mijmerend) Mensen vragen mij weleens: wie is jouw grote voorbeeld? Ze verwachten dan een antwoord als Christopher Reeve of Rambo of Rocky. Maar het juiste antwoord is: mijn moeder. Zij heeft al zo veel miserie meegemaakt: veel mensen zijn haar ontvallen toen ze nog erg jong was, ze heeft een zoon die verlamd is, en toch trekt ze nog altijd met een brede smile door het leven. Haar kleinkinderen maken haar gelukkig. Zo simpel kan het leven zijn. Ik ben 80 procent van mijn lichaam kwijt, maar ik hou zo veel over: vrienden, familie, Griet, mijn dochtertjes, mijn stichting. Mijn leven is mooi.»

HUMO Na je ongeval ben je triatlons blijven doen, met je handbike. Was dat dezelfde uitdaging?

Herremans «De uitdaging was groter! In 2003 – het jaar na mijn ongeval – werd ik in Hawaï derde, in 2004 opnieuw derde, in 2005 werd ik, na een episch gevecht, tweede, en in 2006 won ik. Eindelijk! Ik had mijn droom gerealiseerd. Ik was de Ironman die ik altijd al had moeten zijn.

»Wat de meeste mensen niet weten: in de Paralympics heb je verschillende categorieën: verlamd van borst tot tenen, tien centimeter eronder, tien centimeter erboven, enzovoort. Dat is volkomen terecht: een man met twee geamputeerde onderbenen is enorm in het voordeel tegenover iemand met een dwarslaesie vanaf de borst. Het is vechten met ongelijke wapens: iemand met een onderbeenamputatie kan de stompen van zijn bovenbenen nog gebruiken bij het zwemmen, hij heeft z’n middenrif nog, z’n buikspieren – dat is een wereld van verschil. Maar bij de Ironman van Hawaï wordt dat verschil niet gemaakt, er is slechts één handbike division, alle beperkingen door elkaar dus.

»Hawaï is een heen-en-terugparcours: je ziet, opkomend in je handbike, de lopenden al op de terugweg. Dat is een zware dobber: de meeste van die jongens heb ik gekénd, ik heb met ze om het podium gestreden. Ik dacht: ‘Die heren maken hier straks uit wie gaat winnen. En eigenlijk hoorde ík dat te zijn.’ Tweede frustratie is het besef dat je vecht tegen mensen die meer mogelijkheden dan jij hebben. Derde frustratie: jij denkt ooit nog te zullen lopen, maar vele anderen hebben zich bij hun beperking neergelegd en hebben alles, letterlijk álles over voor een gouden medaille. Ze laten pompen steken, nemen alle denkbare medicatie, het maakt hun niet meer uit, zij willen wínnen. Daar valt niets tegen te beginnen: die lui komen aandragen met een medisch dossier van hier tot ginder.»

HUMO Je alludeert nu op doping?

Herremans «Precies. Er is geen controle. Onlangs zag ik er nog een documentaire over: blijkbaar is doping ook bij mensen met een beperking een probleem.»


Vel over ribben

HUMO In de Crocodile Trophy in Australië ben je zélf over de schreef gegaan, niet door doping maar door je overdreven wilskracht: je hebt er jezelf compleet aan flarden gereden.

Herremans «Dat klopt. De Crocodile is een mountainbikewedstrijd over 1.400 kilometer, in tien dagen tijd, in de outback van Australië. Ik heb die race, als eerste en tot nog toe enige rolstoelatleet, met mijn handbike uitgereden. Nu moet je weten: bij een dwarslaesie zoals de mijne is hygiëne van levensbelang, letterlijk. Maar tijdens de Crocodile kon ik mij niet behoorlijk verzorgen: je slaapt in een tent, je ziet tien uur per dag af als de beesten, je zweet als een rund. Gelukkig had ik wat begeleiding, drie vrienden waarvan twee op een mountainbike en één in een jeep. Maar je weet hoe dat gaat: je arriveert een kot in de nacht, in het pikkedonker, je moet je in de rivier wassen – absurd.

»Weinigen geloofden dat het me zou lukken. Ik heb er geleerd dat mijn wilskracht veel te sterk is voor mijn lichaam. Ik zou mezelf kunnen doodsporten. Ik eindigde totaal uitgeput. Wij zouden na de aankomst nog enkele dagen vakantie nemen, maar ik viel voortdurend flauw. De terugvlucht bracht ons eerst in Singapore. Ik heb toen ernstig getwijfeld: of ik neem de vlucht naar Londen en ga onderweg dood, of ik laat mij van het vliegtuig halen en naar een hospitaal brengen. Ik heb de gok gewaagd en heb Londen gehaald. Een halfjaar zat die Crocodile mij onder de leden, ik was ondervoed, bleef flauwvallen, was vel over ribben. Ik was duidelijk over mijn limieten gegaan en ben daar eigenlijk nooit meer echt van hersteld. Voordien was ik nergens bang voor, ook niet na het ongeval. Maar na de Crocodile werd ik bang voor de dood, kreeg angststoornissen. Het was een supermooie ervaring, onwaarschijnlijk hard, maar ook compleet onverantwoord.»

HUMO Wat hebben je ongeval en je ervaringen je uiteindelijk geleerd?

Herremans «Ik ben tegenwoordig gelukkiger dan ooit, ik ben in de fleur van mijn leven, het is hoogzomer (lacht). De Ironman van Hawaï winnen, meedoen aan de Crocodile, en papa worden: dat stond allemaal op mijn bucketlist. Bij de geboorte van mijn dochters heb ik niets anders gedaan dan huilen, van geluk. Ik verdeel de huishoudelijke taken met Griet, ben zo’n beetje huisman nu, zorg zo veel mogelijk voor de meisjes, terwijl Griet lange dagen klopt als psychologe. Ik stop de kids in bed of in bad, maak eten voor ze. Wereldwijd geef ik lezingen. Ik leid To Walk Again mee, heb een eigen triatlonteam, een eigen BMX-team, ben ploegleider van een cyclocrossteam. Binnenkort openen wij met To Walk Again een postrevalidatiecentrum in Herentals. Ik sport, ik schrijf boeken, ik bezoek lotgenoten: mijn agenda is een puinhoop. Kortom: ik geniet met volle teugen van het leven.

»Het leven heeft mij vooral dit geleerd: je krijgt niks voor niks, je moet het zélf doen. Les twee: stop geen energie in dingen die je niet kunt controleren. Mensen maken zich zorgen over ‘wat Trump en Poetin ons nog allemaal gaan aandoen’. Wel, ik lig er geen seconde van wakker: ik kan er toch niets aan doen. Only control the controllable.

»Les drie: stoor je niet aan wat mensen over je denken, maar geloof rustig en vastberaden in jezelf. Als iemand mij ziet als een arme stumperd in een rolstoel, is dat zíjn probleem. In zo iemand ga ik geen seconde energie stoppen.

»En ten slotte, het hangt hier aan de muur: ‘Life’s limitations are the ones we make ourselves’. Geloof in de kracht van je brein. Niets is onmogelijk. Je kunt omdat je móét.»

HUMO Pure Immanuel Kant! Ik doe mee!

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234