Juventusfans over de Champions-League-finale: 'De schande kan eindelijk worden uitgewist'

Zaterdagavond speelt Juventus in het Olympisch stadion van Berlijn de finale van de Champions League tegen het ogenschijnlijk onklopbare Barcelona. Maar voor de Italianen staat hun eer op het spel: eindelijk kunnen ze de schande en het onrecht van het corruptieschandaal uit 2006 uitwissen.

De leden van de Juventus Club Gaetano Scirea in Genk, de grootste Belgische supportersclub van Juventus, zijn kwaad en verontwaardigd. In hun zaaltje, langs een drukke steenweg en geflankeerd door een Portugees en een Spaans café, vragen ze zich vol ongeloof af waarom er in Brussel geen herdenking zal worden gehouden voor het Heizeldrama, op 29 mei exact dertig jaar geleden. Patricio Piras (53) en Paolo Bruno (66) waren er die dag bij en herinneren zich levendig het spoor van vernieling dat de Liverpool-supporters al voor de wedstrijd hadden getrokken. Al bereikte het nieuws van de 39 doden Piras pas nadat Michel Platini de beker voor Juventus omhoog had getild.

Patricio Piras «Toen ik enkele uren later mijn vrouw terugzag, begon ik te beseffen wat er gebeurd was. ‘Ik zag op televisie iemand liggen met dezelfde polo als jouw vader, ik dacht dat jullie dood waren,’ zei ze in paniek. Het blijft ongelofelijk dat ze die wedstrijd hebben laten doorgaan. Juventus wilde trouwens niet spelen, maar liet zich uiteindelijk toch overhalen om de boel niet te laten ontploffen – stel je voor wat er gebeurd zou zijn als onze harde kern had geweten dat er 39 van hun supporters waren omgekomen. Het Juve-bestuur stelde wel als eis dat de match herspeeld zou worden, en dat er enkel met dat resultaat rekening gehouden zou worden. Maar Liverpool hield het been stijf: één match, en wel nu meteen. Door die hardvochtige houding zal ik nooit sympathie kunnen opbrengen voor Liverpool.

»Vrijdag ga ik sowieso met mijn zoon naar de Heizel. Ik heb het gevoel dat ik daar moet zijn, want dat drama hangt nog steeds boven onze club.»

Iedereen knikt instemmend, de meesten gehuld in een shirt van de bianconeri, de zwart-witte kleuren van Juventus. De mijnwerker op het embleem van de supportersclub verwijst naar hun vaders en grootvaders, die Italië verlieten voor de mijn van Zwartberg of Waterschei. Meestal wordt het in de familie doorgegeven, al heeft iedereen zijn eigen verhaal over hoe hij een juventino, zoals ze een Juve-supporter noemen, is geworden. Juventus speelt dan wel in Turijn, de naam van de club, die ‘jeugd’ betekent in het Latijn, verwijst niet naar de stad. Daarom heeft ze supporters in heel Italië, en verdeelt ze zelfs het land: je bent voor of tegen Juve.

Paolo Bruno «We zijn met een tiental uit Genk die een abonnement hebben – met Ryanair zijn de verplaatsingen minder zwaar geworden. En nu hebben we het gevoel dat we iets bijzonders in de geschiedenis van de club meemaken: in Berlijn moet het gebeuren.»

Want niet alleen het Heizeldrama draagt bij aan de symboliek tijdens de finale van de Champions League. ‘Da Berlino alla B... Dalla B a Berlino! Questa è la vita!’ schreeuwde doelman en clubicoon Gianluigi Buffon na de zege tegen Real Madrid in de halve finales. Van de WK-finale in Berlijn met Italië in 2006 naar de Serie B en terug naar Berlijn: voor Buffon voelt het aan als een lotsbestemming. De cirkel is rond. Achter die schreeuw gaan de jarenlange offers schuil die gebracht zijn om de club weer naar het allerhoogste niveau te brengen, nadat ze door het beruchte Calciopoli-schandaal in 2006 als straf naar de Serie B was verwezen. En meteen ook zijn laatste twee kampioenstitels had verloren. Juventus-manager Luciano Moggi had op grote schaal scheidsrechters omgekocht en wedstrijden gemanipuleerd, zo luidde de beschuldiging. Hij was de spil van een wijdvertakt systeem waarbij ook clubs als AC Milan, Fiorentina en Lazio betrokken waren, zo bleek uit het onderzoek van meer dan dertigduizend afgeluisterde telefoongesprekken.

