Jimmy Frey wordt 80: 'Een playboy kan ook liefdesverdriet hebben'

‘Zo mooi, zo blond en zo alleen Dat zou niet mogen zijn’ Deze aflevering van Het Lieve Leven wordt door Jimmy Frey en mezelf opgedragen aan alle mooie, blonde, maar vooral eenzame meisjes – alhoewel, ik heb ’ns rondgekeken in mijn directe omgeving en heb er niet één gevonden die aan alle drie de criteria beantwoordde.

(Verschenen in Humo 3830 op 28 januari 2014)

Dat was indertijd ook de meedogenloze meidendompteur Guy Mortier al opgevallen. Wat hem de persiflage inblies: ‘Zo mooi, zo blond en nooit alleen.’ Kleine nuance. Voor de zoveelste keer, en tot wanhoop van mijn absoluut níét blonde Allerliefste, laat ik de lang vervlogen, maar mij nog altijd natte ogen bezorgende jaren 60-hit door de huiskamer schallen. De magie van het nummer zit ’m in de honingzoete, bezwerende lispel van dé Jimmy aller Jimmy’s. Je proeft de passie, het verlangen, de onvervalste begeerte van de uitvoerder. De zanger wil het zo allene meisje troosten, in zijn armen nemen en beschermen tegen de boze wereld. En dan, misschien, als beloning, wie weet... Hunkering, zoetgevooisde tederheid en getuite lippen dampen op uit de platengroeven. En verder is er de timing: slepend en smachtend.

Jimmy zingt zijn ode aan de blondheid met grote overtuiging. Hij ként de dames, hij wéét wat ze nodig hebben, hij doorgrondt hun geheimen. Luister voor de aardigheid ook ’ns naar ‘Rozen voor Sandra’: ‘Het gebeurde allemaal / Tussen gisteren en vandaag / Sandra gaf me nog een kans / maar ’k liet haar gaan / hoewel haar blik me zei / Jij bent alles voor mij’. Dat is toch, in een notendop, de hele tragiek van dit hondse bestaan, nee? Ik bezoek de 74 jaar oude zanger in een revalidatiecentrum aan de Belgische kust. De tegenoverliggende zee staat onstuimig, het strand is verlaten en het zwerk loopt van rookwit over vijftig tinten grijs naar het diepste zwart. Hier herstelt Jimmy Frey van een zware knieoperatie. Indertijd stond de crooner erom bekend dat hij zich tijdens zijn grote finale, in een allerlaatste versierpoging, wanhopig op z’n knieën gooide, de armen uitgestrekt naar het publiek, smekend om verlossing en applaus. Dat zal na deze operatie jammer genoeg niet meer gaan.

Jimmy ontvangt mij in zijn sobere ziekenhuiskamertje, vijf hoog, zonder zeezicht. Hij is gekleed in een rode peignoir en loopt op krukken. Op een bord liggen de resten van de plat du jour. Hij verontschuldigt zich omdat hij eerst wat ijs bij de verpleegster moet gaan halen, om zijn knie te laten ontzwellen en de pijn te stillen. Als hij weer gaat zitten, begint hij zonder overgang aan een lange monoloog die pas drie uur later zal stoppen.

Jimmy Frey «Ha! De Humo! Ik dank mijn doorbraak aan Humoradio, in de jaren ’65, ’66. Guy Mortier had een boontje voor mij. Ik was een haantje-vooruit en dat lustte hij wel. Mijn manier van leven was zeer modern, toen – ik liep altijd in een Beatleskostuum. Tijdens ‘Canzonissima’ stond ik weken aan een stuk op nummer één bij de lezers van Humo!»

'Ik ben nooit getrouwd, omdat ik wist wat voor een ellende een gebroken gezin met zich bracht'

HUMO Laten we niet te snel van stapel lopen, Jimmy. Vertel ons: waar kom jij vandaan?

