null Beeld

Humo sprak met Anonymous: 'De jihadiwebsites platleggen was fase één van de operatie. Nu begint fase twee'

7 januari, halftwaalf ’s middags: twee tot op de tanden gewapende broers trekken een spoor van dood en vernieling op de redactie van Charlie Hebdo. Diezelfde avond – om halfnegen – kondigt het door geheimzinnigheid en sterke verhalen omgeven hackerscollectief Anonymous Operatie Charlie Hebdo aan: een massale aanval op websites, Twitter- en Facebookaccounts die aan moslimextremisten gelinkt zijn. Kort daarna gaat de eerste website plat. Ook Belgische hacktivists nemen deel aan #OpCharlieHebdo: Humo vond twee van hen bereid om te praten.

Tom Pardoen

Dat ging niet zonder slag of stoot. Contact leggen met Anonymous is problematisch: er is geen formele hiërarchie, laat staan een 0800-nummer waar men terechtkan met interviewaanvragen. Anons zijn gesteld op hun privacy, hullen zich online in strikte anonimiteit en komen alleen op straat achter de gekende, breed grijnzende maskers. Er zijn ‘officiële’ accounts op de sociale media, maar ook via die weg is toenadering allesbehalve evident. Toen Humo in 2012 met de inner circle van de Belgische afdeling van Anonymous sprak, werd er contact gelegd via een Twitteraccount die is intussen verwijderd. Een kat- en muisspelletje, achter rookgordijnen en door spiegelpaleizen.

Maar er zijn nieuwe Twitter- en Facebookaccounts opgedoken: we schrijven ze één voor één aan, maar krijgen nul op het rekest: een enkele keer worden we kordaat afgewimpeld – ‘Anonymous praat niet met journalisten’ – maar meestal stoten we op een muur van hardnekkig stilzwijgen. We belanden – op aanwijzen van IT-specialisten – ten langen leste ook in de IRC-chatkanalen op de server van de organisatie zelf. Vrij toegankelijk, maar voor leken ondoorgrondelijk. Volstrekt anoniem, ook, want de communicatie is versleuteld. Een veilige haven.

We maken een nickname aan en betreden het labyrint van kanalen en chatrooms: een halve dag lopen we af en aan in verschillende chatrooms. Zonder ons te mengen volgen we de drukke conversaties, die gelardeerd zijn met techtalk waar we sowieso kop noch staart aan krijgen. Na enkele uren spreken we lukraak enkele chatters aan. Opnieuw is complete radiostilte ons deel, alsook: veel achterdocht en misprijzen.

Pas na een lange dag aftasten en doorverwezen worden, vinden we toch iemand bereid om zijn (of haar: Anonymous heeft veel vrouwen in de rangen) boekje open te doen. Maar enkel onder strikte voorwaarden: ‘Ik wil uw vragen beantwoorden, maar alleen via deze chat – géén mail, géén telefoon, géén andere protocollen.’ We dopen onze bron Anon1, want hij of zij wil zelfs niet dat we zijn of haar nickname publiceren.

Dient dan enkel nog uitgeklaard te worden: vertrouwen. Deze IRC-kanalen worden namelijk bevolkt door praatjesmakers die zich – aangezogen door de renommee van de hacktivists – graag in de schoot van Anonymous nestelen, 16-jarigen met weinig skills maar veel noten op hun zang.

Ik dring aan: ‘Hoe kan ik weten of u bent wie u zegt te zijn?’

Anon1 «Níét. Dit is het internet.

»Hier kun je niemand vertrouwen. Ik weet ook niet wie jij bent.»

Dan volgt een laatste consigne: ‘Ik moet aan het werk: vanavond praten we verder. Acht uur, déze chatroom.’ En wég is Anon1.


Deus ex machina

Diezelfde avond, klokslag acht uur: ik meld me op de plaats van de afspraak. Anon1 is op het appel, zoals beloofd. Na een paar laatste afspraken, steken we van wal, op het staccato ritme van een chatconversatie.

HUMO Er is amper acht uur verstreken tussen de aanslag en de aankondiging van #OpCharlieHebdo.

Anon1 «Klopt. Wij – Anonymous – staan achter de vrijheid van meningsuiting.»

HUMO Komt jullie machine altijd zo snel op gang?

Anon1 «Als collectief wordt besloten dat er iets moet gebeuren, staan wij op.»

HUMO Wie voert het commando op zo’n crisismoment?

