Jonathan Sacoor: 'Met talent alleen raak je er niet. Als je je carrière niet slim plant, kun je zomaar een paar jaar kwijt zijn door blessures'

Jonathan Sacoor, Belgisch kampioen op de 400 meter, komt deze namiddag in actie op het WK Atletiek in Doha. Hij is de enige Belg op de 400 meter op dit WK door blessurelast bij de gebroeders Borlée. Vorig jaar sprak hij met Humo. Herlees hier het interview.

(Verschenen in Humo 4069 op 27 augustus 2018)

‘De grootste groeibriljant ooit van de Belgische atletiek,’ wordt hij genoemd. 400-meterloper Jonathan Sacoor staat te blinken met Europees goud rond de nek en een eeuwige glimlach op het gezicht. Heel bewust: de noodlottige homejacking uit zijn kindertijd, waarbij agente Kitty Van Nieuwenhuyse om het leven kwam en zijn vader zwaargewond raakte, heeft hij uit zijn gedachten gebannen. Hij wil enthousiasme uitstralen zegt hij, en enkel aan de toekomst denken. ‘Soms lig je na een training te sterven op de grond, en komt je eten naar buiten. Maar je moet zo lang mogelijk kunnen doodgaan.’

Begin maart vierde Sacoor zijn debuut bij de Belgian Tornados, het 4x400 meterteam met ook de broers Kevin, Jonathan en Dylan Borlée onder leiding van vader en coach Jacques Borlée. Het brons op het WK indoor in Birmingham vormde slechts een opstapje naar wat hij op het WK voor junioren in het Finse Tampere in petto had. Sacoor pakte goud en verpulverde het Belgische juniorenrecord op de 400 meter, dat sinds 1973 op de tabellen stond. En nog was het niet gedaan. Twee weken later, bij de grote jongens, gaf hij de Europese kampioen het nakijken in de estafettefinale van het EK in Berlijn: goud voor de Belgian Tornados. Een nieuwe ster was geboren. Vrijdag – één dag voor zijn 19de verjaardag – sluit Sacoor het meest memorabele seizoen uit zijn nog jonge leven af op de Memorial Van Damme in zijn thuisstad Brussel.

Jonathan Sacoor «Ik heb moeten sméken bij mijn coach om te mogen meedoen. ‘Allee Jacques, ik wil daar keigraag lopen!’ Na drie dagen is hij gezwicht, maar alleen omdat het de Memorial is. Het wordt mijn eerste keer. Ik kijk er enorm naar uit om aan het eind van dit gekke atletiekseizoen nog één keer in België te lopen.

»Zoals het deze zomer is ontploft, dat overtreft zelfs mijn stoutste dromen. Ik moet er nog altijd aan wennen. Hopelijk kan ik die lijn nu doortrekken, maar atletiek is een fragiele sport, met veel blessures. Als jonge gast wil je zoveel mogelijk lopen, maar daarin schuilt net het gevaar. Jacques wil me behoeden voor overtraining, of voorkomen dat ik mezelf vroegtijdig opbrand. Kevin en Jonathan houden het al tien jaar vol: dat lukt niet als je te veel wedstrijden loopt.»

HUMO Over enkele maanden vertrek je naar Amerika om er te trainen en te studeren.

Sacoor «Ik ben overstelpt met aanbiedingen van Amerikaanse universiteiten. Atletiek is er veel groter dan in België, en de faciliteiten zijn er beter. Jacques vond het een geweldig idee. Ik trek naar de universiteit van Tennessee, waar ook Justin Gatlin vandaan komt, en zal daar samenwerken met trainer Ken Harnden. Hij begeleidde destijds ook Kevin en Jo als beginnende atleten. Maar wel met de trainingsschema’s van Jacques én met een wedstrijdkalender die al vastligt. Anders persen ze je uit. De Amerikanen produceren zodanig veel toppers dat het hen niks kan schelen als ze er onderweg een hoop kwijtraken. Atleten worden zo hard gepusht dat zeker de helft afvalt. Kevin en Jo zijn na hun jaar in de States ook teruggekeerd met een blessure.»

