Komiek Alan Davies uit 'QI' op de BBC: 'Bekende koppen zijn magneten voor dronken betweters'

Hij is een Britse topkomiek, maar ook een bekend acteur en bovendien het favoriete spitse panellid van ons favoriete programma: de briljante, even leerzame als hilarische BBC-quiz ‘QI’ (‘Vulva? Het Zweedse automerk?’). Straks staat hij voor het eerst live on stage in Antwerpen: Alan Davies.

HUMO Je begint een optreden graag met de schijnbaar onschuldige vraag: ‘Wat is de meest onnozele wijk hier?’ Heb je je daarmee nooit in de voet geschoten?

Alan Davies «Meer dan me lief is. Het is nooit gezond als de reactie op die vraag is: de stad waar je vanavond optreedt. Of, nog erger, als ik toevallig in ‘QI’ of elders iets laatdunkends heb gezegd over een stad waar ik de volgende dag moet optreden. Eén van de eerste dingen die je als stand-up leert, is dat een bepaald soort mensen alles en iedereen grappig vindt, behalve zichzelf. Ook pijnlijk is als blijkt dat iedereen het eens is. Gisteren trad ik op in Sheffield, en toen ik vroeg: ‘What’s the most rubbish town here?’, riepen ze allemaal tegelijk: ‘Rotherham!’ Ik had de neiging om me meteen te verontschuldigen bij de inwoners van Rotherham. Mensen zijn erg bezig met ‘goeie’ en ‘slechte’ plekken om te wonen. Vroeger draaide dat om geld en status: a posh area was snobistisch. Nu draait het vaak om veiligheid of racisme.»

HUMO Wat is het grootste verschil tussen destijds optreden als onbekende nieuwkomer, en nu als tv-ster?

Davies «Vroeger vielen mensen weleens in slaap. Letterlijk. Ik vlei mezelf met de gedachte dat het kwam omdat ik vaak late shows deed in de Comedy Store: die begonnen pas om middernacht. Maar misschien lag het wel aan mij. De ervaring leert ook dat, hoe bekender je wordt en hoe meer mensen moeten betalen om jou te mogen zien, hoe beter ze meewerken. Niemand wil 30 euro of meer betalen en z’n eigen avond saboteren. Ik ben ook begonnen in een periode dat stand-up heel politiek getint was: als je geen honderd bijtende grappen over rechtse politici had, telde je niet mee. Terwijl mijn comedy altijd erg persoonlijk is geweest. Ik zoomde honderden onsuccesvolle optredens lang in op het kleine, tot die aanpak eindelijk in de mode raakte.»

HUMO Wanneer was de laatste keer dat de realiteit je een grap aanreikte waar je verder niets meer aan moest verbeteren?

Davies «’t Is geen dijenkletser, maar een tijdje geleden wandelde ik in het park met mijn jongste zoontje. Hij was pas 1 jaar en werd omvergelopen door een agressieve hond. Ik zei tegen het baasje: ‘Mijn zoontje is pas 1 jaar!’ Waarop zij me triomfantelijk toebeet: ‘Mijn hond is pas 6 maanden!’ Terwijl het daar natuurlijk niet om ging. En toen de moeder van een vriendinnetje van mijn dochtertje aankondigde dat ze vanaf morgen zonder tut moest slapen, vroeg het kind, net 3: ‘Mag ik die tut dan nooit meer gebruiken?’ ‘Nee,’ zei de moeder. ‘Aw, fuck!’ antwoordde het meisje. 3 jaar! En de ouders zijn intellectuelen. Dat kan ongepolijst in mijn show. De titel van mijn vorige show kwam ook uit een kindermond: een meisje van 3 mocht iets niet van haar moeder en zei bloedserieus: ‘Life is pain’.»

HUMO Wat is een betreurenswaardige karaktertrek van jou die nu als komiek een troef blijkt?

Davies «Behalve showing off, bedoel je? (lacht) ’t Is pijnlijk als familieleden me dwingen om naar filmpjes en foto’s te kijken van toen ik nog een puber was. Ik was een onverbeterlijke aansteller. Geen kwal, en evenmin een dominante etter, maar wel iemand die constant de aandacht opeiste met stunts, gekke bekken en onnozele opmerkingen. Ook als kind wilde ik vooral mijn moeder laten lachen. Ze stierf toen ik 6 was – kanker.»

HUMO Hoe reageert jouw gezin nu op de professionele aansteller?