Anon1 «Het collectief. Dat is het mooie aan Anonymous: er is geen persoon of groep personen die men met een beschuldigende vinger kan aanwijzen, opsluiten of in mekaar slaan.»

Zo gaat dat voort, ruim anderhalf uur lang: ik vraag, Anon1 antwoordt. Geduldig, summier, soms cryptisch: zulke aarzeling doet achterdocht vermoeden. Begrijpelijk, want voor hetzelfde geld ben ik een undercoveragent: het is geweten dat ook de inlichtingendiensten in deze chatrooms langskomen.

Gaandeweg groeit het vertrouwen: de sfeer is minder gespannen, er wordt al ’ns een smiley uitgewisseld, ik kom meer te weten over #OpCharlieHebdo en de modus operandi. Tot Anon1 abrupt een einde maakt aan het gesprek: hij moet er vandoor. Pas na enig aandringen wil hij een nieuwe afspraak maken: ‘Morgenavond heb ik nog wat tijd.’

De twijfel blijft: hoe weet ik of ik niet met een farfelu met een internetconnectie en veel praatjes te maken heb? Gelukkig voltrekt zich ook in de journalistiek weleens een deus ex machina.

De ochtend ná mijn avondlijke chatsessie met Anon1 rinkelt de telefoon: een anonieme beller. Ik neem op, hoor een vastberaden maar niet onvriendelijke stem: ‘U hebt ons gecontacteerd?’ Of ik mag weten met wie ik spreek, pols ik. Een halve seconde stilte: ‘Nee. Maar u was op zoek naar ons. Hier zijn we.’

De anonieme beller – hij heet hier Anon2 – zegt Anonymous België te vertegenwoordigen. Hij is één van de beheerders van de Facebookpagina met bijna 5.000 volgers, en is bij hoge uitzondering bereid om Humo te woord te staan. Face to face, bij nog hogere uitzondering: ‘Want we moeten een aantal misverstanden uit de weg ruimen. Men noemt ons racisten. En er wordt zelfs al gesuggereerd dat Anonymous zélf achter de aanslag zit. Er is een krant die dat heeft overgenomen. Die flauwekul moet stoppen.’

Anon2 stelt voor om mekaar te ontmoeten, op een neutrale publieke plek. Zijn instructies zijn strikt: ik moet me naar de plaats van de afspraak begeven en wachten tot hij mij belt. Ik beschrijf mijn plunje, en krijg het vriendelijke advies om geen heldhaftige pogingen te ondernemen om zijn identiteit te achterhalen.

Een paar uur later zit ik in de haveloze taverne van een grootwarenhuis in de omgeving van Brugge. Tegenover me zit Anon2, gebogen over de transcriptie van het chatgesprek met Anon1. Hij neemt het stapeltje papier aandachtig door. Zijn snelle oordeel: ‘Dit is geen onnozelaar, zijn info is juist, hij weet waarover hij spreekt. Dit is wat wij doen. Deze kerel is legit.’ Ik vraag aan Anon2 hoe ik kan weten of hij ook legit is.

Anon2 (lachje) «Ik begrijp het. Check straks onze Facebookpagina.»

Een kwartier later staat voor alle 4.800 volgers van de Facebookpagina van Anonymous Belgium te lezen: ‘Information delivered to Tom.’

Gerustgesteld keer ik terug naar de chatroom, waar ik met Anon1 de film van die noodlottige 7de januari nog ’ns afspeel.

Anon1 «Een halfuur na de aanslag werd over níéts anders meer gediscussieerd op onze forums én chats. De overheersende reacties? Woede. Verontwaardiging.»

Dat mag niet verwonderen: los van de verontwaardiging over het menselijke leed, werd de aanslag al snel begrepen als een aanslag op de vrije meningsuiting. En laat de absolute freedom of speech net het diepste wezen van Anonymous zijn: de wieg van de organisatie staat niet toevallig op 4chan: een internetforum waar iedereen anoniem kan posten wat-ie wil. Op 4chan geldt slechts één verbod: tégen censuur. Het hoeft geen verder betoog: de grootste smerigheid circuleert er vrijelijk. De vrije meningsuiting wordt er religieus beleden.

Het is in díé moederschoot dat Anonymous ontstond. In 2008, toen Scientology een YouTubevideo die de organisatie in een slecht daglicht stelde, via juridische weg van het net wilde halen. Enkele 4channers waren in hun wiek geschoten, en zetten de tegenaanval in: #OpChanology was de allereerste operatie van Anonymous. #OpCharlieHebdo is voorlopig de laatste in de rij.

