Het lieve leven en hoe het te lijden: Rik Torfs

Indertijd deden wij de regering-Vanden Boeynants vallen (weet je het nog, Paul Goossens?) en lieten we rector Piet De Somer spitsroeden lopen. Vandaag ontvangt rector Rik Torfs mij als ware ik zijn beste vriend.

Rik Torfs «Dit heb ik uit de reserves van de universitaire collectie opgediept: een Laatste Avondmaal van de hand van een oude meester. Kijk ’ns goed: Christus zit in het midden, maar in werkelijkheid gaat het om Don Juan. Hier, in de rol van apostel Johannes, figureert Willem van Oranje. En daar, die man met z’n wrede, heerszuchtige trekken, in hem herken je ongetwijfeld…»

HUMO …de voormalige rector André Oosterlinck, uw voorganger!

Rik Torfs (vermanend) «Nee, hoor. Het gaat om Alva, de IJzeren Hertog, van 1567 tot 1573 landvoogd van de Nederlanden en oprichter van de Bloedraad. Al die koppen, verzameld rond Christus, verwijzen naar beroemdheden uit die tijd. Alsof je nu Bart De Wever en Johan Vande Lanotte aan beide zijden van Jean-Pierre Van Rossem zou plaatsen. Dit schilderij werd eind zestiende eeuw besteld door het Pauscollege. Je moet het lef maar hebben, hè. Wij gaan er altijd van uit dat de mensen vroeger bang en onnozel en zonder humor waren, en dat wíj de mannen met lef zijn. Dat klopt absoluut niet. Lef en durf, opstand en contestatie, spot en cynisme zijn van alle tijden. Is dat geen mooie les om mee te starten?»

HUMO Zonder twijfel. Maar laten we toch beginnen bij het begin: uw roots. Uit vroegere interviews meen ik me te herinneren dat uw grootvader chirurg was en uw vader vrederechter. Een zeer eerbiedwaardige afkomst, me dunkt.

Torfs «Mijn grootvader reisde als arts langs de kabinetten van de plattelandsdokters en deed er chirurgische ingrepen. Hij studeerde aan de KU Leuven, maar verhuisde later naar de ULB. Ze vroegen hem als prof, op voorwaarde dat hij bij de loge zou gaan. Daar heeft hij feestelijk voor bedankt. Hij was een vrijgevochten persoon; mijn oudere zus en ik hebben altijd enorm naar hem opgekeken. Mijn vader was vrederechter, mijn moeder had Germaanse gestudeerd. Zij kon erg scherp zijn, vooral met de pen. Ik herinner me zeer geanimeerde discussies aan tafel, thuis: over kunst, politiek, het leven. Mijn ouders zorgden voor een kritische, onderzoekende geest. Daar ben ik ze nog altijd zeer dankbaar voor. Op school was ik eerder bedeesd: een stille, wat dromerige jongen. Ik ben pas later opengebloeid. Eerst ben ik rechten gaan studeren, vervolgens één jaar notariaat, en ondertussen kerkelijk recht.»

HUMO Welke jonge gast gaat in jezusnaam kerkelijk recht volgen?

Torfs «Wel, je zegt dat juist: ‘in jezusnaam’ (lacht). Het was pure belangstelling, net zoals sommige van mijn vrienden voor iets als thomistische wijsbegeerte kozen. Ik wilde weleens weten wat er achter het katholicisme, achter het geloof zoals wij dat nu kennen, allemaal schuilgaat. Ik wilde weten welke krachten in de kerk aan het werk waren. Ik ben erin gerold, gedreven door mijn nieuwsgierigheid en mijn kritische geest. Mijn voorganger in kerkelijk recht was monseigneur Onclin, een geestelijke die ‘voorbestemd was voor Rome’, maar daar op eigen houtje van afzag ‘omdat hij anders zijn wijnkelder in Heverlee diende achter te laten’ (lacht).»

