Jason Statham, actieheld in 'Mechanic: Resurrection': 'Een man die veel kletst, kan waarschijnlijk geen vuist maken'

Sinds ik hem keet zag schoppen in de fantastische actiefilm ‘The Transporter’ reken ik Jason Statham (49) tot mijn favoriete actiehelden. Met die übercoole stoppelbaard, die imponerende stem, die vuurspuwende blik en dat scherpgeslepen lijf is hij een waardige opvolger van Arnold Schwarzenegger en Sylvester Stallone. Maar wie ís Statham eigenlijk? Ter gelegenheid van ‘Mechanic: Resurrection’, ’s mans nieuwste actieknaller, peilde Humo in Los Angeles naar de ware aard van The Stath.

'De nuchterheid die mijn ouders me hebben meegegeven, komt me goed van pas in Hollywood'

Arnie, Sly, Vin Diesel, Lee Marvin, de jonge Burt Reynolds, Statham. En in iets mindere mate: Dwayne Johnson, Jean-Claude Van Damme, Steven Seagal en Bruce Willis. Al van kinds af dweep ik met de oldskool actiehelden van het witte doek. Bikkelharde venten die hun tegenstanders in knetterende vechtscènes afknallen of tegen de grond smakken, en daar meestal een hilarische oneliner op laten volgen. Zwijgzame loners, die zelden in hun hart laten kijken maar dat hart wél op de juiste plaats hebben. Terwijl Iron Man, Captain America en Batman hun ding alleen maar kunnen doen bij gratie van de digitale effectenmachine, durven The Schwarz, Sly en The Stath het publiek tenminste nog heerlijk ambachtelijke what you see is what you get-actie te serveren: niets aan hun uitstraling, hun coolness en hun spierkracht is geveinsd. Zij verdienen uw respect.

Van Schwarzenegger, Diesel, Van Damme en Sly weet ik dat het in werkelijkheid sympathieke kerels zijn, maar Jason Statham is vooralsnog een enigma. Zal de held uit ‘Crank’, ‘Killer Elite’ en ‘Homefront’ een beetje over zijn leven willen vertellen of zal hij me levend villen? ‘Geen persoonlijke vragen stellen,’ fluistert zijn assistente als ik een suite van het Four Seasons Hotel betreedt, ‘of hij zal het gesprek onmiddellijk afbreken.’ Aiai. Vijf minuten later zwaait de deur van de hotelsuite open: daar is hij! In de intimiderende blik die hij me toewerpt, meen ik moordlust te bespeuren: ben ik paranoïde, of gaat hij me in de pan hakken? Om het ijs te breken – voordat híj iets breekt – besluit ik hem een welgemeend complimentje te geven.

HUMO Meneer Statham, ik heb genoten van ‘Mechanic: Resurrection’. Het is altijd een genoegen om te zien hoe u tijdens duels allerlei banale voorwerpen als dodelijk wapen bezigt: een grill, een brandslang, zelfs een rubberbootje. Je moet er maar opkomen.

Jason Statham «Je zou eens moeten weten hoeveel werk er in zo’n scène kruipt. Neem nu de eerste vechtpartij in het restaurant in Rio De Janeiro: we vonden het belangrijk om dat duel behalve opwindend ook grappig en entertainend te maken. Bij gebrek aan een revolver kan Bishop, mijn personage, zijn tegenstanders niet afknallen en dus zoekt hij in het restaurant naar alternatieve wapens, zoals een lekker gloeiend heet grillapparaat (lacht). Wat de toeschouwer niet beseft, is dat alle elementen in zo’n opname haarfijn op elkaar moeten worden afgestemd: het decor, de choreografie, de regie, het stuntwerk, het camerawerk... Jij ziet één vloeiend en flitsend gevecht, maar in werkelijkheid kruipt daar ontzaglijk veel tijd en energie in. Die eerste scène was oorspronkelijk ook veel langer: zo hadden we ook een stukje gedraaid waarin ik één van mijn tegenstanders letterlijk aan het spit rijg. Een goeie gag, zo vond ikzelf, maar hij is gesneuveld in de montagekamer: te gewelddadig.»

