Lana Del Rey - Born To Die

'Als een hevige verliefdheid, een tornado die over de vlakte raast, zo één die alles op zijn pad omverblaast, de lucht in slingert, aan stukken rijt en volkomen vernietigt': alleen die woorden van Haruki Murakami kunnen beschrijven hoe 'Video Games' van Lana Del Rey vorige zomer ons leven binnenwalste, out of the blue, op een onweerachtige dinsdagochtend.

Via fucking Facebook nog wel. Lang geleden dat we nog eens zo'n coup de foudre hebben ervaren bij het horen van een song – het clipje laten we voor het gemak buiten beschouwing. Alles, maar dan ook alles eraan klopte: de voorzichtige pianostoten, de rare harptokkels, het lijzige stemmetje, de knipoog naar Belinda Carlisle in de tekst ('Heaven is a place on earth with you'), die schijnbare achteloosheid waarachter wij bodemloze kwetsbaarheid vermoedden.

Lana – het personage dat in hetzelfde frêle lichaam bleek te huizen als haar uitvindster Elizabeth 'Lizzy' Grant, een van de duizenden singer-songwriters die hun American Dream najagen – was dat Onbereikbare Meisje van op de middelbare school: bloedmooi en dodelijk afstandelijk. Je had werkelijk geen idéé of er achter die looks een oliedom dan wel razend intelligent wezen huisde, maar één ding wist je zeker: als je haar dagboek had kunnen inkijken, dan zou je lezen dat ze net als jij dagdroomde van onbereikbare liefdes, dat ze dat kloppende verlangen van d'r inkapselde met romantische zwartgalligheid, puberaal drama en uit films en boeken gepikte metaforen.

Sinds die heuglijke ochtend in de zomer is de carrière van Lana/Lizzy van een tumbleweed in een sneltrein veranderd, en lijkt de jonge zangeres nu al klemgereden in haar prille succes. Als ze tijdens 'Saturday Night Live' een pijnlijke beurt maakt, druipt de Schadenfreude 's anderendaags van publieke schandpalen als YouTube. Als één of andere slimmerd in een pathetische Griekse draak de akkoorden van 'Video Games' hoort, dan koppen bloggers en kranten over vermeend plagiaat. En dan zwijgen we nog over de vele stukken waarin Del Rey wordt afgedaan als een product, bedacht door managers en ander op geld belust tuig.

Een derderangs zangeresje dat een roedel songschrijvers inhuurt om haar fixatie met de gouden fifties om te zetten in beklijvende songs, zichzelf op een nieuw stel tieten en opgespoten lippen trakteert en er een passend personage bij verzint, een tagline bedenkt ('een gangsta Nancy Sinatra') en de aanval inzet? Toegegeven, het lijkt niet eens vergezocht. Per slot van rekening waren The Sex Pistols ook uit de hand gelopen kunstproject.

Ons kan het eerlijk gezegd allemaal geen zak schelen, wij waren alleen benieuwd of Del Reys debuutalbum 'Born To Die' een meesterwerk zou worden, of niet meer dan een verdienstelijke collectie songs. 't Is helaas dat tweede geworden.

Over het beginkwartet kunnen we even kort als lyrisch zijn: waaaaaaaaaaaaaaaaaaah! Opener 'Born to Die' is pop naar ons hart: pathetische strijkers en wazige samples over een ongepolijste triphopbeat, Del Rey die ons meesleurt in de peilloze diepte van het bestaan. 'Off to the Races' ligt in het verlengde van 'Video Games': stout meisje hangt rond met de verkeerde jongens en citeert Nabokov ('Light of my life, fire of my loins'); het nummer roept wazige beelden op van een gedeukte Cadillac die in een gracht ligt te roesten.

In het al even prachtige 'Blue Jeans' (het B-kantje van 'Video Games') werpt ze zich aan de voeten van haar afgod en smeekt 'm te blijven: 'Love you more than those bitches before / Say you'll remember / I will love you till the end of time'. Aandoenlijk én beklijvend.

'Diet Mountain Dew' voelt als een natte dweil in ons gezicht: 't is geen slécht nummer, hoogstens een tikje te banaal, zo net na 'Video Games'. 'National Anthem' lijkt een beetje op 'Bittersweet Symphony' van The Verve gekruist met iets van Gwen Stefani: als er niemand kijkt, durven wij dat opgeblazen refrein ('I'm your national anthem / Booyah baby bow down making me say wow now') wel eens meebrullen. Verder hebben we enkel nog een boon voor het zacht gloeiende 'Summertime Sadness' (dat trouwens geschreven werd door Rick Nowels, bekend van zijn werk voor – yep – Belinda Carlisle): een ballad die zindert van de tristesse.

De rest laat ons siberisch: 'Million Dollar Man' is het soort song dat Alex Callier schrijft als hij de griep heeft (en drie dagen later, als zijn kwaliteitsdetector weer op volle kracht draait, netjes in de vuilnisemmer kiepert). Of neem dat flauwe 'Lolita', een van de drie bonustracks die wat ons betreft gerust in een lade hadden mogen blijven liggen: hoogstens een B-kantje van Fiona Apple waard. En 'Dark Paradise' is gewoon too much: té pathetisch, té boehoe-kijk-mij-eens-ongelukkig-wezen, tekstueel té slap ('And there's no remedy for memory / Your face is like a melody / It won't leave my head').

'Born To Die' is niet de cd waarop wij gehoopt hadden – eentje om wekenlang op endless repeat te zetten en cadeau te doen aan iedereen die we liefhebben – maar ook niet het equivalent van een gefaket orgasme, zoals een Amerikaanse collega schreef. Wij houden het op een niet onverdienstelijk debuut van een zangeres bij wie de verhouding talent-ambitie nog niet helemaal juist is afgesteld.

Hey: 't heeft Madonna ook niet tegengehouden. En tot het zover is, krijgt ze van ons respijt. Mocht u een andere mening zijn toegedaan: gooi uw stressbal eens een paar keer extra tegen het plafond, ga desnoods een bushokje trashen, maar leave Lana alone! Waar zit die pipo van een Chris Crocker trouwens als je 'm nodig hebt?

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234