Humo-dossier: Kameraad Prostaat - Deel III

Deze maand - movember voor de ingewijden - laten tal van mannen - over de vrouwen gaan we ons niet uitspreken - een snor groeien, een jaarlijks weerkerende actie die prostaatkanker in de kijker wil zetten. Enkele maanden geleden bracht Humo hierover een reeks.

Twee assistenten in een groen operatiepak staan over de patiënt gebogen. Een meter ervandaan regelt de anesthesist de druk van zijn flessen met verdovend gas. Op meerdere plaatsen in de ruimte hangen schermen waarop beelden van de operatie te zien zijn. Monitoren geven grafieken weer. Machines zoemen, oscillatoren tikken en piepen. Zes Italiaanse aspirant-chirurgen en hun prof volgen vanaf hun stoel gefascineerd wat zich op de schermen afspeelt.

Ik zit op drie meter van de operatietafel aan een soort geavanceerde PlayStation-console. Zonet heb ik mijn chirurgisch pak aangetrokken: een lichtblauw kapje, een grasgroene schort en donkerblauwe schoenovertrekken. Op een stereoscopisch scherm kijk ik naar een futuristisch landschap dat mij nog het meest doet denken aan ‘Reis naar het middelpunt van de aarde’ van Jules Verne. Naast mij zit dokter Alexander Mottrie, uroloog en wereldvermaard specialist van de robotmatig geassisteerde chirurgie. Zijn handen rusten op twee devices die ik nog het best kan omschrijven als gesofisticeerde joysticks. Op het scherm volg ik een schitterend ballet van vier priemen, onderaan voorzien van een gewricht dat alle kanten op kan. Aan het gewricht zitten kleine scharen die zich dwars door de patiënt een weg knippen. Doel: de prostaat, diep verborgen in het kleine bekken. De priemen gaan op en neer, de gewrichtjes knippen en snijden en langzaamaan komt de prostaat bloot te liggen. Bloedingen worden meteen dichtgebrand met de coagulator, die wordt bediend met een voetpedaal. Een rookpluimpje stijgt op: verbrand vet, waterdamp?

Dokter Mottrie werk stug door, zelfverzekerd, doortastend, vliegensvlug. Er hangt een aangename spanning in de zaal. ‘Yes, sir!’ roept Mottrie, telkens wanneer de assistent een doorgesneden bloedvat moet afklemmen. De tovenaar zit lichtjes voorovergebogen, de ogen op twee oculairs – de handen op dertig centimeter van elkaar, wijsvinger en duim rond een device dat zijn fijne bewegingen registreert en overbrengt naar de operatietafel. Op een vreemde manier stelt de rustige vastberadenheid en het naturel waarmee Mottrie zijn werk doet, me op mijn gemak. Ik ben opeens niet bang meer voor een operatie. De prostaat wordt geduldig vrijgemaakt, met een minimum aan schade aan de omringende zenuwen, en o zo voorzichtig aan de blaaskant en de sluitspierkant losgeknipt. Eén van de priemen klapt onderaan open tot een soort vuilnisbakje, waarin prostaat en weggeknipt weefsel verdwijnen. Nu tovert Mottrie draad en een sikkelvormige naald tevoorschijn. Door het vergrotingseffect op het scherm lijkt de draad een flinke koord, maar in werkelijkheid heeft hij de dikte van een klassieke naaidraad. Mottrie trekt de blaas naar beneden en begint de uitgang ervan aan de plasbuisstomp te hechten. Fascinerend om te zien hoe hij met draad en garen overweg kan. Ik blijf gebiologeerd kijken. De hechting is uitgevoerd en Mottrie staat op. Er klinkt applaus van de Italianen, ik klap mee. Professor Vincenzo Ficarra van de universiteit van Padua neemt plaats aan de console om de patiënt verder af te werken.

Dokter Mottrie is een boomlange man van een jaar of veertig. Hij praat met een licht West-Vlaams accent, doorspekt met Amerikaans – het resultaat van tientallen congressen, trainingen en demonstraties worldwide. Twee uur voor de zonet beschreven operatie had ik volgend gesprek met hem.

