Humo sprak met Walter Van Beirendonck: 'Ik het het gevoel dat ik België ben ontstegen'

Walter Van Beirendonck, haalde met zijn mannencollectie wereldwijd weer alle voorpagina's. Niet alleen omdat zijn pakken naar goeie gewoonte een unieke combinatie waren van superieure snit en bijzondere en subtiele waanzin, maar ook vanwege de boodschap 'Stop terrorizing the world' en de kleine buttplugs die overal als accessoire aan bungelden.

Vandaag is hij thuis. Hij is jarig, maar z’n 58 lentes weerhouden hem er niet van onstuimig door zijn statige notarishuis in Zandhoven te dartelen. Van Beirendonck is nu eenmaal onstuitbaar: tussen het ontwerpen door leidt hij al jaren de Antwerpse Modeacademie, die sinds zijn aanstelling een ijkpunt werd in de modewereld, en hij heeft nu ook nog eens de kostuums ontworpen voor Philip Glass’ opera ‘Akhnaten’, die afgelopen vrijdag in première ging.

We staan in een minikamertje, boeken opgestapeld tot aan het plafond, een simpele houten tafel met papier, potloden en een gum. Het is bijna niet te geloven, maar hier, vertelt hij, ontstaat alles: ‘Ik moet me kunnen concentreren en dat kan alleen hier in dit kleine kamertje, zonder mensen om me heen, met mijn muziek op.’

Hij pakt een grote map met tekeningen. De ontwerpen voor ‘Akhnaten’ springen van het papier.

Walter Van Beirendonck «Je weet dat ‘Akhnaten’ gaat over een omwenteling in Egypte in de tijd van de farao’s. Dit zijn de personages van voor de revolutie (toont zwarte pakken, met daarop, in zilver of goud, extreem hoekige en slanke silhouetten geschilderd). En zó zien ze eruit na de revolutie (kleuren, extreme make-up, plateauzolen, reusachtige hoofddeksels).»

HUMO Wat dachten de zangers toen ze de kostuums zagen?

Van Beirendonck «Ja, die dachten wel even: ‘Wat overkomt mij nu?’ Voor mij is het ook de eerste keer dat mensen in mijn ontwerpen moeten zingen, en ik wist bijvoorbeeld niet of de zanger die de generaal speelt zichzelf wel goed kon horen zingen met die enorme helm op zijn hoofd. Maar wat bleek: hij zingt nog béter, volgens de dirigent!

»(Bladert verder) Het koor zingt in gouden schelpen – plissérokken die ze over hun hoofd hebben getrokken – en Nefertiti draagt een trui gebreid uit groene kerstguirlandes. En kijk, Akhnaten heeft vrouwelijke trekken – er zijn geruchten dat hij misschien een vrouw was, dat boeide me natuurlijk meteen. Hij heeft een heel uitgerekt silhouet, een verlengde kin, verhoogde jukbeenderen en verlengde vingers. Dat wordt weerspiegeld in alle personages om hem heen, die dus ook lange kinnen en vingers hebben. Het is niet nadrukkelijk, maar je denkt toch: ‘Er is iets vreemds aan de hand met die mensen.’ Ze lijken allemaal een beetje aliens.

»Je herkent zeker ook weer de glamrockinvloeden – bodypainting, glitter... Die blauwe ogen hier komen recht uit de clip ‘Life on Mars’ van David Bowie. Dat is één van de beelden uit die tijd die zo’n onuitwisbare indruk op mij hebben gemaakt. (Loopt naar een hoek en pakt een schilderijtje) Kijk, dit heb ik geschilderd toen ik, denk ik, 13 was: een drieluik, drie periodes uit mijn leven en wat daarin heel belangrijk voor me was. Allemaal glamrock. Kijk, dat is Alice Cooper. Maar niets heeft me zo getekend en gevormd als de verschijning van Bowie. Die beelden leven nog steeds in mij.»

HUMO Vooral die van ‘Life on Mars’.

Van Beirendonck «Ja. Omdat ik mezelf ook een beetje een alien voelde, zeker in die tijd. Ik zat toen op kostschool in Lier, waar ik eigenlijk moest voetballen en niet – zoals ik deed – in mijn dagboek mocht schrijven en schilderen en tekenen. Ik had in het huis van mijn ouders ook een kamertje zo klein als dit hier. Daar zat ik toen in het weekend ook altijd. Ik had geen zin om met andere mensen om te gaan. In dat kamertje trainde ik mezelf in het fantaseren en uitwerken van eigen werelden.»

'Een knalgroene, als dennenboom gestileerde buttplug op de Place Vendôme, waarom kan dat niet?'

