Het nieuwe Formule 1-seizoen: Stoffel Vandoorne beantwoordt de vraag van 1 miljoen

Zondag gaat in Australië het nieuwe Formule 1-seizoen van start en de West-Vlaamse piloot Stoffel Vandoorne (25) is ondanks een teleurstellend debuut vorig jaar nog altijd razend ambitieus. ‘De F1 is als een klein circus dat de wereld rondtrekt. Dan maak je beter geen vijanden: je komt iedereen toch weer tegen.’

'Als alle details kloppen, kan ik zeker wereldkampioen worden'

Zijn hele racende leven was Vandoorne het winnen gewoon. Tot hij in 2017 de overstap naar de F1 maakte en plots niet langer voor de prijzen reed, maar al blij was als hij de finish haalde, en dan liefst niet als laatste. Dat was – zacht uitgedrukt – aanpassen. Nu is er hoop op beterschap: zijn team McLaren zette de samenwerking met Honda stop en installeerde een Renault-motor in zijn wagen.

Stoffel Vandoorne «Tot mijn overstap naar de F1 wist ik ieder weekend bijna zeker dat ik voor de overwinning zou strijden. Vorig seizoen was helemaal anders: we kampten lang met technische problemen. De auto haalde niet het niveau van de andere teams. We beseften al vroeg dat het bijzonder moeilijk zou zijn om in de punten te rijden. Daar had ik het moeilijk mee. De keerzijde was dat het me ook sterker maakte: ik leerde omgaan met problemen die ik nooit eerder had gekend.»

HUMO Je maakte vorig jaar je debuut zonder grote ambities. En nu?

Vandoorne «Nu heb ik die ook niet. Daar is de F1 te complex voor. Uiteraard weten we dat Mercedes, Ferrari en Red Bull ook nu weer onder elkaar zullen uitmaken wie de sterkste is. Maar vlak achter hen is het moeilijk te voorspellen. Dat we nu een nieuwe motor hebben, is een grote stap vooruit. Maar hóé groot die stap is, is nog moeilijk in te schatten.»

HUMO Kan jij je nog een seizoen als het vorige veroorloven?

Vandoorne «Heb ik dat dan helemaal zelf in de hand?

»Het was een moeilijk seizoen, maar het heeft mijn zelfvertrouwen níét aangetast. Ik geloof honderd procent in wat ik kan. Ik heb bewezen dat snelheid niet mijn probleem is, maar dat alles afhangt van een competitieve auto. Hebben we er één die voorin kan meestrijden? Bovendien heb ik er een jaar ervaring bij. Vorig seizoen moest ik mijn relatie met het team nog opbouwen, en moest ik de meeste circuits nog leren kennen.»

HUMO F1 is en blijft een zaak van het beste materiaal. Zet Lewis Hamilton in jouw wagen en hij wordt nooit wereldkampioen. Zet jou in de zijne, en de kans is reëel dat jij het wel wordt.

Vandoorne «Zo simpel is het niet, al speelt het materiaal wel een enorm grote rol. Je kan dat jammer vinden, maar zo is het altíjd geweest. Het heeft geen zin om er gefrustreerd over te worden. Uiteindelijk maakt ook talent nog altijd een verschil. Waarom is Hamilton anders wereldkampioen, en niet zijn ploegmaat Valtteri Bottas? Omdat hij het beter deed. Of je presteert en al dan niet fouten maakt, ligt nog altijd aan jezelf.»

HUMO Maar nogmaals: als jij in Hamiltons wagen rijdt...

Vandoorne «... dan is de kans inderdaad groot dat ik voor het wereldkampioenschap strijd.»

HUMO Voormalig McLaren-baas Ron Dennis noemde jou eerder al ‘een potentiële wereldkampioen’.

Vandoorne «Als alle details kloppen, is dat zeker mogelijk. Je moet wat geluk hebben: op het juiste moment in de juiste auto zitten, en dan ook de kans grijpen als ze zich voordoet. Als je ziet hoeveel goede rijders nooit voor de wereldtitel of zelfs maar een overwinning hebben kunnen strijden, dan besef je hoe moeilijk het is.»

HUMO ‘Eén van de grootste talenten die we het voorbije seizoen hebben gezien,’ vond ook voormalig F1-piloot Martin Brundle na het voor McLaren nochtans dramatisch verlopen 2017.