Frey «Ik ben geboren in Brugge op 28 april 1939, vlak voor de oorlog, dus. Ik heb ooit een luchtgevecht tussen een Engels en een Duits vliegtuig gezien, boven Brugge. De Duitser werd geraakt, ontplofte in de lucht en stortte neer. Ik herinner me ook de bevrijding van Brugge door de Canadezen: ik proef nog de chocolade die ze uitdeelden. (Sluit de ogen) Het is alsof het gisteren gebeurde: in de verte klinkt fanfaremuziek: ‘It’s a long way to Tipperary’. De fanfare wordt gevolgd door mannen gewapend met stokken, messen en geweren, om de collaborateurs uit hun huis te halen, snap je. Ik hoor een geweerschot en een vitrine knalt stuk. Twee vrouwen krijgen slaag en worden kaalgeschoren. Ik was toen zes jaar.

»Mijn vader was bij de witten. Hij moest op dodenmars met zes schrapnels in zijn been, van Gent naar Brugge. Later werd hij gedecoreerd. Mijn vader heeft het ver gebracht: eerst was hij garçon op de Kamina, de legendarische Congoboot, later is hij maître d’hôtel geworden. Tussen mijn ouders klikte het niet en dat heeft mij voor de rest van mijn leven getekend. Vader was een ongelooflijke rokkenjager. En mama, een mooi en pittig vrouwtje, een coiffeuse bovendien, was vreselijk jaloers. Uiteindelijk heeft ze mijn vader aan de deur laten zetten. Ik zie het nog gebeuren: twee gendarmes in tenue en twee in burger. Eén van de agenten zegt: ‘Mijnheer Moerman,’ – dat is onze familienaam, eigenlijk heet ik Ivan Moerman – ‘mijnheer Moerman, u mag hier nooit meer komen, zelfs niet op de stoep.’

»Mijn vader was een klasbak. Mooie man ook. Tijdens het echtscheidingsproces sprak de rechter hem toe: ‘Hoe kunt ge u zo schandalig gedragen, Moerman? Ge hebt vrouw en kind.’ En hij: ‘Ik kan er niks aan doen, mijnheer de juge. ’t Zijn de vróúwen die achter mij aan zitten.’

»En ja, ik had de looks van mijn vader.»

HUMO En zijn streken?

Frey (knikt) «Ook mij hebben de vrouwen nooit met rust gelaten. Daarom heb ik op een gegeven moment besloten: ik trouw niet. Nooit van mijn leven! Omdat ik wist wat voor

een ellende een gebroken gezin met zich bracht. Mijn vader was geen echte alcoholicus, maar hij dronk wel flink. En als hij gedronken had, werd hij agressief. Niet zozeer fysiek dan wel verbaal. Hij kon... vreselijk tekeergaan. Ik heb er een trauma aan overgehouden.»

'Ik leek enorm op James Dean: ik liep ook zo gekleed, had dezelfde attitude. Vrienden noemden mij Jimmy, vandaar mijn artiestennaam'

HUMO Heb je uiteindelijk vrede met hem gesloten?

Frey «Nooit. Op mijn 21ste zaten mijn moeder en ik echt in de miserie. Ik belde vader op, maar hij wilde me niet spreken. Enkele jaren later brak ik door als zanger en uitgerekend toen begon hij naar mijn optredens te komen. Telkens als hij me na afloop wou zien, liet ik hem afwimpelen door mijn manager. Op zijn begrafenis was ik de laatste die de kerk binnenliep, en de eerste die na de dienst weer buitenstond. Toen de lijkwagen passeerde, heb ik naar het schijnt een schreeuw gegeven die door merg en been ging. In een flits zag ik weer de pijn die hij had veroorzaakt: de scheldwoorden, de pesterijen, de ruzies. Einde van het verhaal.

