Leve Harry Potter! En wat je ook gelezen, gezien en gehoord moet hebben volgens Thomas Vanderveken en Johan Braeckman

We vroegen deze week aan presentator Thomas Vanderveken en filosofieprofessor Johan Braeckman hoe we de jeugd een cultureel duwtje in de rug kunnen geven, en waarom ze daar baat bij heeft.

'Ik zou nooit zomaar zeggen: 'Lees eens wat meer boeken', want de meeste boeken trekken op niks'


Thomas Vanderveken: ‘Zot in het museum’

THOMAS VANDERVEKEN «Ik ben ervan overtuigd dat cultuur zowat het enige is dat we ‘hebben’. Mensen trekken naar Parijs omdat die stad een bepaalde sfeer over zich heeft: het is een mooie stad vol prachtige gebouwen en pleinen. De kunst zit er in de ruimtelijke ordening vervat. Je gaat naar Parijs om de Arc de Triomphe, de Eiffeltoren en het Musée d’Orsay te bekijken, om over het plein van het Louvre te wandelen en daarna het museum zelf misschien te bezoeken.

»Waarom is het zo erg als de Notre-Dame afbrandt? Omdat het een unieke kunstschat is: er is maar één kathedraal in de hele wereld die er zo uitziet. Duizend jaar schoonheid naar de kloten, omdat onze generatie er achteloos mee is omgesprongen!

»Behalve cultuur is er niet veel om als mensheid trots op te zijn. Wat blijft er vandaag nog over van de Egyptische beschaving? De kunstwerken! We kunnen trots zijn op de piramides en op het masker van Toetanchamon. Cultuur is niet gewoon ‘belangrijk’, het is essentiéél.»

HUMO Dan ben je het vast niet eens met wat de schrijver Paul Mennes eens zei: ‘In Maslovs piramide van de behoeften staan ademen, eten, drinken en seks onderaan. Al de rest is dus niet zo denderend essentieel. Je kunt perfect leven zonder Thomas Mann of Henry Purcell.’

VANDERVEKEN «Dan leef je, dat klopt. Maar of je dan ook vrolijk leeft? Volgens mij is de redenering omgekeerd. Mijn zoontje is nu 2 jaar: ik kan hem in bed steken zonder eten en dan een slaapliedje voor hem zingen, maar daar zal hij niets aan hebben, want hij heeft honger. Als ik hem in bed stop nadat hij gegeten heeft, dan zal hij misschien wel slapen, maar ik weet niet of hij dan ook zoete dromen zal hebben. Maar als ik hem eten geef, vervolgens in bed leg én een slaapliedje voor hem zing, dán zal hij de zoetste dromen hebben die hij ooit al heeft gehad. En dat is wat cultuur met ons doet.»

HUMO Is het ook essentieel om cultuur via de schoolbanken mee te geven?

VANDERVEKEN «Zeker, maar dan moeten er wel gepassioneerde leerkrachten voor de klas staan. Als je dingen opgelegd krijgt omdat ze goed zijn, zonder dat je in vraag mag stellen waaróm ze goed zijn, dan krijg je het omgekeerde effect en wordt pakweg een museum een plek van verplichting in plaats van een plek van grote passie.

»De boekenlijsten die ik op het middelbaar aangereikt kreeg, waren zodanig lang dat ik altijd wel iets vond dat mij aanstond. Het is moeilijk om te weten waar een jongere tegenwoordig nood aan heeft, maar ik weet nog dat ‘De tandeloze tijd’ van A.F.Th. van der Heijden mij op mijn 15de in een donkere wereld gesleurd heeft die ik voorheen niet kende en waarvan ik zelfs een beetje bang was: een wereld van roes, excessen, nachtelijke escapades en seksualiteit. Dat boek heeft mij losgeweekt uit een braaf kinderleven. Ineens besefte ik de aantrekkingskracht van het nachtleven: ‘Er wacht mij nog iets!’ Die belofte werd ingelost zonder dat ik er zelf aan moest deelnemen: ik hoefde geen drugs te gebruiken om te weten wat geestverruimende middelen met een mens konden doen. Het werkte ontvoogdend: dat boek heeft mij geleerd wat minder braaf te zijn en heeft me doen beseffen dat er meer pistes in het leven zijn dan het maatschappelijk geijkte pad.»