HUMO Je was toen al iemand die zijn eigen weg ging. Daar ben je sterk in gebleven, in koste wat kost die eigen weg volgen.

Van Beirendonck «Best een heftige weg, hè?»

HUMO Absoluut. Je laatste collectie is ook weer fel besproken.

Van Beirendonck «Mja, het was lang geleden dat er in België nog eens zo veel positieve aandacht was. Maar vanwege dat statement ‘Stop terrorizing the world’ stond ik op alle voorpagina’s, en plots heeft België het dan ook gezien.»

HUMO Met die boodschap verwijs je naar de aanslag op Charlie Hebdo.

Van Beirendonck «Ja. Ik was eigenlijk gestart met het idee: ik ga dit seizoen geen statements maken. De naam van de collectie is ‘Explicit Beauty’. Daar had ik dit jaar behoefte aan: een show met vijftien minuten alleen maar schoonheid, getoond in een echt couturesalon, heel dicht bij het publiek. Maar in oktober 2014 werd de reusachtige opblaasbare buttplugboom van kunstenaar Paul McCarthy vernield en werd de kunstenaar zelf ook aangevallen. Dat vond ik zo schandalig: een knalgroene, als dennenboom gestileerde buttplug op de Place Vendôme, waarom kan dat niet? Ik vind dat zo enggeestig. Daarover wilde ik toen toch iets kwijt in mijn show. Ik had net de buttplugbroche bedacht als symbool van vrijheid van expressie en was ze in alle kleuren aan het printen toen de aanslag op Charlie Hebdo gepleegd werd, opnieuw een aanslag op vrijheid van meningsuiting. Ook daar kon ik onmogelijk over zwijgen.

»Ik voel zo’n afkeer voor de angstcultuur waarin we nu leven, en de politiek die ervan profiteert. Aan de andere kant kan ik me wel inbeelden dat mensen bang worden. Ik heb toch ook even gedacht: ‘Zouden die terroristen mijn statement tijdens de show hebben gezien? Zouden er een paar zijn die denken: ‘Moeten we die niet ook eens aanpakken?’’ Dat ik dat denk, is op zich al fout.»

HUMO Je toonde je collectie op de Place Vendôme, tegenover de plaats waar de buttplug had gestaan.

Van Beirendonck «Ik vond het fantastisch om te zien hoe in mijn showroom mensen de opspeldbare buttplug ontdekten, zonder dat ze doorhadden dat het een sekstoy was.»


Sneeuwwitje met dwergen

HUMO Je bent een grote fan van Paul McCarthy.

Van Beirendonck «Al jaren. Vorig jaar heb ik hem ontmoet in zijn atelier in Los Angeles. Ik gaf een gastlezing in het museum voor moderne kunst in Los Angeles en toen ze daar vroegen of ik iemand die bij hen exposeerde wilde ontmoeten, heb ik niet getwijfeld. Ik voelde me een beetje een hysterische fan, maar de man was uiteindelijk heel toegankelijk en vriendelijk en hij kende al mijn werk. Vooral mijn allereerste collectie, die ‘Sado’ heette, natuurlijk, waarin ik ook speelde met allerlei sm-attributen. Maar tegen McCarthy’s durf kan ik niet op. Toen we zijn atelier bezochten, was hij weer een groot sprookjesbos aan het maken waarin er allerlei kinky dingen gebeuren – dwergen die het doen met Sneeuwwitje en zo.

»McCarthy doet wat een kunstenaar naar mijn mening móét doen: mensen laten nadenken over grenzen en ze helpen die te verleggen; zo kunnen ze zich losmaken uit hun enge wereld, waar ze vaak in vastgeroest zitten. Veel van mijn werk is ook een reactie op wat zogenaamd niet kan. Vandaar ook mijn keuze voor mannenmode: daar zijn de grenzen nog meer afgebakend, er valt nog meer te verschuiven dan bij de vrouwen. Ik heb, denk ik, echt al grenzen verlegd in de mannenwereld. Ik heb bijvoorbeeld nog nooit zo veel jurken in de mannencollectie gezien als dit seizoen. Ik breng die al jaren. Dus, wie weet, is dat toch omdat ik al zolang tegen die genderkar aan het duwen ben.