Alexander Mottrie «Hier in het O.L.V.-Ziekenhuis in Aalst heeft men altijd zeer vooruitziend en vooruitstrevend gewerkt. Aalst is wereldberoemd door zijn hartchirurgie. Hier zijn koningen geopereerd, ministers, big shots uit heel Europa. Aalst heeft zeer vroeg in een robot geïnvesteerd, onder impuls van de bekende hartchirurg dokter Hugo Vanermen. En als die robot even niet bezet was, mocht ik hem gebruiken voor de urologie.»

HUMO Bent u zomaar patiënten beginnen te opereren?

Mottrie «Mijn eerste robotmatige prostatectomie heb ik op een dode uitgevoerd. Allemaal zelfstudie: er was niemand van wie ik het kon leren. Ik werkte op overleden mensen, op varkens, op kippen. Zo heb ik beetje bij beetje de techniek in de vingers gekregen. Maar eigenlijk is het Amerikaanse leger met robotchirurgie begonnen. Ze gebruiken het om de slachtoffers aan het front de eerste zorgen toe te dienen. Ook in Libië is het systeem gebruikt: het is te duur en te gevaarlijk om chirurgen in levenden lijve naar het front te sturen. »Wereldwijd zijn er zo’n duizendzevenhonderd chirurgische robots in gebruik. Wij in Aalst hebben er drie staan, van het nieuwste type. Je hoort weleens: ‘Zo’n robot is er in de eerste plaats voor het comfort van de chirurg.’ Maar: hoe meer op zijn gemak de chirurg is, hoe beter hij opereert. Bij een klassieke laparoscopie (kijkoperatie, red.) moet de chirurg zich in de vreemdste bochten wringen. Ik ken collega’s die er geregeld een torticollis (hevige vorm van stijve nek, red.) aan overhouden. »Vroeger opereerde je open, en je deed dat bij wijze van spreken met mes en vork. Gevolg: grote postoperatieve pijn, een lang herstel, arbeidsongeschiktheid. Nu werken we met computers, tv-schermen, video’s, enzovoort. We snijden de patiënt niet meer open, maar we brengen buisjes via een gaatje in de buikholte of de bekkenbodem.»

HUMO De Da Vinci-robot is geen echte robot: niet hij maar de chirurg opereert, u dus.

Mottrie «We noemen dat telechirurgie. De chirurg zit in een werkpost, de console, en bestuurt van op een afstand de operatiearmen. In principe kun je hier in Aalst aan de console zitten terwijl de patiënt aan de Noordpool wordt geopereerd. Maar medico-legaal mag dat niet, of nog niet (lacht).»

HUMO Wat zijn de voordelen van de robotchirurgie?

Mottrie «Die zijn enorm. Vooreerst heb je een veel beter zicht op wat je doet. Bij klassieke chirurgie maak je de buik of het bekken open en zie je soms zo goed als niets. Bij Da Vinci-chirurgie kijk je in de console op twee stereoscopische schermen, voor elk oog één scherm, zodat je een perfect en vijftienvoudig vergroot beeld van het te opereren gebied krijgt. De camera heeft twee lenzen, zodat je ook een fantastisch dieptezicht krijgt. En de stelregel is: hoe beter je iets kunt zien, hoe beter je kunt opereren.»

HUMO De Da Vinci-robot lijkt gebaseerd op het principe van de computergames, waarbij je met joysticks werkt.

Mottrie «Dat zijn handles, die ik met mijn duimen en wijsvingers bedien. De computer registreert mijn bewegingen en stuurt die door naar de chirurgische instrumenten in de buikholte van de patiënt. Met dat verschil dat mijn bewegingen vijf keer worden verkleind. Ik werk dus vijf keer preciezer. Ook het trillen van mijn handen wordt met de factor vijf gereduceerd. We kunnen met twee chirurgen tegelijk werken, via de dual-console. We zitten dan naast elkaar, elk met zijn eigen voetpedaal, stoel, schermpjes en handles. Dat is vooral van belang bij trainingen: de leerling doet de ingreep en ik kan indien nodig meteen overnemen of corrigeren. »Nog een voordeel: een mens heeft maar twee armen, de Da Vinci- robot heeft er vier. Als we met twee chirurgen opereren, bedient de eerste arts twee armen, de tweede bedient er één, en de vierde arm bevat de camera. Met een voetpedaal kan ik de controle van de ene op de andere arm verplaatsen, of van functie wisselen. Soms lijkt het wel pianospelen (lacht). »Mettertijd verloopt dat vliegensvlug, je switcht van de ene naar de andere arm, van de ene naar de andere functie, je stelt de camera bij, je snijdt, je knipt, je zuigt bloed af.»