HUMO Wat doe je tussen de Memorial en je vertrek?

Sacoor «Na de Memorial is het seizoen afgelopen. Tijdens mijn vakantie ga ik nadenken over wat ik wil gaan studeren: sportmanagement, marketing of fysiotherapie. In november volgt dan een stage op Tenerife of in Zuid-Afrika, en daarna bereid ik me in de States voor op het WK estafette op de Bahamas in mei. Een erg belangrijk kampioenschap: wie er de finale haalt, is automatisch geplaatst voor de Olympische Spelen van 2020 in Tokio.»

HUMO Je enthousiasme is aanstekelijk, je hebt – zo lijkt het – zelfvertrouwen te koop.

Sacoor «Bwah. Vorig jaar mocht ik al mee naar het WK in Londen, als reserve. Ik keek me de ogen uit, tussen al die groten mannen als Usain Bolt en Justin Gatlin. Dat ik nu mét hen loop, is amper te geloven! Op mijn eerste kampioenschap op de 4x400 meter, in maart in Birmingham, ging ik dood van de stress. Een halfuur voor de wedstrijd zaten we met alle lopers in de opwarmingsruimte. Je trekt je spikes aan, speldt je rugnummer op. Er hangt een doodse stilte. De Amerikanen zijn bloedserieus, de Polen kijken wat boos uit hun ogen, die van Trinidad zitten te grappen. En ik, ik zat te trillen: ‘Wat dóé ik hier?!’ Gelukkig waren de broers er om me op mijn gemak te stellen.»

HUMO Volgens Jacques Borlée heb jij geen last van stress.

Sacoor (lacht) «Ik probeer het niet te laten zien, maar vanbinnen voel ik mijn hart tekeergaan. In Berlijn riep Jacques me tijdens de opwarming bij zich: ‘Je loopt tegen Hudson-Smith.’ O nee, dacht ik: de Europese kampioen! Kevin kwam bij mij: ‘Ik ken hem: hij zal met jou komen praten om zo je hoofd gek te maken.’ Ik zat op mijn stoeltje op de piste en ja, hoor: Hudson-Smith stond recht en zette zich naast mij: ‘Gefeliciteerd met je medaille in Finland. Hoe voelt het om met de grote jongens mee te lopen? Niet te moe?’ Ik bestierf het: ‘O, shit!’ Hij bleef vriendelijk, maar toch ook intimiderend. Na de wedstrijd kwam hij me proficiat wensen. Dat is het toffe aan de 400 meter: iedereen respecteert elkaar.»

HUMO Fenomenaal hoe je hem afhield in die finale.

Sacoor (lacht) «Jacques had me gezegd wat ik moest doen. Liep ik voor hem, dan moest ik het hem zo moeilijk mogelijk maken om mij in te halen. Lag ik achter, dan moest ik aan hem vastplakken. Tijdens de wedstrijd lag ik voor, en voelde ik hem dichterbij komen: dan stop je met denken. Ik versnelde, voelde hem versnellen. We liepen honderd meter naast elkaar. Een echt gevecht was het. Tot ik hem in de laatste rechte lijn voelde stilvallen. Ik heb de wedstrijd al eens herbekeken: ongelooflijk!»

HUMO Volgens je jeugdtrainer Jean-Marie Bras word je beter dan de Borlées.

Sacoor (lacht) «Jean-Marie heeft een paar grote uitspraken gedaan. Hij besefte meteen: daar gaat Jacques niet mee kunnen lachen. Nu, hij is terecht trots. Hij heeft mij de basis bijgebracht.»

HUMO Hij voegde er wel aan toe: ‘Hij wordt beter dan de Borlées, maar ik denk dat Jacques dat ook wel weet.’

Sacoor «We mogen niet onderschatten wat Kevin, Jonathan en Dylan al hebben gepresteerd. Sinds de Spelen van 2008 in Peking behoren ze individueel tot de top van Europa, en met de estafetteploeg zelfs tot de wereldtop. Al van toen ik kind was, zijn zij mijn idolen. Op mijn gsm staan nog foto’s van hen met mij als klein manneke. Ik was 9 toen zij hun eerste Olympische Spelen liepen.»