»De gendergrens boeit me natuurlijk al van jongs af aan. Daarom had de androgyne verschijning van Bowie zo’n impact op mij. Make-up, extreme schoenen, opeens kon dat allemaal! Niet dat ik meteen zo rondliep, maar het was zo’n bevrijdend idee dat je, als je uitging, als man óók met kleren en make-up kon experimenteren. Die ontdekking viel ook samen met het moment dat ik zeker wist dat ik op mannen viel. Dat was natuurlijk iets wat ik moest verwerken, en de aanwezigheid van Bowie heeft mij toch een enorme duw gegeven, de kracht om door te zetten. Stel je voor dat ik toen in de kast was gebleven! Dan was mijn karakter op een heel andere manier gevormd.»

HUMO Ik weet het niet. Ik denk dat jij je nooit zou hebben laten beperken door omstandigheden. Het faillissement van je winkel twee jaar geleden, bijvoorbeeld, heeft jou er toch ook niet onder gekregen?

Van Beirendonck «Nee, maar het vuil dat de pers toen over me heeft uitgestort bijna wel. Ik vond het echt vreselijk. Ik had me jarenlang ten volle gegeven, en plots staken ze allemaal een dolk in mijn rug.»

HUMO De kranten verkondigden toen onterecht dat je ook als ontwerper op de rand van het faillissement stond.

Van Beirendonck «Ja, terwijl ik totaal geen bankschulden had. Mijn firma BIG – waarmee ik mijn collecties maak – was perfect gezond. Het probleem was dat de huisbaas van mijn winkel W.A.L.T.E.R. – die in een andere firma was ondergebracht – opeens de huur met 250 procent wou verhogen. Ik weigerde dat te betalen omdat dat pand, toen wij erin trokken, een ruïne was; een oude garage waar wij op eigen kosten een juweel van hadden gemaakt. In ruil daarvoor hadden we van de huisbaas de belofte gekregen er tot 2016 te mogen blijven. Toen we weigerden de verhoogde huur te betalen, is hij een proces begonnen. In eerste instantie hebben we dat gewonnen, maar in beroep verloren: toen moest ik opeens 80.000 euro achterstallige huur betalen. Die had de firma W.A.L.T.E.R niet. Ik heb toen zelf besloten de winkel te sluiten en dacht de zaak rustig te kunnen afronden, maar de huisbaas heeft stante pede de deurwaarder op ons dak gestuurd en die heeft ons op straat gezet en de inboedel via een internetveiling per opbod verkocht.

»De laatste uitspraak vind ik nog steeds een echte schande en tot op vandaag heb ik het gevoel dat ik me niet fatsoenlijk heb kunnen verdedigen. Wij konden alleen in beroep gaan als we die 80.000 euro hadden en op een rekening konden vastzetten. Dat geld was er gewoon niet.

»Ondertussen – o toorn van God! – staat de winkel leeg. De laatste huurder heeft anderhalf jaar geen huur betaald en tijdens de hagelstormen vorig jaar is het hele glazen dak verwoest (glimlacht).

»Ik ben wel blij dat mijn ouders die ellende niet hebben moeten meemaken. Zij waren middenstanders – ze runden een garage en hebben hun hele leven keihard gewerkt. Failliet gaan was voor hen een schande, iets dat gewoon niet mocht gebeuren.»

[FOTOSPECIAL_31275]

HUMO Op het schilderijtje dat je net toonde, stond je in een innige omhelzing met je moeder, in een soort hemelse context.

Van Beirendonck «Ja, ik ben altijd heel close geweest met haar. Ze was altijd de eerste die mijn collectie zag, ze begreep wat ik maakte ook echt. We zaten op dezelfde golflengte, gingen ook altijd samen shoppen en kleren kopen. Tot ze stierf, heeft ze met haar door mij ontworpen fluo Delvaux-tas rondgelopen. Ze was daar heel trots op.»

HUMO Ik neem aan dat je hardwerkende middenstandouders uit Zandhoven niet meteen dolenthousiast waren dat je mode wilde gaan ontwerpen.

Van Beirendonck «Het lag inderdaad niet voor de hand. Mijn vader en grootmoeder zeiden altijd: ‘Je moet absoluut een beroep kiezen waarbij je een witte kraag kan dragen.’ Als je een wit hemd kon dragen, was wat je deed eervol. Dus eerst vonden ze dat ik architect moest worden: dan kon ik tekenen en creatief zijn, maar toch een witte kraag dragen. Omdat ik overtuigd bleef dat ik mode wou maken, schoven ze op den duur op naar plan twee: juwelen ontwerpen. Daar zagen ze een verband met diamantslijpers die ze kenden in de Kempen en die ook witte hemden droegen. Maar het is pas toen mijn ouders zijn gaan praten met kennissen die werkten bij de regenjassenfabrikant Bartson’s – een keurig bedrijf met bazen in witte hemden – dat ze begonnen te denken dat mode misschien ook wel kon. En toen ik eenmaal op de Modeacademie zat en ze zagen hoe ik daar openbloeide, beseften ze dat het goed was. Ik bleef thuis wonen: ik kreeg een auto uit de garage om mee op en neer te rijden, dus ik werkte thuis aan mijn kleren en zat vaak samen met mijn moeder en grootmoeder tot diep in de nacht aan mijn kledingstukken te naaien. Zo merkten ze hoe gelukkig ik wel was.»


