null Beeld

In memoriam Michael Hutchence (INXS)

O ironie. De laatste keer dat ik Michael Hutchence zag, liet ik hem een drukproef van mijn interviewboek ‘Fuck off’ zien. Hutchence overliep het lijstje namen, en merkte op: ‘Merkwaardig… alle rocksterren die je hebt geïnterviewd leven nog.’

undefined

'God moet leren mikken'

Nu dus niet meer. Vanaf zondagochtend regende het gissingen: ‘Vermoedellijk zelfmoord… Depressief… Drugs… Opgehangen aan zijn broekriem…’

Naar verluidt schreeuwde de geschokte Paula Yates reporters toe dat ‘Bob Geldof Michael heeft vermoord’. Waarop vriend en vijand zich afvroeg hoe iemand zoiets slechts kon zeggen over Saint Bob, de heilige die in 1985 met Live Aid half Afrika nieuw leven inblies. Na stormachtige verhoudingen met supermodel Helena Christensen en Kylie Minogue was Hutchence verliefd geworden op Paula Yates, toen nog de vrouw van Geldof. Drie jaar later hadden ze samen een dochtertje, en was Michael in een bittere strijd verwikkeld om het hoederecht over Paula’s kinderen met Geldof.


Stijlvol de dieperik in

Ik zag Michael voor het laatst in april, voor, tijdens en na de voorstelling in Brussel van ‘Elegantly Wasted’. Ik interviewde Michael, maar zag hem ook later, na het optreden, op een feestje in een discotheek. We praatten behalve over muziek ook over ‘Have I Got News For You', waar Paula Yates een week eerder door panellid Ian Hislop vakkundig te kakken was gezet omdat ze haar borsten had laten vergroten. Op haar beurt had Paula Yates Hislop ‘The sperm of the devil’ genoemd. Het vuur waarmee Hutchence in ons gesprek Paula verdedigde was ontroerend. Het was liefde, zoveel was duidelijk. Off the record was hij ook verbazend openhartig over Geldofs wangedrag als hij gedronken had: ‘I know what an ass he’s been to Paula… When he’s on the sauce (dronken), he hits her…’, en meer van dat fraais.

Hutchence bood me toen ook een inzicht in hoe het was om (pre-Diana) te leven in het spervuur van de roddelpers. Hij vertelde hoe hij over straat wandelde met Heavenly Tiger Lilly, zijn dochtertje met Paula, en twee van haar andere jonge kinderen. En wat toen gebeurde: drié fotografen liepen hem klem, één ervan duwde Lilly opzettelijk tegen de grond, terwijl de anderen foto’s maakten van de reactie op die provocatie: een razende Michael. Later verschenen die foto’s dan met krantenkoppen als ‘Boozing Madman Michael On The Loose’…Dat de fotograaf eerst een kind geslagen had voor Michael zo kwaad werd, deed blijkbaar niet ter zake.

Terugkijkend is het natuurlijk verleidelijk om in alles wat Michael Hutchence ooit zei of zong voortekenen te lezen. De titel van INXS’ laatste cd, bijvoorbeeld: ‘Elegantly Wasted’, vrij te vertalen als ‘stijlvol de dieperik in’ of ‘gracieus afgeleefd’. Of wat de titel van INXS triomfantelijke verjaardagstournee (twintig jaar samen in dezelfde bezetting!) moest worden: ‘The Don’t Lose Your Head Tour’. Of songtitels als ‘Heaven Sent’ en ‘Suicide Blonde’ en ‘Disappear’ en ‘Bitter Tears’. In een recente reportage die MTV in Hongkong opnam, zie je Michael in een Chinese tempel over het hoofd van een godsbeeldje wrijven, ‘want dat brengt geluk’. En in de media circuleert nu een van z’n laatste interviews, waarin hem de volzin ‘Ach, iedereen heeft wel een touw om zich aan op te knopen’ in de mond wordt gelegd. In de slotscène van die MTV-reportage in Hongkong zag je Michael in een karaokebar in duet met een Chinees meisje ‘Born To Be Wild’ zingen.