HUMO Jij bent nu sneller dan zij op jouw leeftijd waren.

Sacoor «Dan is zo’n uitspraak als die van Jean-Marie misschien niet zo vergezocht? Uiteraard hoop ik te bereiken wat de broers hebben bereikt. Ik ben goed op weg, denk ik.

»Aan de andere kant: veel jonge toppers vallen op latere leeftijd af. Daarom wil Jacques mij beschermen. Het is mooi wat ik nu presteer, maar het beste moet nog komen. In Tokio zal ik nog niet op mijn sterkst zijn: er zijn geen lopers die al pieken op hun 20ste, en zeker niet op de 400 meter, waar ervaring enorm belangrijk is.»

HUMO Op het WK voor junioren in Finland dook je twee keer onder de 46 seconden en verbeterde je je eigen besttijd met ruim een seconde.

Sacoor «Jacques had het vooraf in de gaten: ‘Volgens mij kun je wereldkampioen worden.’ Dat had ik zelf nooit verwacht, met een finale was ik al tevreden.

»Ik train nu bijna twee jaar onder zijn leiding. De basis had ik, maar aan de details was nog werk. Da’s het moeilijkste: mijn voeten stonden naar buiten, ik liet mijn benen te ver naar achter hangen, mijn kin stond te ver naar voor, mijn schouders waren te hoog opgetrokken. Het duurt even voor je dat hebt opgelost. In Finland viel alles op z’n plaats. Opeens liep ik de perfecte wedstrijd, ook al maakte ik een week eerder nog honderd fouten. Een magisch moment!»

HUMO Dat gevoel nam je mee naar het EK in Berlijn?

Sacoor «Ik had m’n twijfels. Ik had in Tampere vijf wedstrijden gelopen in vijf dagen, ik zat er helemaal door. Móé.»

HUMO Na de halve finale in Berlijn zei je: ‘Ik mag het misschien niet zeggen, maar ik denk dat we goud gaan halen.’

Sacoor «Je had onze halve finale moeten zien: 50 meter voorsprong op de tweede! Nog nooit hadden we met zoveel gemak gelopen. Kevin en Jo pakten dan ook nog eens zilver en brons op het individuele nummer. Dat gaf een boost. Ik had zoveel vertrouwen in het team en wilde ook eens laten zien wat ik waard ben. Ik heb geen spijt dat ik die uitspraak heb gedaan. Zelfs al waren we tweede geworden en hadden de mensen mij een dikkenek gevonden. Zolang je respectvol blijft, mag je zeggen wat je wilt. In het team is er een beetje mee gelachen: ‘Heb jij dat echt gezegd?’ – ‘Euh, ja.’ – ‘Bon, dan móéten we wel goud pakken.’ (Lacht)»

'In het begin voelde ik me wat onwennig, maar ze hebben me met open armen ontvangen in hun familie' Na het Europese goud met de broers Borlée


Portugees bloed

HUMO Je bent open en complexloos.

Sacoor «Dank je (lacht). Nogal wat mensen waarschuwen me nochtans: ‘Je bent spontaan, maar je moet daarmee oppassen!’ Ik vind het geweldig om mijn gedacht te mogen zeggen.»

HUMO Volgens Memorial-organisator Wilfried Meert ben je ‘één van de grootste diamanten die de Belgische atletiek ooit heeft gekend.’

Sacoor «Over druk gesproken, zeg! (lacht) Ik sprak Wilfried op de luchthaven in Berlijn en had hem daarnet nog aan de lijn: hij wilde weten of ik de Memorial liep. Kijk, het is tof dat hij dat zegt, zijn enthousiasme motiveert mij, maar ik moet nog altijd bevestigen. Jacques is wat bang voor de druk op mijn schouders. Na Finland wilde hij mij maar twee radio-interviews en één tv-interview laten doen. Mensen denken dat ik niet met de verwachtingen om zal kunnen gaan omdat ik nog jong ben. Maar ik vind het niet erg: het geeft me een goed gevoel als ik mezelf mag bewijzen.»

HUMO Volgens Meert ben je een nuchtere, intelligente jongen: iemand met ‘de benen én de brains.’

