Humo sprak met ex-renner Nick Nuyens: 'Ik begrijp dat renners door de druk voor een kortere weg – doping – kiezen.'

Dit jaar vertrekt het peloton dus zonder haar sluipschutter. De winnaar van de Ronde van Vlaanderen van 2011 en andere mooie Vlaamse voorjaarskoersen zoekt naar een nieuwe toekomst en baat ondertussen zijn supermarkt uit.

‘Twee jaar geleden, in de ploegentijdrit van Tirreno-Adriatico werd ik er na 3 kilometer afgereden. Plots moest ik eruit, op een vlak stuk dan nog. Nooit meegemaakt, ik wist niet waar kruipen van schaamte.’ Een kleine maand na zijn afscheid als wielrenner – een beslissing die hij lang heeft uitgesteld, want een renner verlaat het peloton nóóit uit vrije wil – vertelt Nick Nuyens (34) hoe hij toen twijfelde of het nog goed zou komen met zijn slepende heupblessure.

Nick Nuyens «Alles was begonnen met een val tijdens de proloog van Parijs-Nice in 2012. Ik schoof de stoeprand op, een hoop vlees werd uit mijn heup geschept. Ik dacht dat het om een futiliteit ging, maar de heup bleek gebroken. Een zeldzame breuk: de uitstulping, waaraan een cruciale spier hangt die ervoor zorgt dat je je been kunt bewegen, was afgerukt. Eigenlijk betekende die proloog het einde van mijn carrière: nadien reed ik op halve kracht, en had ik altijd het gevoel dat mijn rug en bekken scheef stonden.»

HUMO Heb je ondertussen vrede met je beslissing?

Nuyens «Ik denk dat het beter zo is, al heb ik nog onderhandeld met enkele ploegen. Bradley Wiggins wilde me graag bij Team Sky als gids voor de voorjaarskoersen, maar dat ging helaas niet door. Ik heb echt overwogen om er nog eens 100 procent voor te gaan en een hele winter te werken om die heup eindelijk goed te krijgen. Ook al woog dat revalideren telkens zwaar.

»De laatste twee jaar had ik geen plezier meer – elke dag stapte ik op mijn fiets met de vraag: zal het vandaag beter gaan? Voordien wilde ik er altijd een patat op geven; nu was het elke keer wachten op het moment dat ik eraf gereden zou worden.»

De scherpe contouren van de topsporter lijken al te verdwijnen. ‘Ik moet dringend nieuwe hemden kopen, ze zijn allemaal te klein geworden,’ geeft Nuyens toe. Hij wil een jaar profiteren en genieten, maar hij ziet overal projecten en opportuniteiten.

HUMO Is dat een overreactie – om het zwarte gat te vermijden?

Nuyens «Het zou kunnen. Als je de jeugdreeksen meetelt, zit ik twintig jaar in het peloton – ik moet echt een klik maken. Maar het is zeker geen compensatie: ik ben nooit alleen maar met de koers bezig geweest. In het jaar dat ik de Ronde won, heb ik me ook beziggehouden met de aankoop van mijn supermarkt – een Carrefour Market in Testelt. Ik heb die zaak gekocht als investering, ze wordt uitgebaat door een vriend. Door het besef dat er naast de koers ook nog een andere wereld bestond, kon ik me net scherp houden. Ik wilde de voeling met de realiteit nooit verliezen: het peloton was me te eng. Ik heb er altijd zo over gedacht, sinds het moment dat ik op kot zat in Leuven en communicatiewetenschappen studeerde. Destijds gaf ik mezelf twee jaar de tijd om progressie te maken als profrenner, ook financieel. Lukte het niet, dan ging ik iets anders doen. Ik had een diploma en vond dat ik niet voor niks gestudeerd had.»

HUMO Wielrenner worden was geen droom die je wilde najagen, zoals dat bij zoveel anderen wél het geval is?

