Khalid Zerkani, ronselaar van de kamikazes in Brussel en Parijs: een portret van de goeroe van Molenbeek

Khalid Zerkani is klein, dik en onverzorgd en stuurde de voorbije jaren tientallen jongeren naar Syrië. Een aantal van zijn leerlingen – Abaaoud, Akrouh, Laachraoui – keerden als kamikazes terug om een bloedbad aan te richten in Brussel en Parijs. Een portret van de Kerstman van de jihad, die deze week – in beroep – voor de rechter verschijnt.

'Hij is de grootste ronselaar die ons land heeft gekend'

De man is pas 42, maar lijkt veel ouder met zijn vuile haren en zijn woeste baard, zijn gele gebit en zijn slobberige trainingspak dat zijn buikje niet verbergt. Hij onderbreekt de rechter op een brutale manier, doet vervelend tegen zijn advocaat Steve Lambert, schreeuwt moord en brand als de pers hem probeert te fotograferen, en verbergt zijn gezicht achter een opengeklapt mapje. Op zijn voorhoofd staat een bidknobbel, het gevolg van overmatig voorovergebogen knielen in de richting van Mekka. Grofgebekt, provocerend en rancuneus, zo omschrijven de psychiaters hem. De beklaagde ontkent alles wat hem ten laste wordt gelegd. Hij een radicale haatprediker? Waar halen ze het? ‘Ik ben een pacifist!’ roept hij boos. Dat hij jongeren naar Syrië heeft gestuurd? Nonsens! ‘Ik ben Satan niet. Ik beslis niet wat de anderen doen.’ Zerkani heeft niets gezien en niets gehoord. ‘Is die kerel ook op jihad vertrokken? Straf!’



‘Khalid Zerkani is in veel opzichten voor Brussel wat Fouad Belkacem met Sharia4Belgium was voor Antwerpen: een charismatische prediker die jongeren manipuleerde en klaarstoomde om naar Syrië te vertrekken,’ zegt één van de advocaten op het grote terreurproces tegen Zerkani en 31 andere ronselaars en Syriëstrijders, dat afgelopen zomer in Brussel plaatsvond.



De advocaat «Het grote verschil is dat Zerkani niet van aandacht in de media houdt, terwijl Fouad Belkacem de schijnwerpers net opzocht. Zerkani leeft in de schaduw. Het is een uitermate mysterieuze figuur.»



Maar er is nog een ander verschil met Belkacem: de Brusselse jongeren die Khalid Zerkani tussen 2012 en 2014 voor de heilige oorlog ronselt, zullen later voor afschuwelijke drama’s in Europa zorgen. Er is Abdelhamid Abaaoud, die de aanslagen in Parijs coördineerde en ook achter de verijdelde aanslag zat die een jaar eerder in Verviers werd gepland. Er is de 25-jarige Belg Chakib Akrouh, één van de schutters uit het commando dat tientallen bezoekers van terrasjes in de Franse hoofdstad neermaaide. Ook de 27-jarige Gelel Attar, een Belg van Italiaanse afkomst, wordt aangehouden op verdenking van medeplichtigheid bij de aanslagen van 13 november. Attar was de rechterhand van Zerkani en bood de goeroe maandenlang onderdak in Molenbeek. In 2013 vertrok hij naar Syrië.

Ook Najim Laachraoui komt uit het nest van Zerkani. Hij is de kamikaze die zichzelf opblies in de luchthaven van Zaventem én eerder ook de bommen in elkaar knutselde voor Parijs en Brussel. De man werd in september 2015 onder een valse naam door Salah Abdeslam opgehaald in Boedapest en kwam toen wellicht uit Syrië.

Enkele dagen na de aanslagen in Brussel wordt in Frankrijk ook de 34-jarige gangster Reda Kriket aangehouden, een geslepen dief die de kas van Zerkani spijsde met gestolen juwelen, fototoestellen en elektronica. Kriket stond op het moment van zijn arrestatie op het punt om – alweer – een aanslag te plegen in Parijs.


