Humo-dossier: Kameraad Prostaat - Deel II

Deze maand - movember voor de ingewijden - laten tal van mannen - over de vrouwen gaan we ons niet uitspreken - een snor groeien, een jaarlijks weerkerende actie die prostaatkanker in de kijker wil zetten. Enkele maanden geleden bracht Humo hierover een reeks.

Mijn hobo d’amore had maar een glimp nodig, een mooi gewelfde meisjeshals, een veelzeggende blik, de fraaie lichtinval op een frêle gezicht, of hij bevond zich meteen in de hoogste staat van paraatheid. Soms kon ik hem nauwelijks in bedwang houden, soms wilde hij Jos & Pol achterna (Ongewenste Intimiteiten! Seksuele Intimidatie! Machtsmisbruik!) en kon ik ’m alleen met de grootste moeite tot redelijkheid dwingen. Er waren ook dagen dat hij met geen stok uit zijn hok te krijgen was. Dan hing meneer als een doodziek aapje te treuren. Zelfs de gedachte aan – horresco referens – een zichzelf in bad met de sproeikop verwennende Goedele Liekens kreeg ’m niet meer overeind. Als een verschrompeld BiFi-worstje hing hij aan zijn haakje te verkommeren. En nu, na Het Verdict van mijn huisdoc, zou dat misschien verleden tijd zijn: geen lekkere stijve meer, geen aangename bobbel in mijn bluejeans, geen suggestieve opmerkingen van Lesley-Ann Poppe: ‘Heb je net een ijsje gemorst of ben je gewoon blij me te zien, baby?’

Prostaatkanker leeft niet alleen in je bekken, hij houdt ook huis in je brein. Het is een sluipend gif dat je niet met één enkele opdonder tegen de vlakte slaat, maar je tergend langzaam velt. De positieve PSA-test leidt je naar de echografie. De echografie leidt je naar de MRIscan. De MRI-scan leidt je naar de biopsie. De positieve biopsie leidt je naar de CT-scan en de botscintigrafie. En zo gaat die kruisweg door tot aan de laatste statie: de operatietafel. Bestaat er dan echt geen andere weg? Net toen ik zwolg in de diepste wanhoop en alleen nog de Vijfde van Beethoven kon aanhoren, de Noodlotssymfonie, zag ik in ‘Het journaal’ een opmerkelijk item over een als nieuw voorgestelde behandeling van prostaatkanker met ultrasone geluidsgolven: de High Intensity Focused Ultrasound-behandeling (HIFU). Dokter Chris D’Hont (55) ontvangt me in het ZNA Middelheim in Antwerpen. Hij heeft net zijn spreekuur achter de rug, maar dat zal hem er niet van weerhouden om me met groot enthousiasme over HIFU te onderhouden.

HUMO In het VRT-nieuws ging het over een Londense primeur, waarbij men er via HIFU in geslaagd was een prostaattumor weg te branden zonder de rest van de prostaat te beschadigen. Dus: zonder impotentie en incontinentie te veroorzaken.

Chris D’Hont «In die studie ging het om een groep van eenenveertig mannen met een zeer beperkte tumoraantasting, waarbij enkel de tumorzone werd behandeld. HIFU is de eerste behandeling waarmee dat technisch mogelijk is. Maar slechts een héél beperkte groep van patiënten komt in aanmerking voor zo’n gerichte ingreep. De meesten hebben een bredere behandeling van de prostaat nodig.»

HUMO Hoe verricht u de HIFU-ingreep? Er wordt niet in de patiënt gesneden, veronderstel ik. D’Hont «We werken met een holle ultrasone antenne die onder epidurale verdoving – een prikje in de rug – langs de aars wordt ingebracht. Daarmee sturen we gerichte hoogfrequente geluidsgolven door de darmwand naar een focuspunt in de prostaat, waar de geluidsenergie wordt omgezet in hitte. Vergelijk het met zonlicht dat je door een brandglas op één punt richt.»