HUMO Een stoute vraag misschien: er bestaan wereldkampioenschappen voor alle mogelijke computergames. Daarin behalen de besten vaak onwaarschijnlijke scores.

Mottrie «De handigheid van de mens is zeer interindividueel. Mijn zoon heeft een PlayStation waarmee hij ongelooflijke dingen doet. Wie goed is met PlayStation, zal vlugger de nieuwe technieken onder de knie krijgen.»

HUMO Tijdens de operatie hebt u geen enkel rechtstreeks contact met de patiënt?

Mottrie «Nee, daarvoor hebben we twee andere teamleden. Onze instrumentiste, Isabel, en een assistent staan aan weerszijden van de patiënt. Ook zij kunnen op een tv-scherm volgen wat er binnen in de patiënt gebeurt. Via een intercom geef ik mijn orders aan het hele team.»

HUMO Je hoort weleens: met robotchirurgie verlies je je gevoel als chirurg.

Mottrie «Dat klopt. In het begin heb je geen tactiliteit. Het opmerkelijke is: mettertijd komt dat gevoel er wél, maar het is anders. En als er al enig nadeel zou zijn, wordt dat ruimschoots goedgemaakt door je dieptezicht. Nog een voordeel: aan het uiteinde van de operatiepriemen zitten twee gewrichtjes die in alle richtingen kunnen kantelen. Die gewrichtjes breiden de mogelijkheden en de nauwkeurigheid van de chirurg enorm uit. Vooral bij prostaatoperaties komen de voordelen van de robot beter tot uiting. Vroeger kwamen de meeste patienten impotent uit een klassieke open prostatectomie. Met de robot kunnen we veel beter zenuwsparend werken. Je ziet die zenuwen en bloedvaten beter liggen, je kunt er veel omzichtiger omheen werken, zonder ze te kwetsen.»

HUMO En dat kan een klassieke open chirurg niet?

Mottrie «De allerbesten, zoals professor Hein Van Poppel, kunnen dat wél. Maar hij zal meer bloedverlies veroorzaken dan met de robot. En de modale urologische chirurg met minder ervaring kan niet zo nauwkeurig als Van Poppel werken. Maar: a fool with a tool is still a fool. Je moet met de robot kúnnen werken, en ook dat is niet iedereen gegeven.

»Bij een kijkoperatie en bij de robotmatige ingreep werken we met perslucht: we blazen het bekken van de patiënt op, zodat het opbolt als een ballon. Zo ontstaat er ruimte en kun je beter werken. Tegelijk krijg je minder bloedingen, omdat de ruimte onder druk staat, wat niet het geval is bij de open operatie. »

Als het over positieve snijranden gaat – kanker die na de operatie toch nog is blijven zitten – scoren we voor orgaanbegrensde tumoren amper 2,8 procent. Dat is toch prachtig! In de vakliteratuur lees je over gemiddelden van tien tot dertig procent. Weinig mensen geloofden ons, tot ze zich hier met eigen ogen zijn komen vergewissen. »

HUMO Wat zijn uw cijfers voor incontinentie?

Mottrie «Na zes maanden was 95 procent continent, op een paar druppels na. De jongste cijfers zijn nog beter.»

HUMO En voor impotentie?

Mottrie «Patiënten jonger dan zestig jaar, bij wie we tweezijdig zenuwsparend gewerkt hebben: vierentachtig procent potent na zes maanden. Dat zijn bijzonder mooie resultaten. Let wel: wij zijn de eersten in de wereld om onze resultaten met minstens vijf jaar follow- up te publiceren. Bij eenennegentig procent noteren we na drie jaar een PSA van nul, wat betekent dat de kanker volledig is verdwenen. Na vijf jaar is dat vierentachtig procent. Daarna wijzigen de cijfers nog nauwelijks.»

HUMO Het is in deze reeks al uit den treure herhaald: alles is ervaring.