Bij Juve volgde een uittocht van sterren als Thuram, Cannavaro, Ibrahimovic en Vieira. Maar Buffon en Del Piero, allebei net wereldkampioen geworden met Italië, bleven de club trouw, samen met onder anderen de Tsjech Pavel Nedved – zij genieten in Turijn sindsdien de status van legende voor het leven. De Europese grootmacht van het voetbal zakte diep weg, maar voelde zich toch vooral in het nauw gedreven.


Juve tegen de rest

De Nederlander David Endt (61), sportjournalist, schrijver en tot 2013 teammanager van Ajax, kent het Italiaanse voetbal als geen ander en heeft zo zijn eigen kijk op de wederopstanding van Juventus.

David Endt «Ze zijn als een feniks uit hun as herrezen. Juist omdat ze die ellende hebben meegemaakt, hebben ze de koppen bij mekaar gestoken, een moderne bedrijfsvoering geïnstalleerd en een nieuw, sfeervol stadion gebouwd. Door die dynamiek liggen ze nu mijlenver voor op de andere Italiaanse clubs. Eigenlijk mogen ze Moggi dankbaar zijn, ook al heeft hij iedereen langs alle kanten geflikt. Maar hun straf hebben ze nooit aanvaard: ze hebben ze ondergaan. Zo speelden ze de voorbije seizoenen zonder drie sterren op hun shirt – elke ster stelt tien landstitels voor. Als protest, omdat die twee landstitels volgens hen onterecht zijn afgenomen. Met de huidige titel erbij zitten ze officieel aan 31 titels en hebben ze dus al lang recht op drie sterren, maar ze verkopen T-shirts met het getal 33 erop – typisch Juventus. Het heeft te maken met hun legendarische arrogantie, want die behoort zeker ook tot het DNA van de club. Dat is geen zelfbewustzijn meer: het is minachting van al de rest. En dat superieure gevoel is door Calciopoli alleen maar versterkt. Ook de voorzitter en de manager stralen dat uit: respect tonen voor de tegenstander zit er niet in. ‘Wij zijn de grote machthebbers’ en ‘Iedereen is tegen ons omdat we zo goed zijn,’ redeneren ze. Ook al is de boel bij Juve inmiddels opgekuist, hun denkwijze is niet veranderd.

»Via de familie Agnelli, die sinds mensenheugenis de Fiat-groep en ook Juventus in handen heeft, is er ook altijd een band geweest met de politieke en economische macht. Sinds er met Andrea Agnelli opnieuw iemand van de familie op de voorzittersstoel zit, is de club weer succesvol: dat is geen toeval.»

HUMO Juventus en Moggi waren niet de enigen die wedstrijden manipuleerden.

Endt «Iedereen wist ervan, alleen was Moggi onaantastbaar. Maar het klopt, alle clubs deden het – je moest wel, anders was je ten dode opgeschreven. Het was een piovra, een inktvis die het voetbal in zijn tentakels had en langzaam vergiftigde. Nog steeds zijn er dergelijke schandalen: nu is er weer sprake van matchfixing in de lagere afdelingen. Het is een systeem van verdeel en heers, dat al sinds de middeleeuwen een onderdeel van de Italiaanse samenleving is: de machtigste laat iedereen naar zijn pijpen dansen. Je kunt er maar beter in meegaan en de vruchten van die ‘vriendschap’ plukken. Het zit in de politiek, in de zakenwereld, overal waar veel geld circuleert, en dus ook in het voetbal.