HUMO Eigenlijk verbrand je de prostaat?

D’Hont «Je kookt ’m als het ware. De computergestuurde robot, de Ablatherm, brengt er kleine sigaarvormige letseltjes in aan. De temperatuur bedraagt ongeveer 85 graden Celsius aan de randen van elk individueel letsel, dat 1,7 mm breed en maximaal 30 mm lang is. »De arts programmeert de Ablatherm letsel per letsel, en vervolgens gaat het toestel aan het werk. De computer verdeelt het beeld van de prostaat in schijfjes en daarna scant de antenne de prostaat en werkt hij schijfje per schijfje af. Alles gebeurt volautomatisch. Een bewegingssensor registreert de minste beweging van de patiënt, en de afstand van de darmwand tot de antenne wordt voortdurend gecontroleerd. Bij de minste afwijking legt de computer het proces stil, zodat de uroloog eventueel een correctie kan uitvoeren. Hij volgt de behandeling trouwens live via echografie. Een volledige behandeling duurt anderhalf tot twee uur, afhankelijk van het prostaatvolume. »

HUMO Dreigt de darmwand niet méé te verbranden?

D’Hont «Nee, die wordt volautomatisch en onder continue monitoring gekoeld en onder de 20 graden Celcius gehouden.»

HUMO In theorie klinkt dat prachtig. Maar in de praktijk?

D’Hont «Ook prachtig (lacht). De gegevens van alle patiënten worden in lokale en internationale databanken en statistieken verwerkt. Daaruit blijkt dat HIFU de vergelijking met de klassieke behandelingen probleemloos kan doorstaan. Ik ben in 2000 met HIFU begonnen en ik heb ondertussen bijna duizend behandelingen uitgevoerd.»

HUMO Ik dacht dat het om een gloednieuwe techniek ging?

D’Hont «Nee. Door de hype rond die primeur in Londen zou je dat kunnen denken, maar de techniek bestaat al sinds 1996. De eerste machine werd in gebruik genomen in Lyon, en ondertussen bestaan er wereldwijd zo’n driehonderd HIFUcentra. Wij behoren tot de top vier.»

HUMO Is het een dure behandeling?

D’Hont «Het toestel is duur, dat wel. Wij beschikken over de allernieuwste versie van de Ablatherm, maar we rekenen de patiënten alleen de minimale prijs aan: 2.500 euro per ingreep, wat helemaal niet duur is in vergelijking met andere behandelingen. Brachyzaadjes (radioactieve zaadjes die in de prostaat worden ingeplant, red.) alléén kosten al meer.»

HUMO U gelooft écht in HIFU, hè?

D’Hont «Het grote voordeel is dat het geen zware behandeling is en dat je gerichter kunt werken, wat het behoud van potentie en continentie – lees: de levenskwaliteit na de genezing – ten goede komt. En indien nodig kun je de HIFU-behandeling herhalen, mocht er onverhoopt opnieuw een lokale tumor opduiken. Ook alle klassieke behandelingen blijven nog altijd mogelijk. Als de kanker na bestraling of brachytherapie terugkomt, krijg je géén tweede kans met dezelfde therapie: je kunt een tumor geen tweede keer bestralen. »Een goede kennis van echografie is wel onontbeerlijk. Kanker is één woord, maar geen twee patiënten hebben dezelfde tumor. Bovendien is iedere prostaat verschillend, en jouw zenuwen en bloedvaten lopen anders dan de mijne. Je hebt mannen met een mooie sluitspier, en mannen bij wie de prostaat helemaal in de sluitspier is gegroeid. Als je HIFU toepast, hou je daar uiteraard rekening mee.»

HUMO U past HIFU toe op lokale, beperkte tumoren. Maar die kun je statistisch gezien toch beter met rust laten?

