Humo's 10 beste sportfilms aller tijden: van Formule 1 tot boksen

De underdog die zich onverwacht tot kampioen kroont; de has-been die zich nog één keer op het veld wil bewijzen; de eeuwige loser die ineens een schitterende reeks neerzet: geen enkel ander filmgenre laat u feller meeleven en luider meejuichen dan een goeie, hartverheffende sportfilm. Ter gelegenheid van de Olympische Zomerspelen in Rio zijn wij speciaal voor u vanaf de 10-metertoren met een sierlijke duik voorwaarts in de filmgeschiedenis gesprongen, om vervolgens terug naar boven te komen met de mooiste parels die we konden vinden. Ruik het zweet: ziehier Humo’s Top 10 van de beste sportfilms aller tijden!

'Bloed, zweet en bittere tranen'


10 ESCAPE TO VICTORY (1981)

Van: John Huston.

Met: Sylvester Stallone, Michael Caine en Max von Sydow.

We fluiten onze countdown op gang met een heerlijk genietbare voetbalfilm waarin we Sylvester Stallone, Michael Caine én Paul Van Himst tijdens de Tweede Wereldoorlog samen in één team zien aantreden. Klinkt te gek voor woorden, maar ‘Escape To Victory’, waarin de commandant van een Duits krijgsgevangenenkamp (Max von Sydow) een voetbalmatch organiseert tussen de gevangenen en de bewakers, is niet alleen een verrassend meeslepend sportdrama, maar ook een razend spannende ontsnappingsfilm die echt iets van de oorlogshorror weet te vatten. Als kers op de taart zien we in het krijgsgevangenenteam diverse échte voetbalvedetten opduiken, onder wie Van Himst, Pelé, Osvaldo Ardiles en Bobby Moore.


9 THE ENDLESS SUMMER (1966)

Van: Bruce Brown.

Met: Robert August, Michael Hynson en Chip Fitzwater.

De Amerikaanse documentairemaker Bruce Brown nam op een goede dag zijn 16mm-camera in de hand en vertrok samen met twee jonge surfers op wereldreis, op zoek naar de perfecte golf. Na omzwervingen door Amerika, Hawaii, Nieuw-Zeeland en Afrika kwam hij terug met een kleine maar betoverend mooie film, ondersteund door een prachtige soundtrack van The Sandals. Hij laat je tot in het diepste van je ziel voelen hoe het voor surfers moet zijn om naar die ene golf te verlangen – en hem te berijden. ‘You can’t tell how good a wave is until you ride it,’ horen we Brown zeggen, en hetzelfde geldt voor ‘The End-less Summer’: je kunt niet weten hoe mooi, hoe poëtisch en hoe dromerig deze film is tot je hem met je eigen zintuigen ervaart.


8 THE NATURAL (1984)

Van: Barry Levinson.

Met: Robert Redford, Robert Duvall en Glenn Close.

Robert Redford is geknipt voor de rol van Roy Hobbs, een supergetalenteerde baseballspeler die zijn carrière naar de haaien ziet gaan wanneer hij in een motel wordt neergeknald door een vrouw. Zestien jaar later biedt Hobbs zijn diensten aan bij een team uit de onderste regionen van de rangschikking, om vervolgens een comeback te maken zoals je die alleen in epische sportfilms kunt maken. ‘The Natural’ kreunt geregeld onder de klefheid – check hoe Hobbs’ immer in het wit gehulde jeugdliefje Iris (Glenn Close) op cruciale wedstrijdmomenten als een engel uit de tribune oprijst – maar als puntje bij honkje komt, slaat de film een onweerstaanbare homerun (het exploderende scorebord!).


7 BREAKING AWAY (1979)

Van: Peter Yates.

Met: Dennis Christopher, Dennis Quaid, Daniel Stern en Jackie Earle Haley.

Niet alleen de charmantste wielerfilm ooit gemaakt, maar tevens een heerlijk lichtvoetig coming of age-drama over een jongen die ervan droomt om zijn grauwe geboortestad achter zich te laten – liefst per fiets. Dave (Dennis Christopher) groeit op met een obsessie voor het Italiaanse wielrennen: ziet hij bijvoorbeeld een vrachtwagen van Cinzano op de weg (het drankmerk sponsorde in de jaren 70 een wielerploeg), dan rijdt hij er (op muziek van Mendelssohn) als een gek achteraan. ‘Wat doen we eraan?’ vraagt de bezorgde papa. ‘Misschien kun je hem wurgen in zijn slaap,’ antwoordt de mama lankmoedig. Voor de kenners onder u: Dave rijdt op een Masi Gran Criterium uit 1978.


6 CHARIOTS OF FIRE (1981)

Van: Hugh Hudson.

Met: Nicholas Farrell, Ian Charleson, Ben Cross en Nigel Havers.

Het openingsbeeld van die in witte plunjes gestoken Olympische atleten die in slow motion langs de vloedlijn lopen op de magistrale muziek van Vangelis, blijft ook vandaag nog één van de meest magische, meest iconische, meest kippenvelverwekkende scènes uit de filmgeschiedenis. Een mens zou er bijna bij vergeten dat de resterende 120 minuten ook behoorlijk magnifiek zijn. Het diepmelancholieke ‘Chariots of Fire’ schetst het elegische portret van twee Britse atleten die zich voorbereiden op de Olympische Spelen van 1924: Eric, een diepgelovige protestant (die weigert te lopen wanneer hij ontdekt dat de kwalificaties op een zondag plaatsvinden), en Harold, een jood die krijgt af te rekenen met antisemitisme. Won in 1982 heel terecht de Oscars voor Beste Film én voor Beste Muziek.


