null Beeld

Humo's handboek voor de EK-bluffer

Er breken lastige weken aan voor de voetballeek en ander weldenkend volk dat in de dagelijkse omgang al eens graag het weer, de politiek of de staat van de literatuur behandelt. Zij kunnen zich door het EK voetbal heen bluffen en zo de eenzaamheid ontlopen door zich strikt aan onderstaande conversatietips te houden. Doe de voetbalbabbel!

'De bal rondspelen maakt hem niet ronder'

Daar sta je dan op dat feestje, alleen met je glaasje. De stemming zit er in, de gesprekken zijn luid en levendig. Je sluit je aan bij een groepje. De babbel gaat over ruimte op de linkerflank en dominantie in de lucht. Met een verontschuldigend knikje ga je weer weg. Ze hebben je niet eens gezien. Wat verder staat een ander clubje, en daar gaat het er wat rustiger aan toe. Zouden ze het over de nieuwe Almodóvar hebben? Over het Oosterweeldossier of de herovering van Raqqa? Je schuift hoopvol aan.

‘Er is één echt probleem,’ zegt een rijpere vrouw. Ze heeft het vast over de klimaatopwarming.

‘Ja, maar we mogen ook de vergrijzing niet vergeten,’ voeg je eraan toe, zodat je meteen bij het gesprek wordt betrokken.

‘Dat is wat scherp gesteld, deze generatie wordt inderdaad een dagje ouder,’ antwoordt de vrouw. ‘Maar dat zijn zorgen voor 2018. Vandaag is mijn grootste zorg dat Wilmots zijn greep op de ploeg behoudt.’

Je weet natuurlijk wel wie Wilmots is. Net zoals je weleens hebt gehoord over Ferdinand Porsche en de historische Pocahontas. Daar eindigt het. Je zwijgt en druipt af. Zul je tijdens dat hele EK dan geen enkel gesprek meer kunnen voeren? Maak je geen zorgen. Je kan overal een deskundige indruk maken, dankzij Humo’s Zeven Gouden Tips! Jawel: zeven. En inderdaad: van goud!


1. Gebruik de basiszinnetjes

Niet flauw doen, leuter gewoon lekker mee. Het lijkt wel of die voetbalkenners geheimtaal spreken, maar ze spuwen enkel wat standaardzinnetjes uit die nergens op slaan. Over voetbal valt nu eenmaal niks zinnigs te vertellen. Er zijn een paar zinnetjes waar je altijd mee weg komt.

‘Ik miste een beetje grinta.’

‘De bal circuleerde te weinig.’

‘De ruimte werd niet goed benut.’

‘De defensie had wat offensiever gekund.’

‘Ik heb wel een paar mooie assists gezien.’

Het zou kunnen dat iemand na je opmerking over grinta opmerkt dat de bal te weinig circuleerde. Dan weet je dat je gesprekspartner ook geen lor om voetbal geeft, en kun je lekker over iets anders beginnen.


2. Blijf vaag

Elke voetbalkenner is een voetbalanalist, dus iemand die zichzelf graag hoort praten. Dat maakt het gemakkelijk, je moet de monologen gewoon draaiende houden door af en toe eens ‘Vind ik ook!’ te mompelen, of ‘Tss!’ als het over de zwakte van de ploeg gaat. Maar vroeg of laat krijg je een rechtstreekse vraag. Dan is het belangrijk om een zo vaag mogelijk antwoord te geven.

‘Mijn mening over De Bruyne? Een beetje het konijn van de ploeg, toch?’

‘Wat ik met het konijn van de ploeg bedoel? Iemand als De Bruyne.’

Vertonghen? Die speelde alsof hij aardbeien had gegeten. Of iets anders, daar valt over te discussiëren.’

‘Dit was typisch zo’n match waarvan je denkt: ‘Wat voor een match was me dat, zeg!’’

Hier aangekomen heb je het moeilijkste achter de rug. Je hebt bewezen dat je weet hoe de bal kan rollen. Hoogste tijd om wat bewondering af te dwingen.


3. Toon dieper inzicht

Kom rustig op de proppen met je diepere inzichten in de sport. Probeer terwijl je het volgende debiteert een beetje afwezig te kijken, je mag daarbij ook naar het plafond staren. Zo lijkt het alsof de voetbalgoden zelf je hun eeuwige wijsheden influisteren.

‘Het doel blijft natuurlijk het doel. Met andere woorden: het dóél is het doel, en het doel is het dóél!’

‘Je kan diepte creëren in de breedte, maar het levert weinig op om dat in de hoogte te doen.’

‘Loopvermogen zonder scorend vermogen is enkel nuttig in de atletiek.’

‘De bal rondspelen maakt hem niet ronder.’

‘Sommige dieren rennen, springen of zwemmen. Je hebt er ook die zweefvliegen, boksen en worstelen. Maar voetballen is voorbehouden aan de mens. Daarom is het een superieure sport.’


4. De wetenschap is je vriend

Nu hangt de sportliefhebber aan je lippen. Hij beschouwt je als een leraar, een wijze, een goeroe. Toon hem dat voetbalwijsheid en wetenschap hand in hand gaan, hij zal je dankbaar zijn.