D’Hont «Beperkte rustige tumoren kun je inderdaad opvolgen, en pas behandelen als ze evolueren. Maar je loopt altijd het risico dat de kanker plots toch agressief wordt en gaat uitzaaien. Om nog te zwijgen van de ongerustheid van de patiënt die rondloopt met het idee: ‘Ik heb kanker in mijn lijf.’ Voor die patiënten met een beperkte tumor wordt nu de mogelijkheid van een gerichte HIFU-behandeling bestudeerd.»

HUMO De klassieke HIFU zoals u die toepast, behandelt nog altijd de prostaat in zijn geheel?

D’Hont «Ja, maar we houden de energiegolf enkele millimeters van de buitenwand van de prostaat weg – als daar uiteraard geen tumor is vastgesteld. Op die manier kunnen we de erectiezenuwen maximaal sparen. Hoe preciezer we de plaats van de positieve biopten kennen, hoe beter we de behandeling op de individuele patiënt kunnen afstemmen. »De resultaten zijn overeenkomstig: bij een zenuwsparende HIFUbehandeling kan méér dan tachtig procent van de patiënten zijn potentie behouden. Da’s een groot verschil qua levenskwaliteit, zeker voor jongere patiënten.»

HUMO En de incontinentie?

D’Hont «Ook die resultaten zijn gunstiger. Wel zien we de eerste weken vaak een dringende behoefte om te plassen. Bij zes procent van de patiënten stellen we een lichte stress-incontinentie bij hoesten, niezen en tillen vast. Drie maanden na de operatie ligt die lichte incontinentie onder de twee procent. Ook die cijfers zijn dus zeer gunstig. »Bij een diagnose van prostaatkanker is het belangrijk om rustig de tijd te nemen – en die héb je – om álle behandelopties, HIFU incluis, uitvoerig met de patiënt te bespreken. We gunnen hem de tijd om alles te verwerken en door te praten met zijn huisarts en zijn partner, en om eventueel een tweede opinie te vragen, zodat hij de behandeling kan kiezen die hém het best past. De patiënt wordt vaak te weinig in het beslissingsproces betrokken. Nochtans gaat het om zijn lijf en zijn verdere leven na de behandeling. »


Het rietje door de mandarijn

Wie mij kent, weet dat ik niet onder één hoedje te vangen ben. Dus klop ik drie dagen later met mijn Gleason-score drie en vier, mijn PSA van zes en mijn broek vol schrik aan bij professor in de urologie Willem Oosterlinck van de Universiteit Gent, voor een second opinion over HIFU.

Willem Oosterlinck «In die fameuze VRT-uitzending over de HIFU- behandeling werden de zaken flink uit hun verband gerukt. Die studie richtte zich tot de vakmensen. Jammer genoeg heeft het grote publiek dat opgepikt en er een buitenproportionele waarde aan gehecht, en de lekenpers heeft zich erop gestort alsof HIFU het ei van Columbus was, wat getuigt van slechte journalistiek.»

HUMO Precies daarom, professor, richt ik me tot u.

Oosterlinck «Kijk, HIFU bestaat al dertig jaar, en wij urologen weten zeer goed wat met HIFU kan en wat níét. Ik ben indertijd zelf naar Lyon getrokken, waar HIFU is ontwikkeld, en de ontwikkelaar ervan is een goede kennis gebleven. Wel, ook in Lyon blijven ze de radicale verwijdering van de prostaat toepassen. Het is niet zo dat HIFU daar de eerstelijnsbehandeling is geworden. De enige patiënten die ervoor in aanmerking komen, zijn mannen met een kleine en duidelijk gelokaliseerde tumor. Maar dan vraag ik me af: zou je bij een kleine tumor niet beter afwachten?»

HUMO Dat is nu net wat ik u wilde vragen.