Nuyens «Nee, nooit. Ik wilde graag verder studeren. Ik volgde Grieks-Latijnse in de humaniora: Homeros, Aristoteles, dat lag me wel. Nog steeds: een film over het Romeinse rijk moet ik gezien hebben. Profrenner worden was niet aan de orde – bij de cyclosportieven rijden, zoals mijn vader, volstond voor mij. Trainen deed ik tussen de lessen door, en ’s avonds ging ik pinten drinken met mijn maten.

»Pas toen ik de Ronde van Brabant won, een belangrijke koers, besefte ik dat ik misschien prof zou kunnen worden als ik wat meer trainde. In mijn laatste jaar maakte ik daar meer tijd voor vrij: ik won de Ronde van Vlaanderen voor beloften en werd Belgisch kampioen. Mijn thesis had ik in december al bijna af.»

'Eén ding is zeker: als ik meereed, waren ze altijd bang'

HUMO Van een voorbeeldige student gesproken.

Nuyens «Alles is planning, hè. En een onderscheiding interesseerde me niet, gewoon geslaagd volstond. Maar ik reed wél van overwinning naar overwinning, tegen sterke generatiegenoten zoals Philippe Gilbert. Nauwelijks twee maanden nadat ik was afgestudeerd, tekende ik in 2002 een profcontract bij Patrick Lefevere en reed ik in een topploeg, samen met Johan Museeuw, Paolo Bettini, Frank Vandenbroucke en Richard Virenque

HUMO Hoe verliep de eerste kennismaking?

Nuyens «Met knikkende knieën. Ik ben sowieso iemand die alles eerst op zich af laat komen. Niet zoals de neoprofs van tegenwoordig – die laten je meteen weten dat je een oude vent bent (lacht). Ik begon onderaan de ladder: na 20 kilometer tikte Museeuw al op mijn schouder: ‘Begin er maar aan, Nick.’

»Eén van mijn eerste koersen was de Ronde van de Middellandse Zee. Bettini stond aan de leiding, er restte ons nog een ploegentijdrit met enkele stevige hellingen. We waren nog maar net vertrokken of mijn tijdritstuur rammelde los. Ik naar Virenque, die zei: ‘Niet nadenken, gewoon trappen.’ Op de klim losten ze één voor één, zelfs Richard. We moesten met vier aankomen, en de ploegleiding vreesde dat ik het niet zou halen. Ze gaven de opdracht dat ik in het wiel mocht blijven. Maar mijn oortje werkte niet en de anderen zeiden er niks van. Ik bleef dus meedraaien met mannen als Vandenbroucke en Michael Rogers – de wereldkampioen tijdrijden. Toen we het uiteindelijk haalden, vloog Bettini me als een klein kind om de hals. In de auto naar de luchthaven zei Vandenbroucke tegen mij: ‘Als jij dít al kunt als eerstejaars, dan heb je een grote toekomst op de fiets.’ Mijn entree was gemaakt, en ik ben naar huis gevlogen zonder vliegtuig (lacht).

»Geleidelijk aan werd ik sterker, en toen gaven ze me de kans om het als kopman te proberen. Zonder dat ik er erg in had: in de Ster Elektrotour reed ik in de kopgroep en kwamen ze zeggen: ‘Vandaag rijden we voor jou.’ Dat was even slikken, maar ik maakte het af en won het eindklassement.»

HUMO ‘Nuyens won bij gratie van zijn kopmannen,’ zei Patrick Lefevere ooit.

Nuyens «Dat klopt in zekere zin. Maar niemand heeft me over de meet gedúwd. Ook ik heb me soms moeten wegcijferen terwijl ik goeie benen had. Ik kom nog heel goed overeen met Patrick. Het was een spelleke. Nogal wiedes dat hij na mijn vertrek bij de ploeg niet zei: ‘Ik hoop dat Nuyens volgend jaar veel wint.’ Ze begrepen wel dat ik vertrok: na mijn zeges in de Omloop Het Volk en Kuurne-Brussel-Kuurne geloofde ik dat ik een grote klassieker kon winnen. Bij Quickstep, naast Tom Boonen, Bettini en Pozzato, zou ik nooit als kopman worden uitgespeeld.»


