Joyce Delbaere: 'Ik doe ook aan yoga, maar ik heb dat niet nodig'

Joyce Delbaere werkt aan haar roman ‘Effe chille’. Elke week houdt ze de Humo-lezer op de hoogte van haar vorderingen.

Stuur alles maar op wat je hebt,’ had Anna kortweg gezegd, ‘en dan zien we wel.’ Ik had haar aangesproken op een feestje, wat dacht je. Ze was slecht gekleed en werkte bij een grote uitgeverij. Ik had indruk gemaakt, want twee dagen later belde ze voor een afspraak.

‘Ik heb de eerste drie hoofdstukken van ‘Effe chille’ gelezen,’ zei ze toen ik goed en wel in dat kale vergaderzaaltje zat. Anna was nog even slecht gekleed, maar dan op een andere manier. Ze sprak als een gps, erg afgemeten.

‘En? Goed, hè! En de volgende hoofstukken zijn nog beter,’ zei ik om het ijs te breken. Want als er íéts op symbolische wijze aanwezig was, dan was het wel die bevroren materie. Dit was een vrouw met littekens op haar ziel. En dan krijg je dat ijs.

‘Er zijn nog kosten aan,’ vervolgde het ijsvrouwtje, ze was amper 1,55 m. ‘Er staan goeie dingen in, maar aan de stijl mag nog flink worden geschaafd.’

‘Ja, stijl is iets wat iedereen anders aanvoelt. Je vindt het dus goed! Dank u!’ riep ik spontaan. Ik was blij.

‘Dan nog even over die samenvatting van ‘Het huis met de deur’, daar zie ik meer in. Een sprookje over een alleenstaande blanke vrouw die een ex-Syriëstrijder in huis haalt, dat blijft nog wel even actueel. Ik neem aan dat je daarin vooral de impact van de culturele verschillen op de emotionele relatie wil duiden?’

‘Kun je dat nog eens herhalen?’ vroeg ik. Die nodeloos ingewikkelde zinnen waren vast een maneuver om de aandacht af te leiden van haar weinig flatteuze kleding naar haar verstand, want dom zou ze wel niet zijn.

‘Gaat het boek over de onmogelijke liefde tussen twee mensen met een totaal verschillende achtergrond?’

‘Zeker, dat moet het centrale thema zijn!’ riep ik, want dat leek mij wel een goed idee.

‘Joyce,’ zei het uitgeefstertje, ‘misschien moet je ‘Effe chille’ maar even laten voor wat het is, en je op die ex-Syriëstrijder concentreren.’

‘Ah? Oké. En nu we elkaar toch goede raad aan het geven zijn: misschien moet jij die driekwartrokken maar laten voor wat ze zijn. Je bent daar te klein voor, kleine mensen met lange rokken beginnen er gauw als omgekeerde eierdopjes uit te zien. Nét boven de knie zou je figuur veel beter doen uitkomen. Tenzij je voetballerskuiten hebt. En niet bang zijn van serieus hoge hakken.’

Rare vrouw. Mijn vriendinnen zouden blij zijn met zo’n duidelijk advies, maar Anna deed alsof ze het niet had gehoord. Nee, dat ijs was nog niet gebroken. Deze dwergvrouw kon best wat professionele psychologische hulp gebruiken. Zoiets voel je aan als schrijfster. Dat mens deed duidelijk niet aan yoga. Ik ook niet, maar ik heb dat niet nodig.

We namen afscheid met de belofte dat ik iets van ‘Het huis met de deur’ zou opsturen zodra ik een pagina of twintig klaar had. Mijn vraag of er geen contract moest worden getekend, wimpelde ze af. Ook dat vond ik vreemd.

En daar stond ik dan, op straat. Helemaal alleen in de decemberkou, tussen gezellig winkelende mensen die misschien op zoek waren naar een goed boek voor onder de kerstboom, en die niet beseften dat de vrouw die ze haastig passeerden zulke boeken schreef. Wonderlijke wereld.

Ik moest ‘Effe chille’ maar even laten voor wat het was! Had ik expres iets lelijks moeten aantrekken? Of platte schoenen? Zou dat hebben geholpen? Er stak een kaartje tussen de zijruit van mijn auto: uw auto interesseert ons, wij geven de beste prijs. En dan twee telefoonnummers. Ik wist niet wat ik zag. Het onderste gsm-nummer leek sprekend op dat van Geert, mijn vorige uitgever! Het was natuurlijk wel wat verdraaid, hier en daar andere cijfers en zo, maar de gelijkenis spatte in mijn gezicht.

Toen hij onze relatie opbiechtte, had de vrouw van Geert geëist dat ik hem nooit meer zou bellen. Was dit zijn manier om terug contact met mij te zoeken? Dit is te onmogelijk om waar te zijn, dacht ik. Mijn veronderstelling is vergezocht.

Ja, ik ben van nature erg kritisch voor mezelf. Dat is de prijs die je betaalt voor je schrijverstalent. Ter controle belde ik het intrigerende nummer. Een automatische stem meldde in het Engels dat dit nummer niet bestond. Hoe kan een nummer niet bestaan als je het wél kan bellen, en als je nog eens antwoord krijgt ook? Plots begreep ik hoe alles in elkaar zat. Dit zaakje stonk.’

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234