Sacoor «Met talent alleen raak je er niet. Als je je carrière niet slim plant, kun je zomaar een paar jaar kwijt zijn door blessures.»

HUMO Wat heb je gestudeerd?

Sacoor «Humane Wetenschappen, maar ik ben een jaar blijven zitten. School was… speciaal (lacht). Ik was er nooit zo hard voor gemotiveerd als voor de atletiek. Het duurde een uur en een kwartier om op de training te raken: trein, metro, bus en nog een stuk te voet, maar dat maakte niks uit. Maar school? Zelfdiscipline was een werkpuntje. Het was de enige kanttekening die Jacques maakte bij mijn vertrek naar Amerika: ‘Je zult toch op tijd gaan slapen en gezond blijven eten?’ En niet te veel voor je pc zitten.’ Maar je kunt een jonge gast toch niet verplicht vroeg naar bed sturen en op dieet zetten? Dat neemt het plezier van de sport weg, zo hou je het niet vol. Mocht ik in Brussel gaan studeren, zou ik ook op kot gaan en dan zou het waarschijnlijk even erg zijn. Of misschien wel erger. Want dan had ik tussen al mijn vrienden gezeten. Ach, tijdens die zes maanden in Amerika zal ik tijd genoeg hebben voor mezelf. Ik zal me wel gedragen.»

HUMO Wanneer ben je met atletiek begonnen?

Sacoor «Op m’n 9de. Tikkertje op het voetbalveld, verstoppertje in het bos: veel meer was het niet (lacht). Ik was een energiek kind. Elke zomer staken mijn ouders me in sportkampen om die energie kwijt te raken. Ik deed van alles, ook judo, maar geen voetbal. Ik legde me zelfs drie jaar lang helemaal op hoogspringen toe. Na de lagere school schreef ik me in aan de Topsportschool in Gent, maar ik was niet groot genoeg en werd geweigerd. Uiteindelijk kwam ik bij de 400 meter uit. Kenners zagen mijn lange benen en dachten dat het iets voor mij was.

»Dat eerste jaar was het zwaarste jaar uit mijn leven. Trainingen voor de 400 meter zijn weerstandstrainingen. En weerstand, dat is: zo lang mogelijk doodgaan. Het moment dat je opgeeft zo lang mogelijk uitstellen. Nooit vergeet ik de winters waarin ik op de grond lag uit te hijgen, een halfuur lang, stikkapot. Tot ze zeiden: ‘Kom, de training is nog niet gedaan!’ Soms heb je een hongertje en speel je voor de training nog snel twee boterhammen naar binnen. Die komen er dan allemaal uit. En terwijl je daar dan in de badkamer of de kleedkamer ligt te sterven, kun je alleen maar denken: ‘Waarom doe ik mezelf dit aan?’ Kevin en Jo zeggen weleens: ‘We hadden beter badminton gespeeld!’ (lacht) Maar je raakt eraan gewend, en al bij al vind ik het tof. Het is een speciaal gevoel dat je in geen enkele andere sport vindt.»

HUMO Het lopen zit in je genen.

Sacoor «Mijn vader was een sprinter: hij liep de 100 en de 200 meter. Hij haalde nationaal niveau in Portugal en won titels, maar nam het niet al te serieus op. Hij is van het relaxte type. Mijn zus Naomi is drie jaar ouder en studeert grafisch design aan het KASK. Zij heeft al het creatieve geërfd, ik al het sportieve.»

HUMO Er stroomt Portugees en Indiaas bloed door jullie aderen. Leg eens uit.

Sacoor «Mijn vader is een Portugees, maar hij is geboren in Mozambique, een voormalige Portugese kolonie. Hij verhuisde op jonge leeftijd naar Portugal en bracht zijn jeugd daar door. Hij kwam naar België om aan de hotelschool te studeren, net als mijn moeder, een Nederlandse die hij hier in Brussel leerde kennen. Zijn ouders, mijn oma en opa dus, hebben dan weer Indiase roots, maar veel weet ik daar niet over. Die familiegeschiedenis bleef altijd in nevelen gehuld.

