Jan Van Der Veken

Abortusdiscussie

‘Hoe kan het dat een vrouw niet sneller voor abortus kiest? Het is helaas niet altijd zo eenvoudig’

De voorgenomen versoepeling van de abortuswet doet veel stof opwaaien. Het wetsvoorstel zou abortus volledig uit de strafwet halen en de termijn van twaalf naar achttien weken verlengen. De verplichte bedenktijd zou ook ingekort worden en er komen strafsancties voor wie abortus wil verhinderen. Een kamermeerderheid lijkt voorstander, maar CD&V, N-VA en Vlaams Belang verzetten zich echter fel tegen deze versoepeling. Dit weekend maakte Bart De Wever bekend dat het voor hem een breekpunt voor de regeringsformatie is. 

Humo sprak in 2015, het jaar waarin de Belgische abortuswet 25 kaarsen uitblies, met ervaringsdeskundige Els. En ook Carine Vrancken, directeur van abortuscentrum LUNA, en Hendrik Cammu, gynaecoloog, lieten hun licht schijnen over de situatie.  

Toen Els – haar echte naam houdt ze liever voor zich – zwanger werd, was dat gewenst én gepland. Haar vriend, met wie ze al zes jaar samen was, liep al een jaar of drie hardop van een groot gezin te dromen.

ELS «Ik wilde ook wel kinderen, maar ik had best nog wat langer willen wachten. Ik heb me laten overhalen. Na een halfjaar proberen was het gelukt: ik was zwanger. Mijn vriend was wel blij, maar om nu te zeggen door het dolle heen? Nee, dat niet. Bij de eerste echografie reageerde hij zelfs koeltjes: ‘Dus toch zwanger?’ Ja, waarom zou ik liegen?

»Ik begon me voor te bereiden op het ouderschap, had zelfs al een crèche gevonden, toen ik merkte dat mijn vriend zich vreemd begon te gedragen. Twee keer per week ging hij uit tot ’s ochtends vroeg. Ik vergoelijkte zijn gedrag. Het was tenslotte zijn laatste kans om de bloemetjes buiten te zetten. Intussen hadden we het amper over mijn zwangerschap. Ik las dingen op het internet, maar als ik hem vertelde dat mijn baarmoeder intussen zo groot was als een sinaasappel, dan was zijn enige reactie: ‘Jaja.’

»Na een tijdje trok ik het niet meer. Ik was 17 weken ver (of 15 weken sinds de bevruchting, red.), maar hij raakte me niet meer aan, bekeek me zelfs niet. Ik had het gevoel dat ik voor hem niet bestond. Na lang aandringen kwam het eruit: hij twijfelde, aan ons als koppel én aan de zwangerschap. Ik zei: ‘Maar het kindje zit er al in!’ In paniek ben ik meteen naar websites over abortus gesurfd. Ook om te kijken wat zijn reactie zou zijn, maar die was heel gelaten: ‘En? Wat staat er?’ Ik antwoordde dat het in België na 12 weken niet meer mogelijk was, maar wel in Nederland, Engeland en Amerika. Alweer: géén reactie. In de dagen daarna wilde hij er eerst niet meer over praten, terwijl ik toch absoluut wilde weten waar ik aan toe was. Op een dag zei hij dat hij me toch graag zag en dat hij geen abortus wilde. Dat stelde me gerust. We zaten gewoon in een dipje, dacht ik. Ik ben zelfs op zoek gegaan naar manieren om onze relatie nieuw leven in te blazen, maar op een avond biechtte hij op dat hij het toch niet meer zag zitten met mij. Hij vond me saai, onze karakters waren te verschillend. Over het kindje was hij duidelijk: het moest weg.»