HUMO De laatste keer dat wij elkaar spraken, dateert van 2003. U zat toen in een zeer donker straatje: de toenmalige rector Oosterlinck lustte u rauw en dreigde ermee, op instigatie van kardinaal Danneels, de faculteit kerkelijk recht te sluiten en te laten opgaan in die van theologie. U riskeerde uw leerstoel kwijt te spelen en een consilium abeundi te krijgen, de raad om te vertrekken.

Torfs (zucht) «Je hebt mij toen in één van de donkerste periodes in mijn leven getroffen. En ja, ik heb toen voor mijn overleven moeten vechten. Maar dat alles behoort tot de geschiedenis. Vandaag zijn de meeste van die conflicten bijgelegd.»

HUMO U gaat mij toch niet vertellen dat u het met Danneels hebt bijgelegd? Op het aartsbisschoppelijk paleis was u persona non grata. En zelf noemde u hem ‘joviaal en schijnbaar openhartig in de media, maar privé koppig en stug’.

Torfs «Nogmaals: dat is het verleden. Er is ondertussen zo veel gebeurd, denk maar aan de pedofilieschandalen, aan de affaire-Vangheluwe, de Operatie Kelk en ga zo maar door. Danneels heeft daar zwaar onder geleden en heeft er ongetwijfeld lessen uit getrokken. Vorig jaar kwam ik hem toevallig tegen op de luchthaven van Rome. We zijn bij elkaar gaan zitten en hebben lang gepraat. Daar hebben we het bijgelegd.

»Bij mijn conflict met Danneels speelde zeker mee dat ik kerkkritisch was. In bepaalde katholieke kringen werd ik als een vijand beschouwd, terwijl achteraf toch is gebleken dat ik altijd trouw aan de kerk ben gebleven. Kritisch, maar: loyaal. Na de pedofilieschandalen ben ik niet luidkeels gaan roepen: ‘Zie je wel!’ Ik heb dat doelbewust níét gedaan.»

HUMO Dat was toen ook míjn verwachting: nu laat Torfs alle duivels los.

Torfs «Die gedachte leefde: ‘Nu neemt hij zijn revanche.’ Quod non. Ik heb de schandalen wel veroordeeld, maar ik heb niet gezegd dat het nu afgelopen was met de hele kerk. Dat zijn twee verschillende zaken. Maar om terug te komen op de grote les, ik vind: op de cruciale momenten van je leven mag je je mening niet inslikken. Als jonge docent pleitte ik voor een beter statuut van de leek, of voor mensenrechten in de kerk, of voor priesterwijding van de vrouw. Rome spuwde vuur en vlam. Wel, die problemen zijn vandaag stuk voor stuk bespreekbaar geworden. In mijn thesis kerkelijk recht, in 1981, had ik het over vrouw en wijding, toen al, vanuit de mensenrechten. Ik wist vooraf dat ik daarmee geen eclatant succes in Rome of Mechelen zou oogsten. En toch deed ik het. Het is door dat soort standpunten dat je als jonge docent je geloofwaardigheid opbouwt. Je moet de moed hebben vanuit een minoritair standpunt je ideeën te verdedigen. Zeker als je er echt in gelooft. Want de kans is groot dat die minoritaire standpunten mettertijd majoritair worden.»

HUMO Resumerend: durf slag te leveren?