De sluipschutter

HUMO Met je universiteitsdiploma was je toentertijd een rariteit in het peloton.

Nuyens «Ik heb me nooit een buitenbeentje gevoeld, al werd er wel altijd naar dat diploma verwezen. Nu, de concurrentie reed er zeker niet trager voor. Ik kreeg het etiket van ‘slimme coureur’, ook omdat ik de koers goed kon lezen. Later is die perceptie gekeerd. Toen ik bij Quickstep zat, had iedereen de mond vol van mijn inzicht, maar toen ik voor buitenlandse ploegen reed, was ik plots ‘een sleper’, en koerste ik te defensief. Ik kreeg veel kritiek, en was niet meer zo graag gezien. Dat begreep ik niet: een voetballer met speldoorzicht wordt daar toch net om geroemd? Ik zou ook zot geweest zijn om aan te vallen en er nadien te worden afgereden. Soit, ik ben erin geslaagd om mannen met een grotere motor, zoals Boonen en Fabian Cancellara, te kloppen en een mooie erelijst bijeen te fietsen.»

'Ik had het etiket van 'slimme coureur', maar de basis blijft: trappen'

HUMO Wat is het geheim van de sluipschutter? Hoe hou je je geest zo fris dat je in de finale de juiste beslissing neemt en wint?

Nuyens «Iets unieks mag je nooit delen, hè (lacht).

»Geen idee, eigenlijk. Je hebt het of je hebt het niet: balgevoel leer je ook niemand aan. Ik had ‘het’, ja, en ik hield ervan een finale te rijden: ik leefde ervan op en ik bekeek graag alles. Hoe iedereen bewoog op zijn fiets, de grimassen op hun gezicht, met welke versnelling ze reden – het zit ’m in de details. Ik kon mijn tegenstanders perfect inschalen: als Boonen met zijn lijf begon te schudden, wist ik dat het vet van de soep was. Hetzelfde voor mij: als ik op het puntje van mijn zadel zat, mocht het niet te lang meer duren (lacht). Ach, als het naar de kloten is, zit iedereen te wringen en te zoeken naar de ideale positie. Behalve Cancellara: dat blijft een stilist.»

HUMO Meesterlijk hoe je hem in de Ronde van Vlaanderen bespeelde.

Nuyens «We keken om in de laatste rechte lijn en zagen dat Boonen eraan kwam. Maar ik raakte niet in paniek: zelfs als hij erbij kwam, zou hij morsdood zitten. Cancellara schrok wél en begon te vroeg te spurten.»

HUMO Hoe komt het dat jij je kalmte wel kunt bewaren?

Nuyens «Durven te verliezen, zeker? Ik wil winnen op de manier dat het in mijn hoofd zit. De keren dat ik me in een winnende positie bevond, heb ik het er meestal goed afgebracht. Al heb ik ook koersen verloren door te veel na te denken en net te weinig op mijn gevoel te rijden.»

HUMO In die sprint hield je ook Sylvain Chavanel professioneel af. Eigenlijk reed je foutloos, over de hele lijn.

Nuyens «Ik ben niet van mijn lijn afgeweken, ik heb me wel wat breder gemaakt. Mijn vader, zélf een sprinter, zei me ooit: ‘Ik wil je nooit iemand de dranghekken in zien rijden, maar als je voelt dat ze komen, moet je gewoon een beweging maken, zodat ze schrikken.’ En zo heeft Chavanel zijn benen even stilgehouden. Maar ook zonder die beweging zou ik gewonnen hebben. De Ronde van Vlaanderen was tijdens mijn carrière mijn grote doel geworden. Als je dan de finish nadert en voelt ‘Het is voor mij vandaag’, dan geef je die droom niet af. Al verzuur je tot in je oren. Eén foutje heb ik wel gemaakt: ik stak mijn armen in de lucht vóór de streep – ik dacht dat ik er al was.»

HUMO Ben je een goede renner omdat je slim bent?

Nuyens «Trappen blijft de basis. Dat werd vaak vergeten, ze zeiden alleen maar: ‘Nuyens kan de koers goed lezen.’ Ach, ik maak me er niet meer druk over. Eén ding is zeker: als ik meereed, waren ze altijd bang.»

