null Beeld

Leonard Nolens - Dagboek van een dichter

Het onbegonnen werk is af. 'Stukken van mensen', 'Blijvend vertrek', 'De vrek van Missenburg' en 'Een lastig portret', de al lang uitverkochte journaals van Leonard Nolens, hebben een allerlaatste broertje gekregen, 'Verborgen agenda'. Uitgeverij Querido heeft ze meteen verzameld in één band, een klepper die over meer dan duizend bladzijden zijn armen voor je uitstrekt. Dit is het definitieve, het onuitputtelijke 'Dagboek van een dichter'.

Davy Coolen

Het opent op donderdag 27 december 1979. Leonard Nolens is tweeëndertig, heeft zijn ouders verloren, zijn vrouw en zoons verlaten, en kijkt in een vreemde stad werkloos toe hoe men zijn eerste dichtbundels doodzwijgt. Wanhopig zoekt hij een manier om zich te handhaven, om zijn droom vast te houden, tegen de keer. Hij murmelt een zin: 'Nadenken over het eigen lot heeft geen ander doel dan een gemeenschap te vinden die een einde maakt aan de verbanning.' En met die paradox van Leopold Flam als motto raakt hij in gesprek met zichzelf, op papier. Zoals je in therapie gaat.

Een simpele vraag vuurt dat zelfgesprek aan: 'Waarom schrijf ik?' Voor Nolens is dat de simpelweg lastigste vraag, want schrijven is leven en leven schrijven. Elke ochtend zegt hij de wereld adieu en verdwijnt hij in een stille kamer, 'wild, vrij en eenzaam'. Met de koppige, eindeloze nieuwsgierigheid van een kind hoort hij er zich uit, jaar na jaar na jaar, overtuigd dat hij pas een compleet mens kan worden, een man uit één stuk - de eerste plicht van elke dichter - als hij zichzelf van top tot teen in het vizier krijgt. 'De dagelijkse schedelboring moet.'

Zo schrijven - en dus: leven - kost bloed, zweet en tranen. Hoe oud je ook wordt, je moet de wonde én het mes blijven. Het dagboek dient volgens Nolens dan ook niet 'om je dagen te vertellen, maar om te zeggen wat ze met je doen'. Het is geen lijst van wissewasjes; het is de liefst naadloze neerslag van gedachten en gevoelens, die voor hem óók feiten zijn, concreter dan beton. Alleen hier krijgen de gek, de kreupele en de verminkte in hem spreekrecht. Alles mag: vuile was en trots, sukkelstraten en bergrivieren, in- en uitvallen, demasqués en ijdeltuiterij. Of je dat nu zielig vindt of moedig, doodeerlijk is het onmiskenbaar. 'Mijn enige grootheid zal erin bestaan, mijn nietigheid te hebben getoond.'

Haast per definitie getuigen deze notities van Nolens' zeldzame ernst. 'Humor! Ironie! Sarcasme! Cynisme! Dat zijn toch allemaal probate middelen om je drijvend te houden? Maar je wilt niet drijven. Je wilt zwemmen.' Met natural words in a natural order - de moeilijkste stijl? - maakt hij zijn veelhoekige pijn zichtbaar en laat hij haar zingen. In dat samengaan van smart en genot ligt de schoonheid van zijn oeuvre, dat gebaseerd is op 'de eventuele mogelijkheid van de hoop'. Hier praat geen pessimist.

En ook geen egoïst. Hoe meer Nolens zich denkend en voelend afzondert, hoe meer stemmen gaan weerklinken ('want woorden zijn gemaakt van mensen en mensen van woorden'). Zijn geliefde bijvoorbeeld, de moeder van zijn gedichten. Of de schrijvers die hem vormden - Seneca, Montaigne, Rimbaud, Rilke, Pessoa, Canetti... Of Bach. Of Bacon. Of kranten en televisie. Of plekken - musea, schouwburgen, plattelanden, buitenlanden. Gaandeweg wordt het dagboek zo een bont gezelschap, een polyfonie. Verhalen, brieven, lezingen en af en toe een pittige polemiek dynamiseren de tekst nog meer. Nolens hermetisch? Welnee.

Ezra Pound zei ooit: 'Poëzie is nieuws dat nieuws blijft.' En Gwij Mandelinck: 'Leonard Nolens trekt heden en verleden samen in één sluitende beweging, die je zijn fuga zou kunnen noemen.' In het dagboek is de inkt altijd nat, is het altijd nu, altijd vandaag. En al die vandagen lichten op onder dat ene brandpunt: het ideale gedicht van morgen, voor Nolens het hoogste goed. Zonder dat nooit vervlogen verlangen zouden deze aantekeningen niet eens bestaan; ze zijn er de rechtvaardiging van. 'Het dagboek is de goudmijn, het gedicht is het goud.'

'Dagboek van een dichter' sluit op zondag 20 mei 2007. Sindsdien is de inspirerende noodzaak uitgedoofd en wacht Nolens zwijgend op de muze. Wat achterblijft is dit lijvige portret van een onzichtbare, deze historie van een hart dat kermt en tiert om een toehoorder. Een schok van herkenning voor jong(er) en oud. Warmende naaktheid, vruchtbare onwetendheid, troostend verdriet, raadselige klaarte. Een vriend?

'De onaangepasten zijn het zout der aarde, zijn de kleur des levens, zijn hun ongeluk, maar ons geluk,' noteerde Elias Canetti in zijn 'Slotsom'. Zovelen hebben zich al in hun geluk gestort dat 'Dagboek van een dichter' intussen aan zijn tweede druk toe is. Bomvol zit de kerk van de lezenden.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234