Hoe roken de wereld veroverde en vervolgens in de ban geslagen werd

De roker heeft het tegenwoordig niet onder de markt: hij heeft de tijdgeest tegen, alsook menig geheven vingertje en bibliotheken vol dubbelblind wetenschappelijk onderzoek. Niettegenstaande blijft de sigaret een smakelijk stuk rookwaar, vertelt Friso Schotanus, auteur van ‘De beste sigaret voor uw gezondheid.’

De sigaret, betoogt Schotanus verschillende keren, is hét product van de moderne maatschappij. Maar zijn historie vat aan op 28 oktober 1492, wanneer Christoffel Columbus aan wal gaat in Cuba. Met in zijn zog ene Rodrigo de Jerez.

Friso Schotanus «Rodrigo staat te boek als de allereerste Europese roker. In het binnenland van Cuba had-ie rokende inboorlingen aangetroffen. Hij zag hoe ze tabak in een maïsblad rolden, de vlam in het ene uiteinde joegen en uit de andere kant de rook ‘dronken’. Rodrigo rookte er eentje mee, ging op slag voor de bijl en keerde huiswaarts met een ruim vol tabak. In Spanje ging hij staan roken op de straathoek: zijn landgenoten schrokken zich een hoedje toen ze de rookpluimen uit zijn neus en mond zagen komen. De inquisitie – altijd op de hoede voor heidense invloeden – kon er al helemaal niet om lachen: Rodrigo werd prompt gearresteerd en in de cel gegooid.»

HUMO Later bestond in Spanje de gewoonte om rokers levend in te metselen.

Schotanus «Rodrigo is nog goedkoop weggekomen: vaak werd de neus ook afgehakt. Sommige rokers werden gecastreerd. Dat vond men een gepaste straf: in de begindagen traden kerkelijke én wereldlijke overheden heel streng op tegen die duivelse nieuwlichterij. Nadien raakte tabak heel snel ingeburgerd, en gingen zelfs pausen en koningen overstag. Toen Rodrigo na zeven jaar vrijkwam, was roken een rage.»

HUMO Prompt dichtte men – in navolging van de oorspronkelijke gebruikers – tabak geneeskundige kwaliteiten toe. Men beschouwde het als vitamine, te consumeren via de neus: tabak werd in het begin vooral gesnoven.

Schotanus «Artsen propageerden dat tabak hét middel was tegen de builenpest. Wisten zij veel: ze merkten dat het opwekkend en euforiserend was, zonder de kwalijke bijwerkingen van alcohol. Ik heb zelf nooit tabak gesnoven, maar dat schijnt echt verkwikkend te zijn – het doet natuurlijk sowieso denken aan cocaïne.»

HUMO Later ruimde de snuiftabak plaats voor de pijp en de sigaar. Zo werd het een hobby van de aristocratie en de gegoede burgerij.

Schotanus «Ja, want sigaren waren duur. De sigaret deed in Europa nog iets later zijn intrede, toen vrouwelijke arbeiders in de sigarenfabrieken in Sevilla snippers resttabak recupereerden en in papier rolden. Tegelijkertijd werden nieuwe methoden ontwikkeld om tabak te drogen, waardoor de tabaksrook zachter werd en dus geschikt om te inhaleren. Dat is het geheim van het succes van de sigaret: je kan de rook inhaleren. Als we die niet hadden kunnen inhaleren, waren we er niet met zijn allen verslaafd aan geraakt.»


'De Tweede Wereldoorlog was een overwinning van de democratie op het fascisme, maar ook van de roker op de niet-roker'

HUMO Roken werd al snel het mikpunt van moralistische kritiek, van religieuze zeloten allerhande.

Schotanus «Klopt. Maar vooral de sigaret moest het ontgelden, is me opgevallen tijdens het schrijven van dit boek. Over sigaren en de pijp werd wel wat gemopperd, maar de sigaret werd verguisd: men associeerde het met vluchtig genot en mateloosheid. Het wérd ook massaal geconsumeerd, door de specifieke, verslavende aard van het product. De sigaret werd een doorn in het oog van zevendedagsadventisten, vegetariërs en andere morele fanatici.»

HUMO En dus gold – zelfs in de 18de eeuw al – op vele plekken een rookverbod, iets wat wij associëren met de voorbije decennia.

Schotanus «De sociale conventie was sowieso dat er binnenskamers niet gerookt werd in het bijzijn van vrouwen. Maar in treinen gold in sommige coupés ook een verbod. En verbazend genoeg waren sigaretten vanaf het einde van de 19de eeuw totaal verboden in bepaalde Amerikaanse staten. In 1922 gold dat verbod nog altijd in de helft van alle staten. In de praktijk bleek het moeilijk te handhaven.»


