Jonge Leeuwen: Yara Daniel (18), dochter van An Swartenbroekx. 'Er zullen altijd mensen zijn die me naar beneden willen trekken omdat ik de dochter ván ben.'

Ze heeft de ogen van haar moeder. Ze fonkelen met hetzelfde aanstekelijke enthousiasme, vooral wanneer ze ons meedeelt: ‘Ik ben op zoek naar een band.’ Meet Yara Daniel, singer-songwriter en dochter van An Swartenbroekx – voor eeuwig en een dag Bieke Crucke uit ‘F.C. De Kampioenen’. Yara ambieert geen acteercarrière in een komische reeks, maar wil zó op het podium van het Sportpaleis springen met haar gitaar. ‘Ik blijf zingen tot ik niet meer de dochter ván ben, maar tot ze over mama praten als de mama ván.’

'Toen ik als dropke van 5 samen met mama 'Vrolijke vrienden' zong voor 1.200 man, wist ik: dit is wat ik wil doen'

Yara schrijft haar eigen songs en ze is vast van plan daarmee door te breken. Ze is 18, ze zit pas op kot in Mechelen en ze heeft een eerste nummer uit: ‘Stand by You’, dat ze samen met singer-songwriter Andy Fontyn heeft geschreven om de Rode Neuzen-campagne te steunen. Vorige week trad ze met het nummer op tijdens de 'Rode Neuzen Top 1000 Aftershow' van Vincent Fierens op Q-Music:

Yara Daniel «Ik zing zó graag, ik doe het even graag als schrijven. Ik maak zoveel mee en ik heb maar één manier om die ervaringen te verwerken: door er een song over te maken.»

HUMO Jij doet aan therapeutisch songschrijven?

Daniel (knikt) «Helemaal. Ik heb humane wetenschappen gestudeerd. Met de klas gingen we naar zorgcentra voor mensen met een handicap of dementerenden, en we hebben ook het concentratiekamp van Buchenwald bezocht. Dat raakt me dan zo diep dat er vanzelf een song in me opborrelt. Als er iemand sterft in mijn omgeving, dan zit ik op deze stoel te tobben, tot ik mijn gitaar in de hoek van de kamer zie staan. Zodra ik die vastpak, komen de woorden en de melodie vanzelf. Het hoeft niet altijd zwaar te zijn, ik schrijf ook vrolijke liefdesliedjes. Over hoe ik altijd op jongens val die me niet zien staan. En zodra ze me wél zien staan, verlies ik alle interesse. Nu ja, zo vrolijk is dat misschien niet (lacht).

»Ik ben een echte verhalenverteller. Dat heb ik van mijn mama. Alles wat ze vertelt, zelfs al is het een anekdote op een familiefeest, heeft een begin, een midden en een slot. Ze bouwt de spanning op en werkt toe naar de clou. Alsof alles wat ze beleeft, een scenario is dat ze tot een aflevering van ‘F.C. De Kampioenen’ kan bewerken. Mijn opa (auteur en scenarist René Swartenbroekx, red.) heeft dat ook. Als ik vroeger mijn nieuwjaarsbrief ging voorlezen, dan moest die goed zijn. Niet alleen goed gearticuleerd, maar het liefst ook zelf geschreven, niet van het internet geplukt. Natuurlijk wilde ik mijn opa trots maken, dus probeerde ik voor elke kerst- of verjaardagskaart de origineelste creatie te bedenken. Ik ben pas tevreden als hij zegt dat het mooi is. Ik weet hoe kritisch hij kan zijn. Hij wil heel graag dat ik in het Nederlands zing. Ik heb al één Nederlandstalig nummer, ‘Empathie’, dat ik heb geschreven na een Afrika-reis met mijn ouders. Opa vond het zo mooi. Ik sluit niet uit dat er nog een paar Nederlandstalige nummers in mijn pen zitten, maar mijn gevoel zegt op dit moment toch: Engels.