»Berlusconi dééd niks anders. Als premier heeft hij destijds Lazio van de ondergang gered door ze een oneigenlijke afbetaling toe te staan, zodat de club haar gigantische schuld kon afbetalen. ‘Lazio is te belangrijk voor de Italiaanse samenleving,’ zei Berlusconi, terwijl het gewoon een truc was om de club op zijn hand te krijgen. Tegelijkertijd werden de kleinere clubs meedogenloos gestraft als ze niet voldeden aan de financiële eisen en verdwenen ze van de kaart.»


Plots verjaard

Gianni Agnelli, de meest legendarische voorzitter van Juventus, hangt in de supportersclub in Genk prominent aan de muur. Als de grote Fiat-patriarch was hij tot zijn dood in 2003 één van de machtigste mensen van Italië: van hem werd gezegd dat hij een hand had in alle kabinetsformaties en dat zijn imperium een staat in de staat was. Het voorzitterschap van Juventus nam hij enkel tijdens de jaren 50 waar. Liever keek hij vanop de achtergrond toe en bedacht hij koosnaampjes voor zijn favoriete spelers, meestal verwijzingen naar renaissanceschilders: Roberto Baggio was Rafaël, Alessandro Del Piero noemde hij Pinturicchio.

Piras «Mocht Gianni Agnelli nog in leven geweest zijn, dan zou Calciopoli nooit zijn losgebarsten. Hij had de macht om een schandaal in de kiem te smoren en een proces tegen te houden. Er waren trouwens geen harde bewijzen, ze hebben nooit iets gevonden.»

Bruno «Het was een complot van Inter: hun ondervoorzitter was de baas van de Italiaanse telefonie en zorgde ervoor dat alles en iedereen werd afgeluisterd. Nadien hebben ze zelfs de grote baas van hun sponsor Pirelli voorzitter van de voetbalbond gemaakt. Dat zegt genoeg: zij wilden de macht grijpen, ten koste van ons. Toen bleek dat Inter ook van alles mispeuterd had, was hun zaak plots verjaard.»

'die legendarische arrogantie behoort haast tot het dna van juve' david endt, sportjournalist

Piras «Er kwam geen geld bij te pas, en om omkoping ging het al helemaal niet. Ze baseerden zich louter op gesprekken over de toewijzing van de scheidsrechters, in de stijl van: ‘Die arbiter fluit altijd tegen ons, kun je ons geen andere bezorgen?’ Maar iederéén deed dat, en nu nog: overal worden er toch scheidsrechters beïnvloed?

»Sterke ploegen zoals Barcelona of Juventus zullen trouwens altijd bevoordeeld worden: door hun prestige en reputatie hebben zij het psychologische voordeel. En over echte omkoping gesproken: AS Roma gaf de scheidsrechters een gouden Rolex, en de lijnrechters kregen een zilveren exemplaar. Zogezegd als cadeau voor Kerstmis.»

HUMO Moggi heeft ooit een scheidsrechter in het toilet opgesloten omdat hij in het nadeel van Juventus had gefloten. Maar ik onthou: die van Inter hebben het gedaan.

Piras «De eerste wedstrijd terug in de Serie A, in 2007 tegen Inter, hebben we gesupporterd alsof ons leven ervan afhing. Op elk zitje lag een fluitje, en telkens als Zlatan Ibrahimovic, de verrader die ons had verlaten voor de vijand, aan de bal kwam, kreeg hij de volle laag. We wonnen en we hebben die overwinning gevierd als een landstitel.»

Bruno «De wedstrijden tegen Inter zijn het meest geladen, vergelijk het met de Clásico in Spanje. De match wordt niet voor niks Il Derby d’Italia genoemd. Een Siciliaan van de club hier zegt zelfs dat hij liever heeft dat zijn zoon homo is dan interista. Voor iemand uit Sicilië kan die uitspraak tellen.»