Gelukkig zijn

HUMO Heb je al statements in je collectie verwerkt die verwijzen naar die zwarte periode twee jaar terug?

Van Beirendonck «Nee. Ik heb eerlijk gezegd een beetje het gevoel dat ik België ben ontstegen en vooral werk voor het buitenland, waar ik steeds meer wordt gewaardeerd. Daar is die hele heisa over mijn zogenaamde ondergang nooit rondgegaan, dus ik heb nooit het gevoel gehad dat ik in mijn shows iets moest uitleggen.»

HUMO De ironie is dat jij één van de weinige ontwerpers bent die erin slaagt financieel volledig onafhankelijk te blijven, zonder investeerders of andere back-up.

Van Beirendonck «Tot de dag van vandaag! Ik leen zelfs niet bij de bank. Daar ben ik mee gestopt omdat ze me indertijd, op basis van de geruchten in de kranten, van het ene op het andere moment volledig hebben laten vallen, en al mijn kredietkaarten hebben geblokkeerd.»

HUMO Hoe hou je het vol, zo onafhankelijk blijven?

Van Beirendonck «Ik hou het bewust klein. Als je extreem begint te groeien, móét je wel gaan aankloppen bij mensen die geld in je bedrijf willen stoppen. Ik heb in het verleden wel contacten gehad met mensen die daarin geïnteresseerd waren, maar zodra ik merk dat ik niet 100 procent kan doen wat ik wil, haak ik af. Dan wil ik niet dat die mensen nog maar in mijn buurt komen.

»Dus nu heb ik een kleine firma die ik 100 procent onder controle heb, waarin ik van a tot z bepaal hoe alles evolueert. Ik heb ongeveer veertig heel loyale klanten in de wereld, die ik allemaal persoonlijk ken – ik heb met al die mensen een band. Die klanten zijn allemaal flexibel genoeg om elk seizoen in mijn experimenten mee te gaan én ze hebben zelf een publiek opgebouwd dat altijd heel enthousiast is over mijn kleren. In Antwerpen werk ik al heel lang met dezelfde drie mensen, die mij volledig begrijpen, en dat voelt heel goed.

»Oké, ik word er natuurlijk niet rijk van. Dat is dan de keerzijde van het verhaal.»

HUMO Vind je dat jammer?

Van Beirendonck «Ik heb daar geen problemen mee, al denk ik weleens: ‘Waarom ik niet?’»

HUMO Waarom wonen Ann Demeulemeester en Dries Van Noten in een kasteel en jij niet?

Van Beirendonck «Bijvoorbeeld (lacht).»

HUMO Jullie wonen hier toch ook prachtig in dit mooie notarishuis aan het bos?

Van Beirendonck «Ja, maar dit is niet van mij. Niet dat dat me stoort. Ik ben heel gelukkig met Dirk (Van Saene, ook van de Antwerp Six, Van Beirendoncks levensgezel sinds ze elkaar leerden kennen aan de academie, red.). We zijn al dertig jaar samen. En ik vind het heel erg aangenaam om iemand zo goed te kennen, altijd op hem te kunnen terugvallen. Iemand voor 100 procent kunnen vertrouwen, dat is een heel mooi gevoel.

'Als ik van alle studenten die bij mij zijn gepasseeerd 1 procent zou krijgen van wat ze nu verdienen, dan was ik binnen'

»Als we niet aan het reizen zijn, zijn we graag gewoon thuis. Dan kookt Dirk ’s avonds en dek ik de tafel en dan babbelen we wat, kijken in boeken of hangen gewoon voor de tv. Ik hou van dat soort stabiliteit. Mijn leven is al hectisch genoeg.

»We hebben allebei iets wat we heel graag doen en hebben onderling ook het juiste evenwicht gevonden.»

HUMO Hij maakt ook nog altijd prachtige vrouwencollecties, maar weigert mee te draaien in de carrousel van twee collecties per jaar. Hij werkt op zijn eigen tempo voor een paar winkels die alles wat hij ontwerpt blindelings inkopen, omdat het altijd – deels handgemaakte – pareltjes zijn.

