Lichtjes opgefokt: Stijn Van der Stockt, De Coach en Sir Alistair in 'Iedereen beroemd'

Twee jaar geleden werd ‘Iedereen beroemd’-medewerker Stijn Van der Stockt bekend als het in een bespottelijk fitnesspakje gehesen typetje De Coach, dezer dagen maakt hij het mooie weer in de kortgebroekte gedaante van Sir Alistair, een zich in verfijnd Queen’s English uitdrukkende Britse antropoloog en ontdekkingsreiziger die zich verbaast over de fascinerende zeden en gewoonten van de ‘Homo Flandriens’.

'Ik wil de mensen geen geweten schoppen, maar een geweten kietelen'

Urenlang in de file staan bijvoorbeeld (Alistair, laaiend: ‘Participation is completely free of charge!’), een typisch Vlaams gebruik waar deze Humo-journalist van kan meepraten: wegens de Moeder Aller Opstoppingen op de Leuvense ring waaien we minstens een uur te laat het rumoerige café van afspraak binnen. Geen nood: het is vrijdag, en onze gesprekspartner heeft de wachttijd veraangenaamd met zijn eerste tripel van de avond – het zal niet de laatste zijn.

Stijn Van der Stockt (33) «Sir Alistair, althans de oerversie, gaat al mee van in de tijd dat ik hier in Leuven Germaanse talen studeerde. Met een paar van mijn maten maakte ik destijds op Monty Python geïnspireerde videosketches, en in één van onze brainstormsessies is toen het idee ontstaan van een Britse documentairemaker à la David Attenborough, die op zoek gaat naar overblijfselen van de machtige Waalse beschaving van weleer. Uiteindelijk is daar om verschillende redenen niks van gekomen, maar toen ik afgelopen zomer aan het nadenken was over een opvolger voor De Coach, schoot me ineens dat oude personage te binnen. Eigenlijk was het mijn bedoeling om hem Nederlands te laten spreken – ‘Iedereen beroemd’ is een programma voor een groot publiek, en sowieso zou de rubriek niet over Wallonië maar over Vlaanderen gaan. Alleen werkte dat Nederlands niet zo goed, en dus heb ik het toch maar eens in het Engels geprobeerd. ’t Was op een avond in de file toen ik ineens, als vanzelf, dat geaffecteerde Britse accent te pakken kreeg – de hele verdere autorit heb ik wild van euforie als Sir Alistair zitten raaskallen.»

HUMO Je Oxbridge English mag er dan ook zijn.

Van der Stockt «Dank je. Al die jaren dat ik naar natuurdocumentaires met David Attenborough heb gekeken, hebben dan toch hun vruchten afgeworpen. Ik krijg overigens wel vaker complimenten over mijn Engels, maar doorgaans komt die lof van heren op leeftijd; van die Davidsfonds-types met een wit ringbaardje die nog leraar Engels zijn geweest.»

HUMO Toch heeft Sir Alistair vooralsnog niet de populariteit van De Coach bereikt.

Van der Stockt «Nee, maar dat had ik ook niet verwacht. Dat Engels schept toch een zekere afstand, hè? Alistair is ook létterlijk afstandelijker: hij observeert enkel, terwijl De Coach iedereen constant op high fives liep te trakteren. De Coach was een loser die het goed bedoelde, en zoiets slaat aan in Vlaanderen. Let wel: ik ben erg tevreden over Sir Alistair.»

HUMO Zijn je bazen dat ook?

Van der Stockt «Ja. Al krijg ik van mijn collega’s soms wel te horen dat ik het wat te ver zoek. Onlangs deed ik een item over de Gentse Zesdaagse, een wielerwedstrijd waarbij de renners constant in een ovale piste rijden. Sir Alistair ging ervan uit dat die renners kernfysici waren, en de ovale piste een deeltjesversneller. Eén van de beste ideeën die ik ooit gehad heb, vind ik nog altijd, maar achteraf werd me verteld dat dat misschien toch nét wat te moeilijk was voor de gemiddelde kijker. Eerlijk: ik voelde me slecht van die commentaar, een beetje beledigd zelfs. Maar nuchter bekeken hadden ze misschien wel een punt.»