»Wat ik ook leuk vind aan zingen, is dat ik voor een publiek mag staan. Mijn grote droom is om theaterconcerten te geven, waarbij evenveel aandacht gaat naar mijn muziek als naar mijn bindteksten. Ik ben ooit naar Stef Bos gaan kijken. Zijn nummers zijn bloedmooi, maar het waren vooral zijn filosofische bindteksten, verteld in prachtige bewoordingen, die me naar de keel grepen. Toen ik buitenkwam, kon ik alleen maar denken: wat een wijze man. Dat wil ik ook kunnen. En als ik daar nog een showelement aan kan toevoegen – dansen is ook een passie – dan zou ik helemaal gelukkig zijn.»

'Aan een ruzie beginnen we niet: we weten dat geen van beiden ook maar een millimeter zal toegeven'

HUMO Van plankenkoorts is er bij jou nooit sprake geweest.

Daniel «Nee. Ik was het kleine meisje dat met gemak op elk podium sprong. Ooit moest mama een acte de présence doen en door een misverstand moest ze ná Eddy Wally iets zingen. Toen heeft ze me gevraagd of ik niet samen met haar iets wilde brengen. Ik was een dropke van 5, maar ik zag het helemaal zitten. Zonder voorbereiding – ik had hooguit even in de badkamer met de shampoofles als microfoon geoefend – stapte ik het podium op voor 1.200 man om ‘Vrolijke vrienden’ te zingen. Dat moment staat me nog glashelder voor de geest. Het applaus, het geroep: ‘Bis! Bis!’ Ik wist: dit is wat ik wil doen.»

HUMO Je mama moest als kind van haar vader een instrument leren bespelen. Heeft zij jou naar de muziekschool gestuurd?

Daniel «Nee. Ik heb wel notenleer geprobeerd, maar het lukte niet. Ik heb een lichte vorm van dyslexie en dyscalculie. Ik haal de noten door elkaar, maar gelukkig hoef je ze niet te kunnen lezen om muziek te maken. Ik heb mezelf gitaar leren spelen. Mijn eerste gitaar heb ik van mijn mama gekregen. Het was een goedkoop exemplaar. ‘Ik ken jou,’ zei ze, ‘als ik een dure gitaar koop, ben je het na een paar maanden beu.’ Mijn enthousiasme durft weleens te bekoelen. Soms laat ik een paar schoenen uit Amerika overvliegen voor 100 euro, en denk ik vervolgens: ‘Bwa, het is toch niet wat ik wilde.’ Maar de gitaar is gebleven.»

HUMO Je mama had een zangcarrière wel zien zitten, maar die is nooit echt van de grond gekomen.

Daniel «Ze is echt wel liever actrice en scenariste. Ze heeft ooit een plaat uitgebracht, maar daar kijkt ze met een dubbel gevoel op terug. Die is er volgens haar te vroeg en te snel gekomen, maar ze kreeg toen de kans muziek uit te brengen en ze heeft die gegrepen.

»Toen ze met The Championettes optrad, was ik nog niet geboren. Ik heb die muziek later wel opgezocht: in mijn ogen blijven het personages van ‘F.C. De Kampioenen’ die zingen. Het was meer show verkopen, maar ik was wel trots op haar.»


Tafels aan de kant

HUMO Je opa omschreef je mama als kind als ‘een stoere griet met akelig weinig vrouwelijke hormonen’. Ze durfde weleens met de rode kamerjas van haar moeder rond de hals door het venster te springen, Superman achterna.

Daniel «Ik ben ook zo’n avonturier. Ik trek me weinig aan van wat mensen denken. Duw me een microfoon onder de neus en ik pak hem beet en begin te zingen, zonder een seconde te twijfelen. Zo ben ik ook opgevoed. Als we op vakantie een bar binnenliepen waar de sfeer niet bepaald feestelijk was, dan zei mama: ‘Dat gaan we hier even veranderen.’ Ze vroeg de ober enkele goeie nummers op te zetten en trok mijn stiefpapa de dansvloer op. De eerste 5 minuten keek iedereen raar op, maar na een tijdje stond de dansvloer vol. Mama krijgt het altijd voor elkaar. Ook onze kerstfeesten eindigen altijd in een dansfeest. Na het dessert gaan de tafels aan de kant en dans ik met mijn mama, met mijn opa, met iedereen.