Cynische goeroe

De rode draad in dit indrukwekkende lijstje van kamikazes van Brusselse bodem is Khalid Zerkani. Zelf zit de man al twee jaar in de gevangenis. Dat hij rechtstreeks betrokken was bij de aanslagen, is onwaarschijnlijk. Maar de goeroe uit Molenbeek wees de jihadi’s stuk voor stuk de weg naar Syrië. Hij overtuigde hen van hun plicht om de heilige oorlog te voeren, isoleerde hen van hun familie en stuurde hen uit stelen. Hij gaf hun geld – volgens sommige medeverdachten tot 5.000 euro – om naar Syrië te vertrekken, hielp met de praktische organisatie van de reis en zorgde voor contacten met een smokkelaar aan de Turkse grens, die de jongens van daaruit Syrië binnenloodste tot bij IS.

Volgens het Brusselse gerecht stuurde Zerkani een veertigtal jongeren naar Syrië. ‘Zerkani heeft de geesten van een hele Brusselse wijk vergiftigd, de Maritiemwijk in Molenbeek,’ schrijft de rechter in zijn vonnis van 29 juli 2015, wanneer Zerkani een eerste keer wordt veroordeeld als ronselaar. De rechter beschrijft hem als ‘een cynische goeroe, methodisch en weldoordacht, die zijn zeer jonge discipelen, tot ontreddering van hun families, uitstuurt om onredelijke risico’s te nemen waar hij zelf voor past.’

Zerkani krijgt twaalf jaar en gaat in beroep. Achteraf bekeken misschien niet zo slim, want intussen is de impact van zijn praktijken nog duidelijker geworden. ‘De grootste ronselaar van jihadisten die we in België ooit gehad hebben,’ noemt federaal procureur Bernard Michel hem op het proces in beroep, waar hij meteen ook voor een zwaardere straf van vijftien jaar pleit. Procureur Michel onthult in één moeite door dat Zerkani ook contacten had met Soufiane Amghar en Khalid Ben Larbi, de twee jonge Molenbeekse terroristen die in Verviers werden gedood tijdens een politie-inval in januari 2015, toen ze een aanslag in België aan het voorbereiden waren. Nu donderdag 14 april verschijnt Zerkani dus opnieuw voor de rechter om zijn straf in beroep te kennen. In mei volgt nog een tweede terreurproces, waarin Zerkani opnieuw als grote ronselaar terechtstaat, dit keer van voornamelijk Vilvoordse jihadikandidaten.

'Allah heeft mij voorbestemd om bepaalde taken te vervullen in Brussel'


Oliver Twist

Wie is die mysterieuze meneer Z., die nooit in zijn eentje door Molenbeek wandelde, maar altijd met een hofhouding van jongeren – op een respectabele afstand – in zijn zog, jongens die zijn woorden over de gewapende jihad gulzig opdronken? ‘Een emir van Al Qaeda,’ zal één van hen later aan de politie zeggen. ‘Een ex-moedjahedien die in de jaren 90 in de trainingskampen van Al Qaeda zat,’ klinkt het elders. Niemand weet het echt.

‘In 2011 dook hij plots op aan de uitgang van moskeeën in Molenbeek en sprak hij groepjes jongeren aan over de islam,’ vertelt een Molenbeekse buurtwerker.

De buurtwerker «Het was een dubbelzinnige figuur. Sociaal gezien was hij een nul: een werkloze in sjofele kleren die niet eens een eigen huis had, maar altijd bij vrienden logeerde. Tegelijk had hij een zekere status, die hij haalde uit zijn kennis van het klassiek Arabisch. Veel jongeren kennen alleen Marokkaans dialect en kunnen de Koran niet lezen. Dat was zijn sterkte. Hij werd beschouwd als een soort ‘wijze’.»