'Ik heb een gebrek aan schaamte omdat ik in het reine ben met mezelf'

HUMO Wat me bij De Coach al opviel, en nu bij Sir Alistair opnieuw: van schaamte of verlegenheid lijk jij weinig last te hebben. Je trekt in de meest lachwekkende outfits de straat op, en lijkt geen acht te slaan op verbaasde passanten.

Van der Stockt (knikt) «Ik denk dat mijn gebrek aan schaamte ermee te maken heeft dat ik in het reine ben met mezelf, dat ik weinig of geen persoonlijke issues heb. Ik heb maar weinig te verbergen, zie je: ik ben een brave burgerman, woon in een rijhuis in Haaltert, heb een vrouw en twee dochters. Geen duistere verlangens of wat dan ook. Ik ben een tevreden mens.

»In 2008 en 2009 werkte ik op de redactie van ‘Iets met boeken’. Eén van mijn taken was de schrijvers die in het programma aan bod zouden komen voorafgaandelijk te interviewen: het uitgeschreven interview gaf ik vervolgens aan de twee presentatoren. Zo heb ik dus ook mijn grote literaire held kunnen interviewen, Ilja Leonard Pfeijffer. Hij heeft me tijdens dat gesprek iets gezegd dat ik me nog altijd herinner: ‘Een creatief product zal nooit écht goed zijn als de maker zichzelf niet op het spel zet, als hij niets te verliezen heeft door het te maken’. Dat credo heb ik constant in het achterhoofd gehouden ten tijde van De Coach, en ik doe het nu nog altijd bij Alistair.»

HUMO Ik meende gelezen te hebben dat Louis Paul Boon je grote literaire held was?

Van der Stockt «Ook, ja. ’t Zal er wel iets mee te maken hebben dat ik van Aalst ben, zeker? Al zou ik ’m los daarvan ook geweldig hebben gevonden – ‘De Kapellekensbaan’ is een weergaloos meesterwerk. Ik ben het wel niet helemaal eens met zijn beroemde uitspraak dat hij de mensen een geweten wilde schoppen. ’t Is dat schoppen dat me niet bevalt: te agressief, te antagonistisch. Ik heb dit al eens eerder gezegd: ik vind het beter om de mensen een geweten te kietelen. Da’s toffer en speelser, en volgens mij ook productiever.»

HUMO Kietel jij de mensen een geweten?

Van der Stockt «Dat probeer ik toch (lacht). Onlangs nog ging het in ‘Homo Flandriens’ over studentendopen: Alistair ging ervan uit dat het een ritueel was waar elke Vlaming doorheen moet, om te bewijzen dat hij klaar is voor alle vernederingen die hem nog te wachten staan in het volwassen leven. Daar spotte ik met de vrij algemeen aanvaarde misvatting dat de Vlamingen doorheen de geschiedenis vernederd zijn geweest.»

HUMO Heb je zelf een studentendoop ondergaan?

Van der Stockt «Twee zelfs.»

HUMO Twee?

Van der Stockt «Ja: ik vond het zo plezierig dat ik mezelf in eerste licentie (in die tijd het derde jaar, red.) nog eens opnieuw heb laten dopen – ik was toen tegelijk doper en gedoopte. Die tweede keer heb ik overigens Ihsane Chioua Lekhli ‘gekocht’ – zij was toen schacht (eerstejaars, red.)»

HUMO Heb jij een tijdje terug niet tegenover haar gezeten in ‘De zevende dag’?

Van der Stockt «Ja, en tijdens de uitzending deed ze plots alsof we elkaar niet kenden. Ik was echt van mijn melk, maar waarschijnlijk moest dat voor het programma. Enfin, ik was onder de indruk van haar professionaliteit.»

HUMO ‘De zevende dag’ is tot nog toe het enige tv-programma waarin ik je als jezelf heb zien opdraven. Word je elders niet gevraagd?

Van der Stockt «Nee. Maar ze mogen me altijd bellen, hè? Ik zeg ja op alles wat me gevraagd wordt. Enfin, op bijna alles – sinds De Coach heb ik nee moeten leren zeggen. Op dat personage had ik een carrière kunnen bouwen.»

