null Beeld

Kinderen van de collaboratie: 'Wij leerden dat een neger hetzelfde is als een aap met een hoed op'

Ze kwamen ter wereld als Van Dyck, maar later kregen ze een andere naam: Van den Brempt. Hein en Toon, tweelingzonen van Henri Van den Brempt, voormalig lid van de Waffen-SS. In de nieuwe Canvas-reeks ‘Kinderen van de collaboratie’ getuigen de zonen over hun schietgrage vader: ‘Je mocht van hem je rechterhand niet gebruiken voor je zakdoek, je rechterhand was voor je pistool.’

De oorlog is nog niet voorbij in Kessel-Lo. De getuigenis van Toon en Hein Van den Brempt (72) voor 'Kinderen van de collaboratie' op Canvas heeft het smeulende vuur van de grote wereldbrand weer doen oplaaien. De tweelingbroers hebben besloten alle archieven te gaan uitpluizen in de zoektocht naar de verborgen geschiedenis van hun vader Henri Van den Brempt, in zijn jonge jaren Oberjunker bij de Waffen-SS, de elitetroepen van de nazi’s. Op de tafel voor hen ligt een recent geschiedkundig werk: ‘Was opa een nazi?’, een handzame gids voor al wie, meer dan zeventig jaar na datum, de zwarte gaten van de collaboratie in Vlaanderen probeert te dichten.

undefined

'Om ons af te zetten tegen de collaboratie van vader, werden wij communisten. Maar extremisme is nergens goed voor'

Toon «We zijn geboren in juli 1945, maar het is niet eenvoudig onze ontstaansgeschiedenis te achterhalen. Onze familie is in september 1944 naar Duitsland gevlucht: de bevrijding was nakend – ze zagen de bui hangen. Als ik terugreken, zijn we in de chaos van gebombardeerd Duitsland verwekt in oktober 1944. Mijn ouders zijn enkele maanden later, in januari 1945, getrouwd in Bad Tölz, de plek waar mijn vader was opgeleid door de Waffen-SS: het was ‘van moeten’. Maar vreemd genoeg zijn ze naar Antwerpen teruggekeerd voor onze geboorte. We hebben geen idee waarom.»

Hein «De omstandigheden van onze geboorte waren precair: een zolderkamertje zonder stromend water in de Coquilhatstraat, achter het museum op het Zuid in Antwerpen.»

Toon «Met een beginnende huisarts, een jonge knul die wellicht zijn eerste bevalling deed. Na de geboorte van Hein zei hij tegen de vroedvrouw: ‘Amai, dat is een zware nageboorte.’ – ‘Nee, meneer doktoor,’ zei de vroedvrouw, ‘er komt er nog één.’ Naar verluidt is mijn moeder opgeveerd met een schreeuw die door merg en been ging: ‘Het is niet waar!’ Ze had er geen idee van dat ze een tweeling droeg.»

HUMO Wie is het eerst geboren?

Hein «Ik: 2,6 kilogram.»

Toon «Ik was de tweede: 2,4 kilogram.»

Hein «Ik was ‘de dikke’.»

Toon «En ik ‘de dunne’. Onze moeder heeft ons bij de burgerlijke stand aangegeven als Hendrik en Antoon Van Dyck, ze vermeldde niet dat ze getrouwd was. Jaren later heeft vader dat gecorrigeerd, en zijn wij Hein en Toon Van den Brempt geworden.»

Hein «Maar toen, op het moment van onze geboorte, leefde ons vader ondergedoken.»

HUMO Jullie zijn in ongewone omstandigheden ter wereld gekomen.

Hein «Abominabele omstandigheden. Eén jaar na onze geboorte zat de hele familie in de gevangenis: moeder, grootmoeder, grootvader, ooms en tantes – en ons vader was voortvluchtig want ter dood veroordeeld.

»De enige die ons in de eerste maanden bijstond, was Tathi: mijn meter, de 15-jarige zus van onze moeder. Ze stond er helemaal alleen voor, met twee kindjes die niet eens konden lopen. Af en toe deed ze wel beroep op het netwerk van mensen die fout waren geweest tijdens de Tweede Wereldoorlog. Iedereen hielp elkaar in de mate van het mogelijke. Ik ben, bijvoorbeeld, jarenlang op vakantie geweest bij een koppel dat geen kinderen had en me vertroetelde als hun chouchou. Toon had minder geluk, die verhuisde in de vakantie van hot naar her, van de ene minder bedeelde familie naar de andere.»