Eentje van de radicale soort, ondervindt de politie op 30 juli 2012 tijdens een toevallige wegcontrole van Zerkani. Die schopt wild om zich heen en weigert een voorwerp aan te raken dat eerder door een kufar – een ongelovige – is aangeraakt. Allah heeft hem voorbestemd om bepaalde taken te vervullen in Brussel, orakelt hij. En hij voegt eraan toe dat vrouwen ‘des objets inutiles’ – nutteloze prullen – op aarde zijn, geschapen om de man te dienen. Zerkani is overigens al heel zijn leven vrijgezel.

'De moeder van Abdelhamid Abaaoud waarschuwde voor Zerkani en zijn gevolg.'

Het is opvallend hoe weinig politie en inlichtingendiensten weten over Khalid Zerkani – zelfs niet of dat wel zijn echte naam is. Hij wordt geboren op 23 september 1973 in Marokko. Hij groeit op in de streek van Tetouan, in het noorden van Marokko, en stopt in het tweede middelbaar met school om in de smokkelbusiness te stappen. Later reist hij clandestien naar Spanje, Nederland en ten slotte België, waar hij een verblijfsvergunning en papieren krijgt. Zijn eerste officiële adres is in de Ransfortstraat in Molenbeek. Daarna zit er een zwart gat in zijn curriculum.

‘Ik ben al twintig jaar bij jullie,’ pocht de arrogante Zerkani bij zijn arrestatie op 24 februari 2014. De man, die vrijwel nooit gewerkt heeft, heeft bij zijn arrestatie 4.397 euro en 1.235 dollar op zak, en geld uit Singapore, Marokko, Tunesië, Egypte, Libanon en de Verenigde Arabische Emiraten. Bij een huiszoeking in één van de huizen waar hij heeft gelogeerd, vindt de politie een stapel peperdure elektronica: fotoapparaten, camera’s, tablets, computers, telefoons. ‘Mijn handelswaar als marktkramer,’ probeert Zerkani de speurders tevergeefs wijs te maken. In werkelijkheid heeft de goeroe een dievenbende rond zich verzameld die hij aanzet om toeristen in het Zuidstation te beroven. Volgens de principes van de ghanima, ‘oorlogsbuit’, mag dat, want ‘de ongelovigen bestelen, dat laat Allah toe’. In België zijn inbraken bijvoorbeeld toegelaten omdat het een land is dat in oorlog is met de islam.

Een deel van de buit dient om het vertrek van de jongeren naar Syrië te financieren, maar als Zerkani in een goede bui is, deelt hij de tablets en iPhones ook gul uit onder zijn leerlingen, wat hem de bijnaam ‘de Kerstman’ oplevert. Jongeren mogen ook bij hem blijven logeren, kijken samen naar video’s over de jihad en blijven ’s avonds eten. Toch schuilt er achter die gemoedelijkheid ook een sfeertje van angst, want niemand durft de autoritaire mister Z. tegen te spreken. ‘Ik ga liever de bak in dan dat ik zeg dat ik Zerkani ken,’ zal een jonge vrouw later aan de politie bekennen. Een jongeman die een jaar lang elke dag ging stelen en zijn buit elke avond bij Zerkani ging afleveren, zei aan de politie dat hij Zerkani nooit zou durven aan te geven. Het doet denken aan een moderne versie van Fagin de Jood, de oude griezel uit ‘Oliver Twist’ die vanuit zijn huis in Londen een dievenbende van weeskinderen runde.

'Ook Najim Laachraoui, die zichzelf opblies in Zaventem én de bommen maakte voor Parijs en Brussel, komt uit Zerkani's nest.'

‘Zerkani’s systeem zat goed in elkaar,’ vertelt een bron die het netwerk van dichtbij opvolgde.