Teken van civilisatie

HUMO Opvallend: de steile opkomst van de sigaret is – in tegenstelling tot andere massaconsumptieproducten, zoals de ijskast en wijn – niet via het trickledowneffect verlopen.

Schotanus «Precies omgekeerd, zelfs: de sigaret was eerst the poor man’s smoke – iets voor soldaten, zeelui en prostituées – en verzeilde pas later in hogere kringen. Aan Franse koninklijke hoven gingen eerst enkele vrouwen van stand sigaretten roken, en van dan af ging het hard. Omdat de sigaret zo enorm verslavend is: ze maakt geen onderscheid in stand en klasse.»

HUMO De massale verspreiding hebben we aan de Amerikanen te danken.

Schotanus «‘The product that defined America’, schreef de Amerikaanse historicus Allan Brandt in ‘The Cigarette Century’, zijn meesterlijk boek waarin hij ondermeer uitweidt over de wonderlijke levensloop van Buck Duke: het prototype van de Amerikaanse kapitalistische ondernemer, de verpersoonlijking van agressief ondernemerschap. Het is fascinerend hoe iemand die zelf geen sigaretten rookte – hij vond ze beneden zijn waardigheid – op een dag besliste: ‘Ik maak er een wereldwijd succesverhaal van.’ Duke is in zijn eentje verantwoordelijk voor de opmars van de sigaret, ook in Europa. Hij stapte op de boot, kwam aan wal in Liverpool en verklaarde: ‘I am from New York and I am here to buy your businesses.’ Luttele momenten later had hij al een eerste plaatselijke fabriek opgekocht.»

HUMO De populariteit van de sigaret heeft enkele keren een boost gekregen door verschillende oorlogen.

Schotanus «Een kwestie van logistiek: de sigaretten volgden de troepenverplaatsingen. Elke soldaat had sigaretten in zijn rantsoen. Tijdens de Amerikaanse burgeroorlog is de sigaret vanuit het Noorden naar het Zuiden verspreid, de Eerste Wereldoorlog zorgde voor de mondiale doorbraak. Volgens onderzoek rookte 95 procent van alle Amerikaanse soldaten. Sigaretten waren niet alleen goedkoop, maar ook gemakkelijk. Tussen twee charges door kon je zonder probleem een sigaretje opsteken.

»Erich Remarque, auteur van ‘Im Westen nichts Neues’, schreef ooit: ‘Roken is misschien een laatste teken van civilisatie, als de oorlog de sporen van een humane opvoeding heeft uitgewist.’ Tot aan de Eerste Wereldoorlog werd in Frankrijk en Spanje al flink gerookt, maar in België en Nederland viel het tot dan toe nog mee. Nadien was het hek helemaal van de dam, want dan werden tonnen goedkope Amerikaanse en Britse sigaretten ingevoerd.»

HUMO Met de Tweede Wereldoorlog startte de sigaret haar definitieve claim to fame. Bekend zijn de beelden van GI’s die na de bevrijding sigaretten aanreiken vanop hun tanks en jeeps.

Schotanus «De sigaret is samen met chocola hét symbool van de bevrijding. Tijdens de oorlog waren sigaretten enorm schaars, de prijscurve was steiler dan die van varkensvlees. Ik las in oude kranten dat mensen fototoestellen weggaven om toch maar sigaretten te pakken te krijgen: heelder verzamelingen spulletjes, hun laatste spaargeld. Tijdens de oorlog zijn idiote bedragen op tafel gelegd voor een pak sigaretten.»

HUMO De sigaret heeft ook veel te danken aan een nieuwsoortige marketingstrategie: men vroeg zich niet langer af wat de klant wilde, maar wat hij zou móéten willen.

Schotanus «De vraag sturen, in plaats van te volgen. De marketeers richtten zich vanaf het einde van de jaren 20 ook bewust op vrouwen. Een taboe: sommige vrouwen rookten al, maar zeker niet op straat. Lucky Strike huurde daarom Edward Bernays in – een volle neef van Sigmund Freud, een communicatieman die tijdens de Eerste Wereldoorlog het vak had geleerd bij de Amerikaanse propagandamachine. Bernays veroorzaakte een weergaloos nieuwsmoment door tijdens de Easter parade op 5th Avenue een optocht van kettingrokende vrouwen te organiseren. Suffragettes, die de hele tijd uitkreten: ‘Women! Light another torch of freedom! Fight another sex taboo!»