Van Beirendonck «Ja, Dirk is eigenlijk de echt eigenzinnige van ons twee. Hij is nog koppiger dan ik, wil nog meer zijn zin doorduwen. Ik ben blij dat hij zijn weg ook heeft gevonden. Twee creatieve mensen onder één dak, dat is niet evident. En ik ben best dominant, natuurlijk. Zeker tijdens de tien jaar dat ik de W<-collectie maakte (de experimentele collectie met veel T-shirts en street-kleding die Van Beirendonck in samenwerking met Mustang maakte, red.). Dirk was toen ook wel bezig, maar er gebeurde zo veel rond mij dat er voor hem weinig ruimte was.

»Hij maakt nu ook sculpturen van keramiek en heeft daarmee iets gevonden waar hij heel veel liefde en tijd in kan stoppen. Hij heeft ook al tentoonstellingen gehad in San Francisco en Wenen.»

HUMO Je hebt indertijd je samenwerking met Mustang van de ene op de andere dag beëindigd omdat ze achter je rug je ontwerpen commerciëler maakten. Zou je dat nu nog zo radicaal doen?

Van Beirendonck «Goh. Ik was toen echt wel aan het einde van mijn Latijn, en ik kon die commerciële inmenging echt niet verdragen. Mijn eerste reflex zou nog steeds even radicaal zijn, maar misschien dat ik nu toch wel twee keer zou nadenken en een tussenoplossing zoeken. Omdat ik nu de consequenties ken: ik heb daarna bijna tien jaar nodig gehad om mijn eerste lijn – die ik in de W<-periode helemaal had laten vallen – weer op te bouwen, de pers opnieuw voor me te winnen en alles weer goed te laten draaien.

»Weet je wat zo ironisch is? Dat toen ze me hier België in de kranten zo goed als dood verklaarden, mijn collectie in Parijs nog nooit zo lovend was besproken en ik eindelijk weer op het niveau stond dat ik voor ogen had. Ze zien me niet meer als die gekke man met zijn T-shirts en felle kleuren. Ze hebben het nu over mijn coupes en mijn stoffen.»

HUMO Je maakt nu ook prachtige, bijna ambachtelijke pakken.

Van Beirendonck «Op een gegeven moment vond ik het spannend om ook eens een kostuum te maken. Mijn collectie is volwassener geworden, edeler. Met die pakken heb ik ondertussen een hele reputatie opgebouwd.»

HUMO Welke bekende Belgen lopen rond in jouw uitgekiende pakken?

Van Beirendonck «Stromae, Ruben Block van Triggerfinger. Bent Van Looy komt regelmatig iets kopen. Verder is de regisseur John Waters een fan, en in Frankrijk Mika

HUMO Dat verhaal van klein blijven, niet willen groeien: krijg je dat eigenlijk aan je studenten verkocht?

Van Beirendonck «De studenten hebben heel veel respect voor mij. Dat is ook een heel fijn gevoel. En het is net omdat wij níét vertrekken vanuit het commerciële en het industriële uitgangspunt, zoals de meeste andere modescholen, dat de mensen die bij ons afstuderen overal zo gewild zijn. De school heeft de afgelopen tien jaar enorm aan aanzien gewonnen. Wij krijgen studenten van over de hele wereld, en iedereen die hier afstudeert kan naar een groot modehuis stappen, krijgt daar op zijn minst een stage aangeboden en kan negen kansen op de tien aan het werk blijven. En ze bewijzen er zich allemáál. Als ik van alle studenten die bij mij zijn gepasseerd 1 procent zou krijgen van wat ze nu verdienen, dan was ik binnen – Raf Simons die voor Dior de vrouwencollectie tekent, Kris Van Assche die er de mannenstukken maakt: allemaal mensen die ik heb opgeleid.»

HUMO Waar droom je nog van?

Van Beirendonck «Ik zou graag de modeontwerper zijn die het eerste T-shirt maakt met een 3D-printer. Volgens mij is dat wat er in de toekomst gaat gebeuren. Maar voor dat soort experimenten heb je geld nodig. Dat was wel fijn aan de samenwerking met Mustang: dat de fondsen er waren waarmee ik mijn experimenteerdrang volledig kon botvieren. Ik heb in die jaren kledingstukken gemaakt die gesoldeerd werden, werden opgevuld en gelast, opblaasjassen... Fantastisch.»

Hij droomt weg. Verdwijnt in een andere wereld. De zijne. We laten hem daar achter, want dat is duidelijk waar hij moet zijn.


Bekijk de voorstelling van Van Beirendoncks collectie op de Fashion Week in Parijs, enkele week geleden:

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234