Koppensneller Herman Brusselmans: 'Stoptober'

Herman Brusselmans gaat iedere week op zoek naar het verhaal achter een opvallende kop in de krant of op een nieuwssite.

'Lena is dolgelukkig, en ik ook, al lijd ik in stilte verschrikkelijk'

In oktober worden er acties ondernomen om mensen te doen stoppen met roken. Er is een app, er zijn artikels in kranten en tijdschriften en er is een telefoonnummer waarbij je iemand aan de lijn krijgt die je doorverwijst naar dokters, therapeuten, psychologen en een mannetje dat met een kabouterstemmetje continu zegt: ‘Niet meer roken, hoor, kutwijf!’ Dat mannetje wil vooral de dames van het paffen afhelpen, want ja, godverdomme, de wijven paffen er niet naast tegenwoordig. Dat komt natuurlijk door de stress en de uitputting, want de vrouwen in deze tijden moeten mooi en sexy zijn, de kinderen opvoeden, de beulingen bakken en in bed met hun benen open op de vieze smoel van hun lelijke vent gaan zitten. Geen wonder dat ze zich van lieverlede als gekkinnen op de pakjes Marlboro gooien.

Maar goed, ik wil nu even het algemene doortrekken naar het particuliere, en bij dezen opwerpen dat ik ook met roken ben gestopt in deze oktobermaand. Bij mij had het niks met de actie Stoptober te maken, maar wel hiermee: dat ik zou stoppen op m’n verjaardag, en die valt nu eenmaal op 9 oktober. Uit mezelf zou ik nooit stoppen, omdat ik roken lekker, voedzaam en stimulerend vind, maar nu wil het toeval dat ik sinds anderhalf jaar een verloofde aan m’n zijde heb die roken haat, die roken vervloekt, die roken de slechtste gewoonte aller tijden acht, en die iedere roker in wezen een paar meppen tegen z’n stomme bakkes zou willen geven. Al in het begin van onze relatie zei ze dagelijks: ‘Stop nu toch eens met dat achterlijke roken.’ En ik zei iedere keer: ‘Ten eerste, baby, roken is niet achterlijk. Vele genieën rookten of roken nog steeds, denk maar aan Socrates, Churchill, Radja Nainggolan, Dimitri Verhulst en Stan Van Samang. Ten tweede, ik rook al vijftig jaar volop en ik kan me onmogelijk voorstellen dat ik langer dan een halfuur geen sigaret in m’n poten heb. Ten derde, ik hoest bijna nooit, ik rochel zelden, ik kan de 100 meter lopen in 11 seconden en drie tienden, en ik heb nooit een verkoudheid.’

Dat van die 100 meter was een leugen, typisch zo’n leugen waar m’n lief niet in trapt. Met de chronometer in de hand liet ze me 100 meter lopen en ik klokte af op 46 seconden en negen tienden. ‘En dat komt allemaal door dat verdomde roken,’ zei Lena, zoals ze immers heet, ‘zodat het tijd wordt dat je eindelijk stopt. Of wil je doodgaan aan kanker, hartaanvallen of finaal verstopte aders?’ ‘Nee, baby,’ zei ik, ‘ik wil doodgaan aan het stuur van m’n Triumph door met 260 per uur tegen de onderste bol van het Atomium te vlammen.’ Er mag toch zeker weleens wat humor in een relatie sluipen? Met een motor tegen de onderste bol van het Atomium vlammen kan namelijk niet. Die bol hangt veel te hoog! Vandaar dus de humor.

Hoe dan ook, Lena bleef me maar op dagelijkse basis inprenten dat ik dood zou gaan aan het roken, en een paar maanden geleden zei ik: ‘Oké dan, ik zal stoppen op m’n verjaardag.’ ‘Meen je dat?’ vroeg ze. ‘Ik zweer het op het hoofd van m’n tante Sonja,’ zei ik, ‘die helaas in 1984 is overleden aan een combinatie van de kroep en anderhalve fles wodka. Zij was een zeer geliefd persoon in ons midden.’ ‘Is dat ook humor, zoals met dat Atomium?’ vroeg Lena. ‘Nee,’ zei ik, ‘ik lach nooit met lijden, de dood en de kroep.’

Enfin, het wachten op 9 oktober nam een aanvang, en tot het zover was, rookte ik meer dan ooit tevoren. Lena werd er bijkans stapelzot van. ‘Steek je er nu alwéér één op?’ vroeg ze dan. ‘Waarom ook niet,’ zei ik, ‘in oktober is het toch afgelopen, definitief. Ik mag er niet aan denken, ik zal kapotgaan aan tabaksgebrek. Ik zal het niet overleven, fysiek en psychisch zal ik duizend bijwerkingen hebben, en als ik niet uitkijk, zal ik nog in m’n broek kakken ook.’ Lena wuifde die tirade weg, en langzaam maar zeker kwam 9 oktober in zicht.

O, wat had ik mezelve aangedaan! Ik zonder mijn sigaretten, dat is als Griet Op de Beeck zonder een bruine streep in haar onderbroek. Kortom, nagenoeg ondenkbaar. En toch, en toch… We naderen thans november, en sinds 9 oktober om twaalf uur des nachts heb ik geen sigaret meer aangeraakt. Lena is dolgelukkig, en ik ook, al lijd ik in stilte verschrikkelijk, want vergeet nooit: een bestaan zonder sigaret is de als een hemel vermomde hel.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234