Toon «Je kan niet overschatten wat Tathi voor ons gedaan heeft, al heeft onze moeder maar enkele maanden vastgezeten. Het waren bewogen tijden. Als het te heet werd onder onze voeten, pakten we onze spullen bij elkaar en krasten we op: de woede van de bevolking voor de zwarten was groot. In de eerste twaalf jaar van ons leven zijn we misschien vijftien keer verhuisd, van het ene adres in het Antwerpse naar het andere.»

HUMO Begrepen jullie wat er gaande was?

Hein «Nauwelijks, alles werd toegedekt. Het was te gevaarlijk om met radicaal-rechtse ideeën naar buiten te komen, dus je hield je stil. De familie Van Dyck heeft ons niet geïndoctrineerd. Ze discussieerden wel eens over het VNV, en soms zongen ze ook Duitse soldatenliederen, maar meestal was het omfloerst.»

HUMO In een aflevering van ‘Kinderen van de collaboratie’ zegt Toon: ‘Bompa Van Dyck beweerde dat Hitler maar één fout had gemaakt: hij had alle Joden moeten uitroeien.’

Hein «Dat was niet omfloerst.»

Toon «In onze familie voelde je een groot dedain voor het gewone volk. Dat was het plebs, hè. De Van Dycks waren diamantairs. Diamantairs die in de jaren 30 alles waren kwijtgespeeld aan de Joden. De Joden waren de schuld van alles.»

HUMO Gingen jullie, als kinderen, mee in die ideeën?

Toon «Toen ik die verhalen hoorde, dacht ik bij mezelf: ‘Bompa, je kunt het wel de schuld van de Joden noemen, maar zij waren gewoon goede commerçanten.’»

Hein «Onbewust neem je die ideeën wel op. Ik herinner me dat ik tegenover vrienden ontkende dat een bekende actrice van Joodse origine was: ‘Een Jodin kan niet zo mooi zijn.’ Natuurlijk waren wij ook aangetast door antisemitisme. We leefden in een bubbel, we zagen geen mensen met andere ideeën.»

undefined

null Beeld

Toon «Bij de Van Dycks was het geen open deur. Er kwamen geen vrienden over de vloer, er werden geen fuifjes gehouden. En later, toen we bij vader woonden, was het net zo. Dat waren bunkers.»

Hein «In de buitenwereld kregen we het hard te verduren. Op de lagere school riep een oudere jongen ooit voor de hele speelplaats: ‘Dat zijn zwarten’. Maar we namen dat incident mee naar huis, we spraken daarover, en moeder bedekte het met de mantel der liefde. Het raakte ons niet.»

Toon «Mensen vragen ons soms: ‘Hoe komt het dat jullie daar zo sterk zijn uitgekomen?’ Vroeger citeerde ik dan Nietzsche: ‘Wat je niet doodt, maakt je sterker’. Nu zeg ik: ‘Wij waren met zijn tweeën.’ Als tweeling hebben wij onwaarschijnlijk veel steun aan elkaar gehad, ook zonder woorden: ik hoef niet met Hein te praten om te weten wat hij denkt. Aanvallen die tegen ons gericht waren, ketsten af op onze bubbel, die een pantser was.

»Onze moeder overstelpte ons met liefde. Wat niet voor onze oortjes bestemd was, filterde zij weg. Of ze deed alsof, ze was een geboren actrice. »

Hein «Ze was daar meesterlijk in.»

Toon «Het woord ‘gevangenis’ viel niet. Dat werd, afhankelijk van de omstandigheden, vervangen door ‘pensionaat’ of ‘kliniek’. Het ging zo ver dat moeder, bij één van de weinige bezoeken aan vader in de gevangenis, met een knipoog aan de cipier vroeg of de knieën van vader al voldoende hersteld waren om ons erop te laten zitten.»

Hein «We kregen te horen dat onze vader voor de radio werkte, zonder de toevoeging dat het de radio van de gevangenis in Turnhout was. Met als gevolg dat ik op school trots vertelde dat mijn vader voor de radio in Turnhout werkte. Waarop de meester: ‘Er is geen radio in Turnhout.’

»Tot het derde leerjaar zijn we naar een katholieke school gegaan. Daarna heeft vader vanuit de gevangenis beslist dat we naar de gemeenteschool moesten, en later naar het atheneum – een belgicistisch atheneum in Etterbeek. Dat gaf hem een extra argument om eerherstel te vragen.