HUMO Je hebt aan het Brusselse Koninklijk Conservatorium gestudeerd. Hoe zou je jongeren warm maken voor klassieke muziek?

VANDERVEKEN «Wie niet geïnteresseerd is in klassieke muziek, hoeft daar voor mij helemaal niet naar te luisteren. Bij mij zat die liefde er al van jongs af aan in: de liedjes die in de kleuterklas gezongen werden, speelde ik naar verluidt op mijn 4de al na op de piano die in de klas stond. Op mijn 5de heb ik mijn ouders ervan kunnen overtuigen een piano voor mij te kopen en ben ik les gaan volgen aan het Conservatorium in Mechelen: die liefde voor klassieke muziek is dus mee gegroeid door klassieke pianowerken te spelen. Je leert componisten als Bach, Beethoven en Mozart kennen, wat zeker zal geholpen hebben.

»Verder vind ik dat klassieke muziek live moet uitgevoerd worden. Dan is het op z’n best, want daar is het voor bedoeld: Bach heeft zo goed als al zijn muziek geschreven voor één kerk in Leipzig. Ik zou jongeren dus aanraden naar een aantal goede festivals te gaan en daar de passie te voelen. Op het B-Classic Festival in Limburg worden muzikanten samengebracht om in korte tijd iets te ontwikkelen. Die snelkookpan-manier van werken zorgt voor een heel levendige sfeer, wat het liveaspect alleen maar benadrukt. In september is er Ode Gand, waarbij heel Gent verandert in een huis van klassieke muziek: onder elke brug staat er wel een kamerensemble te spelen. Dat zijn uitgelezen momenten om kennis te maken met klassieke muziek.

»Het is heel moeilijk om te poneren: ‘Begin met Beethoven, Bach of Mozart’, omdat het toch te maken heeft met je persoonlijke voorkeur. Er zijn ook zovéél genieën: Monteverdi, Vivaldi, Händel, Haydn, Mahler, Wagner, Debussy… Wat zij gemaakt hebben, is ongelofelijk intelligent en tijdloos: het pakt de condition humaine voor altijd.

»Robert Schumann was zelf nog een jonge gast toen hij in zijn voorwoord als opdracht aan de kinderen van de toekomst schreef: ‘Houd je niet bezig met het naspelen van populaire deuntjes of riedeltjes. Het leven is te kort om alle klassiekers te leren kennen.’ Dat gevoel krijg ik ook. Naast Shakespeare heb je in de literatuur ook Molière en Dostojevski. Het is haast onmogelijk om te zeggen: ‘Dít is waar je moet beginnen.’»

'Wat blijft er vandaag nog over van het Oude Egypte? De kunst! Cultuur is vrijwel het enige om als mensheid trots op te zijn'

HUMO Is er ook veel briljante popmuziek?

VANDERVEKEN «Popmuziek vervult voor mij een andere nood: het speelt op de achtergrond bij het poetsen of tijdens het autorijden, je wordt er vrolijk van en je kunt er op zingen en dansen. Klassieke muziek daarentegen is tijdloze kunst die mij vertelt wat het is om mens te zijn en mij onderdompelt in eeuwigdurende emoties.

»Nu, er is ook tijdloze popmuziek, en een song kan ook een grote impact hebben. In ‘Voor ik vergeet’ van Spinvis zit de zin ‘En de handen van mijn vader vergeet ik op den duur’. Dat raakt mij persoonlijk, omdat mijn vader overleden is toen ik een jonge twintiger was. Het doet mij denken aan de handen van mijn eigen vader, waarop ik een beeld van zijn handen probeer te vormen en merk dat dat beeld mij ook ontglipt.»

HUMO Voor ‘Thomas speelt het hard’ heb je je maandenlang toegelegd op het pianoconcerto van Edvard Grieg, en in september komt ‘Weg van het meesterwerk’ op de buis, waarin je Vlaamse schilderijen volgt die in het buitenland beland zijn. Zie je jezelf als een culturele ambassadeur?