»Met mijn moeder had ik één probleem: ze wilde niet dat ik zong. Ik ben op mijn 21ste thuis weggelopen en op een mansarde gaan wonen, een zolderkamer zonder raam. Studeren heeft mij nooit gelegen: ik werd ziek van leerboeken, letterlijk. Ik zag nog maar een schrift van rekenkunde liggen of ik werd misselijk. Tegen mijn zin ben ik beenhouwersgast geworden, terwijl ik veel liever kapper wilde zijn. Maar ook dat mocht niet van moeder. Zeven jaar heb ik in het vlees gewerkt: veel geleerd, maar het is een hondenstiel. Drie jaar charcuterie, dat was: l’horreur. Altijd de kou van die koelkamers, altijd de afwas van die borden, schotels en kuipen (rilt bij de herinnering). Met dat bijtende sop. Ik was op leercontract en moest de hele tijd charcuterie maken. Om halfzeven in de ochtend werd ik al uit mijn bed gebeld. En dan was het travakken tot elf, twaalf uur ’s nachts.

»Maar! Ik had een uitlaatklep: ik zong. Op vrijdagavond maakte ik het atelier schoon, vaak tot één uur ’s nachts, en dan... was ik vrij! In die tijd leek ik enorm op James Dean. Ik liep ook zo gekleed, had dezelfde attitude. Vrienden noemden mij Jimmy – vandaar mijn artiestennaam, snap je? We zaten toen midden in de tijd van de wereldtentoonstelling: Expo ’58. Ik geef het je op een blaadje: bij mijn nieuwe baas nam ik ’s avonds de tram naar de Heizel. De hele nacht bleef ik feesten, en met de eerste ochtendtram reed ik terug naar de slagerij. Zes maanden lang heb ik nauwelijks geslapen.»

HUMO Hoe ben je beginnen te zingen?

Frey «Mijn vader had naar het schijnt een mooie stem. En mama was ook muzikaal. Mijn eerste crochet won ik op mijn zevende. En in de slagerij liep ik de hele tijd te galmen: het hele repertoire van Luis Mariano en van Elvis Presley, natuurlijk. (Zet een warme tremolo neer) ‘Wise men say / Only fools rush in / But I can’t help / Falling in love with you’. Maar ook Brel fascineerde mij: ik zong al zijn liedjes. Op mijn zestiende won ik nog een wedstrijd, en vanaf toen was er geen houden meer aan. Op de Chaussée d’Anvers was er een dancing en daar hoorde ik voor het eerst ‘Quand on n’a que l’amour’, terwijl ik met een meisje aan het slowen was. Man! Ik begon over mijn hele lijf te trillen, mét dat meisje in mijn armen.

»(Mijmerend) Ach, Brussel, in de jaren vijftig. ’t Is om er tranen van in de ogen te krijgen. Tijdens de wereldtentoonstelling zagen de straten zwart van het volk. En plezier dat er gemaakt werd! Alles was mogelijk in die tijd. Toen de film ‘Rock Around the Clock’ uitkwam, stonden wij te dansen in de cinemazaal. The Platters! Freddie Bell & The Bell Boys! Man, ik wil niet sentimenteel doen, maar wat een tijd was dát! Het hele land kwam in Brussel dansen en feesten. De boulevards!

»Op een mooie dag zei die slager waar ik werkte: ‘Manneke, gij moogt mijn commerce overnemen!’ Mijn moeder stond erbij, verdorie. En ik zei: ‘Non, merci Ik ga zingen!’ Toen heeft ze mij een slag in m’n gezicht gegeven. Ik heb de deur achter mij dichtgegooid en heb gekozen voor de vrijheid. En de armoede (lacht). Het nieuwe lief van mijn moeder, Daddy, wilde mij laten studeren. Die man was directeur van een nylonfabriek. Maar ook dat aanbod heb ik geweigerd. Enkele tijd later is Daddy plotseling dood gevallen, net voor hij met mijn moeder wilde hertrouwen. Toen stond ook zij op straat.»

'De Vlaamse Cloclo noemden ze mij; ik kreeg tot 220 brieven per dag van meisjes'

HUMO Wanneer deden de meisjes bij jou hun intrede?