HUMO Vertel?

Van der Stockt «Ik kreeg weleens aanbiedingen van bedrijven die wilden dat ik in de refter De Coach kwam spelen voor hun personeel. Als ik op alles was ingegaan dat me was aangeboden, dan had ik er een extra jaarinkomen aan kunnen overhouden. Maar ik heb telkens geweigerd: ’t zou me te hoerig geweest zijn.»


Van der Awkward

HUMO Betaalt dat eigenlijk goed, voor ‘Iedereen beroemd’ werken? Of is dat een onbeleefde vraag?

Van der Stockt «Je mag gerust weten wat ik verdien: 2.200 euro netto per maand. De gemiddelde Fernand Huts zal nu wel de wenkbrauwen fronsen, maar ik heb niet meteen de ambitie om ooit meer te gaan verdienen. Toegegeven, minder moet het ook weer niet zijn. Ik ben ooit begonnen aan het minimumloon – 1.200 euro netto – maar daar kwam ik simpelweg niet van rond.»

HUMO Ik heb de indruk dat je vrij veel doet voor je geld.

Van der Stockt «Dat lijkt me een juiste indruk. Naast ‘Homo Flandriens’ – dat me heel veel werk kost – maak ik ook ‘Poepsimpel’, die rubriek waarin wetenschappers mogen uitleggen waar ze mee bezig zijn. En verder werk ik ook mee aan de actuarubriek, waarin onbekende Vlamingen reageren op het nieuws. Ik leer daar ontzettend veel van bij, zoals omgaan met mensen (lacht).»

HUMO Ben je daar dan slecht in?

Van der Stockt «Behoorlijk, ja. Een collega heeft me ooit de bijnaam Van der Awkward gegeven, omdat ik er vaak in slaag een toffe situatie plots helemaal te laten omslaan.»

HUMO Naast je werk voor ‘Iedereen beroemd’ schrijf je, onder je nom de plume Jan-Pieter De Leugheneire, ook het leeuwendeel van de artikels op de satirische website De Raaskalderij.

Van der Stockt «Ik weet altijd nog wel een gaatje te vinden om een artikel te schrijven, ja. Soms overvalt een idee me terwijl ik met de kinderen aan het spelen ben: ’t is eigenlijk niet mooi van me, maar dan hou ik meteen op met spelen en begin ik te schrijven. Erg, hè? Het enthousiasme over een idee is soms gewoon te groot.»

'De oerversie van Sir Alistair gaat al mee van in de tijd dat ik in Leuven Germaanse talen studeerde.'

HUMO Wat De Raaskalderij schrijft, wordt vaak voor waar aangenomen, en gretig gedeeld op allerhande blogs en fora. Vorig jaar, bijvoorbeeld, schreven jullie dat Dyab Abou Jahjah de naam ‘Sinksenfoor’ wilde veranderen in ‘Lentefoor’, wegens minder beledigend voor moslims.

Van der Stockt «Ja, omdat Sinksen een oude term voor Pinksteren is – een christelijke referentie, dus. En er waren inderdaad beangstigend veel mensen die dat geloofden. Die het wílden geloven, zou ik bijna zeggen, want wellicht was dat artikel gewoon een bevestiging van een wereldbeeld dat ze er toch al op nahielden – je moet sommige van de woedende reacties maar eens lezen. Terwijl het voor ons gewoon een grap was, die voortkwam uit de neiging van Movement X om in ál te veel dingen racisme te zien.»

HUMO Gebeurt het weleens dat jullie een kwaaie reactie krijgen van iemand die jullie woorden in de mond hebben gelegd?

Van der Stockt «Zelden. Ooit hebben we wel eens de erven Jef Nys op de tenen getrapt, omdat we een artikel hadden gepubliceerd over de verkiezing van Anatool uit Jommeke tot N-VA-burgemeester van Zonnedorp. We hebben toen een mail ontvangen met de mededeling dat Nys in zijn testament duidelijk had gestipuleerd dat zijn stripfiguren nooit politiek gerecupereerd mochten worden. Nu ja, die klacht hebben we maar naast ons neergelegd. Wij hebben niets met de N-VA te maken, hè? Trouwens, Kwak en Boemel waren in hetzelfde artikel lid van de PVDA.»


