'Kom van die bank af!': zo krijgt u uw pubers in beweging

Wat is het favoriete lichaamsdeel van de jeugd? Afgaand op hoeveel uur per dag ze er gebruik van maken, kan het niet anders dan hun zitvlak zijn. Maar liefst 60 procent van onze lagereschoolkinderen haalt de norm van één uur per dag bewegen niet.

'Koop ze een leuke outfit en trakteer ze op soep en een warm bad na het sporten'

Beckers en Borgsteede runnen in Amsterdam Buro Bloei, een advies- en begeleidingspraktijk voor kinderen, pubers en hun ouders. Daar zien ze dagelijks hoe erg het is gesteld met de conditie van de pubers: de helft van de jongeren tussen 10 en 18 jaar brengt niet minder dan acht uur per dag zittend door.

Mariëlle Beckers «Tel daar nog eens acht uur slapen bij en je begrijpt hoeveel uur per dag de jongeren niet bewegen. De meerderheid haalt één uurtje actie per dag nooit.»

HUMO Dat uur moet volgens de beweegnorm ‘matig intensief’ zijn.

Beckers «Eenvoudig gezegd: je hartslag moet ervan omhooggaan. Dat kan door in een stevig tempo naar school te fietsen of door de trap op te lopen, maar van je sofa naar je computer en terug lopen telt niet als matig intensief.»

HUMO Aan het aanbod kan het niet liggen: we hebben nog nooit zoveel recreatiemogelijkheden gehad.

Beckers «Maar in grote steden is de bewegingsruimte afgenomen, waardoor kinderen veel minder buiten spelen. En de smartphone en de iPad zijn wel nieuwe manieren om te ontspannen, maar we bewegen er nóg minder door. Vroeger moest je naar je vriendje lopen om te kijken of hij thuis was, nu stuur je een sms’je.

»Het klopt wel dat je nu een enorm aanbod aan sportstudio’s hebt, maar voor jongeren tussen 12 en 16 jaar zijn de opties toch beperkt. In de lagere school doen veel kinderen nog aan sport, maar dat geven ze vaak op als ze naar de middelbare school gaan. Het is niet zo vanzelfsprekend om je na een paar jaar zonder sport nog aan te sluiten bij een sportclub. En in de fitnesscentra kunnen ze meestal pas vanaf hun 18de terecht. Maar als je tieners aan het sporten krijgt, doen ze dat als volwassene vaak nog altijd, blijkt uit onderzoek.»


TikKertje spelen

Onderzoekers aan de KU Leuven lieten zes maanden lang 550 leerlingen uit zeven basisscholen één mijl per dag (1.609 meter, red.) lopen of stappen voor hun One Mile a Day-onderzoek. Na dat halfjaar bleek dat de kinderen wat fitter waren, maar vooral dat ze zich beter in hun vel voelden.

Beckers «De Daily Mile werd in 2013 bedacht door de Schotse lerares Elaine Wyllie. Na vier weken zag ze al resultaat in haar klas: na hun dagelijkse mijl waren de kinderen fitter en meer gefocust, en ze sliepen beter. Ander onderzoek heeft intussen bewezen dat, als je kinderen laat rennen of springen, ze daarna beter presteren in geheugentaken.

»Het is onbegrijpelijk dat scholen en gemeenten zo weinig aandacht besteden aan sport. Tot voor een paar jaar kregen de leerlingen op de middelbare school nog twee of drie uur sport per week, nu is dat één uur. Voor kinderen met overgewicht hebben scholen wel veel aandacht, maar dan is het al te laat. Ze zouden de aandacht moeten verschuiven naar preventie. En als je kinderen meer laat sporten, verandert ook hun eetpatroon. Pubers die sporten, worden zich bewuster van wat ze in hun mond stoppen, en van wat goed is voor hen.»

HUMO ‘Zitten is het nieuwe roken,’ hoor je weleens.

Beckers «Uit een groot Europees onderzoek is gebleken dat niet fit zijn nefaster is voor de gezondheid dan een te hoog BMI. Het kan dus best dat iemand met een hoog BMI die wél beweegt, gezonder is dan een slanke persoon die bijna uitsluitend zit. Over een paar jaar zullen we verbaasd zeggen: ‘Hoe is het mogelijk dat we niet doorhadden hoe slecht al dat zitten voor ons was!’

»In de gezondheidszorg is men zich al enkele jaren bewust van het belang van bewegen. Kom je nu bij de cardioloog, dan vraagt hij niet alleen of je rookt en drinkt, maar ook of je genoeg beweegt. Maar we hebben nog een lange weg te gaan: ook in de geestelijke gezondheidszorg zou bewegen deel moeten uitmaken van de behandeling. Ik zeg niet dat je een zware depressie kunt oplossen door te gaan sporten, maar als aanvulling bij een therapie of medicatie kan het wel helpen. Ook in het geval van angststoornissen zou sporten bij de behandeling moeten horen, zeker bij kinderen.