»Vader zelf is tot zijn 14de naar school geweest, daarna is hij leerjongen-letterzetter geworden. Hij heeft dienst genomen bij de Waffen-SS toen het niet-aanvalsverdrag tussen Hitler en Stalin werd opgeheven. Hij was doordrongen van de Nieuwe Orde, en dweepte met Léon Degrelle. Hij was de corruptie en de fraude in het politieke bestel beu. Voor veel jonge mensen was dat een aantrekkelijk vooruitzicht: tabula rasa. We beginnen weer met een schone lei.»

Toon «Volgens mij is hij naar de Waffen-SS gegaan om iemand te worden. De opleiding in de Junkerschule was niet van de poes: hij is daar gedrild en gebrainwasht.»

HUMO Vertelde hij over zijn belevenissen aan het front?

Toon «Hij vertelde graag hoe hij, als hoofd van een mortiereenheid, een Russische scherpschutter had omgelegd. Een gevaarlijke kerel: hij had al een kameraad van vader met een welgemikt schot gedood. Op een gegeven moment had vader zijn stelling verlaten, en op de grond had hij een sigarettenpakje zien liggen. ‘Misschien zit er nog iets in,’ dacht hij. Hij bukte zich. En net op dat moment trof de eerste kogel van een salvo hem in de nek – een schampschot. Hij kon gelukkig terug naar zijn stelling kruipen, waar hij besloot die Rus terug te pakken. Er stonden twintig populieren voor hem. Hij heeft elke boom bestookt tot hij die Rus hoorde krijsen.

»Wij dachten: ‘Een cowboyverhaal van vader.’ Maar wat bleek, jaren later bij een medisch onderzoek naar de rugklachten van ons vader? In de bovenste nekwervel zat een kogel verscholen. De dokter heeft ’m eruit gehaald. En vader heeft ’m jarenlang als talisman aan zijn sleutelbos gedragen.»

null Beeld

undefined

'Onze vader was de corruptie in het politieke bestel beu. Voor veel jonge mensen was dat een aantrekkelijk vooruitzicht: tabula rasa'

HUMO Zat hij ermee dat hij mensen had gedood?

Toon «Je leert daar niet over in te zitten, dat maakt deel uit van de dril.»

Hein «Onze oom Tony vertelde ooit hoe vader op patrouille een Rus had betrapt, die mijnen aan het ophangen was. Pang! Op zo’n moment twijfelde vader niet.»

HUMO Was hij trots op zijn ervaringen aan het front?

Hein «De SS had normen en waarden, zei hij. De Russen waren uitschot: ‘De Russische bevolking zag ons liever voorbijkomen dan het Rode Leger.’ Hij sprak ook een mondje Russisch: ‘Njet kultury!’ In zijn ogen waren de Russen mensen zonder cultuur (lacht).»

HUMO Had hij na zijn gevangenisstraf, aan het eind van de jaren 50, zijn oude opvattingen afgezworen?

Toon «Nogmaals: hij was gebrainwasht. En daar was nog eens de oorlog aan het front overheen gegaan, en daarna nog eens vijftien jaar in de gevangenis. Het was logisch dat hij bij zijn vrijlating nog altijd in de meest lovende bewoordingen over de nazi’s sprak, het uitverkoren ras van de Ariërs verheerlijkte en Aziaten en de Joden verketterde. Maar hij was in de gevangenis geëvolueerd. Hij had zich, als een autodidact, toegelegd op kunst en cultuur: hij had tientallen schriftjes volgeschreven met aantekeningen over muziek, poëzie en literatuur. (Diept een schriftje op) Zie je dat precieze handschrift? Daarmee schreef hij over de reuzen van de muziek. Bach! Schubert! Beethoven

HUMO De reuzen van de Duitse cultuur.

Toon «Over Mendelssohn, de Joodse componist, was hij minder enthousiast, dat geef ik toe. Maar het was het begin van een lange weg.»

HUMO Jullie waren 8 toen hij vrijkwam. Hoe is dat verlopen?

Toon «Hij is ons gezin binnengevallen.»

HUMO Dat is een militaire term.

Toon (lacht) «Ik moet bekennen: onze moeder voedde ons ook niet op als liefdevolle zonen van ons vader. Die Van den Brempt was een verrader voor sommige Van Dycks, een afvallige. Hij was minder radicaal dan zij.»