HUMO De sigaret als pivot in de emancipatie van vrouwen.

Schotanus «Ik beschrijf in het boek hoe in 1901 een – naar de toen geldende normen – extravagant geklede vrouw in Amsterdam oproer veroorzaakte door te roken in de Kalverstraat. Er ontstond een ware volkstoeloop, de politie moest tussenbeide komen en de vrouw werd gearresteerd. Vijftien jaar later was dat voorbij: de sigaret werd het symbool van de gelijkwaardigheid van de vrouw.»


Seks, sigaretten en ontbijtgranen

HUMO We hadden het tot nog toe over het eclatante succes van de sigaret. Maar – we moeten daar niet flauw over doen – er is ook een keerzijde: je loopt kans op de smerigste kankers en je slagaders slibben dicht tot je hart implodeert. Ik lees in uw boek dat die gezondheidsbezwaren al eeuwenoud zijn.

Schotanus «Het is te zeggen: men ging ervan uit dat het ongezond was. Men associeerde de sigaret met allerlei crimineel gedrag, maar ook met ziekten zoals dwerggroei, verschrompelde testikels en ontstoken gezichtszenuwen. Het werd helemaal erg toen een aantal Amerikaanse industriëlen zich ermee ging bemoeien. Henry Ford, bijvoorbeeld: een groot ondernemer, maar hij was niet vies van radicale denkbeelden. Hij beweerde dat rokers een natuurlijke aanleg tot onbetrouwbaarheid hadden. Zelfs onafhankelijke verkopers die zijn modellen aan de man brachten, mochten niet roken.

»J.H. Kellog – van de cornflakes – was nog zo’n tegenstander.»

HUMO Een zevendedagsadventist die in zijn tijd de geheelonthoudersbeweging aanvoerde.

Schotanus «Hij streefde met religieus oogmerk naar geestelijke en lichamelijke reinheid. De sigaret was het schoolvoorbeeld van de verderfelijke gewoonten die ze verwierpen. Ze waren ook tegen seks gekant.»

HUMO En de sigaret is omgeven door seksuele suggestie.

Schotanus «De daad op zich is al seksueel geladen. De kunstcriticus Rogier Ormeling schreef dat de mannelijke afkeer voor rokende vrouwen is ingegeven door de angst dat ze een zelfstandig erotisch bestaan zouden ontwikkelen. Gelukkig, beweerde Kellog, kon je seksuele onreinheid onderdrukken door een strikt vegetarisch dieet te volgen, op basis van granen.»

HUMO De eeuwenoude gezondheidsbezwaren kregen eind 19de eeuw een solidere basis: in 1895 werd de röntgenfoto uitgevonden. Tegen de eeuwwisseling was er al een consensus: sigaretten zijn ongezond.

Schotanus «Het is de vraag in hoeverre die wetenschappelijke kennis doordruppelde in de gewoonten. Níét, denk ik.»

HUMO Tot niet zo lang geleden waren dokters de ergste kettingrokers.

Schotanus «Men had het altijd gevoeld, men wist het nu ook, maar men negeerde het en zocht continu omwegen om het vérder te negeren. Tegen mensen met een hartziekte zei men: ‘Doe het wat kalmer aan.’ Longkanker was nog geen epidemie, de link met de sigaret was helemaal nog niet duidelijk.»

HUMO Tot de nazi’s zich ermee gingen moeien.

Schotanus «De eerste grootschalige studie naar het verband tussen tabak en longkanker vond plaats in nazi-Duitsland: toen bleek dat longkankerpatiënten in de regel zware rokers waren, en dat die zes keer meer kans liepen op longkanker dan niet-rokers. Aan de nazi’s hebben we ook het begrip Passivrauchen overgehouden. In 1941 richtten ze aan de universiteit van Jena een instituut op dat enkel en alleen gewijd was aan tabak, geleid door SS-officier Karl Astel, even fervent antisemiet als antiroker: hij liep op rokende studenten af, griste de sigaret uit hun mond en brak ze in tweeën.»

HUMO De sigaret werd ook het onderwerp van propaganda: roken werd te kijk gezet als hobby van homoseksuelen, negers, communisten en Joden.

Schotanus «De hetze tegen tabak paste in het denken over raciale zuiverheid. Hitler mocht graag beweren dat tabak de zoete wraak was van ‘de roodhuiden’, omdat wij hen alcohol hadden leren drinken, met alle gevolgen vandien. Roken werd bij de nazi’s gelijkgesteld met alles wat niet deugde in de wereld. Ze voerden rookverboden in op bussen en in openbare ruimtes, sloegen reclame in de ban, maar kregen de sigaret er niet onder.»