Frey «Mama had mij goed ingepeperd: ‘Ziet dat ge nooit een meisje ongelukkig maakt.’ Een wijze raad. Mijn vrienden vlogen er al in vanaf hun zestiende, maar ik was een laatbloeier: ik moet een jaar of negentien zijn geweest toen ik mijn eerste liefje had. Ik heb er trouwens een liedje over geschreven. (Zingt) ‘’t Is alweer een tijd geleden / Dat we gingen spijbelen uit de klas / Alles was ons toen nog om het even...’ Als jonge gast was ik geen ladykiller. En ik ging zeker niet meteen naar bed met zo’n dame. In die tijd werd er geweldig veel geslowd. Dan moest je de stiel kennen; je moest precies weten wanneer een plaat uitstierf, hoe de intro van een slow klonk, en dan resoluut toeslaan. Niet schijnheilig of schuchter, maar kordaat: ‘Wilt ge dansen, alstublieft, juffrouw?’

»In die tijd woonde ik, ook weer op een mansarde, boven een bordeel dat gerund werd door twee oude mensen: Mamy en Papy. ’s Morgens stond het ontbijt voor mij klaar, uit compassie, denk ik. Tot ik het kampioenschap van België voor charmezangers won. Toen kreeg ik een contract in de Folies Bergères, in een show met Bobbejaan Schoepen: ‘Hoe zotter, hoe beter’. Goed, den Bob roept mij tijdens de pauze in zijn loge: zijn vrouw Josée wilde mij spreken. ‘Jij gaat het maken, manneke,’ zei ze. ‘Ik denk het ook,’ zei Bob. Ze wilden van mij een jeune premier maken.»

'Jammer genoeg kon ik Ann Christy niet krijgen, want ze was al met de drummer van de band'


Smoor op Ann Christy

HUMO Je stem heeft een weemoedige, aandoenlijke, fluwelen zachtheid.

Frey «Vooral in het lage register heeft ze een zacht, mooi timbre (demonstreert het). Nochtans ben ik un bariton léger: ik ga van de hoge sol twee octaven naar beneden. En ik heb een perfect gehoor. Louis Marischal, samen met Johnny Hoes de componist van ‘De boerinnekesdans’ (een absoluut legendarische hit in de jaren vijftig, red.), wilde een plaat met mij maken, bij Philips. Ik belandde in Frankrijk en ik heb er opgetreden van het zuiden tot het noorden. Fantastische hotels! Ik heb ooit in de Napoleonsuite in Parijs geslapen, ik, die altijd op een zolderkamer had geleefd! Eddie Barclay bood 2 miljoen frank (50.000 euro) voor mij, plus een auto én een appartement. Maar ik had al getekend bij Philips, jammer genoeg. Pas op: Johnny Hallyday is toen gekocht voor 30 miljoen (750.000 euro)! Lucien Morisse, de baas van Europe n°1 en echtgenoot van Dalida, zag mij ook zitten. Maar er ontstond ruzie en mijn Franse carrière zat erop voor ze goed en wel vertrokken was. Uiteindelijk heeft Philips mij tegen Will Tura uitgespeeld. ‘Wij willen ook een Vlaams meisjesidool,’ zei Paul Moens, de artistiek directeur. Met lange tanden heb ik toegegeven, want ik wilde eigenlijk niet in het Nederlands zingen.

»Milo De Coster, de manager van en stuwende kracht achter Liliane Saint-Pierre en Ann Christy, zag mij aan het werk in Het Wiel in Lokeren, waar ik mijn optreden afsloot met een fantastische rock’nroll-medley. Ik zei: ‘Voor 5.000 frank (125 euro) per optreden ben ik je man.’ (Fluisterend) Weet je wel wat dat was, 5.000 frank, tóén? Ik kreeg direct een contract voor zeven, acht optredens per maand. Man! Met Ann Christy heb ik een half jaar opgetreden. Jammer genoeg kon ik haar niet krijgen, want ze was al met de drummer. Smoorverliefd was ik. Zo’n bieke, zo’n schoon kind, jongens! En lief!