Vandoorne «Kijk, één van de voordelen die ik ondanks alles had, was dat ik aan de zijde van Fernando Alonso kon rijden. Als tweevoudig wereldkampioen is Fernando één van de beste graadmeters in de F1. Hij draait al zeventien jaar mee en weet beter dan wie ook welk verschil de auto maakt. Het is een zegen dat ik me naast zo iemand kan bewijzen.»

HUMO Volgens viervoudig wereldkampioen Alain Prost is hij net de moeilijkst denkbare teamgenoot.

Vandoorne «Waarschijnlijk is hij dat ook, maar ik bekijk het graag positief. Fernando haalt altijd 99 procent uit de auto, in welke omstandigheden dan ook. Daarmee legt hij de lat ook voor mij heel hoog, maar het is wel de lat waaraan ik me wil meten. Het is leuk om met één van de beste rijders ter wereld te kunnen wedijveren.»

HUMO In Maleisië werd je zevende en domineerde je Alonso, op een circuit waar volgens kenners de rijder meer dan elders het verschil maakt.

Vandoorne «Maleisië was zeker een hoogtepunt. Vooral omdat we niet hadden gedacht dat we er een goed resultaat konden neerzetten.»

HUMO Dat belooft voor jullie onderlinge strijd, als jij Alonso straks vaker dan hem lief is het nakijken zal geven.

Vandoorne «Zo werkt het nu eenmaal in de sport. Het is mooi dat mensen ook dat duel tussen twee teamgenoten willen zien. Voorlopig is de sfeer nog ontspannen: we strijden niet voor de wereldtitel, maar voor hier en daar wat punten. Zodra we voor de podiumplaatsen beginnen te strijden, zal onze relatie waarschijnlijk wel veranderen.»

HUMO McLaren is een mythisch team, maar het wint al vijf jaar niets.

Vandoorne «Het palmares van McLaren is één van de mooiste uit de F1-geschiedenis. Maar soms duurt het wat langer om een team terug naar de top te brengen. Ook Ferrari heeft periodes gekend dat het onverslaanbaar was, en momenten dat het geen platte prijs won. Red Bull had het zwaar, won daarna vier jaar lang alles, en heeft het nu weer moeilijker. Niemand ontsnapt eraan.»


Ieder voor zich

HUMO Je maakte kennis met de autosport toen je zes was en je vader, een architect, werd gevraagd om de indoorhal van de kartingclub in Kortrijk in te richten. Een neef van jou kartte er.

Vandoorne «Die neef was wat ouder. Hij is met karten gestopt toen hij ging studeren. Hij is zeker niet bepalend geweest voor de richting die ik ben ingeslagen. Ik ging met mijn vader mee, en omdat ik toch niets te doen had, duwde de zaakvoerder van die hal me in zo’n kart. Ik draaide mijn eerste rondjes en was verkocht.»

HUMO Stel dat je vader die klus niet kreeg: wat dan?

Vandoorne «Da’s een moeilijke vraag. Welke weg je als kind inslaat, wordt altijd toch een beetje bepaald door je ouders.»

HUMO Je vader studeerde aan Sint-Lucas, maakte beeldhouwwerken en ontwierp juwelen.

Vandoorne «Zijn beroep is architect, maar kunst is zijn hobby. Als kind hielp ik vaak bij het beeldhouwen, in zijn atelier. Ik prutste zelf ook een heleboel dingen in mekaar. Maar voor mijn vader is het een passie, voor mij is het dat nooit geweest.»

HUMO Je was zes toen hij tentoonstelde in Watou. Dat greep je kennelijk minder aan dan die kart.

Vandoorne (lacht) «De artistieke microbe heb ik duidelijk niet geërfd. Geen idee waarom, misschien omdat kunst me geen adrenalineopstoot bezorgt?

»Ik heb Industriële Wetenschappen gestudeerd aan het VTI in Roeselare, en daarna twee jaar Elektromechanica. Ik had nog geen duidelijk doel. Ik kartte wel al op een redelijk niveau, maar ik had er nog geen flauw benul van wat ik in de autosport zou gaan doen. Ik wilde me vooral technisch bijscholen en begrijpen hoe zo’n wagen in elkaar zat.»

HUMO Dat zei de zaakvoerder van die indoorhal ook: ‘Dat ventje wou alles weten.’