Een bron «Er was een groep die ging stelen en voor de inkomsten zorgde. Een andere groep werd eropuit gestuurd om nieuwe volgelingen te ronselen. Dat deden ze vaak in de buurt van sportcentra en boksclubs. Slim bekeken, want veel jongeren die zich mislukt voelen in het leven proberen zich te bewijzen door aan een gespierd lichaam te werken. Ze spreken die jongens aan: ‘Ga je boksen? Ga je boksen tegen de ongelovige?’ Ze nodigen hen uit voor een koffie en maken een praatje.

»Al heel snel, wanneer ze voelen dat de jongen vatbaar is, doen ze hun een usb-stick of een iPod cadeau, met daarop muziek en vooral veel video’s over de wrede moordpartijen van het regime van Assad in Syrië, vrouwen en kinderen die gedood of verbrand worden. Zo worden ze doordrongen van de slachtofferpositie van de moslims, en hun plicht om dat onrecht te bestrijden. Pas wanneer de ronselaar voelt dat de jongen ‘rijp’ is, en te vertrouwen, wordt hij voorgesteld aan de baas, Zerkani. Sommige jongeren radicaliseerden vrij snel en vertrokken naar Syrië, anderen bleven hier hangen om het netwerk in Brussel te laten draaien, als dief of ronselaar.»

Het netwerk heeft ook een Facebookpagina, ‘Wake Up Oemma’, die door één van Zerkani’s vertrouwelingen wordt gerund. ‘Het is één van de meest giftige sites over de radicale islam, bovendien vrij toegankelijk,’ klinkt het in een alarmerende analyse van de site door commissaris Alain Grignard, tevens islamoloog.

Alain Grignard «Veel videobeelden zijn opgedragen aan broers-martelaren of executies die slechts met veel moeite te bekijken zijn. Er zijn heel wat extreme posts van ultraradicale Belgische moslims. Sommige betrokkenen, die ongetwijfeld op ons grondgebied verblijven, moeten zonder uitstel worden geïdentificeerd.»

Zerkani’s bekendste klant, Abdelhamid Abaaoud, radicaliseerde volgens zijn vader Omar Abaaoud nadat hij uit de gevangenis was gekomen (waar hij zat wegens enkele inbraken), na 29 september 2012. De ouders van Abaaoud hadden Zerkani al langer in de straten opgemerkt en wantrouwden hem. Aan de politie vertelt Yassine, de oudere broer van Abdelhamid, dat hij op een dag in de zomer op straat werd aangesproken door enkele vertrouwelingen van Zerkani.

'Als Zerkani in een goede bui is, deelt hij tablets en iPhones uit aan zijn leerlingen, wat hem de bijnaam 'de Kerstman' oplevert.'

Yassine Abaaoud «Ze gaan naar dezelfde moskee als ik, vlakbij Simonis. Ik kende ze ook van het zwembad in de Marollen. ‘Heb je wel gebeden?’ vroegen ze. En: ‘Ga je wel naar school?’ Later heeft mijn moeder me verboden om nog met hen te praten. Ze was bang van hen. Ze noemde hen ‘les barbus’.»

Yassines broer Abdelhamid vertrekt in het voorjaar van 2013 onder invloed van Zerkani: eerst naar Egypte, waar hij de Koran gaat bestuderen, enige tijd later naar Syrië. Begin 2014 wipt hij nog even over en weer naar België om zijn 13-jarige broer Younes te ontvoeren – wat hem trouwens een veroordeling van twintig jaar cel zal opleveren in Brussel. Niet dat Abaaoud daar wakker van ligt. De posterboy van IS gaat in Syrië een grote carrière tegemoet als coördinator van aanslagen in Europa, waarvoor hij in Syrië geschikte zelfmoordterroristen moet selecteren en opleiden.