Oosterlinck «Als je een patiënt vertelt dat hij prostaatkanker heeft, is de kans groot dat hij aandringt op een onmiddellijke operatie. Veel mensen kunnen niet leven met de gedachte dat er kanker in hun lijf zit. In dat geval kan HIFU een alternatief bieden. Maar die mensen moeten wel bedenken dat ze proefkonijnen zijn. Met de huidige stand van zaken mag je HIFU zeker niet als de voorkeursbehandeling bij prostaatkanker beschouwen. »Een prostaat heeft de omvang van iets tussen een kleine en een grote mandarijn. En de kanker komt meestal multifocaal voor: een kanjer van een tumor op één welbepaalde plek, en daarnaast meerdere kleinere zones, soms microscopisch klein, die ook kankercellen bevatten. Als je HIFU toepast op die ene kanjer en de kleinere zones onbehandeld laat, loop je het risico dat die kleinere cellen op hun beurt gaan groeien.»

HUMO Kan HIFU een volwaardig alternatief zijn om er de hele prostaat mee te behandelen?

Oosterlinck «Dat is al dertig jaar het geval. Maar als je de hele prostaat gaat koken, krijg je ernstige bijwerkingen. De plasbuis loopt dwars door de prostaat – vergelijk het met een rietje dat door de mandarijn steekt – dus kook je die méé. Wat doen de HIFU-urologen? Voor ze met de eigenlijke HIFU beginnen, gaan ze eerst een TURP toepassen.»

HUMO Wat is in jezusnaam een TURP, professor?

Oosterlinck «Dat staat voor Trans Urethrale Resectie van de Prostaat. Je boort de prostaat in kleine hapjes uit, via een sonde die je in de pisbuis inbrengt. Aan het uiteinde van die sonde zit een mesje dat kan uitklappen. Door het mesje heen en weer te bewegen, snij je de plasbuis en het omringende weefsel van binnen uit weg. Je kunt het een beetje vergelijken met de wijze waarop je met een appelboor het klokhuis weghaalt. »In het begin werd bij HIFU géén TURP toegepast, waardoor de patiënt na zijn behandeling vaak een tijd niet kon plassen. Je moet weten: de Ablatherm is de laatste dertig jaar niet wezenlijk verbeterd. Idealiter zou je HIFU in drie dimensies moeten kunnen toepassen, zodat je ieder punt in de prostaat apart kunt behandelen. Maar jammer genoeg kan HIFU alleen tweedimensioneel werken. »Een ander probleem is dat de prostaat, en zeker een prostaat met kanker, geen homogeen orgaan is. Zo zitten er concentraties van bloedvaten in. Op die plaatsen zul je met HIFU géén temperatuur van 90 graden bereiken, omdat het bloed in die bloedvaten voor koeling zorgt. Bij sectie op met HIFU behandelde prostaten werd soms vastgesteld dat niet alle tumoren waren gedood, terwijl ze theoretisch een behandeling van 90 graden hadden gekregen.»

HUMO Conclusie?

Oosterlinck «Ik zegt niet dat HIFU waardeloos is, wél dat de huidige hype de zaken wat al te idealistisch voorstelt. Als HIFU echt zo fantastisch zou zijn, zou het allang dé standaardbehandeling zijn geworden, quod non.» tien goede jaren kwijt Professor Dirk Michielsen (44) doceert aan de VUB en is diensthoofd urologie aan het UZ Brussel in Jette. Hij werd me door meerdere bronnen aanbevolen als een uroloog met een nuchtere kijk op prostaatkanker. En dat blijkt ook zo te zijn.

HUMO Is overbehandeling vandaag niet één van dé ziektes van de urologie?

Dirk Michielsen «Ik zeg altijd: als je in New York op straat loopt, moet je goed oppassen voor je portefeuille. Maar als je in Brussel rondloopt met prostaatkanker, moet je vooral oppassen voor je prostaat: zowat iedereen wil ’m eruit halen (lacht). Daar staat tegenover dat de patiënt vaak zelf aandringt op een behandeling: ‘Die kanker moet eruit, dokter!’

