null Beeld

James Spader: 'Ik voel me altijd aangetrokken tot de antiheld. Ik weet zelfs niet of ik wel een ander type kán spelen'

Er is niet eens zo gek veel verschil tussen de James Spader die in ‘The Blacklist’ met verve de alwetende topterrorist Raymond Reddington vertolkt, en de James Spader die voor ons op een nog kille lentedag in Manhattan achteloos een sigaret staat te roken op het trottoir van Madison Avenue: beiden wagen zich alleen buiten de deur in smetteloos pak, lange overjas en een gleufhoed op het hoofd. New York: waar een mens nog een hoed kan dragen en toch niet uit de toon valt.

De zomerprogrammatie op Vlaamse zenders: het is altijd een beetje lijden. Want niet alleen zijn daar De Kampioenen weer, dit jaar moeten we op de koop toe ook afscheid nemen van het eerste seizoen van ‘The Blacklist’, de voorbije maanden hét pronkstuk bij VIER. Centraal in die reeks staat Raymond ‘Red’ Reddington – een rol van een zich zichtbaar vermakende én in bloedvorm verkerende James­ Spader, die dit jaar ook de 25ste verjaardag van zijn doorbraak met ‘Sex, Lies and Videotapes’ mag vieren.

Als concierge of crime staat Reddington jarenlang met stip op één op de most wanted-lijst van de FBI. Tot hij op een mooie dag uit het niets het FBI-hoofdkantoor binnen komt wandelen en zich prompt aangeeft. In zijn zakken: the blacklist, met namen van onderwereldfiguren­ die hij één voor één met de glimlach aan de galg praat. Zijn eisen: hij legt aan niemand verantwoording af, en hij praat alleen met de onervaren agente­ Elizabeth Keen, van wie hij vreemd genoeg elk intiem detail kent – zelfs beter dan zijzelf.

Spader blijkt ons te woord te staan zoals hij gekleed is: hoffelijk en bedachtzaam, met vaak lange pauzes voor hij antwoordt. Ook wanneer we hem vragen wat het toch is dat hem aantrekt tot personages die je nooit geld zou lenen.

James Spader (denkt na) «Ik hou er gewoon van om de anti­held uit te hangen. Neem nu mijn rol als Alan Shore in ‘The Practice’ en ‘Boston Legal’:­ een figuur bij wie je op z’n minst gemengde gevoelens hebt. Mijn eerste voorbeelden als acteur gingen al die richting uit: Humphrey Bogart, James Cagney... En als kijker merk ik dat ik zelf het meest aangetrokken word door de antihelden. Ik weet niet of ik wel andere types kán spelen (lacht).

»Toen ik het script van de pilootaflevering had gelezen, had ik het gevoel dat ik minder wist dan ervoor. De reeks is buitengewoon goed in het oproepen van vragen. Telkens als er een tipje van een sluier wordt opgelicht, wordt ergens anders een rookgordijn opgetrokken. Elk antwoord lokt nieuwe vragen uit, en dat maakt het interessant. Dat, en natuurlijk Reds bizarre gevoel voor humor.»

HUMO Hoe meer je te weten komt over Reddington, hoe meer je beseft dat je eigenlijk niets over ’m weet.

Spader «Inderdaad, en ik verkeer in dezelfde situatie – ik weet namelijk net genoeg om mijn werk te kunnen doen, maar ook niets meer dan dat.

»Red is op z’n best als hij balanceert op de rand van de samenleving, en dus erg dankbaar om te spelen. Hij is iemand die zich comfortabel voelt in de donkere krochten van het leven waar geen normaal mens zich ooit op z’n gemak zou voelen. Hij vertrouwt erop dat hij altijd wel een uitweg zal vinden. Dat is wat fictie zo uniek maakt: je ziet mensen die zich in hun element voelen in situaties waarin jij je hopeloos verloren zou wanen.»

HUMO Hoe herkent u een succesvol personage? Gaat u op zoek naar raakvlakken met uzelf?

Spader «Nee, zo zelfbewust ben ik niet. Ik zal ook niet snel zeggen dat er veel van mezelf in een personage zit. Maar al bij de eerste proeflezing had ik door dat ik met Red iets kon doen. En je moet weten, ik hap niet toe als ik niet het gevoel heb dat ik écht iets met m’n rol kan aanvangen. De personages waar ik het meeste voldoening uit haal, zijn altijd die waarbij ik op voorhand een soort ingang vind. Dat hoeft niet langs de voordeur te zijn, soms kom je gewoon binnen langs de achterdeur of het raam – bij Red was dat via de achterdeur én het raam (lacht). Toen ik het script las, kon ik hem meteen aanvullen: zijn gevoel voor humor, waar hij vandaan kwam, wat hij zou denken...»

HUMO Raymond Reddington is volgens de schrijvers minstens voor een deel gebaseerd op James ‘Whitey’ Bulger, een lang ongrijpbaar gewaande maffiabaas die in 2011 eindelijk gevat werd, op zijn 81ste. Is uw vertolking van Red ergens op gebaseerd?

Spader «Nee. Dat was ook niet nodig, alles stond al in het script. Ik kijk ook niet veel televisie, dus daar zou ik al helemaal geen inspiratie opgedaan hebben.»

HUMO En in films? Anthony Hopkins in ‘Silence of the Lambs’, bijvoorbeeld? Die vergelijking komt vaak terug wanneer het over Red gaat. Of Kevin Spacey in ‘Se7en’, vooral dan die scène waarin hij zich – net zoals Red – overgeeft aan de politie.