Eén van die zelfmoordkandidaten is Chakib Akrouh, een jongen die Abaaoud kent van het netwerk van Zerkani. De jongeman wordt in juli 2015, op het grote terreurproces tegen de Molenbeekse ronselaar, trouwens bij verstek veroordeeld tot vijf jaar. Akrouh is één van de vroege vertrekkers: hij stapt al op 4 januari 2013 het vliegtuig op in Zaventem, samen met Gelel Attar. Op 17 april 2013 vindt de politie bij hem thuis een testament, opgesteld volgens de islamitische gebruiken. Toch vermoeden ze in hem geen zelfmoordterrorist. Speurders zijn stomverbaasd wanneer hij na 13 november 2015 één van de daders blijkt die naar Europa is teruggekeerd om dood en terreur te zaaien op de Parijse terrasjes. De man zal enkele dagen later samen met Abaaoud sterven in een appartement in Saint-Denis, tijdens een belegering door de Franse politie. Akrouh verlaat de wereld met een knal van zijn bommengordel.

'Vrouwen noemde hij nutteloze prullen, geschapen om de man te dienen'


Syrië voor dummies

De politie start een onderzoek naar de mysterieuze Zerkani in april 2012, na een rapport van de militaire inlichtingendiensten. Dat maakt melding van geheime vergaderingen, geleid door Zerkani, in een pand in de Ribaucourtstraat in Molenbeek, ten huize van Gelel Attar – de man die vandaag wordt verdacht van medeplichtigheid aan de aanslagen in Parijs. Op die vergaderingen zou Zerkani oproepen tot de gewapende jihad. Eén van de aanwezigen is op zoek naar kalasjnikovs en explosieven om een misdrijf te plegen in België en ‘de boel te laten ontploffen’. Het federaal parket start een onderzoek en stuurt ook een politie-infiltrant – een voor terreurdossiers uitzonderlijke procedure die niet onbesproken zal blijven.

Zerkani is extreem voorzichtig, valt de politie meteen op. Hij gebruikt zo min mogelijk de telefoon en verbiedt sms’en. Als hij belt, doet hij dat met toestellen van derden, in codetaal. De man heeft geen Twitteraccount, geen Facebookprofiel en laat nauwelijks digitale sporen na. Hij is een kampioen in het afschudden van achtervolgers op straat. ‘Zijn voorzichtigheid doet vermoeden dat hij een opleiding aan een jihadi-academie heeft gekregen, mogelijk in Pakistan,’ denken de speurders.

'Speurders zijn stomverbaasd als blijkt dat Chakib Akrouh één van de daders van de aanslagen in Parijs is.'

Zijn netwerk in Molenbeek draait in elk geval als een geolied reisbureau, waar valse paspoorten en geld de weg vrijmaken voor een onbezorgde reis naar Syrië. Eén van de leden maakt er zelfs een vrolijk liedje over: ‘Allez les frères de Bruxelles, allons au djihad, allons au djihad.’ Een vals paspoort vastkrijgen is kinderspel: het volstaat om een valse aangifte van verlies te doen bij de politie en een nieuwe reispas aan te vragen bij de gemeente. Op de bevolkingsdienst merken ambtenaren het nauwelijks op wanneer de pasfoto’s niet helemaal gelijkend zijn. De politie vindt later bij één van Zerkani’s vertrouwelingen ook een vals Marokkaans paspoort op naam van Abdelhamid Abaaoud.

Sommige leden pendelen naar hartenlust heen en weer tussen België en Syrië. Ze nemen kleren en geld mee vanuit België voor hun kompanen in Syrië. Vliegtuigtickets worden betaald door Zerkani of één van diens vertrouwelingen, met het geld dat ze verdienen met diefstallen. Eén van de vertrekkers vertelt aan de politie dat hij 12.000 euro toegestopt kreeg van Reda Kriket, de notoire dief die, zo weten we vandaag, ook op plannen voor een aanslag in Parijs broedde en pas op het laatste nippertje kon worden gestopt. Kriket, die al jaren spoorloos was, werd in juli 2015 op het grote Zerkani-proces bij verstek veroordeeld tot tien jaar.

‘Wie wilde vertrekken, kon de laatste nacht in België bij Zerkani blijven logeren, hij regelde ook een lift naar de luchthaven,’ vertelt een teruggekeerde Syriëstrijder.