»Sacoor is een moslimnaam, maar mijn vader is niet gelovig en mijn moeder is katholiek – ik ben gedoopt. In heel Europa is er maar één familie Sacoor – de onze – en er zijn nog Sacoors in Mozambique en Zuid-Afrika, maar verder? Het blijft een mysterie. In september ga ik waarschijnlijk nog eens op familiebezoek in Portugal, dat is ondertussen alweer een paar jaar geleden. Te druk met atletiek, ik kan moeilijk zeggen: ‘Ik train twee weken niet.’ Jacques zou een hartaanval krijgen (lacht).»

HUMO Welke opvoeding heb je thuis gekregen?

Sacoor «Een heel relaxte. Mijn ouders lieten mij doen: of ik nu goed of slecht liep, ze waren altijd blij. Vaak zie je ouders hun kinderen pushen. Dat hebben de mijne nooit gedaan.»

HUMO Je hebt Borlée-trekken.

Sacoor «Tijdens een interview stonden we met z’n vieren op een rij. De interviewer geloofde zijn ogen niet: ‘Wat een grote familie!’ Ik ben het geadopteerde broertje (lacht).

»Het is een voorrecht om in zo’n familie te mogen meedraaien. In het begin voelde ik me wat onwennig, maar ze hebben mij snel in hun armen gesloten. Laatst was Olivia (de lopende zus van de Borlées, red.) jarig en kwam er taart op tafel. Dan ontspinnen er zich familiediscussies die heerlijk om volgen zijn. Hun band is zó hecht. Dat is volgens mij ook de grote sterkte van de Tornados: ze lopen voor elkáár.

»Op de vraag wat van hem een goeie coach maakt, antwoordde Jacques onlangs: ‘Dat ik van mijn atleten hou.’ Dat is zo. Je hebt trainers die hun atleten trainingsschema’s geven, tijden opnemen en zeggen wat ze moeten doen. En je hebt coaches die ook vragen hoe je je voelt, of alles buiten de sport oké is. Jacques beheerst het allemaal, hij is een fenomeen.»

HUMO Wat is het belangrijkste wat je van hem hebt geleerd?

Sacoor «Niet bezwijken onder de verwachtingen, maar ze omzetten in resultaten.»

HUMO Stress is de grote kwaal van deze tijd.

Sacoor «Jacques hamert voortdurend op positief denken. Voor elke wedstrijd geeft hij een speech om ons op te peppen en laat hij een filmpje met de beste momenten van de Tornados zien. De schrik dat je het gaat verpesten zit er altijd in. Toen ik als jonge snaak bij de Tornados kwam, speelde me dat even parten: ‘Zie je wel, ze hadden er niet zo’n onervaren gast tussen moeten zetten…’ Maar stress is iets complex. Ik stress wel, maar het is positieve stress. Ik klap niet dicht.»

HUMO Je houdt er zelfs van, zei je in Berlijn: ‘Dan kan ik als een gek beginnen te lopen.’

Sacoor «Boven de opwarmingspiste hangt een groot scherm waarop je de gebeurtenissen in het stadion kunt volgen. Ik was me volop aan het focussen en beeldde me in dat ik zo dadelijk een gewone wedstrijd ging lopen, niets speciaals. Tot ik dat scherm in de gaten kreeg, net op het moment dat ze lieten zien hoeveel mensen er in het stadion zaten: 60.500. Probeer dan maar eens rustig te blijven: ‘Shit, man! Dit is tóch geen gewone wedstrijd.’ Maar het was wel een geweldig gevoel.

»Kevin en Jo maakten al zoveel van die wedstrijden mee. En toch zie ik bij hen nog altijd diezelfde verwondering. Door naar hen te kijken, weet ik: ik mag dit nog tien jaar meemaken.»

'Die medailles leveren me financieel niet veel op, maar dat maakt niet uit. Als ik maar gelukkig ben'


Niet voor het geld

HUMO Is geld belangrijk?