Davies «O, ze zijn genadeloos. Als ik ook maar iets durf te zeggen dat niet klopt of minder dan grappig is, word ik afgemaakt. Mijn kinderen zijn nog te jong, 3 en 5, maar een bevriende komiek heeft twee pubers, en hij moet de godganse dag ‘Not funny, dad’ horen. Ik weet dus wat me te wachten staat. Mijn dochtertje van 4 vroeg vorige week, toen ik op het punt stond om naar een optreden te vertrekken: ‘Is het een écht optreden met dansen en zo, of zomaar wat praten?’ Dat laatste, dus (lacht). Als mijn kinderen echt te lastig worden, ga ik op tournee.»


De grote afgang

HUMO In de film ‘Jaws’ pochen de vissers op de boot over hun littekens: ‘Pff, twee vingers kwijt, da’s niks! Bij mij heeft er eentje half m’n buik afgebeten!’ Wat is het equivalent daarvan onder komieken?

Davies «Het zou me niet verbazen mocht psychologisch onderzoek uitwijzen dat komieken masochisten zijn. Sterke verhalen draaien steevast om het allerslechtste optreden dat iemand ooit deed. Dat schept een band, want we hebben allemaal ellendige optredens achter de rug. Iedereen heeft bijvoorbeeld meegemaakt dat je moet optreden in een comedyclub die een discotheek blijkt, waar iedereen danst, tot om elf uur stipt de deejay de muziek abrupt stopt, net als iedereen zich rot amuseert, en koel aankondigt: ‘Right, nu gaan we lachen. Hier is...’ En vervolgens spreekt hij je naam fout uit en blijkt de microfoon feedback te geven. Horrendous! Iemand vertelde me ooit hoe één vrouw hem blijkbaar zo flauw vond dat ze al na de derde grap wegging. Ze zat in een rolstoel waarmee ze blijkbaar niet snel genoeg weg kon rijden, zodat ze zichzelf eruit liet glijden en over de grond wegkroop. Een vrouw die zichzelf zo vernedert om je toch maar niet te moeten aanhoren, you can’t top that. Ook moordend is dat, als je in het circuit aantreedt op een avond met meerdere komieken, de anderen nooit de moeite doen om naar je set te komen luisteren. Tenzij ze backstage horen dat je afgaat, dán komen ze allemaal kijken.»

HUMO Wanneer was je het laatst verbaasd dat iemand met een extreme grap wegkwam?

Davies «De volledige carrière van Jimmy Carr verbaast me (lacht). Hij is typisch iemand die de goorste dingen kan zeggen zonder dat iemand bezwaar maakt: ‘Ik gaf mijn vriendin een orgasme, maar ze spuwde het terug in mijn gezicht.’ ’t Is fascinerend hoe je iets van de ene wel pikt en van een ander niet. Hij heeft z’n smoel mee, laten we zeggen. En hij hengelt ook niet naar ieders gunst. Ik daarentegen ben het type van de ideale schoonzoon, en ik heb de kop van een ietwat melancholieke maar toegewijde hond. Van mij verwacht iedereen fijnzinnige grappen en een gezellige avond.

»Eén van de regels van stand-up is: als een bepaald onderwerp je oncomfortabel maakt, borduur er dan op voort. Maar voor mij werkt dat niet. Ik hou niet van makkelijke provocaties, en evenmin van het exploderende testosteron in de hardere comedy. Ik vind ook dat je niet over alles grappen mag maken. Onlangs maakte een collega een grap over een mentaal gehandicapt kind. Ik kén mensen van wie het kind het syndroom van Down heeft, en dan komt zo’n grap hard aan, geloof me. Ik vind het ook eerlijker en moediger om jezelf te ridiculiseren, zoals ik doe. Ik vertel over de dood van mijn moeder, over hoe ik vroeger vaak in m’n broek plaste... Ik stel me kwetsbaar op. Voor andere komieken is gore humor vaak een harnas, een buffer, zo blijven ze zelf buiten schot.»

HUMO Jij straalt iets uit dat ik in oude Britse sitcoms zoals ‘Dad’s Army’ proef: gezelligheid, vertrouwen, warmte... Veel comedy draait tegenwoordig om provoceren en grenzen verleggen.

Davies «Daar ben ik het niet mee eens. Bijna alle comedy is nu allesbehalve gedurfd – toch die van de grote namen. In Engeland is Michael McIntyre extreem populair: hij is braaf, vertrouwd, echt de laagste gemene deler. Bovendien spelen die populaire komieken in arena’s, waar de lach verloren gaat – zo’n vliegtuighangar is totaal fout voor deze kunstvorm. En je zou denken dat kaartjes dan goedkoper zijn omdat er meer mensen in de zaal zitten, maar nee, ze zijn duurder! Ik kreeg gratis tickets voor Monty Python, en ik ben blij dat ik hen heb gezien, maar wat een verschrikkelijke zaal! Ik heb een simpele regel: als ik denk dat ik geneigd zal zijn om meer naar het videoscherm dan naar het podium te kijken, ga ik niet. Stand-up is gemaakt voor zweterige kelders.»