'De politie heeft Zerkani twee jaar laten begaan. Met rampzalige gevolgen, zo blijkt nu'

Een teruggekeerde Syriëstrijder «Hij toonde waar je goedkoop rugzakken en camouflagebroeken kon kopen. Bijna iedereen die naar Syrië vertrok, kocht zijn spullen in de Decathlon van Anderlecht. Je scooter of je auto kon je bij hem achterlaten, die verkocht hij na je vertrek. Je kreeg ook een naam en een telefoonnummer mee van een smokkelaar die je in Turkije over de grens zou brengen. Als je in Syrië zei dat je van Zerkani kwam, was er direct meer vertrouwen.»

Bij de arrestatie van de Molenbeekse goeroe in februari 2014 nemen de speurders op zijn logeeradres usb-sticks in beslag met, naast salafistische teksten die Osama bin Laden en Al Baghdadi verheerlijken, ook artikels als: ‘Tien etappes om een infiltrant makkelijk te ontmaskeren’, ‘16 voorwerpen die je moet hebben voor je naar Syrië vertrekt’ en ‘38 manieren om aan de jihad deel te nemen’.


De jihadifuik

‘Wat mij dwarszit, is de vraag waarom de politie en het parket Zerkani zo lang hebben laten begaan voor ze hem hebben gearresteerd,’ zegt Hamid El Abouti, advocaat van één van de volgelingen van Zerkani.

Hamid El Abouti «Ze hebben die man twee jaar lang gevolgd en geobserveerd. Verschillende jongeren zijn onder het oog van de politie geradicaliseerd en naar Syrië vertrokken. Met rampzalige gevolgen, zo blijkt nu.»

Heeft de politie te lang gewacht in de hoop ook het netwerk bóven Zerkani te strikken? Of hoopte ze dat Zerkani met zijn radicale praatjes het grondgebied van Molenbeek zou verlossen van alle gevaarlijke kandidaat-jihadi’s? Eric Van Der Sypt, woordvoerder van het federaal parket, ontkent dat het onderzoek te lang heeft aangesleept.

Eric Van Der Sypt «We moesten de nodige bewijzen verzamelen om mensen voor de rechtbank te brengen. Als je ziet wie er uiteindelijk allemaal heeft terechtgestaan, denk ik dat we goed gewerkt hebben.»

Het is niet de enige wrange bijsmaak in dit dossier. Want de politie had ook een infiltrant in de troepen van Khalid Zerkani rondlopen: de 42-jarige Marokkaan Abdelkader El-Farssaoui, bijgenaamd Abou Jaber. El-Farssaoui was de mol van juli 2013 tot maart 2014, bracht Le Soir Illustré uit. Hij speelde zijn rol met zoveel overtuiging dat hij, als vertrouweling van de jihadi’s, behoorlijk wat bezwarende informatie verzamelde. Maar tegelijk deed hij dingen die zijn bevoegdheid ver te buiten gingen: hij bracht persoonlijk jongeren naar Zaventem, waar ze het vliegtuig naar Turkije namen – de laatste halte voor de Syrische grens. Hij overtuigde ze als ze nog gingen twijfelen, hij regelde praktische probleempjes, hij belde met mensen ter plaatse. ‘Vreemd voor een agent,’ zegt advocaat Sébastien Courtoy, die de infiltrant ook tegenkwam in het dossier tegen zijn cliënt Jean-Louis Denis, die net als Zerkani voor ronselpraktijken werd vervolgd. ‘Volgens mij is die agent vooral een agent-provocateur.’

'Tijdens zijn proces schreeuwt Zerkani moord en brand als de pers hem probeert te fotograferen.'