HUMO Ik heb altijd te doen met de figuranten die in zo’n vechtscène uw tegenstanders vertolken. Ze komen in beeld, mogen iets grommen, worden vervolgens door u tegen de vloer gesmakt en in de aftiteling bengelen hun namen helemaal onderaan. Terwijl ze er misschien al hun hele leven van dromen om zélf Jason Statham te worden. Gebeurt het soms dat ze op u afstappen en om advies vragen?

Statham «Dat gebeurt geregeld, maar ik vind het erg lastig om hen goede raad te geven. In deze wereld moet je vooral geluk hebben – het geluk om tegen de juiste mensen te botsen. Je mag dan de beste acteur ter wereld zijn, als niemand hier voor jou de deur op een kier zet, dan mag je het vergeten. Jammer voor al die acteurs en actrices die naar Hollywood komen met hun koffers vol dromen, maar zo zit deze business nu eenmaal in elkaar – hard en onrechtvaardig.»

HUMO Wie heeft voor u de deur op een kier gezet?

Statham «Guy Ritchie. Hij heeft me het winnende loterijbiljet overhandigd (lacht). Guy heeft me letterlijk van de straat opgepikt: ‘Wil je in mijn film meespelen?’ Hij was op zoek naar iemand die de taal van de straat sprak, iemand die authenticiteit uitstraalde. Hij zei: ‘Waarom zou ik die persoon in een toneelschool gaan zoeken als ik jou kan krijgen?’ En hop, hij gaf me de rol van Bacon in ‘Lock, Stock and Two Smoking Barrels’. De basisbeginselen – waar je op de set moet gaan staan, hoe je moet bewegen, hoe je met de camera moet omgaan – heb ik van Guy geleerd. ‘Lock, Stock and Two Smoking Barrels’ blijft tot vandaag één van mijn allermooiste ervaringen, ook al werkten we met een belachelijk klein budget. Op de set heerste een heerlijk gevoel van gelijkheid: de kerel die de spots opzette en de man die met de thee rondging, verdienden evenveel als de acteurs; iedereen stond op gelijke voet. Maar hoe hoger je opklimt op de Hollywoodladder, hoe meer je van elkaar afgescheiden raakt. De trailers van de acteurs worden wel steeds groter, maar de sfeer wordt minder intiem, en het gebeurt haast nooit meer dat de acteurs kunnen verbroederen met leden van de crew.»




Zwijgzaamheid

HUMO Waarom bent u als tiener eigenlijk met martial arts begonnen? Was het een soort roeping?

Statham «Al van kinds af voelde ik enorm veel ontzag voor mensen als Bruce Lee en Jackie Chan: ik bewonderde hun zelfverzekerdheid, hun skills, hun durf, hun gratie. Ik vind het trouwens niet correct om martial arts louter en alleen als een vechtsport te bestempelen. Ja, je leert wel hoe je een tegenstander buiten gevecht moet stellen, maar je kweekt ook andere dingen: zelfvertrouwen, een gevoel van eigenwaarde, eerbied, discipline – allemaal eigenschappen die van pas kunnen komen in je leven.»

'Waar ik het meest trots op ben? Dat ik nooit in de lik ben beland (lacht)'

HUMO Kan iedereen zo goed leren vechten als u, of heeft men toch een speciaal talent nodig?