HUMO Ik kan woorden als ‘parrot’, ‘Norwegian’, ‘cheese’ of ‘inquisition’ niet meer horen zonder onwillekeurig aan Monty Python te denken. De beste comedy kaapt taal voor eeuwig.

Davies «Ja, ik had het onlangs nog met ‘bickering’. Als tiener was ik een grote fan van ‘The Young Ones’. In één aflevering maken ze tien minuten lang ruzie. Dan zegt Vyvyan: ‘Guys, guys, stop it! We never used to bicker like this.’ Waarop hippie Neil kurkdroog repliceert: ‘Yes, we did!’, en dan zijn ze weer vertrokken voor tien minuten schelden en ruziën. (Zucht) Man, ik kan nog steeds niet geloven dat Rick Mayall dood is.»


Broekenlol

HUMO Jack Dee had een show die ‘Don’t sit in the front row’ heette.

Davies «Een gouden raad, in zijn geval (lacht). Ik daarentegen heb niet de neiging om te vitten op mensen op de eerste rij. En trouwens, er was een periode dat álle komieken dat deden – weer vijf minuten gevuld. Nu verwacht het publiek het en is het niet langer efficiënt. Ik ben ook heel zachtaardig met hecklers: als iemand uit het publiek iets nijdigs roept, reageer ik nooit nijdig. Integendeel: I love ’em to death (lacht). Alweer: beginnende komieken krijgen de raad om put-downs voor te bereiden, maar dat heb ik nooit gedaan. Ik improviseer liever. Ik laat de roeper zijn opmerking herhalen, en daarop herhaal ik ze nog een keer lief, en tegen die tijd heb ik iets bedacht waar hij niet van terug heeft. ’t Is een beetje zoals wanneer politici zeggen: ‘Ik ben blij dat u die vraag stelt’, om tijd te winnen.»

HUMO Veel komieken zijn bijgelovig, heb ik gemerkt. Jij ook?

Davies «Niet echt. Al had ik in de jaren 90 wel lucky trousers. Dat was een gifgroene broek waarvan ik helaas pas veel later besefte hoe lelijk ze was. Maar de eerste drie optredens die ik deed met die broek aan, verliepen zo goed dat ik ze bleef dragen tijdens de hele ‘Urban Trauma’-tournee. Tot iemand vanop het balkon riep: ‘Ben jij kleurenblind?’ en iedereen lachte. Ik had als enige niet door dat dat een sarcastisch commentaar op mijn broek was.»

HUMO Een nijpend probleem waar komieken meer last van hebben dan muzikanten, is dat een show meteen op YouTube en aanverwante wordt gegooid – een goede song kun je duizend keer opnieuw horen, maar zelfs de beste grap verbleekt bij de tweede keer.

Davies «Ja, een (zwaar sarcastisch) behulpzame meneer kwakte mijn ‘Life Is Pain’-dvd op het net nog voor mijn tournee was afgelopen, zodat ik mijn kinderen nu niet meer kan voeden – bij wijze van spreken, maar toch: zoiets kost mij handenvol geld. Als dat zo doorgaat, zal geen enkele productiefirma nog willen investeren in een dvd-opname. Amerikaanse komieken als Louis C.K. gooien hun show voor 5 dollar op het net en vragen hun fans uitdrukkelijk: ‘Don’t rip me off’, maar ik weet niet of dat werkt. Tot voor kort kon ik bijverdienen in een reclamecampagne, maar ze hebben me vervangen door eekhoorns. Die hebben blijkbaar meer charisma en ze werken voor een fractie van mijn gage.»


Geen borsten meer

HUMO Komieken praten graag over friendly rivalry. Waar ligt de grens? Wanneer is rivaliteit plots niet meer vriendelijk?

Davies «Mmm... Er schiet me nu een anekdote te binnen. De Australische comedian Brendon Burns en zijn vriend Mitch, een muzikant, reden samen in de auto. Mitch liet z’n nieuwe cd horen en vroeg Brendon wat hij ervan vond. Die haalde de cd uit de lader en gooide ’m door het raam. Hij heeft me later wel verteld dat het zo niet is gegaan, maar ik kan me niet meer herinneren wat er dan wel is gebeurd – blijkbaar verkiest mijn brein het om de aangedikte versie te geloven. In elk geval hebben ze een tijd niet meer tegen elkaar gesproken. De onuitgesproken regel is: je kunt elkaar pesten, op voorwaarde dat iedereen weet dat je elkaar impliciet goed vindt.»