Torfs «Absoluut. Ik herinner mij bepaalde conflicten met Danneels, ten tijde van het boek van priester Rik Devillé, ‘De laatste dictatuur’. Toen dat uitkwam, veroorzaakte het een storm. Ik lig weinig wakker in mijn bed, maar toen had ik wél een slapeloze nacht: ‘Nu móét ik kleur bekennen, want Devillé heeft simpelweg gelijk.’ Ik zat midden in een gewetenscrisis. Waarom mij met die dingen moeien? Ik kon als docent mijn hoofd in het zand stoppen en conflict- en rimpelloos voortleven. Heb ik toen ernstig overwogen. Maar die nacht heb ik besloten door te bijten en, tegen mijn eigen belang in, positie te kiezen – pro Devillé, dus. Daar ben ik achteraf enorm blij om geweest. Op termijn win je er alleen maar respect mee. Je moet je eigen koers varen en je niet altijd in de slipstream van de machthebbers nestelen. Dat geloof ik écht. (Mijmerend) In het leven moet je niet halsstarrig zijn. Je moet elkaar kunnen vergeven. Ik van mijn kant heb in mijn wilde jaren ongetwijfeld nogal onbesuisde uitspraken over Danneels en de kerk gedaan. Kortom: zand erover.»

HUMO En André Oosterlinck? Die wilde u buiten – dat wist iedereen bij de KU Leuven. Hebt u ook die strijdbijl begraven?

Torfs «We werken nu zelfs samen. Echt verzoend, zoals met Danneels, hebben wij ons niet – we hebben het nooit helemaal uitgepraat. Maar op een bepaald moment gaan beide partijen beseffen dat er maar één oplossing is: het verleden vergeten en je gedragen als consenting adults

HUMO Zit hier niet een reusachtige levensles in?

Torfs (knikt) «In het leven moet je durven te vechten. Maar je moet ook vrede durven te sluiten. Kijk, André Oosterlinck was toen rector. Hij hanteerde daarbij een bepaalde stijl die, laten we zeggen, nogal geprononceerd was. Zeer businessgeoriënteerd, wat hem toeliet belangrijke zaken te realiseren. Zo heeft hij kunnen verhinderen dat Vlaanderen op het vlak van de universiteiten en hogescholen helemaal verkaveld en versnipperd werd. Dat vind ik nog altijd een grote verdienste: verkaveling leidt vooral tot nog meer provincialisme. Hij heeft ook performant wetenschappelijk onderzoek gestimuleerd.»

HUMO Kortom: Oosterlinck is van uw grootste vijand uw beste vriend geworden?

Torfs «Ik kwam op voor de andere kant, de intellectueel-maatschappelijke kant, zeg maar. Dat is ook een facet van de universiteit. Akkoord, we hadden in die jaren geen geweldig contact. En we moeten er niet flauw over doen: ten tijde van de rectorverkiezingen van 2005 heeft Oosterlinck geen campagne voor mij gevoerd, maar voor andere kandidaten, op zijn manier. So be it. Nogmaals: ik ben niet haatdragend. Oosterlinck en ik weten vandaag wat we aan elkaar hebben. Op dit moment is hij associatievoorzitter en ik rector – wij moeten wel samenwerken. De functies zijn duidelijk afgebakend, de verantwoordelijkheden ook. We werken naarstig voort en we evolueren.»

HUMO Uw kandidatuur in 2005 was tegelijk een tactische zet: door op te komen werd u untouchable. Oosterlinck kon u niet meer kaltstellen.

Torfs «Op voorwaarde dat ik bij de stemming behoorlijk scoorde, natuurlijk. Had ik toen 10 procent gehaald, dan had ik zeker een probleem gehad (lacht). Maar zelfbehoud was niet mijn eerste reden. Ik wilde toen, echt waar, rector worden. (Denkt na) Achteraf beschouwd was het veel beter dat ik toen niet verkozen werd, en nu dus wél.»

HUMO Wat zijn de levenslessen die u uit dat hele verhaal trekt?

Torfs «Dat je vooral de strijd moet durven aan te gaan wanneer het nodig is. Vind ik zeer belangrijk. Ik weet, het is lastig en het vreet energie.»

HUMO Opmerkelijk: bij de rectorverkiezingen van 2005 waren het vooral de studenten die u niet steunden. In 2013 had u hun steun wél. In 2005 gold bij de studenten het adagium: ‘Torfs is een mediageile polichinel zonder eigen gezicht.’ Had u toen fouten gemaakt? Zat de perceptie verkeerd?