Statham «Kijk, er zijn verschillende levels. Iedereen kan martial arts aanleren, maar er kan maar één Bruce Lee zijn, snap je? Zelfs wie van ’s morgens tot ’s avonds keihard traint, en daarbij exact dezelfde trainingsmethodes hanteert als Lee, zal nooit in staat zijn om zijn niveau te halen. Bruce Lee had iets extra’s – datgene wat we in het martial artsmilieu ‘de ongrijpbare factor’ noemen. Je kunt het niet uit een boek halen, je kunt het niet meten, je kunt het van geen enkele martial arts-meester leren. De ongrijpbare factor is iets wat binnenin zit, iets wat onpeilbaar is, iets wat alleen de allergrootsten hebben. Wat is het dat Usain Bolt of Michael Jordan zo uniek maakt? Het is iets dat meer in het hoofd zit dan in het lijf – een soort natuurlijk zelfvertrouwen.»

HUMO Ik ben stikjaloers op uw bicepsen en uw sixpack. Maar waar vindt u in vredesnaam de discipline om jaar in jaar uit in topvorm te blijven?

Statham «Het voelt gewoon goed om in vorm te zijn. Lichaam en geest staan in direct verband met elkaar. Als het lijf in topvorm is, dan voel je je ook goed in je hoofd.»

HUMO U nadert de 50. Bent u niet bang voor de onvermijdelijke fysieke aftakeling?

Statham «Ik merk dat ik wat ouder word. Ik verlies stilaan het bereik in mijn heupen, mijn schouders en mijn wervelkolom, ik beweeg niet meer zo soepel als vroeger, ik word sneller stijf en voel meer pijn. Vandaar dat ik mijn trainingmethodes heb bijgestuurd: terwijl ik vroeger vooral trainde op kracht, streef ik nu naar meer soepelheid. Niet dat ik elke dag aan Pilates doe (lacht), maar toch: ik doe meer gymnastiek. En dat in de hoop het nog twintig jaar vol te houden. Wat moet lukken: kijk naar Sly!»

HUMO Is Sylvester Stallone uw grote voorbeeld?

Statham «Hij, en Bruce Lee. Mensen zeggen vaak dat ik de fakkel heb overgenomen van Sly. Een groot compliment: de fakkel had niet van hoger kunnen komen. Als ik een schijntje kan bereiken van wat hij in de filmwereld heeft bereikt, dan zal ik op het einde van mijn dagen een tevreden man zijn. Sly is een uitzonderlijk talent: een actieheld, die de Oscar voor Beste Regisseur en Beste Film heeft gewonnen! En het mooiste is nog dat toen ik Sly persoonlijk leerde kennen, in de tijd van ‘The Expendables’, hij een aardige kerel zonder de minste kapsones bleek te zijn.»

HUMO Waarom behoren actiehelden altijd tot het stille, sterke type? Je komt zelden een actieheld tegen die snatert als Woody Allen.

Statham «Omdat actie meer zegt dan babbelarij. Kijk naar Charles Bronson, of Clint Eastwoods personage The Man With No Name. Hun smeulende blik vertelde meer dan duizend woorden. Een man die veel kletst, doet dat waarschijnlijk omdat hij geen vuist kan maken (lacht). Eastwood, Bronson, Steve McQueen: je zou kunnen stellen dat ik met hun zwijgzaamheid ben opgegroeid. Mijn ouders lieten me voortdurend kijken naar films als ‘Cool Hand Luke’ en ‘The Great Escape’. Die mannen vormden het universum waarin ik opgroeide – helden die het publiek konden inpalmen met één enkele intense blik.»


Stuntman

HUMO Wanneer Angus Young van AC/DC niet op het podium staat te rocken, zit hij thuis bij het haardvuur naar klassieke muziek te luisteren. Hebt u hobby’s waarover uw fans zich zouden kunnen verbazen?