»In onze praktijk zien we veel pubers met concentratieproblemen. Vooral jongens kunnen het niet opbrengen om te leren, ze zijn snel afgeleid door hun smartphone of door games. Meisjes gaan vaker gebukt onder stress, druk of een burn-outgevoel. Als we die tieners coachen, proberen we ze aan het bewegen te krijgen. Ziet een cliënt het écht niet zitten om te sporten, dan stel ik soms voor om met z’n tweeën naar buiten te gaan en het gesprek wandelend in het park voort te zetten. Vaak praat dat ook makkelijker, omdat je elkaar niet hoeft aan te kijken.»

HUMO Jullie bieden ook zelf sportlessen aan.

Beckers «Drie avonden per week geef ik sportlessen aan jongeren in het park hier in de buurt. Ze kopen daarvoor een strippenkaart met twaalf beurten.»

HUMO Geen sinecure om een puber van de bank te krijgen.

Beckers «Klopt, maar ik heb er trucs voor. Vooraf moeten ze me via een app laten weten of ze op de afspraak zullen zijn. Dat zorgt voor sociale druk: ‘Die of die komt, dus ik zal ook maar gaan.’ Ik hou mijn lessen laagdrempelig. Eerst maak ik een praatje en vraag ik hoe het gaat op school. Daarna doen we een warming-up, vaak gevolgd door een looptraining of een bootcamp. Jongere kinderen laat ik soms tikkertje spelen, tot een jaar of 13 vinden ze dat leuk. Daarna blijven ze vaak nog wat kletsen. Voor pubers moet sporten vooral gezellig en ontspannend zijn. Met gezondheid of langetermijndoelen zijn ze echt niet bezig.»


Beter dan coffeeshop

HUMO Uit een enquête bleek dat 60 procent van de ouders niet weet hoe ze hun kroost in beweging moeten krijgen.

Beckers «Het goede voorbeeld geven is het allerbelangrijkste. Dat geldt voor roken en drinken, maar ook voor sporten. Ik hoop altijd dat ouders zelf sporten: dan is dat vaak de norm binnen het gezin. Soms kun je zelfs samen sporten, maar niet elke puber heeft zin om te gaan hardlopen met ma of pa.

»Bespreek wat ze zelf leuk zouden vinden. Vinden ze helemaal niks leuk, dan stel je voor dat ze een halfuur gaan wandelen. Spreek wel een vast moment af. Je kunt ze ook stimuleren door het extra leuk te maken: koop een mooie sportoutfit voor hen, of laat het bad vollopen als ze terugkomen van het sporten, of maak een pan soep klaar. Het beste is natuurlijk dat je ze de voordelen van sporten op korte termijn kunt laten inzien, en dat je puber merkt dat het leren vanzelf makkelijker gaat na een halfuurtje wandelen of joggen.

»Ik heb zelf zeven kinderen, en ze beoefenen allemaal een andere sport. Wat jij leuk vindt als ouder, is dat niet noodzakelijk voor hen. Eén zoon doet aan kickboksen. Zelf vind ik dat niet per se een fijne sport, maar hij doet het hartstikke goed. Mijn andere twee puberzonen doen aan hardlopen en hockey. Je moet kijken wat bij hen past. Als je kind echt niet sociaal is, doe je het geen plezier door het op teamsport te sturen. Ik zeg dan: ‘Laat het gaan schermen.’ Dan kan het een masker opzetten. Of laat het klusjes doen, zoals de auto wassen. Zolang het maar iets is waar je hartslag de hoogte van ingaat. Mijn oma liet ons vroeger voor een spaarcent de bladeren in de tuin bij elkaar harken. Dat is fysiek best zwaar en je voelt je spieren een dag later nog.»

HUMO Zelf hebt u altijd gesport. Wat heeft u dat opgeleverd?

Beckers «Ik was een heel druk kind, ik voldoe aan alle criteria van ADHD. Voor mij was sporten een uitlaatklep voor al mijn energie. Op school ging ik vaak rondjes rond de zandbak rennen. Dan kon ik daarna weer even stilzitten.

»Ook sociaal heeft het me veel opgeleverd. In mijn puberteit had ik het lastig thuis. Dan zat ik vaak op het sportveld bij mijn vrienden, dat was beter dan in een coffeeshop rondhangen (lacht).

»Al dat sporten heeft me heel gezond gemaakt en een sterk lijf gegeven. Ik heb zeven kinderen, da’s best veel. Maar mijn weerstand is goed, ik ben weinig ziek en als er iets is, dan herstel ik snel. Ik heb maar één nadeel kunnen bespeuren: na een tijd gaat al dat sporten zo in je systeem zitten, dat je onrustig wordt als het een keertje niet lukt. Binnenkort moet ik na een operatie zes weken stilzitten. De gedachte alleen al maakt me onrustig. Maar dan lees ik misschien eens een goed boek.»

Mariëlle Beckers en Sonja Borgsteede, ‘Kom van die bank af!’, Uitgeverij Lucht

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234