Bètamannetje

HUMO Uit wat voor gezin kom je?

Van der Stockt «Uit het meest traditionele Vlaamse gezin dat je je kunt voorstellen. ’t Is te zeggen: ik ben geboren in Duitsland, dicht bij München, en in mijn peutertijd heb ik ook nog een tijdje in Amerika gewoond, in Florida. Mijn vader is ingenieur bij Siemens, en een jaar of dertig geleden heeft hij twee keer een tijd in het buitenland mogen werken. Maar vanaf mijn derde woonden we in Affligem, bij Aalst – mijn familie komt daarvandaan. Ik ben opgegroeid in een vrijstaand huis met een tuin, waarin ik met mijn twee jongere zusjes speelde. Vader ging uit werken, moeder is thuisgebleven voor ons. Ik ben haar daar zeer dankbaar voor.»

HUMO Waren jullie carnavalisten?

Van der Stockt «Niet bepaald, al gingen we ieder jaar wel naar de stoet kijken – ik doe dat nu nog steeds met mijn kinderen. Maar als je in Aalst naar school gaat, dan wordt carnaval je met de paplepel ingegeven. ’t Is dan ook een wezenlijk deel van mijn identiteit: niet zomaar geloven wat de macht je voorspiegelt, rücksichtslos lachen met alles, jezelf incluis – dat ben ik, hè?»

HUMO Heb je ooit meegelopen in een stoet?

Van der Stockt (knikt) «In het middelbaar ben ik eens als hippiepater gegaan, met een grote joint van papier-maché, en in 2002 was ik in mijn eentje de Twin Towers: ik liep rond in een grote, met aluminiumfolie beplakte kartonnen doos waarop raampjes getekend waren, en waar een vliegtuig van Playmobil kwam ingevlogen (lacht). En dan stond daar in het groot de slogan op: ‘’t Noste joor gon we er nog es goed invliegen’.»

HUMO Je vader is ingenieur, zeg je. Heeft hij je altijd aangemoedigd in je keuzes?

Van der Stockt «Nee (lacht). Nu is hij trots op mij – onlangs nog liet hij me weten dat ze in de fanfare allemaal gezegd hadden hoe goed ze die ‘Homo Flandriens’ wel niet vonden – maar vroeger kon hij maar niet begrijpen dat zijn enige zoon niet was zoals hij. Ik ben een zachte mens, een bètamannetje, helemaal niet van het materialistische type. Ik heb thuis ook altijd gezegd dat ik ‘een soort artiest’ wilde worden, maar mijn vader wilde dat ik rechten ging studeren: ik heb dus Grieks-Latijnse gevolgd op Sint-Jozef, het elitecollege van Aalst. Aan de KU Leuven ben ik wel nog naar de infodag voor rechten geweest, maar ik vond het zo’n saaie truut dat ik naar buiten ben gelopen, recht naar de infodag van de germanisten. Eigenlijk wilde ik filosofie doen, maar dat mocht écht niet van thuis. Germaanse, tot daar aan toe, ‘want daar kun je nog leraar mee worden’.»

'Sinds De Coach heb ik nee moeten leren zeggen. Op dat personage had ik een carrière kunnen bouwen'

HUMO Wanneer besefte je voor het eerst dat je au fond ‘een soort artiest’ bent?

Van der Stockt «’t Heeft er altijd wel wat in gezeten. Op familiefeesten kregen de kinderen altijd papier en stiften om tekeningen te maken, zodat de volwassenen ongestoord konden zuipen. Ik kreeg steevast heel veel complimenten wanneer ik mijn tekeningen liet zien: dat motiveerde me, dus ik bleef tekenen. En dan later, in het middelbaar, heb ik echt van alles gedaan: cartoons tekenen, poëzie schrijven, toneelspelen, noem maar op. Samen met een paar kameraden heb ik op de opendeurdag van de school eens een door ons bewerkte versie van de ‘Ilias’ opgevoerd. Ik speelde Hector, en mijn beste kameraad Ken was Achilles.