HUMO Hitler was ooit roker maar kantte zich nadien virulent tégen de sigaret, net als Mussolini en Franco. U citeert in uw boek publicist Martin van Amerongen, die roken omschrijft als de ultieme democratische daad: ‘Rokend en drinkend, samenscholend en debatterend, werden alle mensen broeders en dat ziet de dictator niet graag.’

Schotanus «Een mooie gedachte waaraan iedere verslaafde zich kan laven om – toch voor even – de eigen onvolmaaktheid weg te moffelen.»

HUMO U plaatst de afloop van de Tweede Wereldoorlog in volgend schalks en onvermoed perspectief: het is niet alleen de overwinning van de democratie op het fascisme, maar evengoed die van de verwoede rokers Churchill, Roosevelt en Stalin op de antirokers.

Schotanus «Precies. En vervolgens beleefde de sigaret zijn ultieme glorietijd tijdens de jaren 40 en 50. Ondanks de toenemende wetenschappelijke bewijslast.»

HUMO Precies: in 1954 rookte de Britse minister McLeod drie sigaretten tijdens de persconferentie waar hij aankondigde dat er ‘een zekere betrekking tussen roken en longkanker schijnt te bestaan’.

Schotanus «Dat nieuws sloeg in als een bom. Tabakswinkels zagen hun omzet kelderen, op de beurs van Londen kelderden de koersen van producenten.»

HUMO Naarmate de berg wetenschappelijke evidentie zich verder ophoopte, werden tabaksproducenten nerveuzer. Op zoek naar een manier om hun omzetcijfers veilig te stellen, startten midden jaren 50 vier tabaksmastodonten met een ongeziene pr-campagne, uitgevoerd door het bekende bureau Hill & Knowlton.

Schotanus «Een bureau met een reputatie als het gaat over het oppoetsen van vuile klusjes. Ze hebben hun sporen verdiend bij de petroleumindustrie, bij ons in Nederland adviseren ze het koninklijk huis. Ze zijn goed in hun vak. Hun strategie kwam neer op: het zaaien van twijfel. Ze ontkenden niets, ze zeiden hoogstens: ‘Wij steunen het wetenschappelijk onderzoek.’ Intussen strooiden ze mondjesmaat wetenschappelijk tegenbewijs rond. Bewijs dat er geen was, maar veel mensen geloven liever een positieve boodschap dan slecht nieuws. De tactiek heeft heel goed gewerkt, de industrie heeft decennialang standgehouden.»

HUMO Tot de jaren 70: dan kwam het verzet in een stroomversnelling en kreeg de industrie klappen. In de States, met name, wat u wijt aan een andere juridische traditie.

Schotanus «De aansprakelijkheid van bedrijven voor hun producten is er helemaal anders dan in West-Europa. Merkwaardig fenomeen: iedereen kent de krankzinnige schadevergoedingen die nu en dan worden uitgekeerd omdat iemand zich verbrandt aan een bekertje koffie. Dat zou een zelfreinigend effect moeten hebben voor de industrie, maar het leidt alleen maar tot idiote disclaimers. Wij hebben die cultuur niet. Wij hechten meer belang aan de eigen verantwoordelijkheid: we weten nu al lang genoeg dat roken schadelijk is, zulke schadevergoedingen worden hier niet uitgekeerd.»

HUMO In de jaren 90 geraakt de sigaret helemaal in de verdrukking, na een lawine van gebeurtenissen: de Marlboro Man sterft, Allen Carr schrijft zijn boek (‘Stoppen met roken’), Johan Cruijff overleeft ternauwernood een hartaanval.

Schotanus «Klopt. Rookt Eddy Merckx nog, trouwens?

»Het heeft inderdaad tot de jaren 80 geduurd vooraleer West-Europa wakker schoot. In 1989 verbood de EU reclame op televisie, gaandeweg werd de sigaret uit meer en meer plaatsen verbannen. Dat is snel gegaan, want ik herinner me dat ik op mijn eerste kantoor nog gewoon mocht roken. Tot 1990 vonden we het in Nederland normaal dat je in het ziekenhuis mocht roken. In 2013 was er een relletje omdat cabaretier Hans Teeuwen vrijelijk rookte in de studio van ‘Zomergasten’, maar kort voordien was er een compilatie van de voorbije seizoenen te zien: tot voor kort rookte werkelijk iederéén in beeld. Van Kooten en De Bie hebben daar gevat op gereageerd: ‘Roken op televisie mag niet. Meekijken naar rokers mag eigenlijk niet. En meekijken naar meerokers: mag ook niet.’ Fascinerend om te zien hoeveel er in twee decennia tijd is veranderd. De perceptie van wat wij betamelijk vinden, is compleet gekeerd. Ik was niet zo lang geleden zelf nog roker, maar als ik nu een vrouw achter een kinderwagen een sigaret zie opsteken, denk ik: ‘Je bent niet lekker in je hoofd.’ Als ik visite heb en die mensen een sigaretje laat roken in de tuin, maak ik me zorgen: de ramen van de buren staan toch niet open?»

