'Kronieken van de liefde': exclusief gesprek met Elena Ferrante

Elena Ferrante is een pseudoniem waarmee de mysterieuze Italiaanse zich bedient. Wat we wél weten? Dat er begin april met ‘Kronieken van de liefde’ een bundeling van haar eerdere werk verschijnt. En dat Ferrante haast nooit interviews geeft, en we dus maar beter klaar konden zitten met gepaste vragen.

'Ik ben heel fragiel. Ik heb in mijn leven al vaak het beangstigende, onprettige gevoel gehad dat wat ik doe volkomen zinloos is'

- Herinnert u zich het moment waarop het idee voor ‘De geniale vriendin’, het eerste boek uit het Napolitaanse vierluik, is ontstaan?

Elena Ferrante «Niet echt. Misschien heeft het overlijden van een goeie vriendin aan de basis gelegen, maar het kan evengoed een huwelijksfeest zijn geweest. Je weet als schrijver nooit helemaal waar een verhaal vandaan komt: ’t is de vrucht van een hele waaier aan invloeden die ongevraagd je hoofd binnendringen, en waarvan je je niet altijd ten volle bewust bent.»

- ‘De geniale vriendin’ was meteen een groot succes. Was het niet lastig voor u dat de rust waarin u aan dat boek had kunnen schrijven plots wegviel?

Ferrante «Dat viel eigenlijk nogal mee. Ja, er is een mediacircus losgebarsten toen het eerste boek het zo goed deed, maar die heisa is betrekkelijk snel gaan liggen – wellicht omdat ik al sinds 1990 uit de media blijf.

»Eenmaal de rust was weergekeerd, was het alsof ik werd teruggevoerd naar mijn kindertijd, toen ik verhalen vertelde aan de leeftijdsgenootjes die zich rond me hadden verzameld. Ik herinner me het opwindende gevoel dat ik ervoer toen ik merkte dat ze aan m’n lippen hingen, en amper konden wachten tot ik de draad van mijn verhaal een week of een maand later weer oppikte. Het was precies dát gevoel dat ik opnieuw beleefde toen ik aan het volgende deel van ‘De Napolitaanse romans’ zat te schaven terwijl mijn lezers nog het vorige deel aan het lezen waren.»

- U omschrijft Napels als een ruige, gewelddadige stad. Bent u zelf al eens getuige geweest van het geweld dat de stad teistert?

Ferrante «Het klopt dat je, als je in Napels woont, al veel geluk moet hebben om níét in aanraking te komen met geweld. Maar dat geldt wellicht ook voor New York, Londen of Parijs, en voor om het even welke grote stad. Het heeft me wat tijd gekost om dat te beseffen. Vroeger dacht ik dat alleen in Napels de legaliteit en de illegaliteit zo met elkaar verweven waren, en het goede zo snel kon omslaan in het slechte. Maar inmiddels denk ik daar anders over: het komt me voor dat de hele wéreld Napels is. Met dat verschil dat het échte Napels tenminste de ballen heeft om zich zonder masker aan de rest van de wereld te tonen.

»Daarbij komt nog dat het een uitzonderlijk mooie stad is. De lelijkheid – de criminaliteit, het geweld, de corruptie, het ‘oogje dichtknijpen’ – valt daardoor extra hard op.»

- De hartsvriendinnen Lila en Lena, de hoofdpersonages in het vierluik, komen een reeks tragische gebeurtenissen tegen op hun pad. Waarom laat u hen zo lijden?

Ferrante «Ik heb niet de indruk dat Lila en Lena met veel meer tegenspoed te kampen krijgen dan andere vrouwen waar ook ter wereld, vooral wanneer die vrouwen arm geboren zijn. Ze worden verliefd, trouwen, worden bedrogen, bedriegen zelf, zoeken een rol in deze wereld, worden gediscrimineerd, krijgen een kind, voeden dat kind op. Ze zijn soms gelukkig, soms ongelukkig, ze worden geconfronteerd met verlies en de dood. Ik romantiseer de gebeurtenissen weleens, maar met mate.