»Er is niet alleen overbehandeling, maar ook overdiagnose: er wordt veel te snel in prostaten geprikt. Bij de minste PSA-stijging wordt een biopsie uitgevoerd – het lijkt wel alsof de uroloog niet rust voor hij kanker heeft gevonden. Maar ook de patiënt wil absoluut weten dat er geen prostaatkanker achter de stijging van die PSA-waarde schuilt. »Iedere uroloog zal je willen behandelen. Met zíjn techniek en zijn ervaring, die in zijn ogen uiteraard de beste is. Maar álle prostaatkankerbehandelingen hebben negatieve gevolgen. Daarom vind ik: heb je een niet-agressieve kanker, wacht dan een tijdje af, als je dat psychologisch aankunt. We beschikken over mooie parameters om die tumor op te volgen, en de eerste jaren zul je er niet aan sterven.»

HUMO En als je te lang wacht?

Michielsen «Een Gleason-score zeven met een PSA van zes is bijna zeker níét uitgezaaid naar bot of lymfeklieren. Aan de andere kant: als je lang wacht, is het straks misschien te laat. Dus zegt de uroloog: ‘Neem geen risico’s en laat je opereren.’ Maar tegelijk neemt hij je misschien twee, vijf of tien van je resterende goede jaren af, want ná de operatie heb je een grote kans op impotentie en een kleine kans op blijvende incontinentie. Is het dat waard? Dat moet jij voor jezelf afwegen.

»Zéér goed getrainde chirurgen noteren een blijvende incontinentie bij hun patiënten die varieert tussen de tien en de vijfentwintig procent. Als ik moet opereren, stuur ik mijn patiënten eerst naar de kinesist om hun bekkenbodemspieren te oefenen. Dan vertrekken ze alvast met een stevige bekkenbodem, wat de kans verhoogt om na de operatie droog te blijven.»

HUMO En impotentie?

Michielsen «Mijn eerste opdracht is: zorgen dat de patiënt kankervrij is na de ingreep. Potentie komt, par la force des choses, op de tweede plaats. In ieder geval: je erectie zal na een prostatectomie niet beter zijn dan ervoor. Maar als je gezonde vijftigjarige mannen screent, hééft vijftig procent al erectieproblemen, en bij gezonde vijfenzestigjarigen zit je aan zestig procent. »Als ik patiënten een operatie voorstel, vraag ik ze: ‘Hoe staat het met je erectie?’ De meesten beginnen dan te blozen. Kortom: slechts vijfendertig procent heeft nog goeie erecties. Van dat cijfer moet je uitgaan, en niet van honderd procent.»

HUMO Ik ben vijfenzestig en ik heb, si on me laisse faire, nog twee keer per week een lekkere vrijpartij, mét penetratie, ejaculatie en klaarkomen.

Michielsen «Dan zit je vér boven het gemiddelde. Je hebt nog een uitstekend seksleven.»

HUMO Dank u, dokter. Maar gaat u verder.

Michielsen «De vraag is: waarom ga je als arts een zenuw proberen te sparen bij iemand die toch al slechte erecties heeft?»

HUMO Alles hangt natuurlijk af van hoe u een goede erectie definieert.

Michielsen «Een goede erectie is een erectie waarvan de man vindt dat ze stevig genoeg is voor een bevredigend seksueel contact. Die erectie hoeft niet beenhard te wezen, zoals toen je achttien was. Voor mij is het belangrijk of de man tevreden is over zijn erectie, en of zijn penis stijf genoeg is om te kunnen penetreren. Anders moeten ze zich behelpen met pillen of spuitjes. »Incontinentie is een groter probleem. Op hun vijfenzestigste zijn veel mannen al impotent, maar bijna iedereen is nog continent. Ook hier kun je de negatieve gevolgen van de operatie nuanceren. Ik heb een patiënt die een inlegkruisje aan moet, want als hij een trap op gaat, verliest hij enkele druppels. Maar echt wakker ligt hij er niet van. Wel, zo’n man is gelukkig. Een ander kan met dezelfde verschijnselen doodongelukkig zijn: ‘Dokter, ik kan het huis niet meer uit zonder inlegkruisje!’ Dan heb ik het gevoel dat ik die man zijn levenskwaliteit heb doen afnemen.»