Spader «Ook niet. Kijk, ik lees veel, ik hou van muziek en van kunst. En ik hou ook van films, maar het voorbije jaar heb ik er geen enkele gezien. Ik ben een beetje beschaamd om het te zeggen, maar op dat vlak leef ik in een vacuüm. Ik heb zelfs geen televisie in de flat waar ik verblijf tijdens de opnames. Nee, ik ben allesbehalve de juiste persoon om je te zeggen wat er tegenwoordig de moeite is op tv.»

HUMO De laatste jaren maken steeds meer klasseacteurs de overstap naar tv-series, dat kan u toch niet ontgaan zijn?

Spader «Dat komt omdat er geen middenklasse meer bestaat in de filmindustrie. Aan de ene kant heb je ontzettend dure studiofilms, en aan de andere kant kleine, onafhankelijke projecten die voor een habbekrats gedraaid worden. Daardoor stappen veel acteurs over op televisiewerk, omdat daar nu eenmaal meer te verdienen valt.

»Weet je waar meewerken aan een goede serie me nog het meest aan doet denken? Aan spelen in je kindertijd. Je hebt op dat moment nog geen echte identiteit en nog geen idee van wie je echt bent, maar als je doet alsof je een cowboy of een indiaan bent, dan bén je die ook. Wanneer kinderen spelen, is dat in één vloeiende beweging: het ene moment word je vastgebonden aan een boom, het volgende is je vriend plots je vijand, nog even later landt er een ruimteschip... Kinderen passen zich aan dat verhaal aan, ze stoppen halfweg niet om zich af te vragen of het allemaal wel ergens op slaat. Zó moeten series aanvoelen. En dat is ook de reden waarom ik ooit ben begonnen met acteren. Alleen jammer dat het zoveel werk is (lacht). Zeven dagen per week doen alsof, je zou voor minder gek worden.»

HUMO Hoe moordend is het om mee te draaien in een succesvolle serie waarvan elke week een aflevering moet klaarliggen om op antenne te gaan?

Spader «Man, ik sta op instorten! (lacht) Neen, het is écht afmattend. Ik werk voortdurend, zelfs op mijn vrije dagen. Ik lees scripts, ik hang aan de telefoon met de schrijvers... Het eerste seizoen van een reeks is als een restaurant openen, stel ik me voor. Ik heb vrienden die een restaurant runnen en je moet niet proberen om met hen wat bij te kletsen aan de telefoon. Als je ze wil spreken, moet je naar hun restaurant gaan. Zo is het ook met mij op dit moment: geen tijd voor iets anders. Ik zit hier nu wel met jou te praten omdat dat erbij hoort, maar als iemand me zou zeggen: ‘Je mag een dutje gaan doen’, dan ik zou geen twee keer hoeven na te denken.»


Seizoenen tellen

HUMO Hebt u nooit zin om uw geluk te beproeven in andere genres? Uw rol als Robert California in ‘The Office’ was al een geslaagde poging.

Spader «Straks speel ik mee in de nieuwe Avengers-prent, een gigantische superheldenfilm tjokvol digitale effecten waar ik absoluut niets van begrijp: dat is toch vrij nieuw, niet? Ik weet niet eens hoe je in zoiets moet acteren. Dat wordt op zijn minst interessant.»

HUMO Er wordt weleens gezegd dat u zichzelf niet kunt uitstaan op het scherm. Is daar iets van aan?

Spader «Welnee, geen idee waar dat gerucht vandaan komt. Ik ben altijd nieuws­gierig naar het uiteindelijke resultaat. Je hebt ze wel, hoor, de acteurs die na hun take zichzelf niet willen zien wanneer de scène op de monitor wordt afgespeeld. Of omgekeerd: ­acteurs die denken dat ze het er goed afgebracht hebben, terwijl ze het eigenlijk compleet verknoeid hebben (lacht).»

HUMO Op Reds zwarte lijst staan minstens 161 namen. Wat zal hij doen als die lijst is afgewerkt? Rentenieren?

Spader «Daar durf ik niet over na te denken. Misschien gaat hij spontaan in rook op, wie weet (lacht). Het aantal namen op de lijst is misschien meer een kwestie van optimisme dan iets anders. Ergens hoop je natuurlijk om 161 afleveringen te mogen schieten, maar het is erg moeilijk om op voorhand te weten hoeveel tijd je serie gegund zal zijn. Eén seizoen? Twee? Vijf? Dat is het unieke aan televisie­werk: je stemt toe met één seizoen aan de hand van een script van de eerste aflevering, maar je kunt vervolgens seizoenen lang vastzitten aan je personage.

»Voor de scenarioschrijvers is het nog moeilijker: zelfs al weet je al vroeg waar je naartoe wilt met de reeks, dan nog moet je er rekening mee houden dat je er misschien langer over moet doen om je verhaal te vertellen dan je eerst had gepland. Je moet tegenwoordig dus vooral bepalen hoe snel je informatie wilt prijsgeven. En het is zoals bij het pellen van een ui: als je het te snel doet, eindig je in tranen. En met veel snippers (lacht).»

HUMO Bent u niet bang voor de dag dat Red geen geheimen meer heeft om zich achter te verbergen?

Spader (wuift weg) «Ik ben er zeker van dat ik hem tegen dan wel kotsbeu zal zijn. En je zult zien: de aflevering dat Red zonder geheimen komt te zitten, zal meteen de laatste van ‘The Blacklist’ zijn. Geen ­minuut vroeger.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234