»Tegen wil en dank werd ik een meisjesidool. Milo stelde mij overal voor als ‘de nieuwe Vlaamse playboy’. Het Laatste Nieuws sprong erop, en whám, de wagen was vertrokken. Ik stond twee weken na elkaar in ‘Tienerklanken’ en toen was het hek van de dam.

»Maar de echt grote doorbraak kwam er met ‘Canzonissima’: Marva en ik zongen daarin iedere week een nieuw nummer. In militair kostuum bracht ik mijn nieuwe hit ‘Ik geloof’ (zingt). Ik was geblondeerd, had een groot kruis op mijn borst hangen: jongen, ik was niet meer tegen te houden. De Vlaamse Cloclo (Claude François, red.) noemden ze mij. Jasje met gouden knopen, goed gecentreerd, en mijn broek à pattes d’éléphant. Je had mij moeten zien! Plotseling kreeg ik 180 tot 220 brieven per dag. Allemaal van meisjes. Er kwam een fanclub: zestienduizend dames, van wie twee derde uit de Limburg, vreemd genoeg. En het zijn mooie meisjes, daar in de Limburg. Hasselt, Sint-Truiden: olala.»

HUMO Wat schreven die meiden je dan?

Frey «Van alles. De meesten probeerden een afspraakje te maken: ‘Jimmy, kunnen wij elkaar zien aan de kerk van Leopoldsburg, volgende week woensdag om drie uur na de middag?’ Bobbejaan Schoepen had mij gewaarschuwd: ‘Menneke, ga nooit naar bed met een bewonderaarster, want als je er niet bij blijft, krijg je miserie en ben je een fan kwijt.’ En zo is het. Eén keer kon ik niet weerstaan, en ik had prijs! Jongens, een beeldschoon meisje en mini-jupe. Met laarzen tot net boven de knie. Ik zie haar nog zo voor mij... Later, toen ik een gevestigde waarde was, heb ik dat meisje nog vaak ontmoet. Maar toch volgt hier een les: je mag niet aan je fans komen. Levensgevaarlijk!»

HUMO Maar de bekoring moet... enorm geweest zijn?

Frey «Ik wil je eerlijk opbiechten: zodra aids in het spel kwam, was het gedaan met de glorie. Toen mocht ik mijn winkel sluiten. Ik ben zwaar gekalmeerd, sedertdien. Jongen, ik had er dertig aan iedere vinger.»

HUMO En dan was er die zoete stem: jij zou een vrouw het bed in kunnen zingen.

Frey «Het mooiste voorbeeld: ik zit in een restaurant met een toffe madame. Even verder zit John Terra, die al wat glaasjes op had, met zijn advocaat, tevens tekstschrijver. John spreekt mij aan: ‘Jimmy, zoals jij dat zingt: ‘Zo mooi, zo blond...’, níémand kan dat. Zo zwoel heb ik het nog nooit geweten.’»

HUMO Doe je het erom?

Frey «Neeik. Dat komt vanzelf. Mijn stem is mijn stem. Elvis zong ook sexy, hè. Eerst besef je dat niet eens van jezelf. Daarna natuurlijk wél. Je moet er ook de techniek voor hebben: ik heb twee jaar muziekschool gelopen. Mét diploma. En muziek is nochtans moeilijk, dat weet jij ook.»

HUMO Ben je van nature een romanticus?

Frey «Absoluut. Ik ben rap gepakt, maar het moet de moeite zijn. Twee keer heb ik zwaar afgezien van een vrouw: de coup de foudre, ja. En vervolgens ging ze er vandoor. (Mijmerend) Op de Canarische eilanden leerde ik een buitengewone vrouw kennen. ‘Jimmy, laat zitten. Dat is geen spek voor je bek,’ zeiden mijn vrienden. Ik dacht: ‘Dat zullen we nog wel ’ns zien!’ En het werd een ongelooflijke nacht. Ze was een blueberry girl, een Parijse danseres. Jongens toch. Meisje van goede familie, nochtans.