HUMO En wat is de onuitgesproken regel tussen een komiek en zijn fans?

Davies «Ik geloof niet dat er één is, maar er zou er dringend één moeten komen. Lang geleden, vóór ik getrouwd was, vroeg een meisje me om haar borsten te signeren. Ze drong echt aan. Haar beste vriendin stond erbij. Het meisje vroeg: ‘Heb je een vriendin?’ Ik antwoordde bevestigend. Waarop de beste vriendin: ‘I think what you’re doing is really disgusting!’ Ze bedoelde: iemands borsten signeren terwijl ik vaste verkering had. Ik dacht: ‘Hang on a minute, jullie vrágen het me, je vriendin heeft erop aangedrongen! En ik doe het voor het eerst!’ En voor het laatst, zo zou blijken.»

HUMO Wat is het meest voorkomende verzoek, naast handtekeningen en selfies?

Davies «Mensen vragen me constant om een hilarisch filmpje op te nemen voor op hun Facebook- of Twitteraccount, of eentje dat ze willen tonen op het huwelijk van steevast hun ‘beste vriend’. Eigenlijk wil de man dat ik het vuile werk voor hem doe. En ongetwijfeld zal ik erop afgerekend worden als de tortelduifjes ooit scheiden.»

HUMO Bij ‘QI’ flirt Stephen Fry vaak met jou, ook al ben jij nadrukkelijk hetero en getrouwd. Wat is, uitgedrukt in procent, de kans dat je bij hem thuis een aan jou gewijd altaar en gebedsruimte zullen aantreffen, zoals in die aflevering van Alan Partridge?

Davies «200 procent? (lacht) Nee, ik denk dat de kans groter is dat Stephen een altaar heeft ter ere van zijn maat Hugh Laurie. Fry & Laurie waren ooit mijn idolen. Net zoals Stephen indertijd in Cambridge Hugh tegen het lijf liep en een levenslang verbond met hem sloot, hoopte ik aan de universiteit mijn ideale comedypartner tegen het lijf te lopen. Dat is niet gebeurd, dus ging ik solo.»

HUMO Het cliché wil dat humor helpt om je te verweren tegen pesters en vechtersbazen. Gaat dat in jouw geval op?

Davies «Niet echt. Ik ben niet iemand die zich laat doen, ook al zie ik eruit als een watje. En na een paar drankjes word ik zelf baldadig.

»Bekende koppen zijn wel magneten voor dronken betweters. Eén keer werd ik aangeklampt door een agressief type dat beweerde dat ik voor mijn show materiaal uit zijn privéleven had gejat. Hoe dat in godsnaam mogelijk was, weet ik niet – ik kende hem niet, ’t was in een andere stad... Maar hij gaf niet af. Dus de laatste jaren blijf ik gewoon weg uit pubs en bars.»

HUMO In een recente aflevering van ‘QI’ flapte je eruit dat jij in je kindertijd behalve lijm en yoghurt ook sperma gebruikte om bij het knutselen gouden stof op papier te plakken. Was dat een voorbereide grap of een jeugdherinnering die je brein ongevraagd ophoestte?

Davies «Oh dear (lacht). Hoe gênant, ik herinner me zelfs niet dat ik dat heb gezegd. Pas twee weken geleden?! Kun je in je stuk erg benadrukken dat het géén autobiografisch grapje was?»

HUMO Welke drie fictieve personages uit sketches of sitcoms zou je graag uitnodigen voor de avond van je leven?

Davies «Ik zou er dertig kunnen noemen, te beginnen met de hele cast van ‘Dad’s Army’... Maar Ted Heller, de zoon van Joseph Heller, schreef ooit een boek dat ‘Funny Man’ heet. Het verhaal is fictief, maar heel losjes gebaseerd op het comedyduo Jerry Lewis en Dean Martin. En hun verhaal wordt weergegeven als een serie interviews, zogenaamd met mensen die hen hebben gekend – ik denk dat Woody Allen daar de mosterd heeft gehaald voor zijn ‘Broadway Danny Rose’. Die fictieve personages zou ik uitnodigen, én Ted Heller.»

HUMO En tot slot: noem tien beroemde Belgen.

Davies «Da’s een strikvraag: er zijn er geen tien. Tenzij voetballers meetellen: Courtois, Hazard, Fellaini... Of massamoordenaars: koning Leopold II...»

HUMO Niet slecht, maar Jack Dee zei me: ‘Kuifje, Hercule Poirot... en acht van hun vrienden.’

Davies (lacht) «Daar kan ik niet tegen op.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234