HUMO Anoniem meerijden in het peloton zou voor jou nooit volstaan hebben.

Nuyens «Nee, ik ben een ambitieuze kerel. Ook nu zit ik met enkele dingen in mijn hoofd. Met mijn supermarkt wil ik uitbreiden, de branche boeit me enorm. Telkens één stapje hogerop, zo heb ik het ook in mijn wielercarrière aangepakt. Ik tekende na Quickstep in 2007 bij Cofidis om kopman te worden. Rik Verbrugghe hielp me daarbij: hij zei met opzet dingen waar ik op moest reageren om mijn autoriteit te laten gelden. Dat was een spel, maar zo kneedde ik de kern voor de klassiekers – nooit heb ik een betere sfeer gekend. En als er problemen of klachten waren, kwamen de jongens naar mij en regelde ik het met de ploegleiding. Als het met respect gebeurde, kon ik hun alles zeggen, vond ik, en omgekeerd. Maar er was geen structuur, dus vertrok ik naar Rabobank. Daar klikte het niet – misschien had ik te veel verwacht van die Hollandse openheid. Ik kon terug naar Cofidis voor veel geld, maar toen kwam Bjarne Riis en hapte ik meteen toe.»

HUMO Was je door hem geïntrigeerd?

Nuyens «Ja, en dat had niks te maken met de dopingverhalen die over hem de ronde deden. Bij hem zag je renners weer openbloeien. ‘Wat is dat met die kerel?’ vroeg ik me af. Cancellara had me ook gezegd dat ik de kans om met Riis te werken, niet mocht laten liggen. Hij heeft iets bijzonders. Ik herinner me een etentje met de hele ploeg: zestig man, een volle zaal, veel twintigers, veel lawaai. Toen Riis, die centraal zat, nog maar aanstalten maakte om recht te staan, zweeg iedereen en kon je een speld horen vallen.

»Hij zei me: ‘Nick, ik verwacht niet dat je wint. Doe gewoon je best, ik weet dat je al kritisch genoeg bent voor jezelf.’ Zo had nog nooit iemand tegen mij gesproken, iedereen dacht trouwens dat ik er niet genoeg voor leefde. En zo wist hij telkens de juiste snaar te raken, meestal met weinig woorden.»

HUMO Een bijzondere gave, misschien een zeldzaamheid in het wielrennen.

Nuyens «Lefevere heeft het ook, op een andere manier. Of Wilfried Peeters. Maar over het algemeen heb ik van weinig ploegleiders iets opgestoken. Het is makkelijk om naast je renner te gaan staan als hij gewonnen heeft, maar iemand opnieuw boven water halen, is van een andere orde. Daar zou ik meer voldoening uit halen.»

HUMO Ligt daar dan geen rol voor jou?

Nuyens «Het interesseert me. Maar louter ploegleider zijn, is niet mijn ambitie. Ook hier: ik wil méér (lacht).»

HUMO Wil je ploegmanager worden?

Nuyens «Ja, al ben ik me ervan bewust dat dat momenteel niet zo vanzelfsprekend is. Maar de ervaring die ik heb opgedaan, wil ik graag doorgeven, op mijn manier. Wat vers bloed in het wielrennen – een andere insteek – zou geen kwaad kunnen.»

HUMO Zoekt Lefevere geen opvolger?

Nuyens «Ja. Patrick heeft mijn nummer. (Tot bandopnemertje) Patrick, je hebt mijn nummer toch, hè? (lacht)»


Bedriegerij

HUMO In ‘Riis Reset’, een documentaire die recent over Bjarne Riis werd gemaakt, zag je hoe hij worstelt met zijn dopingverleden.

Nuyens «Dat was hard om te zien: hij wordt als ploegleider beoordeeld op wat hij als renner mispeuterd heeft– dikke bullshit, die zaken staan los van mekaar.»

HUMO Een hele generatie gaat onder die tragiek gebukt. Hoe moeten we met het verleden omgaan?