VANDERVEKEN «Ik zie mezelf niet als een missionaris. Maar waar het hart van vol is, loopt de mond van over. Ik maak steeds meer programma’s waarvan de onderwerpen mij na aan het hart liggen. Ik vertel dat graag door aan mensen die daarin geïnteresseerd zijn.

»Voor ‘Weg van het meesterwerk’ heb ik de grootste musea van de wereld mogen bezoeken, vaak vóór openingstijd: dat zijn onbetaalbare cadeaus. In het Kunsthistorisches Museum in Wenen, waar zowat alle Bruegels samenhangen, heb ik twee uur oog in oog gestaan met een vijftal Bruegels. (Blaast) Ik krijg kippenvel als ik daaraan terugdenk.»

HUMO Hoe zou je jongeren uitleggen waarom Bruegel je zo raakt?

VANDERVEKEN «Om te beginnen is Bruegel een ontzettend grote meester in de compositie van een doek. De manier waarop hij een vierkante meter gebruikt en elke centimeter van dat doek interessant maakt: niet veel andere grote schilders slagen daarin. Vaak kijkt er vooraan in zijn schilderijen iets of iemand – een mens of een hond – je recht in de ogen, waardoor je in dat werk gezogen wordt. Vervolgens ontvouwt zich een landschap dat uit van alles bestaat: weilanden met daarachter huisjes en een kerkje, een berg die links uitkomt, een zee die rechts toekomt en waarin je achteraan iemand met blote billen in het water ziet liggen. Je kunt daar urenlang naar kijken en telkens weer een andere manier vinden om je ogen over dat schilderij te laten dwarrelen.

»Vandaag worden we overladen met beelden, maar zo’n schilderij is gemaakt in een tijd waarin mensen dat aan de muur hingen en het daar de rest van hun leven mee moesten doen: het was hun tv tot het einde van hun dagen. En je vóélt dat. Iets maken dat zó interessant is dat je er een heel leven kunt naar blijven kijken, doe dat maar eens!

»Ook de manier waarop hij met kleuren omgaat, is briljant. ‘De oogst’, dat tot de reeks ‘De seizoenen’ behoort, bestaat vooral uit geel en groen. Je voelt daar het gouden avondlicht van de herfst op. In zijn winterse taferelen krijg je een koud blauw licht. De tegenstellingen die in die schilderijen zitten: dat is zó verfijnd en technisch verbluffend uitgewerkt!

»Zulke werken zijn gemaakt om lang te bekijken en rustig tot je door te laten dringen. Pas dan wordt het waardevol. Ik snap niet dat mensen twee uur in een museum kunnen rondlopen en daarna buitengaan met het gevoel dat ze alles gezien hebben. Ik word juist zot in een museum omdat er te véél is. Ik heb vaak op voorhand een werk in gedachten waar ik naartoe wil, zodat ik er mijn tijd voor kan nemen. Onze musea bieden zodanig veel aan dat je een soort verzadiging in je brein en op je netvlies krijgt, waardoor je niet alles naar waarde schat. Je moet jongeren dus begeleiden tijdens zo’n museumbezoek.»

HUMO In een vorig Humo-interview zei je: ‘Kunst helpt me om vrij te denken en om me in andere emotionele registers te wagen. Kunst helpt me om empathisch te zijn.’ Kun je daar een concreet voorbeeld van geven?

VANDERVEKEN «Voor ‘Weg van het meesterwerk’ heb ik dus voor ‘De oogst’ van Bruegel gestaan in het New Yorkse MoMA. We vroegen aan bezoekers wat dat kunstwerk met hen deed. Er kwam een heel grote, brede, getatoeëerde Amerikaan bij ons staan. Zo’n type van wie je je afvraagt: goh, zou ik hem niet overslaan? (lacht) Die man begon te vertellen over zijn ouders die boeren waren in de Deep South. Hij zag dat de figuren op het schilderij ook boeren waren, weliswaar op een totaal andere plaats en in een totaal andere tijd. Maar hij zag het harde werk, hij voelde het zweet en het eerlijke leven van de boeren. Hij moest ontroerd aan zijn ouders denken. Dat brengt mij dichter bij die man en daarom is het zo’n geniaal kunstwerk: Bruegel heeft na vijfhonderd jaar en op duizenden kilometers van zijn woonst een connectie gemaakt met een redneck. Als dát kan, dan kan kunst heel veel bruggen slaan.»