»Ik was niet het populairste meisje van de school, maar ik was wel heel expressief. Ik deed niets liever dan spreekbeurten houden. Ik maakte ook de klaskrant, en elke vrijdag voerde ik samen met een vriendin een toneeltje op voor de hele klas. Zomaar, omdat we hadden bedacht dat dat leuk was. Mijn mama vond het geweldig: ‘Doen!’ Zij moest vroeger een uniform dragen op school. Als ze een groene rok aan moest, koos ze iets flashy, om toch een beetje te rebelleren. Dus als ik weer eens met een zot idee kwam, dacht ze trots: dát is mijn dochter.

»We lijken erg op elkaar, maar we kunnen ook flink botsen. Misschien omdat we onszelf zo herkennen in de ander. Water bij de wijn doen kunnen wij niet. We beginnen zelfs niet aan een ruzie, omdat we weten dat geen van beiden ook maar een millimeter zal toegeven. Meestal gaat het dan over mama die me wat langer bij zich wil houden – wat ook mooi is – en ik die zin heb om de vleugels te spreiden. Ze zal me nooit tegenhouden. Zelfs als ik de dag vóór een examen wil uitgaan, laat ze me doen. Maar ze zegt er wel bij: ‘Ik zou het niet doen.’ Zo moet je mij aanpakken, want verbieden werkt niet. Ik leer alleen bij als je me mijn eigen fouten laat maken.»

HUMO Was je mama vroeger ook je speelkameraad?

Daniel «We hebben een goede band en kunnen over alles praten, ook over jongens, maar ze is niet mijn beste vriendin. Ouders hoeven niet je vrienden te zijn, vind ik. Het is niet de bedoeling dat je mama ook mee uitgaat. Ze moet degene zijn die zegt wanneer je terug thuis wordt verwacht.

»Toen mijn broer en ik nog klein waren, bedacht ze wel de wildste spelletjes. Was het een druilerige vakantiedag, dan gooide ze de badkamer vol zand en liet ze het bad lopen: voilà, we hadden een strand. Onze verjaardagsfeestjes werden maanden op voorhand gepland. Eén keer heb ik het hele huis verbouwd: elke kamer kreeg een nieuwe functie. De kamer van mijn broer werd de discokamer, die van mij was de knuffelkamer, en in de badkamer werd je geschminkt. Ik heb de beste kindertijd gehad die je je kunt voorstellen. Meer dan onze speelkameraad was mama onze Chiroleidster: zij bedacht de gekke spelletjes en wij speelden ze. Alles kon. Of zo leek het toch. Ze was wel vaak van huis voor ‘F.C. De Kampioenen’, maar babysitters werden meer op creativiteit en originaliteit geselecteerd dan op hun vaardigheden als kinderoppas.

»Toneeltjes opvoeren hoorde er ook altijd bij. Ik heb zelfs geacteerd op de kerstfeestjes van ‘F.C. De Kampioenen’. Dat ik als kleine uk naast kleppers als Jaak Van Assche stond, intimideerde me helemaal niet. Ik ben met hen opgegroeid. Ze zijn bijna familie: Danni (Heylen, red.) is mijn meter, Johny (Voners, red.) is bij wijze van spreken mijn bompa. Als kind reed ik met mijn step rond op de set, hotsend over de kabels van de camera’s. Of ik speelde kappertje aan de schminkstoel. Dat was mijn habitat. Als ik nu beelden van de opnamestudio’s van de VRT terugzie, krijg ik een opwelling van nostalgie.»

'Ik stap behoorlijk argeloos in relaties, omdat ik denk: dit hoeft niet voor de rest van mijn leven te zijn.'

HUMO Je bent net begonnen aan de studie communicatiewetenschappen. Waarom ben je niet naar de toneelschool getrokken, zoals je mama?