Piras «Dankzij Juventus is Italië vier keer wereldkampioen geworden, telkens met een sterk blok van Juve-spelers. Tijdens het WK in 2006 lagen de Juve-spelers door het Calciopoli-schandaal zó onder vuur, dat ze er net kracht uit hebben geput. Dankzij die revanchegevoelens zijn we wereldkampioen geworden. Ook daar verwees Buffon naar.»


Leider zonder passie

Het zaaltje stroomt vol met supporters die de finale van de Coppa Italia tegen Lazio willen volgen. Ik krijg een broodje porchetta aangeboden, gebraden varkensvlees van de beste kwaliteit, en ook de rest van de avond mag ik niks tekortkomen: de Italiaanse gastvrijheid kent ook in Limburg geen grenzen. Ik neem plaats naast Paolo, die me onderhoudt over de jonge voorzitter Andrea Agnelli. ‘Hij leidt de club zonder passie,’ gromt hij. ‘In één seizoen tijd verhoogde hij de prijs van de abonnementen met 40 procent: voor een goed product moet de klant betalen, vond hij. Ik heb tijdens een supportersvergadering het woord genomen en hem voor een volle zaal gezegd dat wij geen klanten zijn, maar supporters.’

De match verloopt stroef, zoals alleen het Italiaanse voetbal stroef kan zijn. ‘Wie spektakel wil zien, moet maar naar het circus,’ antwoordde Juve-trainer Allegri ooit eens op die kritiek. Ik zie de gebeeldhouwde koppen van Pirlo en Buffon, die net zo goed passen in een gangsterfilm als op een voetbalveld. Het zelfvertrouwen van de 37-jarige Buffon, die als een capo zijn troepen overschouwt, straalt op de rest af: Juventus is een ploeg die nooit zal twijfelen.

Ik krijg nog mee dat de hele ploeg van Juventus minder heeft gekost dan Gareth Bale aan Real Madrid. En dat de Financial Fair Play-regels van de UEFA in Italië wél worden toegepast, en in Spanje niet, waardoor Barcelona en Madrid zo veel geld kunnen uitgeven dat ze een oneerlijk concurrentieel voordeel genieten.

Er moeten verlengingen gespeeld worden, en de sfeer in de zaal wordt grimmig: de kritiek van de juventini op hun elftal is hard, ook al komt er verlossing en wint Juventus na de titel ook de beker. Nu kunnen ze met een gerust gemoed naar Berlijn.


Winnen zonder Italianen

Is het Italiaanse voetbal aan de beterhand en zal elke voetballer er binnenkort opnieuw van dromen om in het calcio te voetballen?

Endt «Nee. Juventus is het te volgen voorbeeld, maar de club staat op zichzelf en weerspiegelt niet de erbarmelijke toestand waar het Italiaanse voetbal zich momenteel in bevindt. Na hen is het echt armoe troef: clubs gaan failliet, de stadions zijn hopeloos verouderd en het publiek haakt af. Veel voorzitters besturen hun club op een hopeloos ouderwetse manier: als echte potentaten stoppen ze er veel geld in, als bewijs van hun macht, en vervolgens willen ze alles bepalen.

»Je mag je ook niet verkijken op het succes van Napoli en Fiorentina in de Europa League: ze behaalden de halve finales met amper Italianen in de ploeg, Fiorentina deed het zelfs zónder.»

HUMO Kan Italië als voetballand opnieuw aansluiting vinden bij Engeland, Duitsland en Spanje, en vooral: keren de sterren terug?