CARINE VRANCKEN «Die groep van vrouwen roept natuurlijk vragen op: ‘Hoe is het mogelijk dat zoiets kan gebeuren? Dat een vrouw niet sneller inziet dat ze die zwangerschap niet wil. Maar het is niet altijd zo eenvoudig. Het gebeurt om een waaier van redenen. Vaak zitten ze in een kwetsbare fase in hun leven. Bij een doorsneevrouw gaat er al snel een knipperlicht branden: ‘Misschien ben ik zwanger.’ Maar bij iemand die op dat moment in de shit zit – of dat nu financieel, relationeel, professioneel of een combinatie van dat alles is – is een zwangerschap misschien wel het laatste waar ze aan denkt. Heel vaak blijkt pas als zo’n vrouw vóór ons zit, hoe groot het probleem werkelijk is: ‘Ik denk dat ik 6 weken zwanger ben.’ Blijken het dan opeens 16 weken te zijn. Ik ken zelfs vrouwen die al drie kinderen op de wereld hebben gezet, en bij wie de frank pas viel toen ze 16 weken zwanger waren. Als je iets écht niet wil, dan grijp je het minste aan om jezelf ervan te overtuigen dat het niet zo is: ‘Ja, maar ik heb nog bloedverlies gehad.’ Of: ‘Ik had vorige keer zo veel moeite om zwanger te worden.’ Je moet je voorstellen wat voor een mokerslag dat is, als zo’n vrouw opeens hoort dat ze al zo lang zwanger is en dat abortus niet meer kan.»

'Een vrouw die 16 weken zwanger is en geen mogelijkheid ziet om goed voor een kind te zorgen, die springt desnoods van een brug,’ vertelt Carine Vrancken, voorzitster van de Unie van Nederlandstalige Abortuscentra LUNA.

HUMO Ik las dat het vooral minderbegaafden, kansarmen en adolescenten zijn die te lang wachten en zo uit de boot vallen en naar Nederland moeten.

CARINE VRANCKEN «Dat klopt absoluut niet. Die 500 vrouwen hebben een heel diverse achtergrond. Soms zijn het gewoon mensen die meer tijd nodig hebben om tot een goeie beslissing te komen, die lang twijfelen en daardoor hun behandeling uitstellen. Da’s ook goed: je moet nooit ondoordacht aan een behandeling beginnen.»

HUMO Een foetus van 8 weken weghalen, vergt een veel minder zware ingreep dan een foetus van 18 weken aborteren.

VRANCKEN «Absoluut. Maar dat neemt niet weg dat sommige vrouwen ertoe bereid zijn. Dat ze letterlijk de grens oversteken voor zo’n ingreep, toont hoe zeker van hun stuk ze zijn. Ik weet dat het provocerend klinkt, maar ik heb vaak het gevoel: hoe verder een vrouw in haar zwangerschap zit, des te meer ze haar abortus nodig heeft. Een vrouw die 16 weken zwanger is en geen mogelijkheid ziet om op een goeie manier voor een kind te zorgen, die springt desnoods van een brug. Een vrouw die een zwangerschap niet wil, raakt die kwijt, al schiet ze er zelf het leven bij in. Wij, de abortuscentra, zijn de enigen die opkomen voor die vrouwen, omdat we de wanhoop en de ellende kunnen zíén als ze voor ons zitten. Voor de rest stopt iedereen liever z’n kop in het zand en exporteren ze het probleem naar Nederland, waar vrouwen een zwangerschap tot 22 weken kunnen laten afbreken (in de praktijk houden de Nederlandse abortuscentra 20 weken aan als grens, omdat artsen de duur van een zwangerschap maar tot op 2 weken nauwkeurig kunnen bepalen, red.). Anno 2015 vind ik dat raar. Ook financieel zorgt die uitwijking voor problemen: om haar abortus in Nederland te laten uitvoeren, moet een vrouw het nodige geld op zeer korte tijd bij elkaar krijgen. Niet iedereen kan dat. Achteraf krijgt ze ook niks terugbetaald. Het is heel makkelijk om die 500 vrouwen te negeren, maar na 25 jaar is het tijd om even moedig te zijn. Soms moet je eens aan de boom schudden, anders blijven de dingen stilstaan.»