Torfs «Als je het puur factisch bekijkt, was ik in 2005 minder mediatiek dan in de jaren erna. 2005, dat was nog vóór mijn deelname aan ‘De slimste mens’, nog vóór mijn eigen tv-programma ‘Nooitgedacht’. Eigenlijk moest ik nog doorbreken (lacht). Wat wél leefde, was het idee dat ik één van de eerste professoren was die ook in de wat luchtiger tv-programma’s durfde op te treden. Dat werd in 2005 nog beschouwd als not done. Tegenwoordig kan het wél. Meerdere profs verschijnen nu op tv, van Eva Brems over Carl Devos tot Jean Paul Van Bendegem. Wellicht had ik in 2005 de perceptie niet mee. En, eerlijk is eerlijk, André Oosterlinck heeft er toen zeker zijn steentje toe bijgedragen om mijn zogenaamde mediageilheid stevig in de verf te zetten. Oosterlinck had, goed strateeg als hij altijd is geweest, heel wat invloed op de studenten. Toen ik mij verkiesbaar stelde, had ik meteen het gevoel: bij hen haal ik het niet.»

HUMO Wat was dat toch met die studenten in 2005? Ze kozen voor de saaie theoloog Marc Vervenne, gespecialiseerd in het Oude Testament. En de populaire Rik Torfs, de meer studentikoze van de twee, werd argwanend bekeken.

Torfs «Ik probeer mij even in de geest van de studenten anno 2005 te verplaatsen: ze hadden tot dan te maken met een rector die geregeld met hen kwam praten en een daadkrachtige indruk maakte. En plotseling verschijnt een nieuwe figuur – uw dienaar – die wat mediabekendheid geniet. ‘Torfs heeft geen bestuurservaring,’ werd gezegd. Wie betrouwbaarheid, traditie en een zekere graad van degelijkheid wenst, kiest niet voor het avontuur. In de politiek zie je dat ook: het avontuur schrikt af.»

HUMO Studenten die het avontuur afzweren? Wat moet daar later van geworden?

Torfs (schiet in de lach) «Jij komt natuurlijk uit een generatie waarvan de studenten op zijn wildst waren – mei ’68. In mijn tijd was die wildheid al wat verdwenen. En in 2005 was ze helemaal weg. Avontuur diende te worden vermeden, dat was toen het adagium. In 2013 hadden wij opnieuw zeer inhoudelijke discussies.»

HUMO Uiteindelijk bleek uw politieke carrière een betere kruiwagen naar het rectorschap dan ‘De slimste mens’?

Torfs «Ik denk het wel. In 2009 diende rector Vervenne te worden vervangen en waren er onverwacht weer verkiezingen. Ik kwam toen net uit een seizoen van ‘De slimste mens’. En ik dacht, ik wist, ik voelde: met die tv-erfenis kan ik mij nu onmogelijk kandidaat stellen. In ‘De slimste mens’ had ik net met een meisje in bikini op mijn schoot gezeten – een foto waarmee de studenten mij tot op de dag van vandaag plagen. Een goeie raad, een levensles zelfs: neem nooit een leuke meid in bikini op je schoot, want men zal dat tegen jou gebruiken (lacht).»

HUMO Wat is er eigenlijk verkeerd aan een leuke meid in bikini?

Torfs «Ik had er geen enkel probleem mee, hoor. Het heeft maar drie seconden geduurd, veel plezier heb ik er dus niet aan gehad – en zij wellicht ook niet. Het was voor het publiek én voor mij een verrassing. Maar binnen de perceptie van een universiteit lag het… enigszins moeilijk.»


Robin Hood

HUMO Laten we het even over uw politieke carrière hebben: van 2010 tot 2013 was u senator voor CD&V. Maar dat draaide op een teleurstelling uit.