Vandoorne «Het was en ís nog altijd een obsessie. Als kind speelde ik met autootjes, en voor zover mijn herinnering reikt, was dat het enige waarmee ik me amuseerde. Maar waarom het ook is uitgegroeid tot een passie, weet ik niet.»

HUMO Al tijdens je middelbareschooltijd volgde je ook een opleiding aan de autosportacademie in Le Mans.

Vandoorne «Dat was tijdens mijn laatste jaar aan het VTI, meteen ook het eerste jaar dat ik bij de eenzitters reed. Ik was al erg serieus met autosport bezig. Niet zelden was ik dagenlang van huis weg voor wedstrijden of kampioenschappen overal in Europa. Dan miste ik een week school en moest ik die lessen later inhalen.

»Vaak wordt gezegd dat rijders in de autosport vroeg volwassen zijn. Volgens mij komt het omdat we al erg jong de wereld rondreizen en levenservaring opdoen. Mijn vader ging af en toe mee, maar meestal was ik alleen met het team op pad. Dat vormt je: ik leerde zelfstandig te zijn. Heimwee heb ik nooit gehad. Ik ben zelfs het liefst van al alleen. Ik doe ook graag alles zelf, ik hou er niet van dat veel mensen betrokken zijn bij wat ik doe.»

HUMO Heeft de echtscheiding van je ouders daar iets mee te maken?

Vandoorne «Moeilijk te zeggen. Ik was een jaar of tien. We woonden in Emelgem, een deelgemeente van Izegem. Na de scheiding verhuisde mijn moeder naar Rumbeke. Dat was maar tien minuutjes ver. Mijn ouders zijn altijd mijn grootste supporters gebleven. Ze hebben me nooit op andere gedachten proberen te brengen.»

HUMO Als je weer eens ergens had uitgeblonken, belden ze meteen de Krant van West-Vlaanderen.

Vandoorne «Mijn vader kende er mensen die mijn carrière van bij het prille begin volgden. Hij hield hen graag op de hoogte, zonder dat hij of mijn moeder me daarmee wilden pushen. Ik was zelf altijd de eerste om te zeuren of ik op zaterdag mocht gaan karten. Nu, zonder steun van je ouders lukt het niet, zij moeten je naar dat kartingcircuit willen rijden. Ook financieel was het niet altijd evident. Karten op een redelijk niveau kost veel geld, en dat was er niet thuis. Dankzij connecties van mijn vader slaagden we erin om wat sponsoring bijeen te rapen. En door mijn resultaten kreeg ik af en toe iets gratis.

»Ondertussen is niets nog zoals vroeger. Mijn ouders hebben steeds minder invloed op wat er rond mij gebeurt. Dat valt hen zwaar, denk ik. Maar het is te professioneel geworden om mijn familie er nog bij te betrekken. Zij zien het nog altijd als een passie, maar voor mij is het nu mijn job.»

HUMO ‘Mijn leven is een kalender die door anderen wordt bepaald,’ zei je daarover.

Vandoorne «Mijn leven staat fulltime in dienst van het team. Zij bepalen alles wat ik tijdens het seizoen doe. Alleen in de zomer heb ik twee weken vrij en doe ik min of meer wat ik wil. Ook rond kerst en nieuw heb ik geen verplichtingen. Maar vanaf midden februari krijg ik mijn dagelijkse schema. Dat is best druk: buiten de 21 Grand Prix zijn er een pak marketingopdrachten.»

HUMO Mis je iets?

Vandoorne «Totaal niet. Dit is wat ik het liefste doe, al van toen ik jong was. Ik krijg weleens de vraag of ik mijn vrienden niet mis, of het uitgaansleven. Maar ik heb altijd alles gedaan voor mijn sport. Uiteraard horen daar opofferingen bij, maar niemand heeft me dit leven opgedrongen: ik heb er zelf voor gekozen.

»Mensen zien van de Formule 1 alleen de glamour, de mooie locaties, de adembenemende circuits. Wat ze níét zien, is al het werk achter de schermen: het vele reizen – vliegtuig in, vliegtuig uit – hoe vaak ik naar de fabriek van McLaren in Londen moet om met de ingenieurs te overleggen, de vele marketingopdrachten en sponsorevents – de minder leuke dingen, zeg maar.

»Het is ook een erg politieke wereld. Je vertegenwoordigt een team met veel partners, van wie je de reputatie niet mag schaden. Automatisch ga je oppassen, want het minste wat je doet, wordt opgepikt en uitspraken worden uit hun context gerukt.»