Geen excuus

Els «Ik zag mezelf geen alleenstaande mama worden. Ik ben zelf een ongewild kind. Mijn ouders waren heel jong toen ze me kregen. Ze zijn samen gebleven voor mij en mijn broer, maar een gelukkig huwelijk is het nooit geweest. Mijn moeder heeft me altijd het gevoel gegeven dat ze voor mij haar eigen leven had opgegeven. Later ben ik zelfs te weten gekomen dat ze mij destijds had willen laten aborteren. Daarom ben ik altijd als de dood geweest voor een ongeplande zwangerschap. Ik nam altijd heel zorgvuldig mijn pil. Ik wou geen ongewenst kind op de wereld zetten.

»Ik had een afspraak bij mijn huisarts en ben daar meteen over abortus begonnen. Eerst zei ze dat het bij ons niet meer kon. Ik drong aan: ‘In Nederland toch wel?’ Ik denk dat ze het subtiel wilde aanpakken, dat ze Nederland niet zélf als oplossing naar voren wilde schuiven. Maar omdat ik er zelf over begon, kon ze niet anders dan me de nodige uitleg geven. Vanaf dat ogenblik ben ik me zo goed en zo volledig mogelijk gaan informeren. Ik zocht niet alleen uit in welk Nederlands ziekenhuis het kon – Leiden bleek het dichtstbij te liggen – maar ik ging ook met vriendinnen praten. Ook met vriendinnen die zelf al mama waren geworden. Allemaal vonden ze dat ik zelf moest kiezen. Allemaal, behalve eentje. Ze vroeg me adoptie te overwegen.»

HUMO Maar dat zag jij niet zitten.

ELS «Daar had ik het moeilijk mee. Als ik het kindje zou krijgen, had ik geen excuus om het niet zelf op te voeden, vond ik. Ik zou het ook niet kunnen afstaan.

»Intussen hadden ze me in Leiden een afspraak gegeven voor twee weken later. Eventueel kon ik me ook op de wachtlijst laten zetten voor een snellere afspraak, maar dan moest ik wachten tot de maandag nadien – dan was de wettelijke bedenktijd afgelopen. Op die dag zou ik vanaf 13 uur kunnen bellen, om te kijken of er plaats was. In principe had ik dus twee weken om te beslissen of ik ermee zou doorgaan. Dat was goed, het gaf me tijd. Ik ken mezelf: over moeilijke beslissingen moet ik lang nadenken. Niks lijkt me zo erg als spijt hebben van een overhaaste keuze.»

HUMO Hoe ging het intussen met je vriend?

ELS «We woonden nog samen, maar de communicatie verliep allesbehalve vlot. ‘En, weet je nu al of het mogelijk is?’ vroeg hij. Ik antwoordde van wel: ‘Maak je geen zorgen. Als ik beslis om met die abortus door te gaan, dan zorg ik er wel voor dat het in orde komt.’ Daarop raakte hij in paniek: ‘Als? Ik dacht dat we het erover eens waren!’ Hij was er dus van overtuigd dat hij het kind niet wilde. Hij dreigde er zelfs mee voor een trein te springen, als ik het kind toch zou houden en alleen zou opvoeden. Pure emotionele chantage.»

HUMO Kon hij zich iets voorstellen bij de ingreep?

ELS «Voor hem was dat nog geen kind, ook al zei ik hem dat ik al van alles kon voelen. Een stukje vlees, meer was het niet.

»Na al die gesprekken met mijn ex, met vriendinnen, met mijn gynaecoloog en met mijn huisarts wist ik het echt niet meer. Ik heb zelfs samen met een vriendin alle pro’s en contra’s op papier gezet. Opeens kwam er een gedachte in me op: ‘Voor één keer in mijn leven wil ik eens mezelf zijn.’ Bij mijn ouders was me dat nooit gelukt – ze waren dominant, streng, er was fysiek geweld en bitter weinig liefde. Ik wist ook dat, als mijn ex na de geboorte zou terugkomen, ik het moeilijk zou hebben om hem wandelen te sturen. En dan zou ik in eenzelfde liefdeloze relatie belanden als mijn ouders. Voor het eerst wilde ik zélf beslissen wat ik met mijn leven zou doen. Niet zoals mijn ex het voor mij had bepaald: ‘Ik maak je zwanger, dan bedenk ik me en laat ik je zitten met een kind.’ Die gedachte gaf de doorslag.