Endt «Ja, ik ben ervan overtuigd dat ze hun verloren status kunnen terugwinnen. Maar het is een moeilijke competitie om in te voetballen, en dat schrikt ook goede buitenlanders af. Alles is gebaseerd op kracht en snelheid, die je letterlijk de adem beneemt. Vroeger was er nog plaats voor raffinement, stijl en elegantie. Die fantasie is helemaal weg. Spelers als Giancarlo Antognoni, Gianni Rivera en later Del Piero en Pirlo werden vroeger veel meer gekoesterd. Met het potentieel van de Belgische topspelers zouden ze overigens heel wat kunnen aanvangen.»

'Italië is vier keer wereldkampioen geworden, telkens met een sterk blok van Juve-spelers' Patricio Piras, supporter Juventus

HUMO Axel Witsel wordt genoemd als nieuwe speler van Juventus, en ook Romelu Lukaku heeft de Nederlands-Italiaanse topmakelaar Mino Raiola onder de arm genomen.

Endt «Ik ken Mino vrij goed, hij heeft uitstekende contacten in Italië en is ook de man achter Ibrahimovic. Hij zal Lukaku brengen waar veel geld te verdienen valt en een voetbaltoekomst gegarandeerd lijkt. En dan denk ik dat het logisch is dat hij hem gewoon in Engeland houdt. Maar als hij per se naar Italië wil, wordt het nu wel makkelijker.»

HUMO Het Italiaanse voetbal is ook sluw, uitgekookt en slim – anders word je geen vier keer wereldkampioen. Vanwaar komt dat vernuft?

Endt «De vraag is waarom ze in zo’n gedesorganiseerd land zo georganiseerd voetballen. Over de ziel van het Italiaanse voetbal heeft zich al menige antropoloog en psycholoog gebogen. Dat ze altijd proberen om vanuit een verdedigende stelling toe te slaan, komt volgens sommigen door een minderwaardigheidscomplex – Italianen zijn altijd klein van gestalte geweest. Anderen wijzen erop dat Italië altijd een lappendeken van stadstaten is geweest die voortdurend met elkaar in oorlog waren. Ze hebben zichzelf altijd weten te beschermen en moesten het vooral van slimmigheid en manipulatie hebben.»

HUMO De conditie van de oudere Juve-spelers is uitstekend. Door dopinggebruik, insinueren sommigen, ook al omdat clubarts Agricola veroordeeld is voor sportieve fraude op basis van ongeoorloofd medicijngebruik in de periode tussen 1994 en 1998.

Endt «Ook het gebruik van stimulerende middelen is diepgeworteld in de Italiaanse voetbalwereld, en bij Juve was het niet anders. Agricola had een heuse apotheek naast zijn kabinet in het stadion, dat was algemeen bekend.

»Ik weet nog hoe we het in 1996 met Ajax in de finale van de Champions League tegen Juventus opnamen. Eerlijk, we zagen hen toen niet als een gedopeerde ploeg. We dachten wel: die zijn verdomd fit. En we hadden verloren omdat er bij ons enkele jongens moe dan wel geblesseerd waren, meenden we. Achteraf denk je er natuurlijk anders over. Neem zo’n Gianluca Vialli: hij kwam van Sampdoria naar Juve als een mager mannetje, om daar in één jaar tijd uit te groeien tot een bonk van een kerel – hij leek wel de Hulk. Maar ach, in de jaren 70 was het bij het grote Ajax ook niet zo zuiver op de graat, hoor. We moeten dus vooral niet hypocriet doen.»


Fino alla fine

‘Juventus, je houdt van haar of je haat haar,’ fluistert Paolo me nog toe, in het supporterslokaal in Genk. ‘De kritiek die we altijd krijgen, glijdt van ons af.’ Voor ik Genk verlaat, pols ik toch nog even naar de kansen tegen het Barcelona van Messi & co.

Piras «Wij zijn veel gretiger om te winnen, want voor ons staat er zoveel méér op het spel dan voor Barcelona. In Berlijn krijgen wij de kans om de schande en het onrecht van Calciopoli uit te wissen. De hele club en de spelers zijn daarvan doordrongen. ‘Fino alla fine’ is onze leuze: we gaan door tot het einde.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234