'Goede cultuurproducten leren ons de meest subtiele aspecten van het omgaan met anderen. Ze voeden ons op'


Johan Braeckman: ‘Leve Harry Potter’

HUMO Uit een recent onderzoek van hogeschool Odisee blijkt dat de taalvaardigheid van onze studenten daalt. Hebt u daar als professor in de afgelopen jaren iets van gemerkt?

JOHAN BRAECKMAN «Natuurlijk lees ik weleens een scriptie vol dt-fouten of een bachelorproef die op niks trekt, maar ik hoed mij ervoor om te zeggen: ‘Vroeger was het beter.’ Dat is een klacht van alle tijden: volgens de oude Grieken was het vroeger ook allemaal beter. Het is natuurlijk mogelijk dat uit pedagogisch onderzoek blijkt dat bepaalde zaken erop achteruit zijn gegaan, maar dan moet je ook aandacht hebben voor wat er verbeterd is. Jongeren beschikken wellicht over betere digitale en technische vaardigheden, terwijl ik daar zelf heel slecht in ben. Ik zou dus niet te snel algemene pessimistische conclusies trekken.»

HUMO Dan bent u het vast niet eens met Bart De Wever die de ‘pretpedagogie’ van het secundaire onderwijs hekelde? Hij betreurt het dat scholen de kennisoverdracht losgelaten hebben en vooral inzetten op vaardigheden.

BRAECKMAN «Er zijn dingen die moeten aangeleerd worden. Of de dt-regel daartoe behoort? Natuurlijk: je moet goed leren lezen, schrijven en praten. Maar er zijn grenzen aan het zinvolle. Als ik een geweldig goede scriptie lees met één dt-fout, zou het nogal pedant zijn om die student te buizen. Als je te veel de klemtoon legt op de pure grammatica of op het pure reproduceren, dan doe je aan een middel-doelomkering: dan wordt het middel het doel op zich, los van de inhoud. Ik kan als een papegaai Russische gedichten uit het hoofd leren, maar ik zou daar niets van snappen. Reproductie is belangrijk omdat je kennis moet hebben, maar de vraag is toch ook: wat doe je met die kennis? En vooral: wélke kennis moet je hebben?

»De Wevers uitspraak lijkt mij nogal scherp voor de leerkrachten, want zij spannen zich elke dag opnieuw in om jongeren iets bij te brengen. Ik hoor ook klachten uit het onderwijs over de kwaliteit van de leerkrachten zelf, maar waar ligt dat dan aan? Aan de docenten van de leerkrachten? Het is een vicieuze cirkel.

»Ik heb vijf jaar in Amsterdam gedoceerd, en daar viel het mij op dat Nederlandse studenten veel meer schrijffouten maken. Maar ze waren wel gedurfder in het overbrengen van hun ideeën. Wat is er belangrijker? Om flauwe ideeën in feilloos Nederlands over te brengen, of goede ideeën in schabouwelijk Nederlands? Het ideaal is natuurlijk dat alle studenten briljante ideeën in superieur Nederlands kunnen overbrengen, maar we moeten realistisch zijn.»

HUMO De filosoof Jaap Kruithof zei eens: ‘Als ik mijn studenten in de les vroeg om dertig bladzijden van de cursus voor te bereiden, vertikten de meesten het. Ze lulden liever wat in de kroeg of ze hingen voor de tv. Een groot percentage van de jongeren is doodgewoon lui. Ik heb zo vaak gezegd: ‘Ga eens naar een interessante film of lees een boek.’ Maar dat lukt niet meer. Ze gaan liever naar een lezing van een schrijver dan zijn of haar boeken te lezen. Dat is makkelijker en prettiger.’