»Het is omdat je als lezer een band opbouwt met de personages, dat je de indruk krijgt dat hun levens één lange aaneenschakeling zijn van tegenslagen. In het leven, net als in romans, kunnen we slechts geraakt worden door het lijden van anderen als we ons met hen verbonden voelen.»

- In het vierde en laatste deel, verdwijnt er plots een kind. Waarom vereiste het verhaal zo’n traumatische gebeurtenis?

Ferrante «Die vraag zou ik liever niet beantwoorden, de lezers mogen er hun eigen invulling aan geven. Het enige wat ik erover kwijt wil, is dat die verdwijning al van in het prille begin in mijn hoofd zat: ik wist dat het iets onvermijdelijks was.»

'Ik schrijf geweldig goed wanneer ik verliefd ben'

- Waarom koos u er in het vierde deel voor om het personage Nino zo ijdel en oppervlakkig te maken?

Ferrante «Ik wilde de effecten van oppervlakkigheid beschrijven. Ondanks zijn goede manieren en deftige voorkomen is Nino door en door oppervlakkig: dat soort types ken ik goed uit mijn eigen leven.»

- In ‘De Napolitaanse romans’ hebben vrouwen het lastig, en zijn het veelal de mannen die aan het langste eind trekken. Hoe kijkt u tegen het Weinstein-schandaal aan, en de wereldwijde #MeToo-beweging?

Ferrante «Ik denk dat de Weinstein-affaire iets in het volle daglicht heeft gebracht dat vrouwen altijd geweten en altijd min of meer verzwegen hebben. Vergis je niet: ook hier in het Westen zitten we nog steeds verankerd in een patriarchale samenleving. Als vrouw moet je praktisch iedere dag opnieuw de vernedering ondergaan van ofwel het stille slachtoffer ofwel de angstige medeplichtige te zijn van seksuele intimidatie. Wat dat betreft, zie ik geen grote verschillen tussen de Napolitaanse vrouwen over wie ik schrijf, en de Hollywood-actrices en de ontwikkelde en verfijnde vrouwen die zich in de hoogste sociale echelons bewegen.

»Nu, ‘Me too!’ roepen lijkt me op zich wel een goeie zaak, maar alleen wanneer we maat weten te houden: overdreven reacties brengen alleen maar schade toe aan de terechte beschuldigingen. En we moeten er vooral voor waken om niet het slachtoffer te beschuldigen in plaats van de dader. Want de kracht van de kleine en de grote Weinsteins van deze wereld bestaat er niet alleen in dat ze zich niet schamen voor de seksuele intimidatie waar ze ons aan onderwerpen, maar ook dat ze ons laten geloven dat wíj degenen zijn die zich zouden moeten schamen.»

- Denkt u dat de #MeToo-beweging de voorbode zal blijken te zijn van een nieuw soort feminisme?

Ferrante «Ik hoop het, want de laatste jaren zie je meer en meer dat de jongere generaties een afkeer hebben gekregen van het feminisme van hun moeders en grootmoeders. Ze denken dat de weinige rechten die vrouwen vandaag hebben een natuurlijk gegeven zijn, en niet de vrucht van een jarenlange, keiharde culturele en politieke strijd. Ik kan alleen maar hopen dat de jonge vrouwen van nu zullen inzien dat wij duizenden jaren lang als inferieur werden beschouwd, en dat ze zullen beseffen dat de strijd nog altijd voortduurt. Als we onze waakzaamheid laten varen, dan is er niet veel nodig om alle veroveringen in één keer uit te wissen.»


Vloedgolf

- In uw boek is het moederschap de vijand van het schrijverschap: Lena heeft het zo druk met het opvoeden van haar dochter dat ze de concentratie niet meer kan opbrengen die het schrijverschap vereist. Hoe zat dat in uw eigen leven?

Ferrante «In mijn geval ging het net zo. Een zoon ter wereld brengen en opvoeden is een tegelijk fantastische en beangstigende ervaring, die gedurende een lange periode al het andere in de schaduw zet. Zeker wanneer je het geld niet hebt om een nanny te betalen. Maar als de drang om te schrijven groot is, dan vind je vroeg of laat wel een manier om er opnieuw aan te beginnen.»

- Schrijft u het best alleen en in afzondering? Of helpt het u juist om uit te gaan, mensen te ontmoeten, misschien wel verliefd te worden?

