James Holden & The Animal Spirits (AB Box)

’James Holden and the Animal Spirits’, mijn persoonlijke favoriet van 2017, kwam - in het kader van het BRDCST-festival - gisteravond tot leven in de AB Box. En hoe! Maar eerst even terugspoelen naar de late namiddag.

Op de warmste 8 april sedert de vroege middeleeuwen - de renners waren bovendien geeneens in Roubaix aangekomen - begon MDCIII (***1/2) er in de AB aan voor een man of honderd. Nordmann-saxofonist Mattias De Craene liet zich - kennelijk geïnspireerd door het nogal afmattende ‘Interstellar Space’ van John Coltrane - bijstaan door twéé drummers (Simon Segers van De Beren Gieren en Black Flower) en Lennert Jacobs (van The Germans en Hong Kong Dong). De sax klonk vaak behoorlijk gedempt en vervormd, en werd soms verruild voor een fluit (of een tuinslang).

Er hingen belletjes aan de polsen van één van de drummers. Sylvie Kreusch - jaja, die van Warhaus en A Soldier’s Heart - was tot twee keer toe op haar indrukwekkendst: had iemand deze vrouw een bas gegeven, deze freaky, maar ook een beetje funky en zelfs dubby jazz had ons helemaal de wereld van Kim Gordon in gestuurd, naar daar waar ze in 1982 die eerste dub- en funk-ep maakte met Sonic Youth. En daarna mocht De Craenes sax voluit. Genre: Get Ur Freak On, en toch vrij toegankelijk. Knap!



Wij hebben zopas via vrt.nu de uitstekende documentaire ‘I am not your negro’ (met de geweldige James Baldwin) achter de kiezen en keken ook met openvallende mond naar ‘Martin Luther King The Assassination Tapes’. Wij hebben thuis een paar platen van Sun Ra en Max Roach en Archie Shepp staan, luisteren met plezier naar werkelijk alles van Shabaka Hutchings, en de meest rechtse politicus voor wie we ooit hebben gestemd heet Frank Vandenbroucke. Maar het activistische Irreversible Entanglements (**) is ons een geëngageerde brug te ver. De blazers blijven maar alle kanten op toeteren (gedachte: hoe onvrij kan free jazz klinken?). Frontvrouw Moor Mother is laaiend loeiend kwaad op het door racistische, kapitalistische bloedzuigers gedirigeerde systeem, en de verbetenheid waarmee zij de zin ‘They are actively erasing your memories’ herhaalt doet aan Zack De La Rocha van Rage denken. De muziek zal - in tegenstelling tot die van Rage - nooit iets voor het hoofdpodium worden.



Dan liever Ammar 808 and The Maghreb United (***1/2). De hoog klinkende fluiten heten gasba en zukra, de man die de zijne overal tussen kringelt is een Tunesiër (Lassaed Bougalmi). De driesnarige luit is een guembri, de Marokkaan Mehdi Nassouli krijgt er een ondertussen vol gelopen AB Box mee aan het luisteren. Cheb Hassen Tej is een Algerijn, zijn zangstijl herinnert aan de 13 grootste Rai-hits die we kennen,‘Didi’ van Cheb Khaled op kop. De stem van Tunesiër Sofiane Saidi is dan weer gewoon een bom. De man die dit Maghreb United-team aanvoert heet Sofyann Ben Youssef, spoelde 10 jaar geleden vanuit Tunesië in Brussel aan, en noemt zichzelf Ammar 808 omdat hij de roes van de Maghreb vertaalt naar zijn Roland TR-808. In het drieminutengesprekje dat wij met hem in de coulissen van de AB hebben, geeft hij toe dat zijn muziek een serieuze uitnodiging is om te dansen, en dat ze soms brutaal en lichtjes apocalyptisch klinkt. Ammar 808 zette de AB Box op de rand van ontploffen, deed wegdromen naar vroeger (The Chemical Brothers én Front 242) en wensdromen naar een toekomst waarin Chokri Mahassine deze feestneuzen in zijn favoriete waterpijpcafé een Pukkel-contract voorlegt.



James Holden dan. Hij heeft vorig jaar met veel mensen in een week tijd een plaat vol trance-muziek opgenomen in een studio waarin hij vroeger lange tijd helemaal alleen zat te werken. Wij noteren: 1. korte tijdspanne, geen lange. 2. Niet alleen, maar samen.



Het machtige ’James Holden and the Animal Spirits’ kwam eind vorig jaar met een soort adventskalender. Ik werd verondersteld elke dag een luikje te openen, er zat niet zomaar chocolade in, of een spreuk. In elk vak zat gewoon een wegwijzer naar andere muzikale verrassingen, in de vorm van Holdens muzikale invloeden. Met de voorbeeldartiesten die we al kenden (Terry Riley, Steve Reich, Can en Harmonia) waren we snel klaar. Aan de vakjes met Don Cherry (Holden: ’Het meest spirituele getoeter dat ik ken’) en Pharaoh Sanders (‘Je kan gehypnotiseerd raken door muziek, maar hier word je compleet door gehersenspoeld’) zijn we langer blijven plakken. Over dé verrassing - Mario Batkovic op zijn accordeon - zegt Holden: ‘Hier hoor ik echt de breekbare tonaliteit van trance’.