Jim Dean

Het is een dwaling te denken dat je als journalist een rockster ooit echt leert kennen. Maar ik heb Michael zes keer ontmoet, en telkens bleek hij een joviale, intelligente, grappige man. Ik had altijd moeite om die interviews met INXS goed te vertalen, omdat ze in den lijve wel sketches van Monty Python of The Fast Show leken, en ik was bang dat al die grapjasserij op papier zou overkomen als een te gemütlich onderonsje. Alle groepsleden van INXS zijn sympathieke no-nonsense musketiers; Australiërs van het soort dat te veel drinkt en te luid roept, maar een haarscherp afgestelde bullshit-detector bezit. Als ik de camaraderie binnen INXS van dichtbij zag, verbaasde het me niet dat deze zes het twintig jaar met elkaar hadden uitgehouden. Het was ook mooi om te zien hoe Hutchence, die in de ogen van de buitenwereld de onbetwiste leider van de groep leek, in werkelijkheid door de anderen werd behandeld als het kleine broertje. Hutchence werd voortdurend liefdevol gepest, en zijn mannelijkheid en superstud-imago werd door de anderen constant hartelijk maar genadeloos in de zeik gezet. Eén van de geheimen van Hutchence kon je bespeuren als je lang genoeg en in een stille omgeving met hem sprak: Michael Hutchence lispelde. Een detail, maar voor een rockster en een zanger op papier een onoverkomelijke handicap… die hij overwonnen had.

Vanwaar ik stond bekeken, was Michaels enige nadeel dat hij een Jim Morrison- en James Dean-fixatie had. Hij leek, ondanks zijn intelligentie, echt gehypnotiseerd door de tragiek en het drama van het archetypische idool dat liever opbrandt dan weg te deemsteren. Hij was tot op het bod beledigd dat hij de hoofdrol in Oliver Stones ‘The Doors’ niet had gekregen. En hij had echt die extreme lust for life die maakte dat hij àlles eens wilde proberen. Dat bleek uit een pijnlijk openhartig gesprek dat ik in ’93 met hem had; een gesprek dat vooral over seks ging, maar waar onpubliceerbare delen ook extreme seks, morele dwalingen, zelfkwelling en jeugdtrauma’s bestreken. Ik vroeg hem toen tot drie keer toe of hij wel wou dat die Freudiaanse biecht in druk verscheen. Hij vertrouwde me. Ik was gevleid. Later bleek dat in een roddelkrant in Australië een gore versie van mijn interview met hem verscheen: ik had het aan een Engels vrouwenblad verkocht, vervolgens had de Britse Cosmopolitan dié versie geplunderd, en daar had die Australische tabloid het uit gejat, en mijn tekst vermengd met verzonnen citaten over Kylie Minogue. Hutchence' grootmoeder las het stuk en hield er een schok aan over. Ik was geschokt vanwege het geschonden vertrouwen, maar Hutchence stelde me gerust: voor hem was dat soort gekonkelfoes business as usual.


Wurgseks?

Ik geloof niet dat Michael Hutchence zelfmoord pleegde. Rijk, beroemd, net een nieuwe tournee voorbereid, getrouwd, vader van een prachtig dochtertje, omringd door mensen die van hem hielden… het houdt geen steek. Ik hou het bij een ongeluk van iemand die door drank of drugs beneveld was, en dacht dat wurgseks een dood uurtje zou opvrolijken. Want dat typeerde Hutchence wel: hij was altijd op zoek naar ‘New Sensation’ (alweer zo’n profetische songtitel); hij wilde het onderste uit de kan.

De Michael die ik een beetje kende was vrij van pose, arrogantie, of gespeelde vriendelijkheid. Toen Noel Gallagher op de MTV Awards een prijs ontving uit handen van Hutchence en sneerde ‘Hasbeens shouldn’t give awards to stars of today’ , trof dat venijn het verkeerde slachtoffer. Het is opvallend hoeveel directe concurrenten van Hutchence (Bono en Jim Kerr) om er maar twee te noemen op Michael gesteld waren. En hasbeens waren INXS vorig jaar allesbehalve, ook al moesten ook zij net als alle artiesten vaststellen dat een plaat zonder hits tegenwoordig slecht verkoopt.

Maar zelfs wie een hekel heeft aan de muziek van INXS moet beseffen dat de wereld er zonder Michael weer een beetje kaler en kouder op is geworden. En Julio Iglesias lééft nog. God moet leren mikken.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234