Anon1 «Het was onmiddellijk duidelijk dat de aanslag niet zonder gevolgen zou blijven. Langs alle kanten stonden mensen op: ‘We moeten terugslaan.’ Kort daarna is de eerste site platgegaan.»

Een smiley: eentje dat luimig de tong uitsteekt.

Maar hoe gaat dat dan? Zo’n grootschalige operatie vergt overleg, terwijl Anonymous toch bij uitstek gedecentraliseerd is? Ik had het Anon2 voorgelegd: wie coördineert? Wie hakt de knopen door?

Anon2 «Niemand: bij Anonymous is niemand en iedereen de baas.»

Anon1 «Anonymous is: de totale anarchie.»

Anon2 «Als ik een idee heb voor een operatie, ga ik online en doe ik mijn plan uit de doeken. Als het een goed idee is, scharen mensen zich erachter en wordt het idee een operatie. Dat gaat spontaan en organisch.»

Geen bakerpraat: wie de juiste kanalen weet te vinden, kan zien hoe zo’n operatie vorm krijgt. Al vindt het cruciale overleg plaats in besloten chats.

Anon1 «Na de aanslag werden impromptu ideeën uitgewisseld en strategieën besproken. Chaos, maar toch is heel snel beslist om massaal websites en Facebook- en Twitteraccounts van jihadi’s en extremisten down te halen.»

HUMO Hóé hacken jullie die accounts?

Anon1 «Die hacken we niet, we reporten ze bij Twitter – wegens het verspreiden van haatboodschappen. Als er massaal gereport wordt, haalt Twitter die accounts offline.

»De sites worden belaagd met DDoS-aanvallen: vanuit een netwerk bestoken we de servers met communicatieverzoeken, we vuren gigabytes aan datapakketjes af, tot de server overbelast raakt en neergaat.

»Defacing is een andere strategie: we vervangen de homepage door een eigen opvallende boodschap. Dan moet je wel toegang hebben tot de website. Of misbruik maken van de fouten in de code van de website.»

HUMO Hacken?

Anon1 «Zo kun je het noemen.»

Ik vraag Anon1 hoeveel accounts en websites offline zijn gehaald sinds het begin van #OpCharlieHebdo. ‘Toch wel wat,’ klinkt het. De tel wordt bijgehouden op pastebins, online kladblokken. Alleen, weet Anon1, is administratie niet de sterkste kant van Anonymous.

Volgens de Twitteraccount van de operatie staat de teller intussen op 200 Twitteraccounts en 73 websites. ‘Maar,’ zegt Anon1: ‘De Twitteraccounts, de DDoS-aanvallen en het defacen waren slechts het begin. De eerste fase.’

Anon1 «Nu begint fase twee: de databases áchter de websites. Die willen we kraken en dumpen (kopiëren, red.) om ze dan aan de politie te overhandigen.»

HUMO Welke informatie zit er in die databases?

Anon1 «Informatie over het ronselen van IS-strijders. Namen. E-mailadressen. Telefoonnummers, gebruikersnamen of zelfs creditcardgegevens. Via sommige van die websites wordt ook geld gedoneerd, het zou heel wat zijn als we die geldkraan konden dichtdraaien.»


Wij zijn alles

HUMO Was u zelf vanaf het eerste moment betrokken bij deze operatie?

Anon1 «Nee, pas vanaf het weekend. De eerste fase was dan grotendeels achter de rug.»

HUMO Hoe wist u wat u te doen stond?

Anon1 «Gewoon: ik ben direct begonnen met mijn deel. Iedere anon heeft een specifieke rol: hacken, vertalen, informatie verdelen.»

HUMO Wat is uw rol?

Anon1 «Computertechnologie.»

HUMO Hacken, dus?

Anon1 «Ik ga op zoek naar de zwakke plekken in de beveiliging van sites. Je moet je voorstellen dat de toegang tot zo’n site via verschillende poorten verloopt. Het is mijn taak om te testen hoe goed die poorten beveiligd zijn. Je klopt aan, bij manier van spreken, rammelt met de deur om te zien hoe goed ze is afgegrendeld.»

Anon2 «Er zijn stukjes software – zoals Web Scanner – waarmee je die duizenden poorten kunt testen. Nadien krijg je feedback toegezonden: daar en daar zijn ze kwetsbaar.»