Mottrie «Vandaar mijn pleidooi om te werken met enkele grote centra, die meerdere robots en gespecialiseerde chirurgen hebben. Nu wil ieder ziekenhuis zijn eigen robot, maar dat kost de gemeenschap pakken geld. Al jaren vecht ik tegen windmolens. Dan roepen ze: ‘Mottrie doet niet anders dan zijn eigen winkel beschermen.’ Maar dat is onzin: er is hier méér dan genoeg werk. De patiënten komen uit de hele wereld: Rusland, het Midden- Oosten, noem maar op. We zitten heus niet om patiënten verlegen.»

HUMO Robotchirurgie is duur.

Mottrie «Dat is relatief. De geneeskunde als geheel wordt almaar duurder.

»De Da Vinci-robot kost om en bij de twee miljoen euro, en het onderhoudscontract kost honderdvijftigduizend euro per jaar. Plus duizendvijfhonderd euro per patiënt voor het chirurgisch materiaal. Als je je robot in zeven jaar afschrijft, dan kost dat driehonderdduizend euro plus je onderhoudscontract, dus vierhonderdvijftigduizend euro kosten per jaar. Als je elk jaar vijftig ingrepen doet – en er zijn in Vlaanderen ziekenhuizen waar er niet eens zoveel gebeuren – dan kost alleen al je robot negenduizend euro per patiënt. Doe je er vijfhonderd per jaar, zoals wij, dan zakt de prijs tot negenhonderd euro per patiënt. Wij maken zelfs een beetje winst op onze robots – dat kunnen zeer weinig centra zeggen. Wij zijn het enige écht multidisciplinaire robotcentrum in de wereld, samen met dat in Detroit.

»Let wel: ook onze hartchirurgen, gynaecologen, longartsen en vaatspecialisten gebruiken de robots. Die machines kloppen hier overuren (lacht).»

HUMO De High Intensity Focused Ultrasound-behandeling uit de vorige aflevering kost maar 2.500 euro.

Mottrie «HIFU heeft níéts bewezen, integendeel. Men probeert dat in Antwerpen als eerstelijnsbehandeling te promoten, zonder enig wetenschappelijk bewijs. Dat is de mensen zand in de ogen strooien. Wij hebben in Aalst een wetenschappelijk platform gecreeerd, precies om de resultaten van onze ingrepen te kunnen objectiveren. Je zult nooit platte reclame uit mijn mond horen. Ik verkoop geen lucht, ik lever kwaliteit af. Toen we onze tweeduizendste robotoperatie hadden verricht, hebben we dat niet eens kenbaar gemaakt.»

HUMO Hoe lang duurt een prostatectomie met de robot?

Mottrie «In het begin zat ik aan een gemiddelde van tweeënhalf uur. Dat is geëvolueerd naar een dik uur. Het gaat sneller omdat we er beter in worden. Gevolg: minder bloedverlies, nauwelijks honderdvijftig milliliter per operatie. Vandaag doe ik vijf operaties. Gemiddeld hebben we er op onze dienst tien tot vijftien per week – uitsluitend urologie. Vorig jaar hebben we ongeveer vijfhonderd robotingrepen gedaan, dit jaar worden dat er mogelijk meer dan zeshonderd. Heel wat collega’s urologen komen naar Aalst om hier, onder mijn supervisie en met mijn hulp, hun robotingrepen te doen – mijn collega’s van het UZ Gent bijvoorbeeld al twee jaar. We delen duur materiaal, zodat het goedkoper wordt voor de gemeenschap.»


Kip op tafel

Mottrie «Iedere afgestudeerde uroloog doet in België wat hij wil: hij mag opereren met de robot, hij mag radicale prostaatverwijdering doen, brachytherapie, HIFU, noem maar op – zónder dat hij daarvoor een opleiding heeft gehad.»

HUMO Niet te geloven.