»De volgende dag ging ze ervandoor, terug naar Monte Carlo voor een optreden. En ik stond daar te blèten als een kleine jongen. ’t Heeft twee dagen geduurd. Ik zeg het je: ze noemen mij een playboy, maar een playboy kan ook liefdesverdriet hebben, geloof me vrij. Ik heb nooit de liefde met een vrouw bedreven zonder dat ik niet echt verliefd was. Er hoorden altijd... gevoelens bij.»

HUMO De meeste womanizers eindigen alleen en verlaten.

Frey «Pas op: ik ben niet getrouwd, maar ik voel mij niet alleen. Als ik een vrouw zoek, kan ik er nog altijd één vinden. Maar ’t interesseert me niet meer. Vreemd, hè. Wat wil je? Dat ik mij op m’n vierenzeventigste nog ga binden? Alhoewel, never say never (lachje)

HUMO Tederheid, lepeltje, handje vasthouden, dat kan toch ook bevredigend zijn?

Frey «Niet dat ik seksueel niets meer zou kunnen. Maar het vuur is weg. Is dat de ouderdom? Ik weet het niet.»

Fucking rozen
HUMO ‘Breng die rozen naar Sandra’ is je absolute nummer één.

Frey (knikt) «Een wereldhit, goed voor 1,8 miljoen verkochte exemplaren. Ken je de clou van ‘Rozen’? Kijk, Will Tura werkte met impresario Jean Kluger, en ik met diens broer Roland. Ik had toen net een hit met ‘Als een kus naar tranen smaakt’ – zestigduizend van verkocht. We hadden ‘Rozen’ al opgenomen en Roland belt mij midden in de nacht met de vraag of ik dat nummer niet wat wil hypen. Ik dacht: wéér een smartlap, dat hou ik niet uit, ik die in wezen een rock’nroll-hart heb. Bon, de volgende dag breng ik zeven nummers op tv in ‘Binnen en buiten’, waaronder die fucking ‘Rozen’. Jongen, het land stond op zijn kop. Overal waar ik kwam, bij de bakker, bij de slager, op café of restaurant: íédereen begon over die ‘Rozen’. Nooit gedacht dat het een hit zou worden. Ik vond het nummer te traag, ook. Op de bühne zing ik het altijd in een wat hoger tempo. (Zingt) ‘’t Leven kon niet mooier zijn...’ De plaat komt uit en ik blaas in één zucht Will Tura van de eerste plaats in de hitparade. In drie weken tijd zeventigduizend verkocht.

»Bon, ik vertrek zoals altijd in januari op vakantie naar de Canarische Eilanden. Twee dagen voor mijn terugreis krijg ik een telefoontje van Philips: ‘Jimmy, het land is zot van je ‘Rozen’. Kom niet naar Brussel maar neem het vliegtuig naar Nice, voor de Midem in Cannes.’ Ik kom daar aan, donkerbruin verbrand, in een schitterend bleek kostuum, pattes d’éléphant, een halve suite in een hotel. Op het nachttafeltje ligt een telegram: ‘Proficiat voor meer dan honderdduizend verkochte exemplaren, Jimmy!’ Getekend: de grote baas van Philips Europa. De contracten vielen als zoete broodjes uit de bomen. Ik heb mijn ‘Rozen’ in het Spaans, het Frans, het Italiaans en het Duits opgenomen (zingt op mijn vraag de eerste regel in de vier vermelde talen). In Frankrijk hebben we er 467.000 van verkocht. En wereldwijd 1,8 miljoen. Op de Franse eilanden stond ik overal op nummer één. In vier Zuid-Amerikaanse landen was het ook een hit, maar daar heb ik geen frank van gezien.»

HUMO Je was in één klap multimiljonair?