‘Er zijn een paar begenadigde spelers die op het gehoor kunnen spelen. Lionel Messi is zo iemand. Een bal in volle vlucht moet de luchtweerstand overwinnen, en dat zorgt voor een hoog sissend geluid, rond de twee kilohertz. Als de omstandigheden meezitten en het stadion een goeie akoestiek heeft, kan een getalenteerde speler horen uit welke richting en met welke snelheid de bal komt aangevlogen. Vooral bij kopduels geeft dat een voordeel. De nieuwe Fifa-ballen op het laatste WK klonken anderhalve toon lager dan de oude, en dat verklaart waarom Messi niet helemaal voldeed aan de verwachtingen.’

‘Kleine keepers zijn beter in het stoppen van penalty’s. Dat klinkt vreemd, maar het is eigenlijk logisch. De ideale strafschop wordt in de bovenhoek van het doel geplaatst, maar de kans om boven of naast de paal te schieten, is groot. Bij een kleinere doelman denkt de schutter onbewust: plaats genoeg, ik hoef geen risico’s te nemen. Hij kiest voor een meer centrale plaatsing, en het keepertje plukt de bal moeiteloos uit de lucht. Want omdat kleinere mensen minder wegen, heeft de zwaartekracht minder vat op hen. Ze kunnen dus hoger springen dan je zou verwachten.’

‘In het seizoen 1963-1964 kon het doelmannetje (1.53m) van het Italiaanse F.C. Crotella elke strafschop houden. Maar aan het einde van het seizoen degradeerde zijn ploeg. De keeper had nooit een goed zicht op het spel. ‘Opzij! Ik zie niks!’ roepen naar de verdedigers maakte het alleen maar erger. F.C. Crotella verloor elke match met zware cijfers.’


5. Wees een archief

Er zal even een eerbiedige stilte vallen. Maar je enthousiaste publiek wil meer. Nu moet je er even goed je hoofd bij houden. ‘Hoe zat die mirakelgoal van Dennis Bergkamp in 1998 ook weer in elkaar?’ Dat soort dingen willen ze weten. Laat je niet uit het lood slaan, en begin meteen over iets anders.

‘Och, dat was een gelukstreffertje van niks. Het doelpunt van de Madrileen Ortega tegen Barcelona in 1957, dat was pas wereldklasse. Barcelona speelde thuis. Een verdediger kreeg een rake trap, recht in het kruis. De scheidsrechter had niks gezien, maar honderden Barça-supporters liepen meteen boos het veld op. Ortega had de bal en dribbelde doorheen de meute, waarbij hij tientallen oververhitte Catalanen tegen de grond werkte om wat ruimte te creëren. Hij plaatste het leer trefzeker in de linkerbovenhoek. Dat jaar werd Real Madrid kampioen.’


6. Doe al eens een voorspelling

Je toehoorders zijn inmiddels totaal verbluft. Ze zijn nog maar tot één gedachte in staat: ‘Zijn wij krankzinnig, of beschikt deze man (of vrouw) werkelijk over een totaalinzicht in het heden, verleden en toekomst van onze geliefde sport?’

Ja, ze beginnen aan hun eigen verstand te twijfelen. Dat mag je om humane redenen niet toestaan. Schud daarom een paar voorspellingen uit de mouw.

‘In het volgende decennium zal het vrouwenvoetbal meer volk lokken dan de mannelijke variant. Omdat ze minder op spierkracht en meer op tactiek spelen, zijn die wedstrijden interessanter. Ik heb al heel wat jonge spelertjes gezien die kunnen doorgroeien tot volwaardige profs. Emma, Marie en Julie bijvoorbeeld. Of Amber en Laura. En hebben jullie Silke en Fleur al bezig gezien? Nee? Dat is toptalent, hoor!’

‘De matchen duren te lang. Twee keer 45 minuten is niet meer van deze tijd. Over dertig jaar zal elke wedstrijd nog een halfuurtje duren. De voetballiefhebber kan daar alleen maar bij winnen, want met één ticket kan je dan naar drie topwedstrijden gaan kijken, in hetzelfde stadion.’


7. Wees mild

Inmiddels heb je het tot opperwezen van de voetbalwetenschap geschopt. Je gezelschap voelt zich nietig en onbeduidend in het schijnsel van je stralende licht. Dat is nu ook weer niet de bedoeling. Spalk die geknakte zelfbeelden met een relativerend woord! Smeer troostende zalf op die verwonde ego’s!

‘Maar och, het voetbal blijft natuurlijk niet meer dan een spelletje op een gazon. Wat vrolijk heen en weer hossen achter een hoeveelheid lucht, want meer heeft een bal inhoudelijk niet te bieden. Pure lucht! Nee, er zijn andere dingen waar we het misschien over moeten hebben. De toestand van de Vlaamse literatuur bijvoorbeeld. Wat denken jullie van Lize Spit? Is iemand van jullie er ooit in geslaagd een Griet Op de Beeck uit te lezen zonder krop in de keel? Staat ‘Oorlog en terpentijn’ naast of boven Tolstoj?’

En zo bereikt een gesprek dat uitzichtloos begon toch nog een uitzonderlijk hoog niveau. Dankzij Humo’s Zeven Gouden Tips!

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234