Mottrie «Er bestaat geen medicolegale richtlijn. Daarom heb ik als voorzitter van de Europese Vereniging van Robot Chirurgie hier in Aalst het Onze-Lieve-Vrouw Robotic Surgery Institute (ORSI) opgericht, om training op een gestructureerde en reproduceerbare manier te organiseren. »We beginnen met een soort PlayStation-oefening, om na te gaan of het fijne vingerwerk van de chirurg vooruitgang maakt. Een formule 1-coureur kan een nieuw circuit op de simulator instuderen. Wel, wij zijn daar ook mee begonnen. Het ORSI is een non-profitorganisatie, een vzw die niet op winst uit is. Wij zijn een niet-universitair centrum, maar toch betrekken we Leuven en Gent bij onze werking. Het enige wat we willen is: to pass on our experience and expertise. Uit de hele wereld komen urologen bij ons een expertentraining volgen.»

HUMO Als u zo met training bezig bent, hoe weet een patiënt dan zeker dat ú hem straks opereert, en niet een student?

Mottrie «De ingreep doe ik altijd zelf. Ik word wel geholpen voor de minder technische aspecten van de zaak. De patiënt wordt door assistenten of door mensen in opleiding voorbereid, en als alles mooi openligt, kom ik eraan. De patiënt is nooit een proefkonijn.»

HUMO Maar op wie maak je dan je eerste fouten?

Mottrie «Op dood materiaal. We geven eerst theoretische lessen, dan een training op de simulator, daarna op varkens en op de Venezolaanse kip, enzovoort.»

HUMO De Venezolaanse kip?

Mottrie «Ik zal je die even laten zien.»

Dokter Mottrie tokkelt op zijn computer en op het scherm verschijnt het beeld van een kip op de operatietafel, met een katheter in de aars en de vier robotpriemen in haar lijf.

Mottrie «Die kip is eigenlijk een stevige Mechelse koekoek. We leren de studenten zo de endeldarm hechten. De techniek werd voor het eerst door een prof uit Venezuela gebruikt, vandaar de naam (lacht). Zo’n kip kost ons drie euro. Een fantastisch model. Je steekt een katheter door de aars van dat beest, en die endeldarm is precies de menselijke plasbuis. De consistentie van het weefsel is zeer vergelijkbaar. En daarop wordt getraind.»

HUMO Waarom traint u niet meteen op een varken?

Mottrie «Om ethische redenen. Die houden we voor de laatste stap.»

HUMO Een stoute opmerking: hoe komt u toch aan de roep dat u een cowboy bent?

Mottrie «Eerlijk gezegd: ik ben wat onthutst: het is de eerste keer dat ik dát hoor. »De kritiek is altijd gekomen van mensen die zich geen robot konden veroorloven. Als ze later toch een robot kopen en hier komen trainen, draaien ze vanzelf wel bij.»

HUMO Tweede punt van kritiek: Mottrie is duur.

Mottrie «Ik ben verdorie de goedkoopste van allemaal! Ik weet begot niet eens wat ik verdien. Het ziekenhuis hier vraagt bij een robotmatige prostatectomie géén extra opleg boven op de terugbetaling door het ziekenfonds. Ik vraag géén extra ereloon voor mezelf, op voorwaarde dat de mensen geen eenpersoonskamer kiezen – doen ze dat wel, dan reken ik het gebruikelijke percentage aan, zoals in heel Vlaanderen gebeurt. Maar qua erelonen zijn we véél goedkoper dan in Brussel: in Sint-Jan of Edith Cavell durven ze tot vierhonderd procent ereloon vragen. (Met grote nadruk) Dat ze mij een cowboy noemen, tot daar aan toe – eigenlijk zou ik het als een eretitel moeten beschouwen. Maar een geldwolf ben ik níét. »In het buitenland verdien je als chirurg veel meer dan in Vlaanderen. Daarom zien we hier zoveel buitenlanders (lacht). En ja, als een rijke sjeik zich hier laat opereren, dan durft het ziekenhuis weleens door te vragen. Maar dat komt de andere patiënten dan weer ten goede. »Een robotoperatie kost bij ons, als je in een gemeenschappelijke kamer verblijft, vijfduizendachthonderd euro, die door het ziekenfonds wordt terugbetaald. Voor brachytherapie betaal je zesduizend euro, alleen voor de radioactieve zaadjes; daar komen dan nog de kosten voor de artsen en het verblijf bovenop.»

HUMO Laatste vraag: u staat bekend om uw gevoel voor humor. Vertel ons eens een goeie urologenmop?