Hein «Vader had, voor zijn vrijlating, eerherstel gevraagd. Hij had de democratische waarden erkend. Dat deed je niet bij de radicale Van Dycks. Dat was zwak.»

Toon «Ze vonden hem maar een stoefer, met zijn interesse voor muziek en cultuur.»

Hein «Dat was hij ook. Hij heeft zich van ons afgeduwd door de botte manier waarop hij, na zijn vrijlating, in ons gezin is binnengekomen. Hij kwam bij ons de wet stellen. Over tafelmanieren bijvoorbeeld, was hij snoeihard.»

Toon «Op een bepaald moment haalde ik mijn zakdoek uit mijn rechterbroekzak. ‘Mag niet,’ zei hij. ‘Je moet je zakdoek in je linkerbroekzak steken.’ Ik snapte er niets van. Hij zei: ‘Je rechterhand moet vrij zijn om te allen tijde je pistool te kunnen trekken.’ Die zat dus nog in volle drilmodus, hè.

»Ik dacht: ‘Ik zal mijn zakdoek altijd in mijn rechterzak steken.’»

Hein «Onze vader was een indringer. Mijn ouders waren al uit elkaar gegroeid toen hij nog in de gevangenis zat. Zo was onze moeder, hè.»

Toon «Een mooie, sensuele, opvallende en charmante vrouw. Toen vader vastzat, heeft zij wel wat vrienden gehad. Daar was hij niet over te spreken, een bron van vele conflicten. En dan komt hij vrij, en gaat hij inwonen in een benepen appartement waar onze grootouders sliepen, wijzelf en moeder.»

Hein «Het was ook een Oedipus-kwestie. Wij waren de mannen in huis. Van moeder kregen we niks dan liefde, van hem kregen we een snauw en een beet. Toen hij langs me liep, moest ik me inhouden om hem geen beentje te lichten.

»Na een paar maanden zijn mijn ouders effectief uit elkaar gegaan. Vader is met ons naar zijn zus in Brussel getrokken. Na vijf jaar zijn onze ouders weer met elkaar getrouwd omdat onze moeder opnieuw zwanger was geworden van hem – we kregen nog twee zussen. Maar later zijn ze weer gescheiden.

»Ik herinner me Expo 58. We liepen met hem in Schaarbeek rond toen mijn vader zich richtte tot een groepje Congolezen dat de weg aan het zoeken was: ‘Messieurs, est-ce qu’on peut vous aider?’ Voor mij was dat een schok. Mijn vader zei ‘messieurs’ tegen zwarten. Wij hadden bij de Van Dycks geleerd dat een neger hetzelfde was als een aap met een hoed op.»


OPLICHTER

HUMO Wat voor werk deed uw vader?

Toon «Alles wat met drukken te maken had. Daar had hij ook een reputatie in: hij stond erom bekend dat hij officiële documenten kon vervalsen. Aan het eind van de jaren 50 klopte Pierre Sweerts, een dubbelspion, bij ons aan. Vader kende hem van het oostfront. Sweerts beweerde dat de Britse inlichtingendiensten hem hadden gestuurd om een coup tegen de niet-gebonden Indonesische president Soekarno voor te bereiden. Na de coup zou de Indonesische munt waardeloos zijn. Mijn vader moest nieuw geld drukken. Hij heeft die opdracht aanvaard en hij werd daarvoor rijkelijk betaald.

»De dozen met het nieuwe geld stonden hoog opgetast thuis. Heel indrukwekkend. Maar één van de meestergasten heeft onraad geroken en de politie getipt. Vader en Sweerts hebben zich er alsnog uitgepraat: ‘Het is maar speelgoedgeld.’»

Hein «‘Hoe kunnen wij valsmunters zijn?’ zeiden ze. ‘Dit geld bestaat zelfs niet.’»

Toon «Later heeft de CIA het dossier overgenomen: generaal Soeharto is in Indonesië aan de macht gekomen.»

HUMO Is uw vader nog voor andere klussen in de Koude Oorlog ingeschakeld?

Toon «Dat was eenmalig.»

HUMO En die vervalste papieren?