Sacoor «Van mijn vader leerde ik dat je niet veel hoeft te hebben om gelukkig te zijn. Zolang je jezelf maar kunt ontplooien en laten zien wie je echt bent. Misschien is de jeugd van tegenwoordig wel te veel geobsedeerd door geld. Dan had ik beter een andere sport gekozen, want financieel leveren die medailles me niet veel op. Er gaan wel veel deuren open: managers bieden zich aan om mij te vertegenwoordigen, bedrijven om hun producten te promoten… Behoorlijk indrukwekkend voor een 18-jarige. Jacques en Ludwig De Clercq, de manager van de familie Borlée, helpen me daar ook bij. Als ik het verstandig aanpak, ziet de toekomst er mooi uit.»

HUMO De Rode Duivels blonken uit op het WK in Rusland. Stoort het je dat zij daar zoveel meer voor op hun bankrekening mogen bijschrijven?

Sacoor «Als de Rode Duivels maar evenveel zouden verdienen als wij, bedreven ze hun sport nog steeds met evenveel passie. Daar ben ik 100 procent van overtuigd.»

HUMO Méén je dat?

Sacoor «Ja, dat geloof ik oprecht. Het is jammer dat de big business het sportieve soms aantast. Matchfixing, gokken: heel spijtig allemaal. Maar ik zal nooit beweren dat voetballers het niet waard zijn om zoveel te verdienen.

»Kijk, Kevin en Jo hebben hun hogere opleiding niet afgemaakt en zijn helemaal voor hun sport gegaan. Zo gepassioneerd waren ze, dat niets hun passie in de weg mocht staan. Dat geldt ook voor mij: zolang ik mag doen wat mij gelukkig maakt, maakt het niet uit wat ik ermee verdien.»

HUMO Zit je veel op de sociale media?

Sacoor «Nee, dat is een werkpuntje (lacht). Het is handig als je veel volgers hebt om sponsors binnen te halen. Maar ik zet nooit iets op Facebook, en Instagram heb ik aangemaakt onder druk van vrienden: ze vonden dat ik dat verplicht was aan de fans.

»Mensen herkennen me nu op straat en willen met mij op de foto. Echt gek, maar het hoort erbij. Ik zal altijd enthousiast blijven voor de fans, maar tegelijk beangstigt het mij. Onlangs zat ik op restaurant en kwamen er mensen aan mijn tafeltje staan voor een foto. Dan wordt het minder fijn. Kevin en Jo hebben me al gewaarschuwd: na een tijd ga je je toch hechten aan je privacy.»

HUMO Je behoort tot de generatie die in oktober voor het eerst naar het stemhokje mag.

Sacoor «Daar zeg je zoiets. Door alle drukte was ik het compleet vergeten. Uiteraard volg ik wat er in de wereld gebeurt, maar politieke standpunten innemen? Misschien ben ik nog wat te jong om er een eigen mening over te hebben. Eerst nog wat onderzoek doen, en er eens over praten met mijn ouders.

»(Leest de titel boven het interview met Anna Violette Rousseau en Anais Bervoets vorige week in Humo) ‘Wij krijgen veel te weinig tijd om zorgeloos te leven en uit te zoeken wie we zijn en wat we willen.’ Hmm, daar ben ik het niet mee eens. Volgens mij zijn we nog nooit zo vrij geweest als nu, en is er nog nooit zoveel aanvaarding van anders-zijn geweest als in onze huidige maatschappij. Er is steeds minder discriminatie, ook in de sport. Ik vind dat mooi.»

HUMO Heb jij ooit last gehad van discriminatie?

Sacoor «Ik zou niet weten waarom.»

HUMO Omdat je een iets donkerdere huidskleur hebt.

Sacoor «Nee. Ik weet dat voetballers vaak worden uitgescholden, maar in mijn sport heb ik nog nooit discriminatie gezien op basis van kleur, seksualiteit of wat dan ook. Atletiek is één van de meest respectvolle sporten, daar ben ik echt fier op. Maar ook als maatschappij hebben we vooruitgang geboekt. Misschien heb ik geluk gehad, dat kan. En je hoort soms nog erge verhalen, maar het wordt steeds beter.»

HUMO Is er ruimte voor de liefde?