Mottrie «Ik ken er een heleboel, maar de beste vind ik nog altijd: ‘Een rectaal toucher doe ik normaal zó (toont zijn wijsvinger, red.). Tenzij bij journalisten, dan doen we dat zó (voegt middenvinger erbij, red.).’ (unisono bulderlach

HUMO Dokter, in uw handen beveel ik mijn prostaat! Ik kan er maar niet genoeg van krijgen. En daarom besluit ik nog een laatste keer bij de heren professoren langs te gaan, om eens te horen wat zíj denken van de Da Vinci- robot. Eerst naar de VUB, naar professor Dirk Michielsen.

HUMO U opereert niet met de robot?

Dirk Michielsen «Nee, maar dat is een beslissing van het Academisch Ziekenhuis. Evidence-based is de robot niet beter, maar de believers zullen beweren dat er toch een kleine voorsprong is. Zo zou er minder bloedverlies zijn. Maar is dat de grote investering waard? Ik vind het prachtig wat collega’s met een robot uitvoeren, maar een echt voordeel voor de patiënt zie ik niet. En ik krijg hier ook weleens complicaties na een robotingreep doorgestuurd. Toegegeven, Alex Mottrie haalt prachtige resultaten met zijn robot. Maar hij heeft ook al meer dan duizend operaties verricht.»

HUMO Het zicht van de chirurg zou wel beter zijn met een robot, en de hand trilt niet. Maar tegelijk mist de chirurg het gevoel van hoe een scalpel door het vlees snijdt.

Michielsen «Je kunt met de robot bewegingen maken die je onmogelijk met je hand kunt doen. Sommige collega’s zeggen me: ‘Die robot is een godsgeschenk. Ik zit op een stoel!’ Ach, ’t is een kwestie van geloof.»

HUMO Misschien voelt u zich gefrustreerd omdat uw ziekenhuis niet in een robot wil investeren?

Michielsen «Ik ben niet gefrustreerd, hoor. Wat niet wegneemt dat ik wel graag met de robot zou leren werken. Een chirurg moet meegaan met de nieuwe technologie. Ik wil mijn patiënten de totaliteit van de heelkundige behandelingen kunnen aanbieden. En dat kan ik voorlopig dus niet. Dáár ligt mijn frustratie (lacht). In 2001 wou ik graag een robot aankopen, maar de urologen konden ’m niet zelf financieren uit de werkingsmiddelen van de dienst, en diensten zoals algemene heelkunde en gynaecologie zagen er toen geen voordelen in. Kortom: we stonden alleen. Tien jaar later zijn wél meerdere collega’s erin geïnteresseerd, maar het blijft een dure en voor ons onrendabele investering. Soms zeg ik al lachend: ‘Wat we eigenlijk nodig hebben is een kartonnen robot. Dan kan ik tegen mijn patiënten zeggen: wij hebben er ook eentje.’ (lacht


Honderdste keer, goede keer

HUMO Professor Van Poppel, Leuven stond in het verleden huiverig ten aanzien van de robot.

Hein Van Poppel «We hebben in het Universitair Ziekenhuis in Leuven veel later een robot gekregen dan in een aantal perifere ziekenhuizen, waar de financiële investering blijkbaar makkelijker haalbaar was. Ondertussen doen we ongeveer de helft van onze prostatectomieën, een honderdtal per jaar, met de robot: de vroege tumoren. De andere honderd, meestal meer gevorderde tumoren, behandelen we nog altijd met een open operatie.»

HUMO Leuven had de naam nogal klassiek te werken.

Van Poppel «Omdat wij weinig lawaai over de ingebruikname van onze robot hebben gemaakt, wellicht (lacht). De robot kan een voordeel bieden bij het behoud van de potentie, dat geef ik graag toe. Je ziet de zenuwbundels beter, je zou ze dus beter moeten kunnen sparen. Maar vergelijkende studies tonen een veel kleiner verschil in succes dan je zou verwachten. »Ik zit samen met dokter Mottrie in een werkgroep met chirurgen uit de Verenigde Staten, Australië en West-Europa, waar de meerwaarde van robotchirurgie grondig wordt bekeken. Bij beperkte tumoren heeft de robotchirurgie waarschijnlijk een voordeel, bij lokaal gevorderde tumoren is er nog onvoldoende evidentie van de superioriteit van de robot.»