Daniel «Acteren is niets voor mij. Ik voel me daar niet comfortabel bij. Ik kan spelen dat ik boos of blij ben, maar verder reikt mijn register niet. Ook als ik verhalen vertel, doe ik dat als mezelf, als Yara. Communicatiewetenschappen ligt me echt wel. Ik zie mezelf ooit als woordvoerder werken omdat ik graag mensen toespreek en wil overtuigen. Voor mij ligt dat in de lijn van songs schrijven, het is ook een vorm van communicatie. Maar songwriting blijft mijn ultieme droom.

»Ik heb onder andere het vak consumentenpsychologie gekozen. De mens biologeert me: ik weet graag wat anderen denken en voelen. Mijn EQ ligt sowieso hoger dan mijn IQ. Ik wil liever weten hoe ik met mijn medemens moet omgaan dan dat ik alle hoofdsteden uit het hoofd moet leren. Ik heb altijd al een zwak gehad voor wie het moeilijk heeft. Misschien heeft dat te maken met mijn oma: ze heeft bijna haar hele leven met haar hart gesukkeld. Ik heb haar maar zes jaar gekend, en dan nog vooral in het ziekenhuis, maar ik heb haar nooit horen klagen. Als ze de zoveelste openhartoperatie moest ondergaan, zei ze lachend: ‘Ze zouden beter een rits in mijn borstkas naaien.’ Toch denk ik dat ze heeft genoten van haar leven. Mij heeft het doen inzien: grijp het leven, grijp die microfoon. Zo is mama ook: ze wil alles geprobeerd hebben. Toen ik haar vroeg of ik ‘Stand by You’ wel zou uitbrengen, zei ze: ‘Waarom niet? Als je niks doet, kom je nergens.’ En ze had gelijk: telkens als ik mijn nek uitsteek, levert het iets op. Kijk naar wat me nu overkomt met de Rode Neuzen-actie.»

HUMO Waarom doe je niet mee met ‘The Voice’? Dat zou weleens de kortste weg naar een zangcarrière kunnen zijn, of naar een publiek.

Daniel «Omdat ik niet het gevoel heb dat ik dat echt wil. Ik heb meer zin om mijn liedjes te zingen als het kampvuur in de tuin wordt aangestoken, dan om met mijn heupen te gaan draaien voor de camera’s van ‘The Voice’. Ik zie mezelf niet in de camera zeggen: ‘Stem op mij, want ik wil winnen!’ Ik sta graag op een podium, maar niet per se in de schijnwerpers – ik ben me bewust van de paradox. Dan heb ik het gevoel dat ik mezelf opdring aan iedereen: kijk naar mij! Zo ben ik niet. Misschien was het wél mijn ultieme droom geweest als mijn mama niet in de televisiewereld had gezeten, maar nu ken ik het te goed. Het is een circus.»

HUMO Heeft het er ook mee te maken dat je als BV-kind meer te verliezen hebt? Ik zie de krantenkoppen al voor me: ‘Dochter An Swartenbroekx faalt in ‘The Voice’’.

daniel «Zo heb ik het nog nooit bekeken, maar je zult wel gelijk hebben. Dochter van een BV zijn heeft voor- en nadelen. Ik heb Qmusic overstelpt met mails en Instagram-boodschappen: ‘Ik heb een lied geschreven voor Rode Neuzen. Please, deel het!’ Geen antwoord. Tot mijn mama het liedje deelde op haar Instagram-account. Toen kreeg ik opeens een bericht: ‘We vernamen via je mama dat jij een lied hebt geschreven.’ Hoe bedoel je: via mijn mama? Ik heb jullie verdorie gestalkt! (lacht) Kijk, ik ben niet naïef: ik weet best dat ze deuren voor me opent. Maar zelf van wal steken met: ‘Ik ben Yara, de dochter van’? Dat zal ik nooit doen.