»Die maandag heb ik om vijf over één naar Leiden gebeld. Er was een plaatsje vrij de volgende dag om negen uur. Samen met een vriendin ben ik nog die avond vertrokken en op hotel gegaan.»

HUMO Was dat het moment waarop je besliste de band met de foetus in je buik te verbreken?

ELS «Ik weet niet of ik er al een band mee had. Ik ging wel op zoek naar informatie over hoe zo’n foetus groeit, maar van een moedergevoel was nog geen sprake. Misschien zorgde mijn misselijkheid er ook voor dat ik allesbehalve had genoten van mijn zwangerschap.»

Slippery slope

Carine Vrancken en haar collega’s van LUNA vragen aandacht voor late abortussen. Het zal het debat, dat ooit een koning voor één dag van zijn kroon deed afzien, ongetwijfeld weer oppoken. Want waar stop je als je de wettelijke abortustermijn langer maakt? Bij levensvatbaarheid?

VRANCKEN «Natuurlijk is er een grens. De limiet van 22 weken in Nederland is niet toevallig: tegenwoordig kunnen artsen een baby reanimeren als die op 24 weken wordt geboren. We moeten er niet onnozel over doen. Er zullen altijd vrouwen zijn die te laat zijn, tegen wie je moet zeggen: ‘Abortus kan niet meer.’ Maar 12 weken is pril. Voor mensen die er langer over doen om te beslissen, is dat een probleem. Vanuit de hulpverlening willen we dit signaleren aan de beleidsmakers. Als je zwangerschapsafbrekingen ook in België mogelijk zou maken tot bijvoorbeeld 22 weken, zou deze erg kwetsbare groep hier behandeld kunnen worden. Mensen die beweren dat we dan op een slippery slope terechtkomen, hebben het bij het verkeerde eind: het is een mythe dat een verlenging van de termijn voor meer late abortussen zal zorgen. Ga maar eens een kijkje nemen in de Nederlandse abortuscentra: het zit er vol niet-Nederlandse vrouwen. Heel weinig Nederlandse vrouwen laten nog een abortus doen na 12 weken. Alleen lost Nederland nu wel nog het probleem op van half Europa.»

Beenhouwerij

Gynaecoloog Hendrik Cammu van het UZ Brussel bekijkt de kwestie vanuit een andere positie: die van de uitvoerende arts, belast met de taak zo’n late zwangerschap te beëindigen. Een job die niet is weggelegd voor gevoelige zielen. Hij weet dat er vanuit België een vlucht is naar Nederland voor late abortussen om niet-medische redenen: ‘En voor de late abortussen om medische redenen maken Nederlandse vrouwen dan weer de reis in omgekeerde richting.’

HENDRIK CAMMU «Geen enkele arts in Nederland onderbreekt een zwangerschap na 22 weken, ook niet als op 30 weken blijkt dat het kind niet levensvatbaar is. Zulke vrouwen sturen ze door naar België, waar abortussen om medische redenen tot de laatste dag van de zwangerschap zijn toegestaan. Natuurlijk ontgaat de absurditeit van die situatie de Nederlanders niet – er wordt daar op dit moment stevig over gedebatteerd. Maar of dat ook betekent dat wij hier onze wet moeten aanpassen aan de Nederlandse norm van 22 weken? Ik ben daar absoluut geen voorstander van.

'Zo'n late abortus is beenhouwerij. Echte horror voor de arts. Zij die de limiet willen optrekken, nodig ik vriendelijk uit om het zelf te komen doen,’ zegt Hendrik Cammu, gynaecoloog.