HUMO Met name professor Willem Oosterlinck stond vroeger sceptisch tegenover de robot. Maar nu blijkt dat het UZ Gent toch een Da Vinci-robot gaat kopen. Tegelijk vertelde Professor Hendrik Cammu van de VUB me dat het resultaat van de robot volgens studies nog altijd niet superieur zou zijn aan dat van de open operatie.

Van Poppel «Professor Cammu heeft groot gelijk: er bestaat geen enkele goede studie die de superioriteit van de robot aantoont. Uiteraard willen mensen die uitsluitend met de robot opereren, of mensen die de Da Vinci-robot verkopen, graag aantonen dat de robot beter is. Uit een studie van professor Giacomo Novara van de universiteit van Padua blijkt wel dat er een klein functioneel voordeel zou kunnen bestaan: impotentie en incontinentie zouden na een robotoperatie minder frequent optreden. Wat betreft het grondig verwijderen van de kanker zelf zou er misschien geen nadeel bij de robot kunnen worden vastgesteld, zoals vroeger werd beweerd.

»In de Verenigde Staten gebeurt nu vijfenzeventig procent van de prostaatoperaties met de robot. Die evolutie is niet tegen te houden. In België beschikken we over een sterk uitgebouwd gezondheidssysteem waar veel geld naartoe gaat. Dus dienen er keuzes gemaakt. Waaraan besteed je dat geld? Aan medicijnen om een patiënt met nierkanker een paar maanden langer in leven te houden? Of aan een dure robot, waarmee je een man zijn erectie kan laten behouden? Dat zijn moeilijke keuzes.»

HUMO Een onderwerp dat door iedere gesprekspartner in deze reeks werd aangesneden: boven alles telt de ervaring van de chirurg. U bent wellicht één van de meest ervaren urologische chirurgen in Europa.

Van Poppel «Ik ken weinig chirurgen die méér prostaten hebben verwijderd dan ik, dat klopt (lacht). En het klopt ook dat je resultaten met de jaren blijven verbeteren. Hoe méér ingrepen je doet, hoe bekwamer je wordt. Je hebt echt een honderdtal operaties nodig voor je de zaak beheerst.»

HUMO Succes betekent voor een urologisch chirurg: goede cijfers halen inzake impotentie en incontinentie. Maar eigenlijk geef u uzélf die cijfers.

Van Poppel «Iedere chirurg denkt van zichzelf dat hij goed is. Hartchirurgen hebben een database opgericht waarin je je resultaten stopt – niemand weet wie je bent, je hoeft je niet te schamen (lacht). Zo kun je als chirurg zien of je goed bezig bent. Voor de chirurgie van endeldarmkanker bestaat er ook zo’n registry, maar voor prostaatkanker niet.»

HUMO Je zult maar bij een middelmatige chirurg terechtkomen.

Van Poppel «We hebben enkele jaren geleden een Europees onderzoek gedaan naar het succes per arts bij chirurgische verwijdering van de prostaat. Sommige urologen hebben op tien achtereenvolgende operaties zeventig procent positieve snedevlakken, wat betekent dat er in zeven op de tien gevallen kankercellen achtergebleven kunnen zijn, en dat ze hun patiënt eventueel moeten nabestralen of hormonale therapie moeten geven. Bij een aantal was er tot zestig procent PSA-persistentie. Dat is geen aanvaardbaar resultaat voor lokaal beperkte tumoren.»

HUMO Zo iemand zou eigenlijk niet meer mogen opereren?

Van Poppel «Eh… We zouden inderdaad over een tool moeten beschikken waarmee we chirurgen kunnen aansporen om hun chirurgische capaciteiten te verbeteren.

» oeps, accIdentje

HUMO Professor Oosterlinck, u hebt zich in het verleden wel ’s kritisch uitgelaten over robotchirurgie.