Ferrante «Het laatste. Als je niet met beide voeten in het leven staat, waarover zou je dan nog schrijven? In volledige afzondering leven, de hele dag aan je schrijftafel gekluisterd zitten: da’s een ambitie die enkel mistroostige adolescenten koesteren. Het leven mag dan weleens in de weg lopen van het schrijfproces; zonder dat leven zou schrijven een frivole krabbel in het water zijn. Dit gezegd zijnde: als je leven de kracht heeft van een tsunami, dan kom je er nog amper aan toe om te gaan zitten en te schrijven. Al is het wel zo dat je geweldig goed schrijft wanneer je verliefd bent.»

- In ‘De Napolitaanse romans’ wordt grote waarde gehecht aan vriendschap, meer zelfs dan aan liefde. Denkt u er zelf net zo over, dat vriendschap belangrijker is dan liefde?

Ferrante «Ja. Vriendschap is minder onvoorspelbaar dan liefde, en loopt minder risico om aangetast te worden door het seksuele aspect. Nu, vandaag de dag bestaat er ook zoiets als seksueel getinte vriendschap, waarbij enerzijds de kracht van de liefde op afstand wordt gehouden, en anderzijds ook de saaie eentonigheid van de vaste relatie. Maar ik weet niet goed wat de resultaten daarvan zijn.»

- Wist u van in het begin dat het volledige werk vier delen zou beslaan?

Ferrante «Neen. Integendeel zelfs: in zijn oerversie had het verhaal over Lila en Lena makkelijk in één, weliswaar lijvig, boek gepast. ’t Was pas toen ik al een hele tijd aan het schrijven was, dat ik inzag dat een tweede boek noodzakelijk zou zijn, en wie weet zelfs een derde of een vierde. Ik plan mijn verhalen nooit, ziet u. Als ik op voorhand een schematisch overzicht zou maken, zou ik geen zin meer hebben om aan het eigenlijke schrijfwerk te beginnen. Ik behoor tot de categorie van auteurs die slechts een vaag idee in hun hoofd hoeven te hebben om zich daadwerkelijk aan het schrijven te zetten. De rest ontdekken ze regel na regel.»

- Hoe is het schrijfproces verlopen?

Ferrante «Uitzonderlijk vlot, en dat was nieuw voor mij. Ik schrijf al sinds mijn jonge jaren, maar vroeger kostte het me steevast geweldig veel moeite. En dan nog was ik doorgaans ontevreden met het resultaat, en wilde ik het liever niet gepubliceerd zien. Maar in dit geval liep het helemaal anders. Tijdens het opschrijven van de eerste ruwe versie van mijn verhaal ben ik geen enkel obstakel tegengekomen: het pure vertelgenot heeft de overhand genomen. En ook het werk van de jaren erop – het aanvullen, het redigeren, het finetunen – is verrassend voorspoedig verlopen, zonder grote crisissen of twijfels. Als ik er nu op terugkijk, was het alsof ik werd meegevoerd door een overweldigende vloedgolf, zo eentje waarvan je achteraf blij bent dat je ze hebt overleefd.»

- In een brief aan de Italiaanse filmregisseur Mario Martone toonde u zich opmerkelijk onzeker over uw schrijverschap: u schreef hem dat u op uw zwakste momenten twijfelt aan de zin van het schrijven tout court.

Ferrante «Ik heb al vaak in mijn leven het beangstigende, onprettige gevoel gehad dat mijn schrijverschap in wezen volkomen zinloos is. Wat dat betreft, ben ik uiterst fragiel: ik heb maar weinig nodig om me schuldig te voelen over wat ik met mijn leven aanvang. Om daar het hoofd aan te bieden, heb ik kracht en een koppige vastberadenheid nodig. Maar meer nog dan dat heb ik hoogmoed nodig: zolang ik schrijf, moet ik er rotsvast van overtuigd zijn dat het mijn heilige plicht is om verhalen te vertellen; dat het een schuldig verzuim zou zijn om het niet te doen, of het niet naar mijn beste vermogen te doen.»

- Uw boeken stralen een vitale energie uit. Waar komt die vandaan?