»Zo’n late abortus is beenhouwerij. De medische term voor de ingreep is ‘morcellatie’, wat neerkomt op: in stukken trekken. Dat is degoutant, echte horror. Je mag niet vergeten dat een foetus rond 19 weken al zo groot is als een langoustine. Puur technisch lijkt 12 weken me de absolute grens voor de artsen die de abortus moeten uitvoeren. Zij die de limiet willen optrekken, nodig ik vriendelijk uit het zelf te komen doen.

»Laattijdige abortussen om medische redenen voeren we niet uit met morcellatie, maar met expulsie: we rijpen de baarmoederhals met medicatie en lokken zo een vroegtijdige bevalling uit. Ook dan is het natuurlijk geen pretje. Een late abortus blijft een noodsituatie. Goed dat het kan, maar niemand doet het voor z’n plezier. Dat vergeet men weleens.»

HUMO Voor u mag de abortuswet blijven zoals ze sinds 1990 is?

CAMMU «Je zult altijd op een grens botsen. Stel dat we de termijn verlengen tot 16 weken: hoeveel van die 500 vrouwen helpen we daarmee? 50? 100? En de anderen dan? Ik ben bang dat we zo blijven opschuiven, dat sommige vrouwen zullen redeneren: ‘Och, ik heb nog tijd.’ Omdat ze niet beseffen wat voor een miserie zo’n abortus is voor een dokter.

»Tegenwoordig doen wij in het ziekenhuis misschien nog drie of vier abortussen per week – de meeste vrouwen gaan meteen naar de gespecialiseerde centra. Vroeger waren dat er gemiddeld vijftien per week. Ik kan een boek schrijven over de beweegredenen die ik in al die jaren heb gehoord: ‘Dokter, het komt me nu niet uit, want ik ben aan het verbouwen. Maar misschien volgend jaar wel.’ Pardon? Dat gezegd zijnde: de meeste aanvragen waren en zijn wél gerechtvaardigd. Toch moet je soms ook mensen op hun verantwoordelijkheid wijzen: ‘Pak je leven in handen!’ Tegenwoordig verwart men progressiviteit met grenzeloosheid. Alles moet altijd maar uitbreiden en opschuiven. Maar je moet de grens ergens trekken. Op 12 weken lijkt me dat prima. Dan heb je drie volle maanden de tijd gehad om na te denken en te beslissen. Als dat niet genoeg is, mag je wat mij betreft gerust naar Nederland.

»Liever dan de wet aan te passen zou ik het taboe willen aanpakken dat nog altijd rond abortus hangt. Mobiliseer huisartsen en wijkgezondheidscentra om jonge vrouwen actief te informeren en te sensibiliseren: ‘Zit niet te wachten als je ongewenst zwanger bent.’ Op dit moment gebeurt dat veel te weinig. We moeten ook veel meer inzetten op contraceptie. De meeste abortussen komen voor bij vrouwen die geen enkele contraceptie nemen. Studies uit het buitenland tonen aan dat abortus en contraceptie communicerende vaten zijn: als er negatieve berichten over de pil verschijnen – genre: ‘Van de pil krijg je een trombose of een longembolie’ – dan zie je het aantal abortussen zo de lucht ingaan. Eerst is het: ‘Oei, de pil is gevaarlijk.’ En even later: ‘Oei, ik ben zwanger.’ Ik begrijp dat de drempel naar contraceptie hoog is voor wie het financieel moeilijk heeft, maar er zijn een hoop pillen die de Belgische staat gratis en voor niks verschaft aan meisjes onder de 21 – vrouwen ouder dan 21 kunnen die pillen voor een spotprijs kopen. Het zijn niet de hippe, trendy merken, waar je tientallen euro’s voor betaalt in de apotheek, maar de oudere merken, die eigenlijk minder gezondheidsrisico’s inhouden. Denk je dat iemand op de hoogte is van die gratis pillen? Nee. Zoiets zouden ze nochtans in elke school moeten vertellen in de lessen seksuele opvoeding.»