Torfs «Dat geef ik ruiterlijk toe. En was het fout om het te doen? Uit je fouten leer je, nietwaar. Mijn politieke esbattementen komen mij nu, als rector, enorm van pas. In die drie jaar – niet echt superlang, maar wel lang genoeg – leer je toch wel een deel van de knepen van het vak. Mijn grootste frustratie was dat de politieke molen vreselijk traag maalt en dat je als simpel parlementslid dat niet tot de echte cenakels van de macht behoort, bijzonder weinig kunt verwezenlijken.

»Ik had al eerder, in 2003, met de minder fraaie kanten van de macht te maken gehad, maar pas als senator begon ik de mechanismen en achterkamertjes ervan te ontdekken. Je leert de particratie kennen: drie, vier mensen die binnen de partij alles bepalen en de postjes verdelen. Ik betreur dat mechanisme enorm – op termijn kan dat systeem onmogelijk overleven. Ik heb aan die boom proberen te schudden, maar tevergeefs.»

HUMO Je zou denken: een slimste mens als Rik Torfs werkt zich vast wél in die cenakels binnen. Precies omdat er zo weinig valabele krachten beschikbaar zijn.

Torfs «Dat lukte niet. Misschien ben ik helemaal niet zo slim (lacht). Misschien overschat jij me wel. Mijn zwaarste fout is geweest dat ik mij van het begin af al te kritisch heb opgesteld. En als the powers that be aan één ding een hekel hebben, is het kritiek binnen de partij. Ik ben nooit een man geweest die achter de schermen opereerde. Ik maakte mijn punt altijd open en bloot, los van allianties of machtsstructuren. Altijd onafhankelijk, beetje Robin Hood zelfs. (Denkt na) Zo’n Koen Geens, bijvoorbeeld, is indertijd bij CD&V binnengehaald zonder door het volk te zijn verkozen. Werd meteen minister. No problem, hoor. Maar hij had wel al decennialang een verleden met de partij, met bepaalde structuren en personen. Netwerken is niet mijn sterkste kant, nooit geweest. Als je dan onder vuur komt te liggen, neemt niemand het voor je op.»

HUMO En krijg je vaak nog een trap na.

Torfs «Ik kwam bij CD&V binnen met 144.000 stemmen. Als je politiek naïef bent, denk je snel: ‘Ik heb een massa mensen achter mij. Ik betéken iets.’ Maar binnen de partij dachten ze: ‘Die Torfs haalt veel te veel stemmen. Die wordt straks een concurrent. Laten we hem, vooraleer we hem moeten buitenzetten, beter niet binnenlaten.’ Zo werkt de politiek.»

HUMO Ik citeer even mevrouw Els Schelfhout: ‘Torfs is zot van eigenwaan, verdient een schop onder zijn zelfgenoegzame kont, kan niet anders dan woorden braken.’ Dat kwam niet van de oppositie, maar uit de mond van een collega-senator en lid van uw eigen partij. En, opmerkelijk, niemand van de partijtop nam het voor u op. Niemand snoerde haar de mond. Zij mocht het nekschot toedienen.

Torfs (heeft de vraag grinnikend aangehoord) «Voor het nekschot heb je een sluipschutter nodig, nietwaar. De woorden die je zonet citeert, missen toch wel enig raffinement. Zo ga je niet met elkaar om, dacht ik. Alhoewel ik de scherpzinnigheid van de analyse alleen maar kan toejuichen.»

HUMO Het nekschot wordt doorgaans niet door een sluipschutter gegeven, maar door de beul met dienst.

Torfs «Wat wil je dat ik daarop zeg? Onbenulligen moet je niet bestrijden, die bestrijden zichzelf.»

HUMO Maar de top greep niet in. En dat zijn géén onbenulligen.

Torfs «Ik had zelf wel begrepen dat het beter was dat ik iets anders ging doen. In alle rust. Ik heb er geen problemen mee en ik voel ook geen rancune.»

HUMO Wat is de levensles uit uw politieke episode?