HUMO Je heet diplomatisch te zijn, op je hoede, afgemeten en koel. Een man van de politiek correcte antwoorden.

Vandoorne (glimlacht) «Ik ben van nature nogal gereserveerd. Dat komt me in deze wereld goed van pas.»

HUMO Een wereld van macht en geld, met plaats voor slechts 20 rijders. Dan kijk je beter af en toe eens over je schouder.

Vandoorne «Het is ieder voor zich, en iedereen probeert zijn eigen positie af te schermen. De F1 is als een klein circus dat de wereld rondtrekt. Waar je ook komt, overal zie je dezelfde gezichten. Je moet dus wel oppassen met wat je zegt. En vooral geen vijanden maken: je komt iedereen toch weer tegen.»

'We racen vaak in de warmst denkbare klimaten. In de auto loopt de temperatuur dan op tot 60, 70 graden. Na zo'n wedstrijd zijn we zeker 3 kg kwijt'


Grote opluchting

HUMO Welke momenten zijn bepalend geweest voor je carrière?

Vandoorne «Dat zijn er twee. Het eerste was toen ik in 2009 het Stuurwiel won, een prijs van de Belgische autosportfederatie RACB. Daardoor kon ik mijn eerste stappen in de eenzitters zetten. Zonder de financiële steun die bij die prijs hoorde, was dat niet gelukt.

»Het tweede sleutelmoment was in 2012, toen ik het Formule Renault tweeliterkampioenschap won. Als ik dat niet had gewonnen, zat ik hier nu niet. ’s Anderendaags al kreeg ik telefoon van McLaren, om te vragen of ik in hun Young Driver-programma wilde stappen. Daar heb ik vier jaar gezeten, tot ik naar de F1 mocht.»

HUMO Wat dacht je toen McLaren aanklopte?

Vandoorne «Dat je in hun opleidingsprogramma wordt opgenomen, geeft je nog geen garantie dat je uiteindelijk in de F1 terechtkomt. Maar uiteraard geloofden ze in mijn talent, en zagen ze dat ik misschien wel de sprong naar de F1 kon maken.»

HUMO In 2015 veegde je alle records van de tabellen: je werd de meest dominante kampioen ooit in de GP2, het laatste opstapje naar de F1. Toch hield McLaren je nog een jaar langer in de wachtkamer als test- en reserverijder. Was je ontgoocheld?

Vandoorne «Ja. Ik herinner me dat moment nog haarscherp. Ik was net kampioen geworden, in Rusland, en tweeënhalf uur later kondigde McLaren aan dat Jenson Button dan toch bleef. Ik had er alles aan gedaan om een kans te krijgen in de F1. En dan kwam, totaal onverwacht, die aankondiging. Dat kwam hard aan: ‘Wat kan ik nóg meer doen om die kans te krijgen?’

»Er waren dat seizoen nog twee of drie wedstrijden in de GP2. Ik wilde absoluut bewijzen dat ze de verkeerde keuze hadden gemaakt, dus toen heb ik ook die laatste koersen nog gewonnen. Alle records gebroken ook, en laten zien dat ik niet opgaf. Ik moest me er uiteindelijk wel bij neerleggen, maar ik ben blijven geloven dat mijn dag zou komen.»

HUMO Halve Belg Max Verstappen startte dat jaar wél, als jongste F1-debutant ooit. Was je jaloers?

Vandoorne «Helemaal niet. Onze situaties zijn totaal verschillend. Max heeft een vader die zelf F1 had gereden (Jos Verstappen, red.). Ook hij startte heel jong met karten, maar verder lijkt zijn parcours in niets op dat van mij. Max is door zijn vader tot in de F1 gecoacht en gepusht, terwijl ik helemaal zelf mijn weg heb moeten zoeken.»

HUMO Jouw debuut in de F1 dateert van april 2016. Je verving de geblesseerde Alonso in de GP van Bahrein, en pakte prompt het eerste punt van het seizoen voor McLaren. Dacht je toen: ‘Nu ben ik vertrokken’?