Ferrante «Omdat mijn energie geen andere uitweg vindt dan in de literatuur. Misschien weiger ik onbewust wel om mijn energie voor iets anders aan te wenden. In ieder geval is het zo dat alles wat ik schrijf, in wezen uit mezelf voortkomt, uit mijn eigen verontrustende en verbrokkelde herinneringen en fantasie. Mocht dat niet het geval zijn, dan verdient een verhaal het in mijn ogen ook niet om opgeschreven te worden.»


vrouwen en literatuur

- Bent u het ermee eens dat ‘De Napolitaanse romans’ eerder aanleunen bij de ‘populaire’ vertelkunst van een Alexandre Dumas – veel actie, veel personages – dan bij de modernistische, meer minimalistische vertelkunst?

Ferrante «Nee. Als hedendaagse schrijver heb ik de vrijheid om te putten uit de grote traditie van de populaire roman, maar tegelijkertijd de regels van het genre aan mijn laars te lappen als me dat beter uitkomt. Iemand als Diderot schreef niet alleen gevoelige romans à la ‘De non’, maar ook een ironisch boek als ‘Jacques de fatalist en zijn meester’, waarin hij zo’n beetje alle romanregels overboord gooide. Als moderne schrijver kan je elementen uit beide genres in je verhaal opnemen.»

- U vertelde ooit dat u al op jonge leeftijd ‘Madame Bovary’ had ontdekt. Was dat de eerste keer in uw leven dat u verliefd werd op literatuur?

Ferrante «Als jong meisje was ik inderdaad erg onder de indruk van Flauberts ‘Madame Bovary’, ook al omdat ik de neiging had om de verhalen en de personages uit de boeken die ik las te vermengen met de echte wereld. En Emma, het hoofdpersonage, leek me om één of andere reden erg dicht te staan bij enkele van mijn familieleden. Maar voordat ik ‘Madame Bovary’ leerde kennen, was ik al gek van ‘Onder moeders vleugels’ van Louisa May Alcott. Dat boek ligt aan de basis van mijn liefde voor literatuur.»

- Bent u beïnvloed door andere vrouwelijke schrijvers?

Ferrante «Als meisje was ik vooral gefascineerd door vrouwelijke hoofdpersonages: Moll Flanders, de markiezin uit ‘Les Liaisons Dangereuses’, Elizabeth Bennet uit ‘Pride and Prejudice’, Jane Eyre, Anna Karenina… Maar het maakte me niets uit of de auteurs van die boeken mannen dan wel vrouwen waren. Pas later in mijn leven, op het einde van de jaren 70, ben ik me gaan interesseren voor vrouwenliteratuur. In die periode heb ik bijvoorbeeld bijna alles gelezen van Marguerite Duras. Ik heb veel opgestoken van haar ‘De vervoering van Lol V. Stein’. Een buitengewoon complex boek wel, dat me veel tijd en moeite heeft gekost om doorheen te raken.»

- Was het niet lastig om na de voltooiing van het vierde deel van ‘De Napolitaanse romans’ tot de ontnuchterende vaststelling te komen dat het verhaal van Lila en Lena verteld was? Alsof u zonet het leven had geschonken aan een kind, en zich leeg voelde?

Ferrante «Zelf zou ik het eerder vergelijken met een weefstuk. Net als weven is schrijven een ambacht dat je pas na veel oefenen onder de knie begint te krijgen, en waar je blijvend beter in kunt worden. Wij schrijvers werken maanden of zelfs jaren aan het weven van een tekst, de beste waartoe we op dat moment in staat zijn. En wanneer die tekst af is, blijft hij voor altijd identiek aan zichzelf, terwijl wijzelf constant veranderen, en eventueel weer aan een ander weefstuk beginnen.»

- Komt er ooit een vervolg op ‘De Napolitaanse romans’? Het einde lijkt daar mogelijkheid toe te geven.

Ferrante «Nee, het verhaal van Lila en Lena is ten einde. Maar ik heb nog genoeg andere verhalen in mijn hoofd zitten. Ik zou zeggen: wacht maar af.»

© L’Obs

Elena Ferrante, ‘Kronieken van de liefde’, Wereldbibliotheek

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234