null Beeld

'Is er wifi in Tahiti?' op VTM

‘Is er wifi in Tahiti? Geen flauw idee!’ Daarmee begon Niels Destadsbader het nieuwe, zomerse spelprogramma dat in de verzamelde pers de adjectieven ludiek, jolig en zelfs studentikoos meekreeg. Onze wenkbrauwen plooiden zich - niet voor het laatst - in een parmantige frons, een frons die - ook later - met een binnensmondse ‘Nou’ gepaard ging.

Katrien Verschoren

Want waarom besluit een team van programmamakers om een vraag als titel te kiezen? Om die vraag daadwerkelijk te beantwoorden? Duidelijk niet. Omdat het rijmt? Nou, nee, niet bepaald. Omdat er iets ludieks, joligs en studentikoos van uitging? Wie zal het zeggen? Titels waaraan dezelfde redenering ten grondslag lag, maar die het om onbegrijpelijke redenen niet haalden: ‘Met tante Carla naar Jakarta’, ‘Ik vraag het aan in Turkmenistan’ en - iets kosmopolitischer - ‘Let’s downsize in Belize’.

Een team A - Lindsay (zus van Christoff), Christoff (broer van Lindsay), Niels Albert (broer van Steffen, die verder niet ter zake doet) en Gregory (broer van een andere niet-BV) - nam het tussen het dijenkletsen en ginnegappen door op tegen een team B - ene Anjuli, Guga Baúl, Jacques Vermeire die het typetje ‘Jacques Vermeire’ een volledige aflevering volhield (proficiat, Jacques Vermeire!) en Cath Luyten. Die laatste is naar verluidt met Tom Waes aan een programma bezig waarin wordt uitgevogeld hoe je je het best uit gênante situaties redt. Hopelijk behandelen ze de kwestie ‘Wat te doen als die hete collega je vraagt om een review van ‘Is er wifi in Tahiti?’ te schrijven, maar je ‘Wil je muilen op Tahiti?’ verstond en volmondig ‘Liever nu dan later!’ kirde?’. Míjn digibox staat alvast geprogrammeerd.

Met een welgemikte ‘de sfeer zit goed! trapte Niels (de stadsbader, niet de veldrijder op rust) dan maar het spel op gang. De lichtvoetige-smalltalk-meter stond immers al ver in het rood. Na een rondje ‘Emoji’, waarbij de spelers de naam van een tv-programma moesten raden aan de hand van een paar goedgekozen emoji’s, en ‘Wa zeit 'm?’, waarbij iemand woorden moest proberen te liplezen, zat de sfeer zó goed (Cath had immers ‘Hollandse hoeren!’ geroepen) dat het hoog tijd was voor reclame. Het goede nieuws, aldus Niels (die met de hupse tussentaal, niet die met het sappige Kempische accent), was dat er nog heel veel spelletjes zaten aan te komen. Nou.

Tijd dus om mijn eigen brainstormsessie te organiseren met de woorden ‘Tahiti’ en ‘Hoe trek ik het hier nog 40 minuten’. Via ‘parasolletjes’ kwam ik naadloos bij ‘cocktails’ terecht. En omdat er vanavond toch íémand moest tonen dat overbodigheid het best tot zijn recht komt wanneer geschrapt, maakte ik een mojito zonder rietsuiker, limoen, munt en spuitwater.

Volgden onverwijld na de reclame en vóór de Wifinale (u leest het goed: wifinale): de rondes ‘Heb je eten voor mij?’, waarbij er gezongen werd met alleen het woord pizza of durum; ‘Wie zijn we?’, de televisie-versie van het dronkemansspel waarbij je een naam op je voorhoofd geplakt krijgt en moet raden wie je ben; en ‘Facetime’, waarbij je personen moest herkennen aan een erg rake en vaak ook ludieke, jolige en studentikoze omschrijving én ze ook nog eens moest kunnen situeren op het spelbord. Nou.

Het is die gemakkelijke ‘Toen we dat in de chiro speelden was dat kweenihoe leuk’-mentaliteit en die niet zo ambitieuze ‘Vanuit de verte lijkt dit best een goed idee’-attitude die zo nefast zijn voor het kijkplezier. Neem nu die ronde ‘Facetime’. Ik vraag me oprecht af hoe het kiezen van die naam alleen al tot stand kwam. Volgens mij moet het ongeveer zo gegaan zijn: ‘Goh, we hebben net een spel verzonnen waarbij je gezichten moet onthouden. En in onze programmatitel zit al een smartphonegerelateerd woord. Hmmm, even denken, gezichten, gezichten, wifi, gezichten,…’ Gevolgd door twaalf minuten doodse stilte. Wanneer plots: ‘JA! IK WEET HET! WE NOEMEN HET FACETIME!’ Waarop de gehele redactie het op een juichen, zuipen en snuiven zette. Nou.

Men verwijt recensenten wel eens cynisme. Het zijn programma’s als dit - die godsgruwelijke redundantie! - en Nielsen als deze - het gemediatrainde exemplaar met de reflecterende glimlach, niet de voormalige wereldkampioen met het goudeerlijke smoelwerk - die ons meewarig het hoofd doen schudden en ons nog een neut doen inschenken, mompelend dat de mensheid nu toch duidelijk op zijn retour is.

Weet u wat ik na dat hele ‘Is er wifi op Tahiti?' zo zat te denken, mijn resterende rum zachtjes in de bel ronddraaiend? Dat er beter iemand een boek had geschreven over die ondraaglijke lichtheid van het bestaan, in plaats van er een spelprogramma van te maken.


Quote

We twijfelen nog tussen:

'Er hebben al drie mannen in mijn poep gezeten', toen Samson zichzelf voorstelde. De gedachte aan de ietwat uitgerekte anus en de ongetwijfeld geïrriteerde perineum van de brave bobtail deed ene Lindsay kirren van pret. Nou.

of:

De ludieke, jolige en studentikoze Niels: 'We spelen het beslissende spel met Niels en Anjuli!'

De steeds verder in de zetel wegzinkende Niels.: 'Hey man, waarom ikke?!'

Ongetwijfeld heel veel mensen: 'We leven met u mee, maar we zitten hier allemaal tegen ons goesting, hé!'


Tweet

Danku, Bas.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234