Nuyens «We moeten alles in zijn tijdgeest plaatsen, en de dingen niet meer voortdurend oprakelen. Ik vind ook niet dat de huidige generatie moet boeten doordat ploegen en sponsors zich terugtrekken.

»Ik heb altijd een uitgesproken mening over doping gehad: het is bedriegerij, en ik wilde altijd recht in de spiegel kunnen kijken. Ik kan me wel verplaatsen in renners die het wel deden – ik begrijp dat je door de druk voor een kortere weg kiest. Zeker als je uit een arm land komt, is het het risico waard: je verdient zeker een jaar lang goed je kost. Toen ik begon, zeiden de oudere renners me: ‘Je mag blij zijn dat je nu pas prof wordt’.

»Er is veel veranderd sinds ik begon met koersen, ook het hele controlesysteem is geëvolueerd. Ik heb echt het gevoel dat er een mentaliteitswijziging is, en alleen al de manier van koersen bevestigt dat. Saai, ja, maar wel het bewijs dat de sport proper is. Maar we zien wel: hoe vaak hebben we niet gehoord dat we goed bezig zijn, om nadien weer een klets in ons gezicht te krijgen?»

'Ik begrijp dat renners door de druk voor een kortere weg - doping - kiezen. Zeker als ze uit een arm land komen, is het het risico waard'

HUMO Heb je moeite om dopingzondaar Vinokourov en zijn ploeg Astana in het peloton te tolereren?

Nuyens «Nee, ik heb me dat ooit wel aangetrokken, maar die houding heb ik opgegeven. Ik hou me enkel met mezelf bezig: wat de rest doet, weet je toch niet. Ik heb ook nooit iets zien gebeuren – leg hier epo, en ik zou het niet herkennen. Mijn ploegmaat Cristian Moreni werd in de Tour van 2007 betrapt op doping, en ik sliep zelfs met hem op de kamer.

»In het overtuigen van anderen steek ik ook geen energie meer. In mijn beginjaren deed ik dat wel: ik schreef zelfs een open brief waarin ik vertelde dat ik clean reed. Ik weet niet of ik het opnieuw zou doen, ik betwijfel ook of het geholpen heeft. Als mensen me niet wíllen geloven, mag ik nog op mijn kop gaan staan.»


De geur van massageolie

HUMO Mogen we besluiten dat die twintig jaar wielrennen een stevige rit is geweest?

Nuyens «Ik heb veel hoogtes en laagtes gekend. Veel valpartijen ook: pols gebroken, sleutelbeen, met mijn zwakke rug tegen de kraan van een camera gebotst, enzovoort. In 2011 heb ik zelfs met een gebroken pols de Vuelta uitgereden.»

HUMO Hoe heb je dat gedaan?

Nuyens «In het ziekenhuis in Córdoba zagen ze niks op de foto’s. Maar nadien in België hebben ze meteen vastgesteld dat hij op twee plaatsen gebroken was. Ik zat scheef op mijn fiets, om schokken te vermijden. En als ik in een put reed, piste ik in mijn broek van de pijn.»

HUMO Hoe een renner lijden kan. Gaan jullie niet te ver in het opzoeken van de pijngrens?

Nuyens «Je denkt: ‘Ik kan fietsen, dus ik móét fietsen. Ik ben geen watje – je gaat toch niet afstappen omdat je pijn hebt aan je pols.’ Soms is het te zot voor woorden, maar je hebt voor die zware stiel gekozen. Je start, ook al ben je ziek en weet je dat je niet zult kunnen volgen. Hoe ouder je wordt, echter, hoe meer je erover nadenkt. En op een gegeven moment zeg je: ik start niet.

»In de E3-Prijs Harelbeke in 2010 viel ik drie keer kort na mekaar: het motiefje van mijn onderhemdje stond in mijn borstkas geprent en mijn heup zag zwart van de bloeduitstortingen. Mijn trainingsmaat heeft me maandag daarop op mijn fiets moeten helpen. Onverantwoord, maar ik moest trainen, zondag was het de Ronde van Vlaanderen. En ik reed geweldig in die periode: de Omloop had ik alleen maar verloren omdat ik een lekke band had. Misschien was die dag wel de beste uit mijn carrière.»

