null Beeld

Kings of Leon - Come Around Sundown

Ik ben ooit helemaal naar Philadelphia gevlogen om in een middelgroot theaterzaaltje naar The Strokes
te gaan kijken. Die stelden er 'Room on Fire' voor, de opvolger van hun allesverpletterende debuut 'Is This It', en hadden als supportact een groepje meegebracht waarvan het debuut net was verschenen: Kings of Leon
. Ik weet nog wat ik dacht: 'Fijn, tegendraads, rare vogels, I like, maar een groot publiek moet je hier niet mee lastigvallen.'

Het jaar was 2003, dat debuut heette 'Youth & Young Manhood', en de kleine schare fans die ze ermee wonnen, hebben ze sindsdien vakkundig afgeschud en ingeruild voor een miljoenenpubliek.

Anno 2010 spelen Kings of Leon niet meer in knusse theaters of klamme clubs, en voor een supportact hoef je ze ook niet meer te bellen. Op hun tourlijst enkel nog arena's, Hallen, palacios en sportpaleizen, plaatsen waar men, wil je er nog ooit worden teruggevraagd, maar beter niet te tegendraads en moeilijk van leer trekt.

Een boodschap die Kings of Leon sinds 2008 en de release van 'Only by the Night', een middelmatige en makkelijk weghappende plaat met twee monsterhits (het, toegegeven, briljante 'Sex on Fire' en de kleffe meezinger 'Use Somebody'), uitstekend hebben begrepen: 6,5 miljoen verkochte exemplaren wereldwijd.

Maar wat hoorden wij plots een halfjaar geleden vanuit de studio waar ze aan de opvolger van 'Only by the Night' aan het werken waren: dat ze de fans van het eerste uur misten, genoeg hadden van de anthems en snakten naar een terugkeer naar hun roots. Te gek!

Wat blijkt nu 'Come Around Sundown'
er eindelijk is: allemaal leugens. 'Come Around Sundown' klinkt nog grootser dan 'Only by the Night', alle songs lijken te zijn geschreven en opgenomen met de galm van de megahal al in het achterhoofd, maar een uithangbord als 'Sex on Fire' staat er niet op. Resultaat: een plaat met veel, héél veel van hetzelfde.

'The End'
had als opener, aanzet en knipoog nog kunnen werken – half tempo, spaarzame maar forse drums, repetitief The Edge
-gitaartje en die langgerekte eenlettergrepige focus van Caleb Followill
in het refrein: 'This could be the ééééééééénd' – ware het niet dat het merendeel van die trucjes in vrijwel élke daaropvolgende song wordt toegepast.

En zelfs daarmee zou nog vlot te leven vallen (zie AC/DC
, Chuck Berry
, U2
, enz.) mocht in die songs een oorspronkelijk idee, een drang of simpelweg goesting doorschijnen. Maar alles wat Kings of Leon blijkbaar hadden was een plan, en een plan staat beter op papier dan op plaat.

De paar keren dat ze de succesformule voorzichtig laten varen, klinken ze meteen een pak opwindender. 'Mary'
bijvoorbeeld, een van begin tot eind door een wild aangeslagen gitaar voortgestuwde rocker die just for fun een Spectoriaans arrangement, doowop-backings en – zie je wel dat ze zich kunnen amuseren als ze dat willen! – een Slash
-gitaarsolo meekrijgt.

Ook 'Back Down South'
, de enige song waarin ze zoals beloofd echt naar hun roots lijken terug te gaan, is een welgekomen verfrissing. 'Back Down South': de titel is toepasselijk, en het gelach dat op het einde van de take losbarst veelzeggend. Je hoort ze denken: 'Misschien past het niet in het plan, maar fuck it!'

Dat hadden ze meer mogen doen, want nu is 'Come Around Sundown' een fantastisch klinkende saaie plaat geworden. Helemaal volgens plan.

(Kings of Leon, op 29/11 in het Sportpaleis in Antwerpen.)

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234