HUMO Professor Oosterlinck had reserves over HIFU. Hoe denkt u over die behandeling?

Michielsen «Als dat dé oplossing zou zijn, waarom wordt ze dan zo weinig toegepast? De basistechniek bestaat al jaren. Zelf hou ik HIFU achter de hand voor patiënten bij wie de kanker terug opduikt na een bestraling. Dan is HIFU de therapie van de tweede kans. In andere gevallen vind ik ze te experimenteel om als standaardtherapie toe te passen.»

HUMO Je hoort weleens dat nogal wat patiënten achteraf een hormonentherapie moeten volgen.

Michielsen «Dat wijst vaak op een mislukte primaire behandeling om de patiënt volledig te genezen. Maar dat geldt net zo goed voor de radicale prostaatoperatie als voor HIFU. Als je iemand hebt behandeld en de PSA-waarde daalt niet, dan is er nog prostaatkanker in het lichaam achtergebleven. Die moet je dan met hormonen bestrijden, met alle gevolgen van dien: de patiënt krijgt borsten, zijn libido verdwijnt, hij wordt dikker, hij krijgt problemen met zijn geheugen en hij wordt erg emotioneel. Bij het minste barst hij in tranen uit. Dat is een zéér ingrijpende persoonsverandering, maar… soms is het nodig.»

HUMO Stel: u krijgt morgen zélf de diagnose van prostaatkanker te horen. Gleason drie en vier en een PSA van zes, net zoals ik. Wat doet u?

Michielsen «Een moeilijke vraag. Ik denk dat ik even zou wachten en mijn PSA nauwgezet in het oog zou houden. Als die waarde verder stijgt, zou ik me laten behandelen via heelkunde of radiotherapie door mensen die ik vertrouw en die volgens mij veel ervaring hebben met de ziekte. En ik zou niet kiezen voor HIFU, niet voor brachytherapie, niet voor de hormonen. Op jouw leeftijd zou ik voor de radicale prostaatoperatie gaan. »(abrupt) Mag ik jou eens een vraag stellen? Na al die interviews ben je uitstekend geïnformeerd over prostaatkanker. Maar helpt die informatie je om een beslissing te nemen? Mijn ervaring is: hoe meer informatie, hoe moeilijker de beslissing. Ik zie mensen die ’s ochtends in Gent een uroloog hebben geraadpleegd, ’s middags in Antwerpen, vervolgens trekken ze naar Limburg en ten slotte komen ze in Brussel terecht. Ze hebben vier adviezen gekregen, soms vier verschillende. Ik weet vanbuiten wat ze waar vertellen. Gevolg: de patiënt weet echt niet meer wat te doen. En dan komt de vraag: ‘Alstublieft, dokter, stel dat u met mijn prostaatkanker zou zitten: Gleason-score zeven en een PSA van zes…’ Wel, hier komt mijn wedervraag: wat ga jij doen, nu je overal langs bent geweest?»

HUMO Voor het antwoord zult u moeten wachten op de laatste aflevering van dit dossier, professor. ’s Nachts raast die zéér pertinente wedervraag door mijn hoofd. Zal ik me overleveren aan de vuurpook en de TURP van dokter D’Hont? Zal ik rustig afwachten, zoals de wijze professor Michielsen me voorschrijft? Stralen? Nee, alsjeblieft geen stralen. Misschien hormonen? Over my dead body! Ik wil géén borsten, laat staan dat ik straks Super Emotioneel wil worden. Dan toch maar opteren voor ‘de radicale’? Ja, de radicale, door professor Van Poppel zélf. Maar ik heb ook gehoord over de robotchirurgie van dokter Mottrie in Aalst. De beste van allemaal, zo wordt beweerd – bij hem moet ik zeker nog langsgaan. Ver voorbij middernacht lig ik van de zenuwen urenlang te associëren en als een gek te allitereren: ‘Een popelende Van Poppel priemt zijn professorale pollen prompt in mijn private put…’