Statham «Ik zit thuis altijd naar zwart-witfilms van Ingmar Bergman te kijken terwijl ik een pijp rook (lacht). Nee, ik ben aan het dollen. Klassieke muziek is niet aan mij besteed. Maar ik leer Duits! Hast du einen Bleistift? (lacht) Toen ik nog aan duiken deed, had ik een Oostenrijkse vriend, Nikki Steikovich, die vloeiend zeven talen sprak. Ik vond hem de coolste kerel op aarde: tegelijk een geweldige atleet én een fijnbesnaarde intellectueel. Als ik hem in het Frans of in het Spaans bezig hoorde, was ik stikjaloers. Vandaag wou ik dat ik op de schoolbanken wat beter had opgelet. We kregen wel taallessen, maar mijn gedachten dwaalden altijd af naar sport. Daar heb ik nu wel wat spijt van. (Buigt zich naar de microfoon) Kinderen, luister naar oom Jason. Doe je best op school, let goed op, luister naar wat de meester zegt en slorp zoveel mogelijk kennis op. Want ooit komt de dag dat je je vertwijfeld zult afvragen waarom je in godsnaam zoveel opportuniteiten hebt laten liggen.»

'Ooit komt de dag dat je je afvraagt waarom je zoveel opportuniteiten hebt laten liggen'

HUMO U bent geboren in Shirebrook. Een Engels plattelandsdorpje omringd door smaragdgroene weilanden?

Statham «Integendeel: een typisch grauw mijnstadje, waar het hard en ruw toeging. Mijn vader is een adoptiekind dat door een arbeidersfamilie werd grootgebracht. Hij heeft er enkele jaren onder de grond gewerkt, totdat de mijn – zoals alle mijnen in Engeland – dichtging. Die tragedie blijft tot vandaag voelbaar: de werkloosheid in de streek is torenhoog, jongeren hebben er weinig perspectieven. Ook wij zijn uit Shirebrook weggetrokken: mijn vader zag daar voor zichzelf en zijn gezin geen toekomst meer. Uiteindelijk zijn we in Londen verzeild.»

HUMO Waarom wil iemand in vredesnaam stuntman worden? Stuntmannen riskeren elke dag hun leven en krijgen daar nauwelijks erkenning voor.

Statham «Zeer juist, en toch trok dat wereldje me als kind al ongelooflijk aan. Stuntmannen zijn erg toegewijd, houden er een gezonde werkethiek op na en hebben totaal geen pretentie – in tegenstelling tot de verwaande vedetten voor wie ze de stunts uitvoeren (grijnst). Het was mijn jeugddroom om deel uit te maken van dát wereldje, veel meer dan van de showbizz zélf. Een ster worden, beroemd worden, het máken: het zei me hoegenaamd niets. De meeste Hollywoodacteurs, zo weet ik inmiddels, hebben een ego van hier tot ginder: ze eisen de meest luxueuze trailers, dagen te laat op voor de opname... Sorry, maar dan koester ik veel meer respect voor de stuntmannen – zij zijn de helden die op een filmset het gevaarlijkste werk verrichten en daar – zoals je terecht opmerkte – nooit aandacht voor krijgen.

»Maar acteur worden? Neen, dat is nooit een ambitie van me geweest. Ik was best tevreden met mijn leventje. Op het moment dat ik Guy leerde kennen, kwam ik in London aan de bak als fly-pitcher: ik stond op straat goedkope juwelen te verkopen. Ik had de kneepjes van mijn vader geleerd en was ermee begonnen toen ik 14 was. We stonden op het trottoir voor het warenhuis Harrods in Knightsbridge, klampten voorbijgangers aan en probeerden hun horloges, kettingen, ringen en armbanden te verpatsen. Ik was dol op de hustle: het kwam er eigenlijk op neer dat je met veel misbaar een stukje theater tussen het volk opvoerde. Ik begaf me in de menigte, ging op mijn hurken zitten, stalde mijn waren uit, wikkelde de juwelen in goedkoop inpakpapier en propte ze in de handen van de mensen: ‘Alstublieft, mevrouwtje!’ Het waren de beste jaren van mijn leven; we leefden van dag tot dag en droegen weinig verantwoordelijkheid. En tussen de fly-pitchers onderling heerste een fantastische camaraderie. Mijn vader noemden ze Nogger, en ik was Nogger’s Son. Verder had je Colin The Dog, Peckhead Pete, Mickey Drippin’...»