Torfs «Voor mij was dé les dat ik een diepere kennis van de particratie heb opgedaan. Een particratie die haaks blijkt te staan op een gezonde ontwikkeling van de democratie en er eigenlijk een bedreiging voor is. De politieke partijen hebben hoge nood aan een levende, participerende democratie.

»Een tweede les: het heeft geen zin om donquichot te spelen. Als je tot het besef komt dat een situatie geen bevredigende oplossing krijgt, is het beter je terug te trekken en voor iets anders te kiezen. Beter opstappen dan te verbitteren en te verzuren in een systeem dat je, misschien door eigen tekortkomingen, niet kunt veranderen. Ik had het gevoel: als ik in de politiek blijf, zal ik stilaan wegdeemsteren in een systeem waarin ik zelf niet meer geloof.»

HUMO Mag ik even uzelf citeren: ‘Ik wil iets zinvols doen met mijn leven, iets waarin ik geloof. Want zonder visie, zonder droom is het allemaal niet de moeite waard.’

Torfs «En dat meen ik nog altijd. Je mag je leven niet vergooien: je hebt er maar één. Je leven vergooien, dat is voor mij: kiezen voor een comfort waarbij je je waardigheid niet langer behoudt. No way. Dat is de échte reden waarom ik met de politiek ben gestopt.»

HUMO Doet u vaak aan zelfanalyse?

Torfs «Dat probeer ik toch, ja. Anders is het niet meer plezant. Het leven, bedoel ik.»

HUMO En? Wat is het resultaat van die analyse?

Torfs «Dat ik veel zwakke of slechte kanten heb (lacht). Of anarchistische kanten. (Kijkt mij dwingend aan) Ik mis de nederigheid om in de pas te lopen. Zo diep kan ik niet buigen. Erg, hè. Maar het is wel de waarheid. Kontlikken, andermans schoenen poetsen: ik kan het niet. Mij adapteren aan een systeem: noppes. Je kunt in het leven lichte compromissen maken, akkoord. Maar grote, zware, ingrijpende compromissen? Dan pas ik.»

HUMO Geen grote compromissen kunnen sluiten wijst mogelijk op een zekere hoogmoed.

Torfs «Absoluut. Het is niet iets waar ik trots op ben. Noem het voor mijn part: een gebrek aan flexibiliteit. Waarlijk grote geesten die het in de maatschappij zeer ver brengen, tot aan de top, kunnen dat waarschijnlijk wél: een gebrek aan nederigheid overwinnen om hun doel te bereiken. En zodra dat doel bereikt is, echt onafhankelijk blijven denken. Daarvoor ben ik niet geschikt.»

HUMO Bekruipt je nooit het gevoel dat het leven zinloos is en dat wij met z’n allen maar wat aanmodderen?

Torfs «Het tweede is juist, maar het eerste niet, vind ik. We modderen inderdaad maar wat aan. En we zijn inderdaad toevallige passanten die voor het grootste deel voortdobberen op de oceaan van het toeval. En we zullen meteen na onze dood al vergeten zijn, tenzij wij ons vakkundig tot seriemoordenaar weten te ontpoppen. Hitler wordt niet vergeten, bijvoorbeeld. Maar het leven kan wél zin hebben, niet in wat wij zijn en betekenen, maar in de intensiteit van onze blik en van onze daden. Je kunt zeer intense momenten in je leven meemaken: in toenadering tot mensen, bijvoorbeeld, met wie je, misschien tijdelijk, tot een grote verbondenheid komt. Je kunt intens worden meegesleept door de schoonheid van een landschap of een kunstwerk. Je kunt verbanden proberen te zien die door de geschiedenis heen lopen – wat ik heb gedaan bij mijn studie kerkelijk recht. Het is fascinerend én zingevend om te ontdekken hoe wij vandaag over pakweg de ouderdom denken, hoe we dat honderd jaar terug deden, en hoe men er in de tijd van Horatius of Cicero over dacht. Dat zijn wat ik graag noem: sporen van zin. Heeft te maken, althans volgens mij, met transcendentie. In alles, in ieder voorwerp, zit de potentie van het overstijgen van dat voorwerp. Vandaar dat ik geen sciëntistische figuur ben: de wetenschap kan niet alles oplossen, en zeker niet de grote filosofische problemen.