Anon1 «Die informatie deel ik met andere anons, die dan de volgende stappen zetten. Zoals ik al zei: iedereen weet wat-ie moet doen. Eerlijk gezegd: in de chat is het vaak één grote chaos, je moet goed filteren om de juiste informatie te vinden. Er wordt ook veel overlegd in een private chat: zodra iemand in de chat beweert dat hij Arabisch spreekt, wordt hij al snel benaderd door bijvoorbeeld een hacker die een stuk Arabische tekst wil laten vertalen.»

HUMO Werken er ook moslims mee aan deze operatie?

Anon1 «Daar ben ik zeker van.»

Weer een smiley: een knipoogje, dit keer.

HUMO Bent u zélf moslim, misschien?

Anon1 «Neenee. Ondanks de grote culturele verschillen staan veel moslims achter onze uitgangspunten: ze vinden de vrijheid van meningsuiting fundamenteel belangrijk, en ze zijn tegen de daden van IS. Ik merk dat elke dag. Online, maar ook in het dagelijkse leven.»

HUMO Werkt u vooral samen met Belgische anons?

Anon1 «Nee, zo veel mogelijk internationaal.»

HUMO Hebt u er een idee van hoeveel Belgen meewerken aan deze operatie?

Anon1 «Nee.»

Anon2 «Met de beste wil van de wereld: je kunt het niet weten. Voor hetzelfde geld is een anon met wie je al jaren samenwerkt je eigen buurvrouw.»

Anon1 «Of je baas.»

Anon2 «Eigenlijk is Anonymous zelfs geen groep mensen, maar een idee waar mensen zich achter scharen.»

Anon1 «Wat ons verbindt is de drang naar vrijheid en gelijkheid.»

HUMO Veel mensen hebben een sterk geromantiseerd beeld van Anonymous en hackers in het algemeen: we stellen ons studenten voor die ’s nachts op een slecht verlucht en karig verlicht mansardekamertje aan hun pc verkleefd zijn. Strookt dat beeld met de waarheid?

Anon1 «Hahaha. Zéker niet. Wij zijn alles en iedereen. Mannen. Vrouwen. Jong. Oud. Whizzkids van 14 jaar; activistes van 50. Er zijn trouwens momenten geweest waarop je ons kon zíén, wanneer we achter onze schermen vandaan kwamen en zonder maskers de straat op gingen. Occupy, bijvoorbeeld: dat waren voor een groot deel anons – niet per se hackers, maar wel activisten.»


Bang, ik?

HUMO Inbreken in computers en netwerken is strafbaar: in juridisch jargon heet dat computervredebreuk. Hebt u zelf het gevoel dat u criminele feiten pleegt?

Anon1 «Zeker niet. Ik weet dat ik geschreven regels overtreed, maar dat is nog iets anders.»

HUMO Wat is het verschil?

Anon1 «Ik voel mij er niet slecht bij. Ik heb het gevoel dat ik mensen help. Wij dwingen gerechtigheid af. Wat ik doe verschilt niet van wat de ADIV (de Belgische militaire inlichtingendienst, red.) of de NSA doen, als ze meekijken op uw computer.»

HUMO Weet u zeker dat ze dat doen?

Anon1 «Dat hebben WikiLeaks en Edward Snowden toch aangetoond? Overheden doen veel moeite om de controle te behouden. Wij stoten steeds vaker op achterdeuren waarlangs ze binnenglippen. Geen prettige waarheid, gelukkig komt ze steeds vaker naar boven.»

HUMO Ben je bang voor de politie en de geheime diensten?

Anon 1 «Als ik bang was, zou ik hier nu niet zitten.

Anon 1 «Maar het is wel iets wat ik altijd in het achterhoofd hou. Ik probeer zo min mogelijk op te vallen. Veel hackers zijn te pakken, puur door slordigheid, of door overdreven hebberigheid, waardoor ze onvoorzichtig worden.»

HUMO Zijn de Belgische inlichtingendiensten genoeg bij de zaak om jullie bij te benen?

Anon 1 «Onderschat de ADIV niet: zij hebben genoeg trucjes in hun mouw, zij zorgen er wel voor dat ze niet achteropraken op het gebied van cybersecurity.»

Anon2 «Langs de andere kant: het informaticatechnische gedeelte kent voor ons geen geheimen. Mensen lezen die artikels over Edward Snowden en schrikken van wat de overheid allemaal kan. Maar wat de NSA kan, dat kunnen wij ook. En nog meer ook.»