»Een jaar geleden was ik samen met mama te gast bij Ann Van Elsen op Joe FM, waar ik ook een song mocht brengen. Sindsdien weet ik dat ik de reacties op hln.be niet moet lezen: daar ben ik te kwetsbaar voor. Mama zei: ‘Nu zie je ook hoe hard het is.’ Zij weet hoe de leeuwen in de leeuwenkuil kunnen bijten. Maar ze zei er meteen bij dat ik me daar niks van moet aantrekken. Er zullen altijd mensen zijn die me naar beneden willen trekken omdat ik haar dochter ben.»

HUMO Zij kampte destijds met hetzelfde probleem: ze was de dochter van een bekende auteur die ook scenario’s voor ‘F.C. De Kampioenen’ schreef.

Daniel «Voilà. Tot de rollen werden omgedraaid en mijn opa de vader ván werd. Er zit maar één ding op: ik blijf zingen tot mij dat ook overkomt. (Plechtig) An Swartenbroekx, mama ván. Klinkt goed, hè.

»Als er ooit een talentenjacht voor singer-songwriters komt, zoals dat Nederlandse programma waarin Maaike Ouboter ‘Dat ik je mis’ zong, dan ben ik de eerste om me in te schrijven. Dan zou ik daar ook niet staan als dochter van, want mijn mama is nooit singer-songwriter geweest. Ik zou met mijn gitaar tonen wat ik zelf in petto heb. Aan ‘Jong geweld’ (tv-programma op VTM, red.) zou ik ook wel willen meedoen, omdat het onderwerp, kwetsbare jongeren, me na aan het hart ligt. Maar als ze me vragen om met 100 euro te gaan shoppen en vervolgens onder het toeziend oog van Jani over een catwalk te lopen, dan bedank ik beleefd. Zo’n meisjesmeisje ben ik niet. Dat zal het gebrek aan vrouwelijke hormonen zijn dat ik van mama heb geërfd (lacht).»

'Er zullen altijd mensen zijn die me naar beneden willen trekken omdat ik de dochter ván ben.'

HUMO Had je op school last van afgunst of pesterijen omdat je de dochter van bent?

Daniel «Nee, omdat iedereen op school wist wie mijn mama was. Als ze aan de schoolpoort stond, was ze wel Bieke, maar ook gewoon mijn mama. Op kamp gaan was wel moeilijk. Mama zette me eens aan de bus af, en zodra we vertrokken, werd de ‘Kampioenen’-aflevering ‘Bieke bevalt van Paulientje’ getoond. Dan zak je wel door je stoel. Daarna vroeg ik papa om me naar de bus te brengen. Mama mocht me na het kamp ophalen en dan zag je iedereen kijken: ‘Da’s Bieke!’ Meisjes die het hele kamp geen woord met me hadden gesproken, kwamen opeens zeggen hoe leuk ze het kamp hadden gevonden.»

HUMO ‘F.C. De Kampioenen’ is niet bepaald Shakespeare of Tsjechov.

Daniel «Nee, maar dat heeft me nooit gestoord. Je kunt over de kwaliteit zeggen wat je wilt, maar heel Vlaanderen kijkt er wel naar. Ze weten nog altijd cinemazalen te vullen. Ik ben er trots op dat mama daar deel van uitmaakt.»


Selfie met ma en pa

HUMO Jij dankt je naam aan een meisje dat je mama leerde kennen in Taiwan, toen ze in haar eentje met de rugzak de wereld rondtrok.

Daniel «Ook dat zit in mij, en net als zij wil ik het in mijn eentje doen. Op mijn 14de zei ik al tegen haar: ‘Ik heb een appartement aan zee gevonden dat ik wil huren.’ Dan trok ik samen met een vriendin voor een weekje naar de kust. Een jaar later ging ik alleen naar Tenerife. Over een paar jaar wil ik ook met de rugzak rondtrekken. Ik ben nu al gefrustreerd dat ik niet alles zal kunnen zien in mijn leven. Als het kon, zou ik zelfs tot in de ruimte willen gaan – als kind wilde ik astronaut worden. De onderwaterwereld fascineert me ook: mijn papa was vroeger duikinstructeur en hij heeft ons de knepen van het duiken geleerd. De wereld boven water is prachtig, maar dan heb je die ónder water nog niet gezien.»