»(plooit een blad papier in tweeën en houdt het voor mijn ogen) De manier waarop dit papier is geplooid, daar kun je enorm over reflecteren. Je kunt het een soort glans en intensiteit geven. En toch gaat het om niet meer dan een simpel object, waaraan je 90 procent van je tijd nauwelijks aandacht schenkt. Dat zijn wél sporen van zin. Wat niet betekent dat je er voortdurend naar moet grijpen. En dat die sporen je niet zullen verlossen van het besef dat je maar wat aanmoddert? (haalt de schouders op) Crazy zijn de mensen die in de geschiedenisboeken willen komen – alleen al omdat niemand nog geschiedenisboeken leest. Laat dat duidelijk zijn: de zin ligt niet in wat wij presteren. Wel, zoals gezegd, in de intensiteit. En dat is dan weer een voorafspiegeling van iets wat ons overstijgt.»

HUMO God?

Torfs «Noem het zoals je wil.»

HUMO In ons vorige interview vertrouwde u mij toe dat u voor ‘een destabiliserende en provocerende religie’ bent. En: ‘In wezen ben ik subversief.’

Torfs «Denken en voelen dat níét subversief is, blijkt niets anders dan epigonisme. Herhalen wat anderen voor jou al hebben gedacht en gevoeld, dat kan iedereen. In die zin biedt het geloof zeker niet in de eerste plaats de rust en de zekerheid die er doorgaans aan wordt verbonden. Voor mij betekent geloof: het continu dieper graven in en ter discussie stellen van dat geloof. De Umwertung aller Werte.»

HUMO Komt wel van Nietzsche, die God dood heeft verklaard.

Torfs «Af en toe had zelfs Nietzsche zijn betere momenten (lacht). Dat omgooien van alle waarden vind ik terug in de teksten van het evangelie. De paradox wordt in het evangelie op een narratieve manier weer opgedolven – wat de meeste mensen niet meer willen of kunnen zien. Die mensen zijn misleid in hun interpretatie van geloof en christendom. In werkelijkheid druipt de subversiviteit van het evangelie af – zeker in de persoon van Jezus Christus. Je kunt toch niet ontkennen dat Christus de kernfiguur van onze westerse beschaving is? En tegelijk was Christus ‘een niet bijster succesvol burger’.»

HUMO Om niet te zeggen: een loser.

Torfs «Precies. Iemand die zijn leven aan het kruis eindigt, kun je moeilijk een winnaarstype noemen. Dat is toch fantastisch!»

HUMO Veel studenten van uw dierbare KU Leuven lezen Humo. Wat wilt u hen als ultieme levensles meegeven?

Torfs «Ik zou zeggen: luister vooral niet naar goede raad. Je moet de kans krijgen je eigen vergissingen te begaan. Los daarvan ben ik altijd van oordeel geweest dat je mild moet zijn voor je medemens. Maar tegelijk moet je je ideeën consequent blijven verdedigen. En twee, iets wat ik altijd zelf heb gevolgd: wees hard tegenover de mensen die boven jou staan. En niet andersom. Tegenover je superieuren kun je je niet sterk genoeg opstellen. Conclusie: je moet proberen zo hoog mogelijk te klimmen, tot aan de top, waar je zelf geen meerderen meer hebt. Daar kun je dan pontificaal mild zijn voor iederéén (lacht).»

HUMO Dan is er nog altijd één boven jou: Hij die alles geschapen heeft.

Torfs «Dat klopt. Maar Hij kan gelukkig veel verdragen.»

HUMO Lof zij de Heer! En bedankt.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234