Robin Hood

Tot nog toe kon Anonymous rekenen op de goedkeuring van grote lagen van de bevolking, met dank aan sympathieke operaties tegen Scientology, homofobe religieuze christenen en pedofiele netwerken. Anonymous kreeg de allure van een moderne Robin Hood: ‘Steal from the rich, give to the poor.’ Maar de laatste tijd komen er scheurtjes in dat imago. Kwaaddoeners met slechte intenties verschuilen zich graag onder de vlag van Anonymous, critici vinden ook dat de organisatie zich te veel profileert als politieke beweging, terwijl ze – weggestopt achter maskers en firewalls – niet ter verantwoording geroepen kan worden.

Anon1 «Veel mensen leven in angst en dúrven niet in te grijpen. Wij hebben het voordeel van de anonimiteit. Het masker stelt ons in staat om op te staan tegen het establishment.»

HUMO Maar als het foutloopt kan niemand tot de orde worden geroepen.

Anon1 «In het echte leven maken overheden en machthebbers ook misbruik van hun macht: zij zijn ook onaantastbaar. Het is aan de mensen om over onze acties te oordelen.»

HUMO Het probleem is dat iedereen jullie masker kan opzetten, en in jullie naam kwaad kan aanrichten.

Anon1 «Natuurlijk, maar dat gaat op voor élke groepering: eender welke extremist kan zeggen dat hij handelt in naam van partij x of y.»

HUMO Een partij kan zeggen: ‘Die man heeft geen lidkaart.’ Als ik zeg dat ik lid ben van Anonymous, kan de organisatie dat niet ontkennen: dat zou in strijd zijn met de eigen uitgangspunten.

Anon1 «Klopt, maar dit is het internet. Hier gelden andere wetten dan in de fysieke wereld.»

HUMO In het kader van #OpCharlieHebdo werd ook de onschuldige website oumanger-halal.fr getorpedeerd. Heelder legers anons hebben zich luid gedistantieerd van die actie, maar sindsdien zijn de beschuldigingen van racisme niet van de lucht.

Anon1 «De kern van onze operaties is zeker niet racistisch. We richten ons op jihadi’s en extremisten, op ISIS en hun aanhangers. Helaas bestaat er ook onder anons een grote groep idioten die alle moslims nu over dezelfde kam scheren. Zij zien helaas het grotere plaatje niet, wat werkelijk speelt, en laten zich te veel leiden door de westerse propaganda.»

Anon2 «Wij hebben respect voor elk geloof. Ook voor de islam. Die drie gasten die terreur hebben gezaaid in Frankrijk mogen dan wel ‘Allahoe akbar’ geroepen hebben: met het echte geloof hebben ze niets te maken. Ze bezoedelen de reputatie van de ware moslims.»

HUMO Nog een laatste heikele kwestie: ondergraaft Anonymous haar eigen grondslagen niet door Twitteraccounts te reporten omdat er haat wordt gepredikt? Voor de hardliners binnen Anonymous is het recht op vrije meningsuiting absoluut: volgens die filosofie hebben zelfs de meest rabiate haatzaaiers recht op een tribune.

Anon1 «Ik begrijp wat je wil zeggen. Ik denk daar veel over na. Mijn mening is dat iedereen recht heeft op zijn mening, hoe choquerend of vervelend ook. Een mening is nu eenmaal het beeld dat iemand heeft van de realiteit: je kan en mag dat niet bijstellen door te slaan, te schoppen of te schieten.»

Anon2 «De fysieke integriteit: daar loopt de grens. Daarom leggen we hun platformen plat: als we hun communicatielijnen doorknippen, kunnen ze zich moeilijker organiseren en wordt de kans dat ze iets aanrichten kleiner. Je moet ook begrijpen: die jihadi’s brengen ónze vrijheid ook in het gedrang. Overheden zullen – in naam van de veiligheid – de privacywetgeving nog meer afzwakken en de censuur op het internet nog meer opdrijven.»

De EU – met de Belgische regering in haar zog – heeft al aangekondigd dat ze de geëncrypteerde communicatienetwerken in het vizier wil nemen, Justitieminister Koen Geens verkondigde dat hij vaker telefoons wil tappen en dat hij het recht op vrije meningsuiting ‘een heel klein beetje aan banden wil leggen’.

Anon2 «Dat druist in tegen alles waar wij voor staan. Daarom grijpen we in. We krimpen de vrijheid van de extremisten in om uw en mijn vrijheid te vrijwaren. Want van het internet moeten ze afblijven.

»Zoals wij altijd zeggen: Anonymous is de eindbaas van het internet.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234