HUMO Niet elke gynaecoloog is even begripvol als een vrouw komt aanzetten met een ongewenste zwangerschap. Je hebt er die het scherm van het echografietoestel speciaal naar de vrouw toe draaien, zodat ze nog eens goed geconfronteerd wordt met het leven in haar buik.

CAMMU «Dat gebeurt nog altijd, ja. Vooral in de katholieke ziekenhuizen. Ik ken ook de verhalen van dokters die de echo aan de vrouw in kwestie tonen en zeggen: ‘En dat ga jij nu vermoorden!’ Het beste dat je volgens mij kunt doen als arts is de vrouw, zodra ze een weloverwogen beslissing, zonder dwang en in eer en geweten heeft genomen, bevestigen in haar beslissing. Dat helpt bij de verwerking.

»Jaarlijks organiseert de Vlaamse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie verscheidene studiedagen en congressen. De voorbije tien jaar is daar amper met een woord over abortus gerept. In tegenstelling tot fertiliteit en nieuwe chirurgische technieken, schenkt niemand aandacht aan dat onderwerp. De meesten vegen het liever weg. Met abortus valt weinig eer te rapen. De bottomline van abortus blijft: iedereen verliest. Het is en blijft een faling. Voor de dokter, maar vooral ook voor de vrouw: ze kan het kind niet houden, om wat voor reden dan ook. Ze moet verder met het besef dat ze een vrucht uit haar baarmoeder heeft laten weghalen. Niemand wint.»

Het is gebeurd

De dag nadat ze de knoop had doorgehakt, stapte Els het abortuscentrum van Leiden binnen.

ELS «Eerst werden de paperassen en de betaling in orde gebracht – 850 euro, waarvan ik in België niks kreeg terugbetaald. Veel geld, maar gelukkig had ik al wat opzijgezet voor het kindje. Ik had op voorhand opgezocht hoe ze bij zo’n abortus te werk gaan. Ik was blij dat ik niet hoefde te bevallen – in de VS moet dat wel als je al zo ver bent. Ik wist dat ze me in slaap zouden doen en dan de foetus eruit zouden halen. Dat gebeurt wel in stukjes, omdat de foetus al te groot is om door een afzuigbuis te passen. Ik had vooraf zelfs een animatiefilmpje van de procedure bekeken. Dat had ik ook aan mijn ex getoond. Zijn reactie was simpel: niks. Zelf was ik natuurlijk in shock van die beelden. Ik ben meteen gaan opzoeken of dat kindje al iets kon voelen. Maar op 19 weken worden er nog geen pijnprikkels naar de hersenen doorgestuurd en kan het kind dus nog geen pijn voelen. Bewéren ze, want tegenstanders claimen natuurlijk het tegendeel.

»In Leiden kreeg ik nog een laatste echo – het scherm had de dokter gelukkig van me weggedraaid. Daarna gaf de verpleegster me een zetpil om de baarmoederhals week te maken. Vanaf dan kon ik niet meer terug. Als die pil erin zat, moest het kind eruit. Ik mocht wachten in een kamer met nog zes andere vrouwen. Ze hadden allemaal een vriendin of familielid bij – mannen mochten er niet binnen. Iedereen fluisterde wat of was met z’n gsm bezig. Er werd zelfs gelachen. Ik kreeg ook nog een formulier, waarmee ik de toestemming kon geven om de foetale weefsels voor wetenschappelijk onderzoek te laten gebruiken. Ik was opgelucht dat ik toch nog andere kindjes kon helpen, dat ze het niet gewoon in de verbrandingsoven zouden kieperen. Toen was het mijn beurt. De korte afstand naar de operatiekamer moest ik zelf stappen. Dat vond ik zo erg. Ik had me veel liever op een bed naar de operatiekamer laten rijden. Daar aangekomen nam de dokter de tijd om naar me te luisteren. Dat deed deugd. Ik deed mijn verhaal en intussen bleven mijn tranen maar stromen.