BRAECKMAN «Ik heb destijds zelf nog les van hem gehad. Kruithof was bijzonder stimulerend, maar hij was ook een pessimist die de mensen graag een geweten schopte. Zijn citaat kan best kloppen, maar so what? Studeren is een volwassenwordingsproces, en uitgaan hoort daarbij. Als student leer je op café te discussiëren, je wordt er geconfronteerd met andersdenkenden. En een lezing bijwonen in plaats van een boek lezen is nog niet eens zo’n slechte strategie: zo kun je achterhalen of het de moeite is om dat boek te lezen. Ik denk dat veel studenten de tijd niet vinden om te lezen, maar dat later misschien wel doen. Ik ben zelf iemand die altijd heel graag en veel gelezen heeft, maar dat gaat dan weer ten koste van andere zaken. Volgens mij is de huidige generatie jongeren niet minder ontwikkeld of minder verstandig.

»Cultuur kent ook vele dragers. Je kunt boeken lezen, maar ook documentaires en series bekijken of podcasts beluisteren. Dat zijn allemaal vormen van informatie-overdracht. Ik zou nooit zomaar zeggen: ‘Lees eens wat meer boeken’, want de meeste boeken trekken op niks. Of je nu kennis opdoet doordat iemand jou tijdens een nachtelijke cafédiscussie een cruciaal inzicht bijbrengt, of je haalt die kennis uit een film of vanop Facebook: het gaat om het beláng en de kwalitéít van de informatie.»

HUMO In haar boek ‘De dappere kijker’ stelt bio-ethicus Ellen ter Gast dat je, als je je morele wijsheid wilt opkrikken, beter een avondje ‘House of Cards’ kunt netflixen in plaats van dode filosofen te lezen.

BRAECKMAN «Als die uitspraak niet empirisch ondersteund wordt, dan kun je er niet zoveel mee aanvangen. Ik kan evengoed zeggen: maak een wereldreis in plaats van dikke turven te lezen, want daar ga je veel meer uit leren. Dat kán waar zijn, maar dat is niet zeker.

»Dat gezegd zijnde: series die tot de beste in hun genre gerekend worden, brengen ons ongetwijfeld kennis bij over moraliteit, sociaal verkeer en de rol van emoties. ‘Game of Thrones’ moet op dat vlak misschien niet onderdoen voor Shakespeare. Dat is nu eenmaal wat de beste kunstvormen doen. En dat is voor mij het fundamentele belang van cultuur: het is een vluchtsimulator voor het echte leven. Piloten krijgen in een vluchtsimulator te kampen met een tornado, een motor die uitvalt of zelfs een crash, en leren daarmee om te gaan vooraleer ze een echt vliegtuig bemannen. Op dezelfde manier is goede kunst – fictie, muziek en theater – een simulatieoefening voor de realiteit. Goede cultuurproducten leren ons de meest subtiele aspecten van het omgaan met anderen en van menselijke problemen. Ze voeden ons op. Het nut daarvan is dat je een gesofisticeerder, rijker en dus succesvoller leven kunt leiden. Al is dat natuurlijk geen garantie: er waren ook hooggeplaatste nazi’s met doctoraten in de literatuurwetenschap, zoals Goebbels

HUMO Daarnet zei u dat het belangrijk is om ons af te vragen over wélke kennis jongeren dienen te beschikken. Waarmee doen ze volgens u hun voordeel?

BRAECKMAN «Het allerbelangrijkste wat ik jongeren zou willen aanleren, is inzicht krijgen in hoe je denken werkt, en hoe je dat kunt verbeteren. Anders gezegd: hoe je jezelf kunt behoeden voor het maken van drogredenen, pseudowetenschap en bijgeloof. We kunnen dat nu veel beter dan vroeger, omdat we daar nu wetenschappelijke inzichten over hebben. Wat ik vroeger bijvoorbeeld niet wist, is dat ons geheugen zeer onbetrouwbaar is. Het geheugen is geen objectieve registrator van alles wat we meemaken, maar een heel creatief instrument dat grotendeels fictie verzint die aan ons gepresenteerd wordt als objectieve herinneringen. Dat zijn kerninzichten die iedereen zou moeten hebben: het leert ons een soort bescheidenheid aan over de eigen zekerheid. Het leert je te twijfelen op een gezonde manier. Door inzicht te krijgen in hoe ons brein informatie verwerkt, leren we kritisch te denken. Dat lijkt mij cruciaal in deze tijden van nepnieuws en complottheorieën.