Hein «Die had hij gemaakt toen hij aan het eind van de oorlog ondergedoken leefde, voor zijn trawanten die naar Zuid-Amerika vluchtten. We hebben nog een identiteitskaart van hem uit die periode teruggevonden: ‘Jacques Stockman, juwelier’ – een perfecte kopie. Dat deed hij om den brode, hè. Zoals hij ook om den brode een overval heeft gepleegd.»

null Beeld

'Is het nu zoveel beter dan toen? We sluiten onze ogen voor de wantoestanden in de vluchtelingenkampen. Wir haben es nicht ­gewusst'

HUMO Pardon?

Toon «Ze hadden geld nodig om die valse documenten te drukken. Dus hadden ze het plan opgevat om met drieën een overval in Antwerpen te plegen. Maar onderweg hield de politie hen tegen, en ze hadden wapens bij zich. Vader heeft in een opwelling van SS-Fähigkeit zijn wapen getrokken: ze hebben de agenten ontwapend en hun papieren afgenomen. Toen is er een schot afgegaan, en één agent is daarbij omgekomen. Ze zijn opgepakt, maar het was niet duidelijk wie het schot had gelost, vader of één van zijn kornuiten, een zekere Hanquart. Op het proces schoven ze elkaar de zwarte piet toe. Vader kreeg eerst de doodstraf, maar die werd omgezet in levenslang (hij is na acht jaar vervroegd vrijgekomen wegens voorbeeldig gedrag, red.)

»Later heeft Hanquart bekend. Voor ons was dat een opluchting. Wij dachten dat vader zo’n zware straf had gekregen omdat hij een agent had vermoord.»

Hein «Op het einde van zijn leven heb ik, in het bijzijn van mijn zoon, nog een poging gedaan om de waarheid te achterhalen: ‘Vake, hoe zat dat nu met die politieagent?’ - ‘Daar spreek ik niet over.’ Onbegrijpelijk: hij had de kans zich vrij te pleiten tegenover zijn zoon en kleinzoon, en dan laat hij ze liggen.»

HUMO Twijfelt u nog?

Hein «Nee, Hanquart heeft bekend. »


VADERMOORD

HUMO Jullie hebben allebei aan de VUB gestudeerd, vrijgevochten jongens die de geest van mei ’68 ademden. Hoe reageerde uw vader daarop?

Hein «Niet goed (lacht). Dat leidde voortdurend tot discussies, waarop hijzelf aanstuurde.»

Toon «Een clash was het. Wij waren voor provo en Rudi Dutschke (bekend studentenleider in de jaren 60, red.)»

Hein «Ik ben, als overtuigd pacifist, niet naar het leger gegaan. Wel naar Congo.»

Toon «Ik ook. Ik heb in die jaren Lenin gelezen, Marx, Mandel – de hele bibliotheek van extreemlinks.»

HUMO Jullie waren communisten geworden, de goddelozen tegen wie uw vader was gaan vechten.

Toon «De vadermoord. We wilden afstand nemen van de ideologie van vader, en we zijn bij een ander extreem gedachtegoed uitgekomen, aan de andere kant van het spectrum. Je moet daar je lessen uit trekken: extremisme is nergens goed voor.

»Met het ouder worden vraag ik me geregeld af: is het nu zoveel anders dan toen? In 1945, aan het eind van de oorlog, werd Europa overspoeld door vluchtelingen. Nu zijn er ook eindeloze vluchtelingenstromen op dit continent. En wat doen we eraan? We sluiten onze ogen voor de mistoestanden in de vluchtelingenkampen. We willen niet weten wat voor narigheid zich aan onze grenzen afspeelt. Huldigen we niet het credo van onze ouders: ‘Wir haben es nicht gewusst?’»

HUMO Wisten uw ouders wat er met Joden in concentratiekampen gebeurde?

Toon «Mijn moeder zei: ‘Ik wist dat Joden in het station stonden aan te schuiven, maar ik dacht dat ze werden weggebracht naar een betere plek.’»

HUMO Gelooft u dat?

Toon «De secretaresse van Joseph Goebbels heeft aan het eind van haar leven verklaard dat zelfs zij niet op de hoogte was van de vergassingen in de concentratiekampen. De plannen van de Endlösung, gesmeed door Hitler en zijn belangrijkste intimi, werden met grote zorg beveiligd.

»De meeste Duitsers kenden de details van de gruwel in de kampen niet. Ze wisten dat het niet fraai was, maar ze keken de andere kant op. Onze moeder wist, als ze even nadacht, ook dat de Joden geen mooie bestemming tegemoet gingen, maar ze geloofde het wel. Ze geloofde het graag.»

