null Beeld

Kader Abdolah vertaalt de Koran

Humo reisde naar Delft om schrijver en columnist Kader Abdolah te spreken, omdat die iets merkwaardigs aan het doen is.

Redactie


11 september krijgt het almaar drukker: die dag gaat zo zwanger van symboliek dat velen zich uitgerekend dat etmaal willen manifesteren. De organisatie Stop the Islamisation of Europe wilde in Brussel betogen, burgemeester Freddy Thielemans verbood dat. In Nederland is een actie aangekondigd van het steuncomité rond ex-moslim Ehsan Jami, die in augustus moslimklappen kreeg omdat hij met z'n afvalligheid te koop loopt. Het leek me een mooi moment om eens naar Delft te reizen en schrijver en columnist Kader Abdolah te spreken, omdat die iets merkwaardigs aan het doen is.

''Wij hebben Hirsi Ali gehad, de moord op Fortuyn, de moord op Van Gogh. Dat staat België nog te wachten''

Abdolah (52) is in 1985 gaan lopen uit Iran: familieleden van hem werden vermoord of raakten vermist, hij weet waar het regime van de ayatollahs voor staat. Sinds 1988 woont hij in Nederland en hij is er geworden wat hij worden wou: een groot schrijver. Niet lang na zijn aankomst, schreef hij eens in een column, ging hij in de stadsbibliotheek vragen: 'Mevrouw, wie is jullie beste schrijver?' De mevrouw wees hem de boeken van Harry Mulisch aan. Maart dit jaar werd zijn roman 'Het huis van de moskee' door Nederlandse lezers verkozen tot tweede mooiste boek dat ooit in het Nederlands geschreven werd; 'De ontdekking van de hemel' van Harry Mulisch haalde 69 stemmen meer.

En die Kader Abdolah, ongelovig maar onvermijdelijk verwikkeld in de lopende discussies over de islam, zit nu al een paar jaar de Koran te vertalen. Waarom en hoe, vraag ik hem. Voorts vind ik dat je Perzische vertellers niet te veel moet onderbreken.

KADER ABDOLAH « Rond die elfde september van 2001 is het zo ongeveer begonnen. Elke dag kreeg ik ergens wel te horen, van mijn lezers, in mijn omgeving, in de kranten: 'Kader, je moet dat boek lezen! De Koran is van jou.' Ik wist helemaal niet dat de Koran van mij was, ik was de Koran vergeten. De Koran, dat was het boek van mijn vader. Hij las 'm elke dag, zoals ik de krant lees. Mijn vader heeft de Koran wel zevenhonderd keer gelezen, van het begin tot het einde. Zelf was ik er natuurlijk wel mee opgegroeid, thuis vanaf mijn zesde, zevende, later op school. Zoals mensen hier op vrijdag naar de kroeg gaan, om een borrel te drinken, of tien of twintig biertjes, moest ik elke vrijdag met mijn vader naar de Korankring. We woonden in Arak in het huis van de moskee: die was van ons, van onze familie.

» Als jongen van veertien, vijftien begon ik te twijfelen aan mijn geloof. Ik kon geen rem meer zetten op mijn fantasie, mijn gedachten gingen alle foute kanten op. Vooral de kant van de meisjes achter het gordijn dat in die moskee tussen vrouwen en mannen gespannen hing. En ik was zo bang van die zondige gedachten dat ik niet meer naar de moskee kon.

Voor het volledige interview met Kader Abdolah: zie Humo 3497

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234