Of ik bedenk een ode aan mijn prostaat: Mijn trouwe kameraad Stond altijd weer paraat Bezweek aan overdaad Oorzaak van alle kwaad Hij kende grens nog maat Bron van ’t ejaculaat Bijwijlen zéér kordaat Die stoute onverlaat Spoot netjes in de maat Eén bevel en hij stáát (enz. enz. ad infinitum) Sedert Het Vonnis is mijn prostaat pars pro toto geworden: hij staat voor mijn viriliteit, mijn libido, mijn dash, mijn push, mijn penis, mijn liefde, mijn leven, mijn álles. Ten onrechte, zo zal blijken wanneer ik de volgende ochtend een laatste keer bij professor Hein Van Poppel van de KU Leuven op consult mag.


Driekwart erectie

HUMO We hadden het in ons vorige gesprek al over de complicaties bij een prostaatverwijdering. Wat voor de chirurg een slecht cijfer op zijn rapport is, betekent voor mij een blijvende handicap. Het is geen fluitje van een cent om met een pamper naar de redactie te moeten. Beseft een chirurg dat, wanneer hij met zijn scalpel mijn buik opensnijdt?

Hein Van Poppel «Ik heb zo’n tweeduizend mannen geopereerd. En ook ik heb blijvend incontinente patiënten. Ik kén die mensen. Je vraagt je in eer en geweten af: wat is er toen misgelopen? Je kijkt er je dossiers op na, en je vindt geen verklaring.»

HUMO Het probleem is blijkbaar complex.

Van Poppel (knikt) «De sfincter, de sluitspier, moet een bepaalde lengte hebben. Er zijn mannen met een sfincter van drie cm en anderen met een sfincter van twee cm, maar de chirurg kan dat niet vooraf zien of weten. Als de patiënt na de operatie minder dan anderhalve centimeter overhoudt, is hij incontinent. Die sfincter hoor je tijdens de operatie dus zo weinig mogelijk te beroeren. En als je de schaamzenuw raakt, ga je de sluitspier ontzenuwen, zodat die niet meer luistert naar de commando’s uit de hersenen.»

HUMO Hoeveel radicale prostatectomieën verricht u per week?

Van Poppel «Soms doe ik er vier per dág: twee ’s ochtends en twee na de middag. »We beginnen altijd met een lymfadenectomie, het wegnemen van de lymfeklieren. Stel dat daar kanker in zit, dan hebben we die alvast mee. Daarna snij je de prostaat door bij de sluitspier, je maakt hem los van de blaashals en je haalt hem uit het bekken, en ten slotte hecht je de blaashals aan de sluitspier. Alles bij elkaar zo’n uur en een kwartier tot anderhalf uur werk.»

HUMO Wat is het cruciale moment?

Van Poppel «Het begin, als je de sluitspier moet sparen en de zenuwbanen moet laten liggen om de top van de prostaat eruit te krijgen. De rest is iets makkelijker.»

HUMO Over naar die andere gevreesde complicatie: de impotentie.

Van Poppel «Eigenlijk moet je de zenuwbanen, die de commando’s vanuit de hersenen naar de penis overbrengen, altijd sparen, ook bij oudere mannen die niet langer in hun potentie geïnteresseerd zijn: diezelfde zenuwbanen blijken mee de continentie te bepalen. Maar ze kleven tegen de prostaat, en dat maakt het niet evident.»

HUMO Hoe reageren de patiënten op de ingreep?