HUMO In die Ronde van Vlaanderen gaf je op: je zat eenzaam op een muurtje van een voortuin, met je hoofd tussen je armen.

Nuyens «Toen ik ’s avonds thuiskwam, ben ik naast het bed van mijn zoontje ineengestort van ontgoocheling. Ik was ervan overtuigd dat ik goed zou rijden, maar mijn lichaam moest nog herstellen van die zware val en gaf er na 150 kilometer de brui aan. Een absoluut dieptepunt: ze hadden me bij Rabobank aangetrokken als kopman, maar ik ontgoochelde keer op keer, ondanks mijn goeie benen. En dan krijg je emmers stront over je heen. Daarom was ik ook zo blij dat het jaar nadien wel een schot in de roos was – het waren uitersten, waar ik veel uit geleerd heb.

»Als je wint is alles wat je doet goed, lachen ze met alles wat je zegt en heb je hopen vrienden. Maar zoiets pakt niet bij mij. Het is een cliché, maar in slechte tijden leer je wie je vrienden zijn.»

HUMO Je hebt de wielerwereld altijd hard, eng en intellectueel niet genoeg bevredigend gevonden. Maar je wilt er wel graag deel van blijven uitmaken. Waarom?

Nuyens «Ik ben ermee opgegroeid: ik herinner me hoe ik als kind met mijn vader meeging naar de wedstrijd, met de geur van massageolie en het ritueel van het opspelden van een rugnummer. Maar vooral de sport zélf blijft mijn grote liefde: het wielrennen heeft me ver gebracht. Maar het is een feit dat alleen de sterksten overleven, en dat het vaak aan menselijkheid ontbreekt: dat heb ik bij mijn laatste ploeg Garmin genoeg ervaren.»

HUMO Wat is er daar misgegaan?

Nuyens «Ik was er altijd op mezelf aangewezen, bij mijn revalidatie kreeg ik nooit de steun van de ploeg. En om weer op topniveau te komen, moest ik wedstrijden rijden. Alleen: ik mocht er geen meer rijden.»

'Ik heb de Vuelta uitgereden met een gebroken pols: als ik in een put reed, piste ik in mijn broek van de pijn'

HUMO Garmin-manager Jonathan Vaughters beweert dat je je heupoperatie moedwillig hebt verzwegen, en het hem pas verteld hebt nadat je je contract had getekend. Volgens hem wist je al dat je carrière erop zat.

Nuyens «Dat is absoluut niet waar: op het moment dat ik tekende, was er geen sprake van een operatie. Het spreekt voor zich dat ik hun dat gezegd zou hebben. Ik wilde eigenlijk bij Riis blijven, maar hij had geen budget. Van Garmin kreeg ik een goed voorstel, en ik kwam op een leeftijd dat ik mijn zege in de Ronde van Vlaanderen wilde verzilveren. Op een gegeven moment ging het van kwaad naar erger met mijn heup, en drong een operatie zich op. Ook de dokters van Garmin stonden achter die beslissing. Nadien volgde er helaas nog een operatie, en een nieuwe revalidatie. Maar ik was ervan overtuigd dat het weer goed zou komen.

»Bij Garmin waren ze misschien teleurgesteld in mijn prestaties, maar ik was nog veel meer ontgoocheld in mezelf. Ach, zelfs bij mijn hartproblemen vorig jaar hoorde ik niemand, terwijl je daar als werkgever toch eens naar informeert, al was het maar uit elementaire beleefdheid? Nee, mijn passage bij Garmin is een reden te meer om iets in het wielrennen te doen – maar zoals ík het voor ogen heb, met míjn filosofie en gebaseerd op één zaak: respect.»

HUMO Een mooie, zij het naïeve gedachte.

Nuyens «Het is een ideaalbeeld, ik weet niet of het haalbaar is. Maar als ik een doel voor ogen heb, laat ik niet meer los.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234