5 THE WRESTLER (2008)

Van: Darren Aronofsky.

Met: Mickey Rourke, Marisa Tomei en Evan Rachel Wood.

Het naar de keel grijpende verhaal van Randy ‘The Ram’ Robinson, die in de jaren 80 een zwaargewichtvedette was in het professionele worstelcircuit, maar twintig jaar later is verworden tot een aan lagerwal geraakte, in een treurig trailerpark wonende has-been met kapotte gewrichten en een hoorapparaat: ‘I’m an old broken down piece of meat.’ Extra aangrijpend is dat hoofdrolspeler Mickey Rourke, zelf een tot has-been afgetakelde topacteur, hier in wezen zijn eigen levensverhaal zit te vertellen: het leven en de cinema vloeien in ‘The Wrestler’ prachtig in elkaar over.


4 SLAP SHOT (1977)

Van: George Roy Hill.

Met: Paul Newman, Michael Ontkean, Lindsay Crouse en Jerry Houser.

Een heerlijk vuilbekkende Paul Newman – die ‘Slap Shot’ altijd heeft bestempeld als zijn favoriete film – vertolkt in deze ongeëvenaarde, om zijn vranke dialogen en onverholen seksscènes berucht geworden seventiesprent, de ouder wordende speler-coach van een rotslecht, voor lege tribunes spelend hockeyteam: de Charlestown Chiefs. Pas wanneer de Chiefs beslissen om het spel zo vuil mogelijk te spelen, komen de supporters opnieuw opdagen: niet om hen te zien winnen, maar om mee te maken hoe ze – in een reeks hilarische scènes – met hun sticks de tegenstander tot pulp slaan. Een geweldige satire, aangedreven door een ontketende Newman, een aanstekelijk fun-gevoel én de meermaals herhaalde supersong ‘Right Back Where We Started From’ van Maxine Nightingale.


3 SENNA (2010)

Van: Asif Kapadia.

Met: Ayrton Senna, Alain Prost en Frank Williams.

Zelfs wie normaal kotsmisselijk wordt van de benzinedampen van het formule 1-circus, zal muisstil worden bij het bekijken van deze magnifieke, monumentale, uitsluitend uit archiefbeelden bestaande documentaire – dé ultieme sportdocumentaire, als u ’t ons vraagt – over het leven van Ayrton Senna, de drievoudige Braziliaanse wereldkampioen die ooit over zichzelf zei dat racen hem dichter bij God bracht – een sinistere voorafschaduwing van zijn dood op het circuit van Imola. Een zielroerend eresaluut, geregisseerd door de man die vorig jaar de al even aangrijpende documentaire ‘Amy’ maakte.


2 ROCKY (1976)

Van: John G. Avildsen.

Met: Sylvester Stallone, Talia Shire, Burt Young en Carl Weathers.

Tatatatatatatatá-tata-tatatatatatatatá-tata! Het zilver gaat – terwijl die triomfantelijke trompetten de onverwoestbare ‘Rocky’-melodie blazen – naar Rocky Balboa (Sylvester Stallone), de met een spraakgebrek worstelende, uit een ruig workingclassmilieu afkomstige derderangsbokser die zich in een historische wedstrijd tegen de regerende wereldkampioen Apollo Creed een weg naar de onsterfelijkheid mept. Het mooie is dat het parcours van Rocky het levensverhaal van Stallone zélf weerspiegelt: de acteur, die in 1976 in Hollywood nauwelijks aan de bak kwam, deed met zijn ‘Rocky’-scenario een ultieme, wanhopige gooi naar de roem. Met succes: de film werd een kaskraker, won vier Oscars, en blijft ook vandaag nog – ondanks enkele mindere sequels – één van de beste crowd-pleasers aller tijden. Allemaal samen: ‘Ro-cky! Ro-cky! Ro-cky!’


1 RAGING BULL (1980)

Van: Martin Scorsese.

Met: Robert De Niro, Joe Pesci en Cathy Moriarty.

Martin Scorsese híéld niet eens van de bokssport toen hij zich in 1980 op aandringen van zijn vriend Robert de Niro waagde aan het waargebeurde levensverhaal van Jake LaMotta, een door zware innerlijke demonen geteisterde bokser die ook buiten de ring graag meppen uitdeelde. Het resultaat: een in fabelachtig mooi zwart-wit gefilmd meesterwerk vol bloed, zweet en bittere tranen. Niet alleen de beste sportfilm ooit, maar één van de beste films uit de jaren 80 tout court. Met een superieure De Niro, die – in wat geboekstaafd staat als één van de beruchtste fysieke transformaties uit de filmgeschiedenis – speciaal voor de rol maar liefst 30 kilo bijkwam. LaMotta die met zijn voorhoofd en zijn blote vuisten tegen de celmuur staat te beuken (‘Why?! Why?! Why?!’): alleen al voor die pakkende scène verdient ‘Raging Bull’ het goud.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234