HUMO Het lijken wel figuren uit ‘Oliver Twist’ van Charles Dickens. Fagin, Monks, The Artful Dodger...

Statham (enthousiast) «Precies! De fly-pitchers in Londen vormden een ongelooflijk hechte kliek, een beetje zoals de gauwdieven uit ‘Oliver Twist’.

»Mijn diepe, hese stem is trouwens een erfenis van die jaren. Wanneer je iedere dag de mensen moet toeschreeuwen, raken je stembanden geïrriteerd. Bovendien rookte ik in die tijd als een schoorsteen. Het is een ironische speling van het lot dat de stem die ik zelf naar de kloten heb geholpen, vandaag één van mijn handelsmerken is (lacht).»

HUMO Zou u vandaag nog zo’n straatventer kunnen zijn?

Statham «Reken maar. Fly-pitching is als fietsen: je verleert het nooit. Ik zou je hier en nu deze lamp of deze koffiemok kunnen verpatsen. (Werpt een blik op mijn versleten polshorloge) Hell, ik zou je je eigen Seiko kunnen verpatsen voor het dubbele van de prijs die je er vijftien jaar geleden voor hebt betaald (lacht).»


De verlokkingen van Hollywood

HUMO Uw ouders zullen wel trots op u zijn.

Statham «Ja, maar dat zullen ze niet gauw laten merken. Mijn ouders zijn altijd heel nuchtere working class-mensen gebleven. Ik heb intussen bijna veertig films gedraaid, hier en daar een award gekregen, ik heb succes en verdien goed mijn brood, maar daar zullen ze me nooit op afwegen. Als je maar gelukkig bent, zeggen ze altijd. En mijn moeder zal daar nog aan toevoegen: zolang je maar goed eet (lacht). Die nuchterheid die mijn ouders me hebben meegegeven, komt me trouwens goed van pas in Hollywood. Hier zijn veel verlokkingen, en niet iedereen is daartegen opgewassen. Kijk naar Robin Williams: hij was een groot artiest die in Hollywood werkelijk alles had bereikt, en toch miste hij iets in zijn leven. Roem, geld, succes: het blijft oppervlakkig, je mag je er niet door laten meeslepen.»

HUMO In films als ‘Hummingbird’ en ‘Homefront’ doet u meer dan alleen maar vechten en schieten, en staat u met iets meer diepgang te acteren. Ziet u die rollen als een opstapje naar meer serieuzer, dramatischer werk?

Statham «Uiteraard droom ik weleens van die ene grote, dramatische rol, maar anderzijds ben ik me er heel goed van bewust dat ik daarvoor de skills niet heb. En dat is geen valse bescheidenheid: ik ken mijn beperkingen. Met de komedie ‘Spy’ heb ik me één keer aan een ander genre gewaagd, en ik ben van plan om het daarbij te houden, ook al was het een geweldige ervaring om naast Melissa McCarthy te staan en me aan improvisatie te wagen. Ik ken mijn plaats in de filmindustrie. Stop mij in een loodzware film over een depressieve man die zijn vrouw heeft verloren, en er komt geen hond kijken. Stop me in een tank, geef me een geweer en laat me iemands arm erafknallen, en het loopt storm. En daar heb ik vrede mee. Laat de serieuze rollen dus maar voor Daniel Day-Lewis (lacht).»

HUMO Tot slot: waar bent u het meest trots op?

Statham «Dat ik nooit in de lik ben beland (lacht). En ook: dat ik in Hollywood nog altijd meedraai. Toen dankzij het succes van ‘Lock, Stock and Two Smoking Barrels’ de eerste aanbiedingen binnenliepen, dacht ik: ‘Fijn, ik ga hier één of twee jaar mijn brood mee kunnen verdienen, en daarna keer ik terug naar de straat.’ En kijk: we zijn intussen achttien jaar verder, en ik zit hier nog steeds. Dan denk ik: niet slecht gedaan, Stath.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234