En dan is er de plaat die ons vandaag het liefst is geworden van alle Holden-platen: ‘Marhaba’, die hij met Floating Points en de ondertussen overleden gnawa-meester Mahmoud Guinia maakte. Er is een moment in de track ‘Bania’ waarin aan de snaren van de guembri geplukt wordt en de krakebs (metalen castagnetten) luid staan. Holden is al binnen- en buitengewandeld op zijn modulaire synth. Maar dan vallen die castagnetten weg, en blijft alleen de vraag-antwoordzang over. Holden zet er - heel zuinigjes - zijn geluiden tegen af. Dat moment creëert (bij mij toch) zoiets speciaals, dit moet het auditieve equivalent zijn van zich ergens aan vergapen, gefascineerd naar iets staren, langdurig naar één punt kijken misschien zelfs, mogelijk zonder iets op te merken. Als dan die castagnetten opnieuw invallen, lijk je die rare focus te verlaten, en veel los te laten.



Maar genoeg over mijn beginnende Alzheimer, want James Holden bevindt zich al in kleermakerszit op een verhoogje in het midden van het podium. De man komt zonder schaduw - hij geeft integendeel licht af op de muur achter hem. In zijn buurt: vier muzikanten.



Eerste vaststelling, tien minuten ver: dit is geen elektronica waarin de vastgeschroefde beat alles domineert. Dit zijn geen noten die vast staan in een digitaal rooster, bediend door een artiest die amper meer doet dan op play duwen. Naar verluidt heeft Holden zijn eigen software in mekaar gestoken, en kan zijn toestel luisteren naar het tempo van de drumritmes. Zijn synthstukken hangen alvast los aan mekaar, de timing is soms niet helemaal juist, en heel soms lijkt hij maar wat raak te kladden.



Holden zal in de AB de kern van zijn ‘Animal Spiris’-plaat opnieuw bovenhalen, maar zal de plaat niet reconstrueren. Daarvoor zijn de structuren vanavond te weinig solide, de live-versies te anders, de paar oudjes in de set, zoals ‘The Caterpillar’s Invention’ al tracks die toen al een vol groepsgeluid lieten horen.



Drummer Tom Page (die ook meewerkte aan de jongste plaat van Neneh Cherry) en James Holden spelen al lang met mekaar. Ze hebben ooit samen een eed gezworen die luidde: ‘In order to trance’. Het spel van Marcus Hamblett (kornet) en Etienne Jaumet (saxofoon) lijkt soms op een overambitieuze ingreep, maar ze komen er wonderwel mee weg. Dat moet voor een stuk ook het werk van Holden zijn, de man met het overzicht, die de muzikanten niet meer dan een paar akkoorden geeft (en een eventuele melodielijn) om de jazz te spelen die hij in z’n hoofd heeft zitten. Jazz die hij zeeft en sorteert aan de hand van wat anderen aanreiken. Het valt trouwens op dat de blazers - ook als ze niet spelen - rustig gaan zitten luisteren (en doorluisteren) naar wat Holden te zeggen heeft.



Ook hulde aan percussionist Lascelle Gordon (een beetje bekend van bij The Brand New Heavies en Beth Orton). Hij heeft een serieuze kist vol speeltjes meegebracht. Hij trekt er ver mee beyond het reguliere Orff-instrumentarium als hij een plooiballon in het rond zwiert, op een scheidsrechtersfluitje blaast en - één keer - zowaar noppenfolie laat knallen.



De muziek voelt bij momenten aan als een Radiohead-trip. Of als muziek uit de über-Engelse Canterbury-scene van lang geleden: denk vooral de beste platen van Robert Wyatt, die freaky zijn, maar tegelijk heel breekbaar. Daar zit volgens ons een kern van wat Holdens muziek zo speciaal maakt: de kwetsbaarheid ervan. Aan de andere kant: soms stonden we natuurlijk gewoon op een blanke gnawa-variant te hupsen. Of op minimal music die van ‘In C’ van Terry Riley leek overgeschreven (in ‘Pass Through the Fire'). Of leek een Orbital-concert bezig (dat dan wel ter plekke werd gesequencet en gemixt door een paar Aphex Twinnen én een jazzman in een lang wit kleed).



O ja, naar het einde toe, in de outro van ‘The Neverending’, toen dat muzikale kippenhok stopte met kakelen en Holden alleen overbleef met een paar kleine, slordig gespeelde bliepjes, had die rare auditieve staar mij weer te pakken, en luisterde ik heel even naar niets in het bijzonder. Trance heet deze wereld, en als ik ooit eens even vijf jaar tijd heb, ga ik zeker uitzoeken wat het betekent.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234