Frey «Ik kreeg 3,5 frank per plaat. Jammer genoeg had ik de ‘Rozen’ niet zelf geschreven, anders kwamen daar nog ’ns de auteursrechten bij. In de jaren zeventig was mijn prijs voor een optreden 20.000 frank (500 euro). En in Frankrijk of Spanje kreeg ik makkelijk 40.000 frank.

»Na de ‘Rozen’ kwamen er nog meer hits: ‘Yes, I know’ – goud, kameraad. En één nummer dat we zeker niet mogen vergeten: ‘Saragossa’ – tot op de dag van vandaag een hype in Limburg. Ik lig nog altijd goed bij de jonge gasten, de studenten. Zij vinden mij een unicum, een curiositeit uit het verleden. En ze houden van mijn stem, natuurlijk.»


Een lief beest

HUMO Tijd voor de levenslessen. Wat hebben roem en rijkdom je geleerd?

Frey «Ik ben relatief laat doorgebroken, ik was al 26. Had vier jaar in armoede geleefd. Dat heeft me met mijn voetjes op de grond gehouden. Levensles: vergeet nooit waar je vandaan komt. Altijd bang geweest dat het succes van korte duur zou zijn, overigens. Ik droomde indertijd dat ik voor volle stadions zong! Meer dan één keer per week. Op mijn mansarde! Ik wist dat ik zou doorbreken. Je moet in jezelf blijven geloven. Wie in zichzelf gelooft, zal uiteindelijk een winnaar worden. En verder: ongelukkig in de liefde, maar zéér gelukkig in de carrière.»

HUMO Je bent door het leven niet gespaard gebleven: in 1989 heb je lymfeklierkanker overwonnen.

Frey «Ik was nog volop aan het optreden toen de diagnose werd gesteld. Mijn muzikanten stonden achter mij te wenen, terwijl ik de zieke was en moest zingen. De kanker huisde bij mij in de lies. Toen de dokters mij de röntgenfoto’s lieten zien, wist ik meteen waar het zat. Ah ja, ik ben slager geweest, ik ken mijn anatomie. Ik had nog drie jaar te leven, zogezegd. Toch heb ik na de diagnose nog zeven optredens gedaan. Lymfeklierkanker zaait enorm snel uit, maar is behandelbaar. Ze hebben mij geopereerd; daarna heb ik chemo gekregen en ben ik 44 keer bestraald. En nu ben ik al 23 jaar kankervrij. Dank u wel, Onze-Lieve-Heer.

»(Stil) Weet je wat mij mee gered heeft? Mijn basisconditie: ik heb altijd tot 20 kilometer per week gelopen en ik heb zeer lang gevoetbald – ik heb nog meegetraind met Cercle Brugge: ik was de rapste op de 400 meter. Mijn beste jeugdvriend was Fernand Goyvaerts van Club Brugge: fenomenale speler. Is daarna door FC Barcelona gekocht! Wat ik nu voorheb met mijn knieën, heb ik aan het voetbal te danken, vrees ik.

»Als performer was ik ook een beest, een beetje Johnny Hallyday-achtig. Als ze over mij praten, hebben ze het allemaal over Jimmy en de vrouwen. Maar op het podium kon ik écht wel wat. Ik ben een beest op het podium – maar een lief beest (lacht). Het grootste mirakel is dat de kanker mijn stem niet heeft veranderd. Impotent geworden? Ben je gek. Ik heb nog fantastische momenten meegemaakt.»

'Ik heb mijn dood goed voor­bereid. Tot de doods­brief toe'

HUMO Waarom ben je nooit getrouwd?

Frey «Ik zal het je vlakaf zeggen: uit schrik om mijn vrouw te bedriegen. En verder: een ster trouwde niet, indertijd.»

HUMO Er werd vroeger weleens beweerd dat je homo zou zijn.

Frey «Flauwekul. Van Will Tura werd dat ook gezegd. Van iedereen in mijn vak, eigenlijk. Bij de VRT weigerden zelfs enkele programmamakers mijn plaatjes te draaien, omdat ik niet homoseksueel was zoals zij. Ik heb relaties gehad van vier jaar, zes jaar, drie jaar, twee jaar, opnieuw vier jaar, met wondermooie vrouwen. Hetero? Driehonderd procent! In de perioden tussen twee vaste relaties in profiteerde ik er natuurlijk van.»