HUMO In de reeks op Canvas zeggen alle kinderen van collaborateurs: ‘Mijn ouders hebben het niet geweten.’ Kennelijk is het een onverdraaglijke gedachte.

Toon «Onze ouders wisten dat Joden Untermenschen waren voor de nazi’s, maar daarom wisten ze nog niet wat er in de kampen gebeurde. Waarom hebben de geallieerden niet vóór het einde van de oorlog over de Holocaust gerept? Omdat ze het niet wisten.»

HUMO Waren de razzia’s tegen de Joden niet duidelijk genoeg?

HEIN «De razzia’s speelden in op het antisemitisme, dat helaas niet het monopolie van de nazi’s was. Dat was diep in de maatschappij doorgedrongen, net als de moslimhaat nu.»

HUMO Wat zei uw vader over de Holocaust?

Toon «We hebben te lang op gespannen voet met hem geleefd om het daar rustig over te kunnen hebben. In elk geval: hij was geen negationist, zeker geen actieve.

»Nadat hij een tweede keer van ons moeder was gescheiden, hebben wij jarenlang geen contact meer gehad. In die periode is hij langzaam tot inzicht gekomen. (Laat document zien) Kijk, dit is een lezing die hij in 1994 voor de Vlaamse Club heeft gehouden, die wij pas later hebben ontdekt. Onderwerp: tolerantie door de eeuwen heen. Ik schrok ervan wat voor bocht hij had genomen: (citeert) ‘De conclusie ligt voor de hand: racisme is nonsens.’ Dat zegt een man die jarenlang een hardleerse racist is geweest.

»Ik heb het altijd lastig gehad met zijn gedachtegoed. Maar tegelijk viel het me ook zwaar afstand van hem te nemen: hij bleef mijn vader. Het was een voortdurend gevecht tussen mijn geweten en mijn loyaliteit. Haat-liefde.

»In de periode dat we geen contact hadden, was ik bang: wat als vader nu sterft? Gelukkig hebben we via mijn zoon alsnog toenadering tot elkaar gezocht. En ik kan nu zeggen: ik ben nog altijd niet trots op wat mijn vader heeft gedaan. Ik ben dat wel op de afstand die hij heeft genomen van zijn daden en ideeën.»

HUMO Uw vader veroordeelt racisme. Mag dat niet wat explicieter, zo’n schuldbekentenis?

Hein «Elders in de lezing is hij wel expliciet: (citeert) ‘Tot wat het omhoogtillen van het idee dat de Duitsers zuiverder van ras waren dan vele anderen zoals zigeuners en Joden heeft geleid, weten we allemaal.’

»Ik heb langer in onmin geleefd met vader. In 2006, bijna op zijn sterfbed, hebben we elkaar weer ontmoet. Ik zie me daar nog met mijn zoon naast hem zitten: de drie handen in elkaar vervlochten. Een verrimpelde, een minder verrimpelde en een niet verrimpelde. (Stil) Dat heeft me gepakt.»

HUMO Hoeveel vaders in de reeks hebben spijt gehad van hun daden?

Toon «Eén, denk ik.»

Hein «Die van ons.»

HUMO Hebben jullie, als zonen van een collaborerende vader, het gevoel dat jullie een erfschuld dragen?

Hein (hoofdschuddend) «Je kiest je vader niet.»

Toon «Misschien is er diep in mij wel iets dat me ertoe heeft aangezet voor Amnesty International te gaan werken.»

Hein (twijfelt) «En ben ik een pacifist en een geëngageerde vrijwilliger geworden. Je moet lessen trekken uit de geschiedenis. Of de geschiedenis zal zich herhalen.»

Toon «Mijn vrouw en ik hebben vrienden in Jeruzalem. Een Française die op haar 18de in de kibboets is gaan werken, haar moeder is ongeveer als enige van de familie aan de Holocaust ontsnapt. Twee zomers geleden hebben we hen beiden ontmoet. Toen haar moeder wilde gaan slapen, zei de dochter: ‘Blijf nog even, deze mensen hebben wat te vertellen.’ Ik heb ons verhaal verteld, al viel me dat zwaar. Maar die moeder heeft geluisterd met veel empathie: ze heeft geen oordeel uitgesproken. Achteraf vroeg ik mezelf af: ‘Waarom doe je dat?’»

Hein «Uit een soort wiedergutmachung, hè?»

Toon «Precies.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234