»Na de ingreep werd ik wakker in de ziekenhuiskamer. Ik voelde opluchting, omdat ik het had gekund, omdat ik me niet emotioneel had laten chanteren, maar had doorgezet. Daarna kwam de pijn. Ik plooide dubbel. Het waren echte weeën, die werden veroorzaakt door de samentrekking van mijn baarmoeder. Die namiddag nog zijn we terug naar huis gereden. Tegen de avond voelde ik nog altijd om de twee minuten een wee. Ik bloedde ook hevig.»

HUMO Had je je ex intussen verwittigd?

ELS «Ik had hem ge-sms’t: ‘Het is gebeurd.’ Toen ik thuiskwam, zag hij het bloed. Hij begon te wenen. ‘Waarom heb je dat gedaan?’ vroeg hij. Mijn vriendin en ik stonden perplex: ‘Wat zegt die nu?’ Hij schrok erg van mijn toestand en wilde me troosten, maar ik hoefde zijn troost niet. Ik wilde gewoon dat hij me met rust liet. Een paar dagen later kwam hij thuis met weer een totaal andere boodschap: ‘Misschien is het toch beter zo.’ Had hij zich wéér bedacht!

»De maanden nadien zat ik in overlevingsmodus. Ik ging naar praatgroepen en naar de psychologe, maar ik merkte dat ik van praten alleen niet beter werd. Mijn hersenen kon ik er misschien wel van overtuigen dat ik de juiste keuze had gemaakt, maar mijn lichaam wilde niet mee. Daarom ben ik EMDR gaan doen (eye movement desensitization and reprocessing, red.). Dat is een soort oogbewegingstherapie die helpt om trauma’s te verwerken. Bij oorlogsveteranen passen ze dat ook toe. Het leek me de enige manier om de gevoelens van verdriet en schuld te boven te komen. Ik voelde me schuldig, ja. Ik wist wel dat ik de juiste keuze had gemaakt, maar als mens voelde ik me heel schuldig. Waarom had ik die problemen met mijn ex niet vroeger zien aankomen? Waarom had ik me laten overhalen om zwanger te worden? Na een vijftal EMDR-sessies werden de hevige emoties draaglijker.

»Op de uitgerekende bevallingsdatum had ik het vreselijk zwaar. Toevallig moest ik die ochtend in het ziekenhuis zijn waar ik van plan was geweest te bevallen. Ik moest zelfs langs het bevallingskwartier passeren. Ik dacht: ‘Als ik nu een hoogzwangere vrouw tegenkom, dan crash ik.’ Ik wilde daar zo snel mogelijk weg. Ik heb ook een vriendin die een paar weken na mijn uitgerekende bevallingsdatum moest bevallen. Ik was bang om haar met haar dikke buik te zien, maar uiteindelijk ging het wel. Zij leek het er zelfs moeilijker mee te hebben dan ik. Tegenwoordig kan ik naar haar baby kijken zonder meteen aan mijn abortus te denken.

»Intussen ligt alles bijna een jaar achter me. Sinds de zomer woon ik niet meer samen met mijn ex, maar heb ik een eigen appartement. Hij lijkt soms terug te krabbelen. Hij sms’te zelfs: ‘Kom toch terug. We kunnen toch nog ne kleine maken?’ Onvoorstelbaar! Ik ga nooit meer naar hem terug. Ik had me voorgenomen een sabbatjaar of twee te nemen op het vlak van relaties, ik wilde zelfs niet dat iemand me nog aanraakte, maar helemaal onverwacht heb ik toch iemand leren kennen met wie het heel goed klikt. Deze relatie voelt helemaal anders aan dan mijn vorige. Voor het eerst kan ik gewoon mezelf zijn. In de toekomst zie ik me wel kinderen krijgen, maar ik wil niks overhaasten. Ik ben nu 27, ik heb nog alle tijd. Ik wil pas opnieuw aan een zwangerschap denken, als ik ervan overtuigd ben dat ik het kindje ook in mijn eentje wil opvoeden, mocht het fout lopen met de papa.»

Dit artikel verscheen oorspronkelijk op 31 maart 2015

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234