Vandoorne «Nee, toch niet. Alles gebeurde op het laatste nippertje, ik had amper tijd om me voor te bereiden. Iedereen probeerde me op mijn gemak te stellen: ‘Doe je ding, denk aan niets en amuseer je.’ Maar je weet hoe mensen zijn: uiteindelijk verwachten ze altíjd iets van jou. Mijn resultaten in de junior series gingen zodanig over de tongen dat men toch op een goed resultaat rekende. Dat dat er ook kwam, was een grote opluchting.»

HUMO Het was van Sebastian Vettel in 2007 geleden dat een testrijder bij z’n debuut in de punten reed.

Vandoorne «Het was een prima prestatie, zeker. Vooral omdat de wagen niet echt competitief was. Als je dan een punt kan pakken, is dat mooi.»

HUMO Jaar na jaar greep je de kansen die je kreeg. En toch moest je zolang wachten op je grote F1-debuut.

Vandoorne «Je hebt nu eenmaal niet alles zelf in de hand. Ik heb geleerd om daar geen energie aan te verspillen.»

HUMO Word jij soms kwaad?

Vandoorne «Toch wel, maar meestal helpt dat niet. Je moet kunnen relativeren.»

HUMO Op welk moment werd alles anders?

Vandoorne (denkt na) «De dag dat ik mijn eerste F1-contract tekende, in september 2016, tijdens de Grand Prix van Monza. Enerzijds was het een opluchting: eindelijk had ik in handen waar ik zo hard voor gewerkt had. Anderzijds voelde het aan als heel normaal. Het moest er gewoon van komen.»

HUMO Niets lijkt jou te kunnen verrassen of uit evenwicht te brengen. De dag dat je wereldkampioen wordt, zeg jij vast: ‘Ik heb het altijd geweten.’ Toch?

Vandoorne (lachje) «Min of meer, ja. Terwijl het echt wel uniek is wat ik nu meemaak. Voor elke F1-piloot zijn er 200 anderen die hetzelfde willen, maar de kans niet krijgen.»

HUMO Wat kan jou naast de F1 nog boeien?

Vandoorne «Ik heb een kleine passie voor wielrennen. Een groot deel van mijn seizoensvoorbereiding bestaat uit fietsen. F1 is een harde sport en een goede uithouding is erg belangrijk. Fietsen helpt daarbij. Niet alleen duurt een wedstrijd twee uur, we racen ook vaak in de warmst denkbare klimaten. In Singapore of Maleisië wordt het makkelijk 35 graden, met 100 procent luchtvochtigheid. In de auto loopt de temperatuur dan al gauw op tot 60, 70 graden. Na een wedstrijd zijn we zeker 3 kilogram kwijt.

»En dan zijn er nog de G-krachten die we tijdens zo’n race moeten opvangen. Je nekspieren zien het zwaarst af. Als je aan 250 km per uur een bocht naar links neemt, wil je hoofd maar één ding: naar rechts gaan. En dat met een kracht die 5 keer het gewicht van je hoofd bedraagt. Die kracht moet jij tegenhouden, púúr op spierkracht. Zonder zware training lukt dat nooit. F1 is véél meer dan gas geven en aan een stuur draaien.»

HUMO Dat stuur is ook veel meer dan zomaar een wiel: het staat vol knopjes.

Vandoorne «Behalve met sturen zijn we ook de hele tijd bezig met de instellingen van de motor aan te passen. Daar krijgen we tijdens de race voortdurend instructies over van het team. Stel je dat eens voor aan 300 km per uur, op een circuit als dat van Monaco, waar je door de vele bochten bijna geen tijd hebt voor welk manoeuvre dan ook. Het maakt het niet alleen fysiek zwaar en technisch moeilijk, maar ook mentaal uiterst stressvol: je moet in volle actie nog helder genoeg kunnen denken om aan de juiste knopjes op dat stuur te draaien.»

HUMO Slorpt het gevaar je op?

Vandoorne «Eigenlijk niet, nee. F1 blijft één van de gevaarlijkste sporten. Als je ziet welke snelheden we halen... Dan mag er niets misgaan. Daar staat tegenover dat de technologie er erg op is vooruitgegaan, en dat er veel energie is gestoken in het veiliger maken van de circuits en de auto’s.»

HUMO Je wordt 26 dit weekend. Maakt de leeftijd je ongeduldig?

Vandoorne «Nee, hoor. De meeste rijders gaan ermee door tot hun 35 à 40 jaar. Zolang de motivatie er is en je het fysiek aankan, zie ik geen reden om te stoppen. Ik heb tijd.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234