HUMO Begin september vorig jaar raakte bekend dat het rookverbod op de werkvloer, van kracht sinds 2006, in minder dan tien jaar tijd heeft gezorgd voor een dramatische daling van het aantal hartaanvallen. Er vallen per jaar 425 hartdoden minder.

Schotanus «Ja, dat soort cijfers ken ik ook uit Italië. Heel mooi, als het waar is. (Aarzelt) Ik moet opletten – want als je dit soort dingen in twijfel trekt, ben je sowieso verdacht.

»Maar op zich lijkt het me logisch. Ik vind het overigens prettig dat op restaurant en in grote cafés niet gerookt mag worden: ik kan er met mijn kinderen komen, en dat is fijn. Maar moeten we het ook verbieden in de kleine kroegjes waar één man achter de bar staat en waar werkmensen op vrijdag een pilsje en een sigaretje komen nuttigen? Ik vind het een moeilijke discussie.»

HUMO De discussie is opnieuw religieus geworden, schrijft u in uw boek: het legitieme debat over tabaksrook is doorgeslagen in een hetze die zich niet langer tegen de sigaret maar tegen de roker zélf richt, bliksemafleider voor een breed scala aan banvloeken.

Schotanus «De roker versus de niet-roker, de gelovige versus de ongelovige. Vooral in de Verenigde Staten is de slinger doorgeslagen richting fundamentalisme. Ik sta soms versteld van de agressieve reacties die de sigaret oproept, alsof het de bron van alle kwaad is. De sigaret is een erg dodelijk tijdverdrijf, natuurlijk, maar er is nog ander kwaad in de wereld dat onze aandacht verdient.»

HUMO De antitabakslobby maakt zich ook schuldig aan geschiedvervalsing. U geeft het voorbeeld van een tentoonstelling over de Parijse filosoof Jean-Paul Sartre, wier longen vaker wél dan níét gevuld waren met rook.

Schotanus «Op de cover van de catalogus bij die tentoonstelling prijkte een iconische foto van Sartre. Een geretoucheerde versie: de sigaret die zoals gewoonlijk tussen zijn lippen bungelde was weggegomd. Uitgerekend in Parijs, waar in de jaren 20 een Amerikaan lik op stuk kreeg van de redactie van Le Figaro omdat hij zich druk maakte over een standbeeld van de rokende dichter François Coppée. Hij had een verontwaardigde brief naar de krant geschreven, die nogal laconiek reageerde: ‘Als de Franse jeugd iets van de goede eigenschappen van de beminde dichter in zich opneemt, laat hen dan ook maar eens een sigaret opsteken.’»

HUMO Nog een laatste voorbeeld van de heersende antirookmoraal: de bedenkelijke reputatie van de elektronische sigaret.

Schotanus «Zo’n pijpje dat met navullingen werkt. Voor omstaanders is het niet hinderlijk, want het stoot enkel waterdamp uit. Ik heb het vorig jaar nog gebruikt op het vliegtuig: niemand sloeg er acht op. Toch is het omstreden: de EU heeft eind vorig jaar nog aangekondigd dat het de e-sigaret wat meer aan banden zal leggen. Nochtans krijgt de roker enkel nicotine binnen, geen teer, koolstofmonoxide of benzeen. Nicotine is erg verslavend, maar het veroorzaakt geen kanker en is voor de rest vergelijkbaar met cafeïne. (Uit nieuw onderzoek bleek vorige week dat de krachtige modellen wél kankerverwekkende stoffen uitstoten, maar over de effecten op lange termijn blijft de onduidelijkheid bestaan, red.)

»Vandaag wordt alles wat geïnhaleerd wordt vanuit een soort dogmatisch denken per definitie als heel slecht bestempeld. Dat valt me tegen: soms zou het toch beter zijn als mensen gewoon wat meer mildheid aan de dag zouden leggen?»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234