HUMO Je papa is een Duitser, wat jou half Duits maakt. Gaat je hart sneller kloppen van Lederhosen?

Daniel «Ik eet graag braadworst, ik doe veel zout op mijn eten en ik drink graag pintjes. Verder reikt mijn Duits-zijn niet. Ik heb de taal ook niet onder de knie, al versta ik mijn oma en opa wel.

»Ik herinner me niet zoveel meer van toen mijn ouders nog samen waren – ze zijn gescheiden toen ik 4 was. Dat is geen trauma, maar je houdt er altijd wel iets aan over. Ik heb het lang vreemd gevonden als mensen het over ‘mama en papa’ hadden. Dan dacht ik telkens: het is mama óf papa, niet én. Ik had het ook moeilijk met de week-weekregeling. Ik wist niet hoe ik dat moest doen, mijn hele kamer in een koffertje stoppen om een week bij papa te gaan wonen. En ouders maken soms ruzie, hè. In ons geval was het niet de makkelijkste scheiding. Toen ik onlangs naar dit kot verhuisde, stond ik erop dat ze me sámen zouden helpen met de inrichting. Ze leven al jaren in twee aparte werelden, dus was het gek om hen hier samen mijn bureau in elkaar te zien schroeven. Ik stond er verbaasd naar te kijken, maar het was ook fijn. Op het eind heb ik zelfs een selfie met ons drieën gemaakt, want wie weet over hoeveel jaar het nog eens gebeurt. Voor het overige bekijk ik het positief: ik heb er een nieuwe stieffamilie bij. Ik kan me niets beters wensen.

»Zelf stap ik behoorlijk argeloos in relaties, omdat ik denk: dit hoeft niet voor de rest van mijn leven te zijn. Zelfs op je 80ste kun je nog beslissen om uit een relatie te stappen en iets nieuws te beginnen. Mijn opa heeft een nieuwe vriendin en hij is dolgelukkig. Op dit moment heb ik er geen nood aan om me aan één persoon te binden. Ik heb zoveel te doen, mijn dagen zijn zo kleurrijk. Ooit komt het wel, net als kinderen. Ik weet nu al dat het moederschap me zal overvallen: ik ben niet het type dat de kinderkamer klaar zal hebben, nog vóór ze zwanger is. Maar kinderen wil ik zeker. Dan is het mijn beurt om Chiroleidster te spelen.»

'Ik ben na een musical aan Jelle Cleymans gaan vertellen dat wij ooit gaan trouwen. Hij schrok even, maar hij zei toch niet nee ''

HUMO En dat combineer je dan met een carrière als singer-songwriter?

Daniel «Waarom niet? Ik hoop wel dat ik zo lang mogelijk zal kunnen zingen. En dat ik ooit mijn eigen publiek heb, dat speciaal voor mij komt: ‘Wij gaan vanavond naar Yara.’ Dat lijkt me het einde.»

HUMO Je ziet jezelf al bijna in het Sportpaleis staan.

Daniel «Het afsluit-event van de Rode Neuzen-actie vindt straks plaats in het Sportpaleis. Ik hoop dat VTM ons vraagt om het nummer te komen brengen, al is het maar als voorprogramma, om het publiek op te warmen voor de grote kleppers. Ik ga er altijd van uit dat alles haalbaar is. Mijn beste vriendin was onlangs aan het klagen dat ze één of andere jongen nooit zou kunnen krijgen. ‘Nee,’ zei ik, ‘niet met zo’n instelling.’ Je moet erin geloven. Als ik ergens in geloof, dan gebeurt het ook. Ik denk niet na, ik doe gewoon. Vorig jaar ben ik na een musicalvoorstelling aan Jelle Cleymans gaan vertellen dat wij ooit gaan trouwen. Hij schrok wel even, maar hij zei toch niet nee (lacht).»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234