HUMO Enig idee hoeveel vrouwen je ooit hebt gehad?

Frey «Vraag mij dat niet, want dan word ik kwaad. Jean Walter werd eens op VTM geïnterviewd door Luc Appermont. Luc vraagt hem brutaalweg: ‘Met hoeveel vrouwen heb je geslapen?’ De Jean zegt: ‘Met tweeduizend.’ Maar zijn vrouw zat wel in de zaal, hè. Ik dacht: dat gaat Appermont mij niet lappen. Ik ben geen dier, verdomme. Ik ben geen dekhengst!

»Nog eens: ik was te sentimenteel om een echte donjuan te zijn. En verder: hoe meer succes je kent, hoe moeilijker en kieskeuriger je wordt qua vrouwen. Topmannequins van 1 meter 90! Alles moest in orde zijn, hoor. Ik ben zelf 1 meter 72 – dat meisje was meer dan een halve kop groter dan ik.

»In mijn straffe jaren ging ik graag uit in dancing Jacky Dupont, op de Avenue Louise. The place to be. Daar maakte ik mijn afspraakjes. (Abrupt) Weet je dat ik járen in La Reserve in Knokke heb gewoond? Permanent op hotel! Ik zong in het Casino, voor de Knokke Cup. Wie daar niet allemaal is doorgebroken! Engelbert Humperdinck, Julio Iglesias, Dave Berry! In mijn Belgische ploeg zaten Marva en twee Walen. De Spaanse ploeg was met Julio, hij had net zijn eerste hit in Spanje: ‘Un Canto a Galicia’. Wij zijn goede vrienden geworden: iedere nacht naar de Number One, hè. Een ongelooflijke gast. Hij vond mij een ladykiller – wij zaten allebei achter Patricia Paay aan.»

HUMO Maar jíj hebt haar binnengedaan, dacht ik?

Frey «Amaai! ‘Hoe doe je het toch,’ lachte Julio. ‘Jou lukt alles!’»

HUMO Maar nog eens: je eindigt vandaag wel alleen.

Frey «Zo voel ik het niet aan. Ik krijg liefde en gezelschap van mijn vriendenkring. En ach, ik heb het allemaal gehad. (Windt zich op) Zet mij vooral niet in de Humo neer als een eenzaam man. Trouwens: de schandaalbladen moeten niet proberen bij mijn overlijden uit te pakken met ‘gestorven in eenzaamheid’. Want ik heb mijn dood goed voorbereid. Tot de doodsbrief toe. Ik heb genoeg mensen die mij tot op het einde zullen verzorgen.»

HUMO Je hebt geen kinderen?

Frey «Nee. Eén keer is er een medisch onderzoek geweest, maar de vaderschapstest was negatief. (Mijmerend) Ik had wel graag een dochter gehad, ik droom van een dochter. Het heeft niet mogen zijn.»

HUMO Wat hebben de vrouwen je geleerd?

Frey «Véél. Ik ben pro vrouw, ik kan er niets aan doen. Een vrouw is fijner dan een man. Veel intelligenter, ook. Een vrouw kan subliem zijn. De finesse van een vrouw, dat is... wonderlijk. Potverdorie, Onze-Lieve-Heer, je hebt ons wel een mooi cadeau gegeven. Ik ben voor al wat vrouwelijk is. Samenzijn met een vrouw, dat zijn de mooiste momenten van mijn leven geweest.»

HUMO Wat komt er op je grafsteen?

Frey «De tekst ligt al klaar: ‘Dank u. Want niets is evident in dit leven.’ Ik zeg je: ik ben door het leven verwend. Door het leven en door de vrouwen.»

HUMO Ego te absolvo, Jimmy. Ga in vrede.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234