»De inzichten die Daniel Kahneman in zijn boek ‘Ons feilbare denken’ uit de doeken doet, had ik graag al meegekregen in mijn tienerjaren: hoe komt het dat we dingen statistisch fout inschatten, veralgemenen en foute conclusies trekken, omdat ons brein ons de verkeerde richting uitstuurt? Dat boek is niet eenvoudig voor een 16-jarige, maar daarvoor heb je nu net het onderwijs nodig: een ideale leerkracht bestudeert Kahneman en past die inzichten op een begrijpbare manier toe in zijn eigen vakgebied – voor mijn part via een film of een serie, om het spannender en aantrekkelijker te maken.»

HUMO Welke inzichten hebt u in het middelbaar opgedaan?

BRAECKMAN «Ik heb veel opgestoken van auteurs als George Orwell. Uit zijn ‘1984’ heb ik geleerd dat totalitaire regimes hun eigen ‘waarheid’ kunnen construeren, en die vervolgens aan mensen kunnen opdringen. In dat boek zit al de discussie over hoe we waarheid van fictie kunnen onderscheiden. Dat is natuurlijk niet enkel relevant voor dictaturen, maar ook voor een democratische samenleving zoals de onze, die een grote vrijheid van informatieverspreiding kent. Zonder dat je daar precies de vinger op kunt leggen, heeft dat boek mij gewapend tegen foute opvattingen die ik later ben tegengekomen: het foute wij-zij-denken en de manieren waarop mensen tot geweld kunnen aangezet worden.

»Ik heb in het middelbaar jarenlang wiskunde gekregen zonder dat ons werd uitgelegd wat daar het punt van was. Dan zit je integralen op te lossen zonder te weten waarvoor die dienen of wat de geschiedenis daarvan is. Pas later heb ik geleerd dat Leibniz en Newton in de zeventiende eeuw ruzie hadden over wie van hen de integraalrekening had uitgevonden en waaróm ze dat hadden bedacht. Dan wordt wiskunde cultuurgeschiedenis. Mijn tip aan leerkrachten: geef die verhalen mee en maak wiskunde zo minder saai. Ook voor televisiemakers is dat een gat in de markt: ik ken niet veel Netflix-series over de geschiedenis van de wetenschappen. Ten onrechte, want ze zit vol boeiende figuren en spannende verhalen.»

HUMO Welke muziek, films of kunstwerken raadt u jongeren aan?

BRAECKMAN «Jongeren moeten vooral beseffen dat muziek, architectuur en kunst ons tonen dat de mens in staat is om schoonheid en ontroering te creëren. Kunst appelleert over vele generaties heen aan wat het is om mens te zijn: elke generatie is daarnaar op zoek en elke generatie hervindt dat. De meest abstracte vormen zijn muziek en poëzie: het ritme en de muzikaliteit gaan recht naar de ziel en het hart. Als tiener zei Bach mij niet zoveel, maar nu luister ik er dagelijks naar. Een goede leerkracht brengt een vonk over, waarna de rest vanzelf volgt. Die verplicht een leerling niet om naar de ‘Matteüspassie’ te luisteren, maar wekt nieuwsgierigheid op zodat de leerling er zelf naar op zoek gaat.

»Maar zomaar wat namen noemen? Het is pedant en riskant om te zeggen wat jongeren zeker wel of niet moeten gelezen of gehoord hebben. Iedereen leest sowieso vanuit zijn eigen context: wat heb je meegemaakt en wat houdt je bezig?