Willem Oosterlinck «Wat incontinentie betreft, geeft de robot geen beter resultaat. Maar als je de zenuwen wil sparen die de erectie commanderen, dan slaag je daar het best in met robotchirurgie. En als de chirurg op zijn gemak kan werken, zal hij ook beter presteren. Een radicale verwijdering van de prostaat is een lastige en moeilijke operatie: de robot kan die vergemakkelijken. »Ik moet toegeven dat ik bij het opkomen van de Da Vinci-robot zelf mijn twijfels had. De eerste cijfers waren niet zo schitterend, maar dat had te maken met het feit dat het veel tijd en ervaring vraagt om efficient met de robot te opereren. Ik heb me indertijd enorm verzet tegen de al te grote verspreiding van de robot in België. Plotseling moest élk ziekenhuis zijn robot hebben. Maar hoe meer robots er in een regio staan, hoe meer je de kans van de chirurg verkleint om ervaring op te doen. Ik heb altijd gepleit voor slechts enkele centra, waar ze zich dan voor honderd procent op het werken met de robot kunnen toeleggen. Idem voor HIFU. Het gaat hier niet om simpele technieken, hè.»

HUMO De chirurg zou bij het werken met een robot zijn feel verliezen. Hij voelt zijn scalpel niet meer door het weefsel snijden.

Oosterlinck «Kan zijn. Maar dat compenseer je door de vele voordelen. En het bevestigt wat ik net zei: je moet ervaring opbouwen. De robotchirurgen worden mettertijd handiger. Het is vooral zaak om véél te opereren. Sommige robotchirurgen hebben er ondertussen meer dan duizend operaties op zitten. Ik vergelijk het graag met golf: het duurt jaren voor je je swing echt perfect hebt. Als je met robotchirurgie begint, moet je in de leer gaan bij iemand die de zaak door en door kent. Werken met een meester verkort je leercurve enorm.»

HUMO Dat zou betekenen dat heel wat patiënten zonder het te weten proefkonijn zijn, omdat ze zich de dure prof met de meeste ervaring niet kunnen permitteren?

Oosterlinck «Het is niet omdat je prof bent, dat je a priori de meeste ervaring met een nieuwe techniek hebt. Een chirurg in de periferie kan uitgroeien tot dé autoriteit. En in het begin gebeuren er ongevallen, ja.»

HUMO Angstwekkend.

Oosterlinck «Angstwekkend, inderdaad. En dat was ook mijn punt, destijds.»

Tijd voor het afscheid. Ze vragen me weleens: ‘Hoe voel je je vandaag?’ Wel, ik voel me als een geslaagde cross-over tussen ‘De schreeuw’ (Edvard Munch, 1893) en The Joker (Jack Nicholson in ‘Batman’, 1989). Ik had nochtans een onklopbaar strategisch plan: als een beest leven tot mijn vijftigste, en dan zien wat er gebeurt. Ik was toen vijfentwintig en kon me onmogelijk voorstellen dat ik op mijn veertigste, laat staan mijn zestigste, nog naar een popfestival zou trekken. Hope I die before I get old, weet je wel.

Op mijn vijftigste, na inderdáád als een beest te hebben geleefd, voelde ik me nog altijd de gebraden haan, tot spijt van wie ’t benijdt. Dus wijzigde ik mijn plan in: onvervaard verder de beest uithangen en er omtrent m’n tweeënzeventigste, als ik statistisch begin te sukkelen, een eind aan maken – indien nodig, of course. Wat heet: een win-winsituatie. ‘Als ik begin te sukkelen…’ Welnu, let’s face it, ik bén aan het sukkelen. Ik moet van het ene vervelende, pijnlijke, lastige onderzoek naar het andere. Sinds ik zelf Het Vonnis heb gekregen, heb ik lafjes mijn levensplan gewijzigd. Nu heet het: rustig overleven met mijn Allerliefste, zolang het nog kan. Maar als de pijn ondraaglijk wordt… Ja, eerst verkramp je, daarna raak je het gewend, en uiteindelijk stap je toch weer morrend en bleek om je neus die vermaledijde operatietafel op. Komaan, Hendrickx, niet zo theatraal. Het kan allemaal véél erger – denk bijvoorbeeld aan wat Jean- Luc Dehaene overkwam. Even door de zure appel bijten. Zelfs met een pamper aan en je vlag Constant Halfstock zullen mooie vrouwen voor jou in katzwijm blijven vallen. Niet om je lichaam, maar om je geest (lol).

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234