Courtoy verwijst naar zijn cliënten in het dossier-Zerkani, de twee bloedmooie zussen Soumaya en Sarah Kaddouri, die door de geheimzinnige Abou Jaber naar de luchthaven werden gebracht toen ze naar Syrië wilden vertrekken. Enkele maanden eerder had Abou Jaber mee aangeschoven aan het huwelijksbanket van Soumaya Kaddouri en Logan Leborgne, een discipel uit de school van Zerkani. Dat huwelijk was overigens door Zerkani gearrangeerd. Op het feest wemelde het van de jihadi’s. Courtoy: ‘De fine fleur van het radicalisme was er.’

Maar hoe ver kun je gaan als infiltrant? Daar bestaat in het geval van El-Farssaoui, alias Abou Jaber, al jarenlang discussie over. De Marokkaan infiltreerde in het begin van dit millennium als agent voor de Spaanse inlichtingendienst in radicale milieus onder de schuilnaam Cartagena. In 2004 slaagde hij er, twee weken vóór de verwoestende aanslagen op stations in Madrid, waarbij 191 mensen omkwamen, in de overheid te waarschuwen voor het nakende gevaar. Maar in de nasleep van het drama rezen in een parlementaire onderzoekscommissie in Spanje vragen over zijn persoonlijke betrokkenheid: zijn omgang met jihadi’s was wel erg ongedwongen, merkten wakkere commissieleden op. Ook gespecialiseerde Amerikaanse onderzoekers vermoedden in 2009 dat El-Ferssaoui niet zuiver op de graat was. Hij leek op een dubbelagent, zeiden ze.

'Gelel Attar was de rechterhand van Zerkani en bood hem maandenlang onderdak in Molenbeek.'

Gevolg: El-Farssaoui dook onder. Hij kwam in 2012 weer boven water in Sint-Gillis, waar hij een appartement betrok. Maar ook daar deed hij dingen die dubieus waren. Drie weken voor Mohamed Merah in Toulouse zeven mensen neerkogelde, onder wie drie Joodse schoolkinderen, kwam hij naar Brussel voor een gesprek met El-Ferssaoui, schreef Le Parisien. Geen enkele officiële instantie heeft die ontmoeting ooit ontkend.

En daarna ging hij zich dus verdiepen in het netwerk dat enkele jaren later de uitvoerders afleverde van de aanslagen in Parijs en Brussel. Weer liep het niet goed af, story of his life.

Sébastien Courtoy «El-Farssaoui zet al sinds 2011 jongeren op het vliegtuig naar Syrië. En toch wordt hij niet verontrust. Hij is wel verhoord, maar hij beweert dat hij door een klap op zijn hoofd alles is vergeten: hij vertelt niks. En op de processen van de ronselaars Jean-Louis Denis, alias ‘Le Soumis’, en Khalid Zerkani is hij als enige betrokkene niet in beschuldiging gesteld. Hij is zelfs niet gedagvaard als getuige. Enfin, mijn cliënten, de zussen Kaddouri, zijn wel vrijgesproken.»

Over de infiltrant wenst parketwoordvoerder Van Der Sypt geen verklaringen af te leggen. ‘De kamer van inbeschuldigingstelling heeft haar goedkeuring gegeven voor al onze bijzondere opsporingsmethoden, ook als daar een infiltrant bij was.’


★★★

Intussen brengt Khalid Zerkani zijn dagen achter de tralies door. Zijn actieradius is danig verkleind, maar zijn religieuze ijver is niet aangetast. Dat meldt La Dernière Heure in een artikel in april 2014, waar Zerkani ervan wordt beticht zelfs in de gevangenis van Sint-Gillis ‘tientallen jongeren’ te indoctrineren en – na hun vrijlating – naar Syrië te sturen. Het penitentiair dossier bevestigt die aantijgingen: ‘De directie beschouwt hem als een bedreiging voor de veiligheid van de instelling. Ondanks zijn opsluiting volhardt Zerkani in zijn bekeringsdrift. Hij gaat door met wat hij vroeger deed: zich omringen met jongelui die hij kan beïnvloeden en radicaliseren.’

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234