Sacoor «Ik zit vaak in het buitenland. Nee, dus (lacht). Ik maak genoeg tijd vrij voor mijn vrienden, maar verder gaan al mijn passie en aandacht naar de atletiek.»

'In mijn sport heb ik nog nooit discriminatie gezien op basis van huidskleur of seksuele voorkeur: daar ben ik heel fier op'


Homejacking

HUMO Als 8-jarig kind was je het slachtoffer van een brutale homejacking, waarbij je vader zwaargewond raakte en agente Kitty Van Nieuwenhuyse het leven liet. Heeft dat je kijk op de wereld veranderd?

Sacoor «Die vraag krijg ik vaak, maar het antwoord is nee. Ik noem het niet eens een traumatische ervaring. Het was schrikken, maar veel kan ik er mij al niet meer van herinneren. Ons huis is wat veranderd, en mijn vader neemt nog altijd pijnstillers, maar we zijn een hecht gezin gebleven. Het belangrijkste is dat je geen tunnelvisie ontwikkelt en je blijft afvragen waarom het net jou is overkomen. Er zijn genoeg mensen die iets ergs hebben meegemaakt in hun leven.»

HUMO Een homejacking is toch niet zomaar een fait divers?

Sacoor «Oké, misschien ga ik er nu iets te licht over. Maar ik ga geen muren rond mij optrekken. Ik ben niet voorzichtiger of voel mij niet minder veilig.

»Jacques wist dat ik deze vraag ging krijgen. ‘Journalisten kijken graag naar wat je in het verleden allemaal hebt meegemaakt om te verklaren hoe je op dit punt bent gekomen. Als atleten moeten we te allen tijde gefocust blijven op de toekomst.’ Kijk naar de interviews met grote atleten als Usain Bolt of Nafi Thiam: zij praten nooit over wat er vorige week is gebeurd, alleen over wat ze nog willen bereiken. Het is belangrijk dat je het verleden laat vallen en de toekomst optimistisch tegemoet kijkt. Zeker in de sport. Eline Berings (Belgisch kampioene hordelopen, red.) was langdurig geblesseerd, maar nu staat ze er weer. Vraag haar hoe ze dat heeft klaargespeeld en ze zal antwoorden dat ze altijd positief is gebleven en vooruit blijven kijken. Alleen zo kom je er.»

HUMO Voor julllie huis staat het herdenkingsmonumentje voor Kitty Van Nieuwenhuyse. Dan lijkt het me moeilijk om er niet dagelijks aan terug te denken.

Sacoor «Het went: na een tijd zie je het niet meer. Vergeten is niet het juiste woord, maar… Verwerken: dát is het. Je verwerkt het en dan kun je het loslaten en je erover zetten. Dat geldt ook voor mijn ouders en mijn zus, want zoiets doe je samen, waardoor je samen ook weer naar de toekomst kunt kijken. (Zwijgt) Weet je, wij mogen blij zijn dat we het er nog goed van af hebben gebracht. Dat kun je niet van iedereen zeggen: ik heb nog altijd veel medelijden met de ouders van Kitty.»

HUMO Zat je vader in je gedachten tijdens al die mooie 400-meterwedstrijden deze zomer?

Sacoor «Ik herinner me heel goed hoe mijn vader en ik altijd wedstrijdjes hielden. Hij deed iets indrukwekkends en ik probeerde het na te doen. Dat lukte natuurlijk niet. ‘Wacht maar, láter!’ riep ik dan. Maar dat kan dus niet meer. Nu, we hebben het allang geaccepteerd.»

HUMO Hebben de gebeurtenissen van tien jaar geleden je sneller volwassen gemaakt?

Sacoor «Nee (zwijgt).

»Ik praat er eigenlijk niet meer over, het is een afgesloten hoofdstuk. Ik wil enthousiasme en spontaniteit uitstralen en zo andere mensen motiveren. We willen allemaal een betere wereld, maar laat me beginnen met mijn naaste omgeving en mijn sport. Als ik later bekender ben, kan ik me misschien voor een hoger doel inzetten, zoals Nafi, die ambassadrice van Unicef België is. Dat zou ik met plezier doen.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle verhalen van de Humo rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234