Van Poppel «Vlak na de operatie zullen de meeste mannen psychische problemen krijgen. Ze worden ongerust dat ze nooit nog een erectie zullen krijgen, en uiteraard gaan ze experimenteren. De spanning en de faalangst maken dat er adrenaline in het bloed komt, en dat is het laatste wat je nodig hebt om een goede erectie te krijgen. »Als er bij de ingreep een zenuw werd geraakt of geïrriteerd, kan die wel zichzelf herstellen. Zo’n zenuw sterft af tot bij het ruggenmerg en groeit dan weer aan à rato van één millimeter per dag. Van het ruggenmerg tot de penis is een flink eind, daarom duurt het acht tot negen maanden voor die hersteld is. Pas dan kan er weer een goede erectie zijn. »Het libido, de zin in seks ontstaat in de hersenen. Maar als de link tussen hersenen en penis is doorgeknipt, kun je fantaseren wat je wil, onderaan blijft het stil.»

HUMO Helpt een middel als viagra?

Van Poppel «Vaak geven we dat aan een patiënt om de zaak weer op gang te krijgen. En die medicijnen wérken: als je op normale wijze een halve erectie hebt, zal je er met viagra één van driekwart krijgen. Jammer genoeg betalen de ziekenfondsen ze niet terug.»

HUMO En wat als je de twee zenuwbanen, verantwoordelijk voor de erectie, hebt moeten doorsnijden?

Van Poppel «Als er geen signaaloverdracht vanuit de hersenen is, blijft de zaak onderaan dood. Maar dan kun je nog met intraveneuze inspuitingen in de penis werken, zodat je toch tot een erectie komt. Dat is wat ingrijpender en onnatuurlijker, want dan krijg je ook een erectie als je niet opgewonden bent. Viagra en andere medicijnen werken alleen als je echt zin in seks hebt.»

HUMO Als de prostaat verwijderd is, wordt een ejaculatie onmogelijk en kan de patiënt zich niet meer voortplanten. Maar klaarkomen blijft wel mogelijk?

Van Poppel «Orgasme en ejaculatie zijn twee verschillende processen. Het orgasme ontstaat in de hersenen. Tijdens het orgasme zal een gezonde man ejaculeren door een samentrekking van zijn prostaat. Mannen denken dat ejaculeren fijn is, zonder te beseffen dat het gevoel niet onderaan ontstaat, maar bovenaan, in de hersenen. Een orgasme is een toppunt van mentale opwinding, zowel bij de man als bij de vrouw. De man kan dus perfect klaarkomen zonder te ejaculeren. Dat hebben urologen niet uit hun cursus geleerd, maar van patiënten die drie, vier maanden na hun operatie kwamen vertellen: ‘Dokter, geloof het of niet, maar ik heb gisteren een ejaculatie gehad.’ Maar dat is onmogelijk: zonder prostaat kun je niet meer ejaculeren. »In het begin begreep ik er niet veel van – ik dacht dat die patiënten zich wat inbeeldden. Maar na verloop van tijd ging ik me realiseren dat het orgasme losstaat van de prostaat. Mannen kunnen na hun operatie wél nog een orgasme krijgen, en soms zelfs een beter orgasme dan voordien.»

HUMO Heb ik u duidelijk begrepen, professor? Béter?

Van Poppel «Zo’n vijfentwintig procent van de patiënten komt me na hun radicale prostatectomie vertellen: ‘Ik kan nog klaarkomen, maar niet meer zoals vroeger. Het gaat niet meer zo makkelijk, maar áls het lukt, is het soms beter. Ik hoef me niet meer druk te maken over mijn erectie of ejaculatie. Daardoor ben ik meer ontspannen: ik heb plezier en ik kan ook mijn partner genot verschaffen. En ik kom zelf klaar, langer en intenser. Kortom: beter.’ »Ik vermoed dat gezonde mannen minder hevig genieten dan een vrouw omdat ze te veel met hun penis, hun erectie, hun penetratie in hun hoofd zitten. Ze lopen hun ejaculatie achterna. Als die zorg wegvalt, ligt het terrein open voor het zuivere, geestelijke genot. En daar draait het echt om.»

HUMO Ik kan nauwelijks wachten om me te laten opereren! En zo komt het, folks, dat ik die nacht eindelijk, na weken rusteloos woelen, eens een zalige slaap en een zoete droom had. Wel bedankt, professor!

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234