»Jongeren doen trouwens heel veel kennis op via kanalen waarvan ouderen niet eens beseffen dat er kennis vervat zit. Ik heb bijvoorbeeld niets met vampierenseries als ‘True Blood’, maar bij tieners zijn ze wel populair, en voor hen kunnen ze buitengewoon leerzaam zijn: ze leren eruit wat het is om mens te zijn, net omdat vampieren geen mensen zijn. Die vampieren worden bijvoorbeeld verliefd op menselijke vrouwen. Een onmogelijke liefde, die resulteert in liefdesverdriet. Welnu, als tiener is het cruciaal om te weten hoe je met een onmogelijke liefde of een relatiebreuk moet omgaan. Op mijn 15de had ik ook behoefte aan die kennis, en ik heb toen het geluk gehad dat ik op dat moment Jan Wolkers ontdekte. Zijn ‘Turks fruit’ heb ik destijds meermaals gelezen: daar zit veel in wat je nodig hebt als je jong bent. Kennis over liefde, seks, de dood en de verhouding tot je ouders. Ik heb ‘Turks fruit’ een tijd geleden herlezen en ik vond het nog altijd zeer goed. De rijkste boeken en films blijven levenslang relevant.

»Het is belangrijk om zoveel mogelijk verhalen van goede kwaliteit – verhalen die de complexiteit van het echte leven maximaal weerspiegelen – in je op te nemen. De kracht van verhalen is gigantisch: de gedachten en informatie die ze bevatten, nestelen zich vast in je brein en hebben een effect op je gedrag. Toen ik als kind spannende avonturenverhalen las, speelde ik die na. Als volwassene is dat niet per se anders. Schrijvers en kunstenaars moeten zich ervan bewust zijn dat die verhalende kracht zowel op positieve als op negatieve manier kan aangewend worden: wil je teksten schrijven die jongeren ertoe brengen kanonnenvoer te worden voor IS, of wil je via je werk jongeren aanzetten om geneeskunde te gaan studeren en zich in te zetten voor Artsen Zonder Grenzen?

»Nu, niet iedereen is intrinsiek even verstandig om de allerhoogste cultuurproducten tot zich te nemen. We moeten blij zijn dat stationsromannetjes bestaan, want die bevatten evenzeer leerzame dingen en verschaffen zeer veel mensen leesplezier.»

HUMO Het is beter íéts te lezen dan helemaal niet te lezen?

BRAECKMAN «Dat denk ik wel. Ik heb eens een hoorcollege gemaakt over Sir Arthur Conan Doyle, de schrijver van de ‘Sherlock Holmes’-verhalen. Sherlock Holmes is één van de meest bekende literaire personages aller tijden, en Conan Doyle bereikte al tijdens zijn leven een miljoenenpubliek, maar over hem wordt niet gesproken tijdens hoorcolleges literatuur, net zoals er wellicht niet gedoceerd wordt over J.K. Rowlings ‘Harry Potter’. Terwijl er wel symposia georganiseerd worden over onleesbare boeken als ‘Finnegans Wake’! Pas op, ik heb niets tegen zulke symposia, maar die gaan volgens mij niet over wat de essentie van literatuur is – onvergelijkbaar veel meer mensen lezen ‘Harry Potter’ dan ‘Finnegans Wake’. Uiteraard moeten literatuurstudenten wel weten wie James Joyce is, maar vanuit de vraag wat literatuur met ons doet, is ‘Harry Potter’ veel interessanter. Hoe komt het dat de mens verslingerd is aan onklopbare producten als ‘Game of Thrones’, ‘Harry Potter’ en ‘Sherlock Holmes’? Dát moet bestudeerd worden in doctoraten!»

HUMO James Joyce heeft wel al bewezen de tand des tijds te doorstaan.

BRAECKMAN «Omdat literatuurprofessoren elke keer opnieuw naar hem verwijzen – verder ligt bijna niemand van hem wakker. Shakespeare en Homeros worden beschouwd als klassiekers, maar zij doorstaan enkel de tand des tijds door hedendaagse bewerkingen. Wie leest er nog sonnetten in het Oud-Engels? Je moet creatief omspringen met de klassiekers: zet de inhoud om naar de problemen van onze tijd en je krijgt meteen meer mensen mee.

»Het is wellicht het beste dat we hier afronden, vooraleer ik mijn collega-professoren uit de literatuurwetenschap helemáál de kast opjaag.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234