»Met diezelfde mensen heb ik in het laatste jaar ook enkele filmpjes gedraaid met als thema ‘Tien manieren om uit de school te ontsnappen’ – voor het honderddagenfeest was dat. Eén van die manieren was bijvoorbeeld Het Afleidingsmanoeuvre: ik reed in een clownspak op een brommertje rondjes op de speelplaats, zodat alle studiemeesters naar buiten kwamen: zo konden de leerlingen dan snelsnel ongemerkt ontsnappen.»


Mevrouw Mulder

HUMO Hoe ben je uiteindelijk bij de televisie beland?

Van der Stockt «Na mijn afstuderen heb ik eerst nog een lerarenopleiding gevolgd. Maar het onderwijs zag ik echt niet zitten: niks voor mij om voor zo’n klas te gaan staan. Een tijdlang heb ik met de handen in het haar gezeten, tot ik plots een telefoontje kreeg van een maat uit de Germaanse: ‘Stijn, wij hebben nog stagiairs nodig voor ‘De show van het jaar’ met Bart Peeters. Heb je zin?’ Drie maanden lang heb ik vervolgens komische filmpjes gemaakt over de actualiteit van het voorbije jaar: heel tof, maar aangezien het onbetaald was en mijn ouders ondertussen gestopt waren met mij te financieren, moest ik ’s avonds nog in een café gaan tappen om mijn huur te betalen. Bon, dat was gelukkig maar 100 euro, want ik woonde in een piepklein kamertje zonder wasbak. Er woonden ook ratten in de living.

»Na die drie maanden kreeg ik te horen dat er geen werk meer voor mij was. Vier maanden heb ik dan zonder werk gezeten: een vreselijke periode, waarin mijn zelfvertrouwen tot het nulpunt zakte, maar waar ik wel een levenslang begrip en respect voor werklozen aan heb overgehouden. Uit noodzaak ben ik op een helpdesk gaan werken. Maar toen kreeg ik plots telefoon van Clem Robyns, van het productiehuis Telesaurus: ‘Heb je geen zin om voor Nickelodeon te komen werken?’ Ik heb eerst aan twee kinderprogramma’s meegewerkt – allebei zeer leerrijk – en daarna kwam ‘Iets met boeken’. In het tweede seizoen van dat programma verhuisde de voltallige redactie naar Nederland, en vroegen ze me: ‘Wil je een appartement in Hilversum of in Amsterdam?’ Die keuze was snel gemaakt (lacht). Een ongelooflijk toffe periode: ik heb daar veel vrienden ontvangen, en we hebben er geweldige avonturen beleefd.»

HUMO Vertel er eens eentje?

Van der Stockt « Een vriend van me werkte in die tijd voor de Nederlandse uitgeverij De Bezige Bij, en op een keer heeft hij mij mee naar een feestje van de firma genomen. Echt waar, ik heb me zelden zo goed geamuseerd. Harry Mulisch was er ook, en op zeker moment werd hij door een assistente van een jaar of 18 naar het toilet geleid – hij was al heel oud en broos. ‘Allee jong!’, maakten wij ons de bedenking, ‘Harry Mulisch is hier op een halve meter van ons aan het kakken!’ Helemaal aan het einde, toen we allemaal dronken waren, is één van mijn maten, ook een Raaskalder, beginnen aan te pappen met de vrouw, of de vriendin, van Jan Mulder. Stond hij daar met een pint in zijn hand die hij half over haar decolleté aan het uitgieten was: ‘Zijde gij da ni beu soms, al dieje voetbal?’ (lacht). Nog geen minuut later werden we vriendelijk verzocht om het pand te verlaten – bij het buitengaan heeft diezelfde maat nog per ongeluk de deurklink afgebroken.»

HUMO Droom eens even weg, Stijn: waar hoop jij dat het de komende jaren met je carrière naartoe gaat?

Van der Stockt «Wat mij in ieder geval níéts zegt, is beroemd worden. Enfin, niet dat ik er iets op tegen zou hebben, maar een ambitie is het allerminst.»

HUMO Wat is dan wel je ambitie?

Van der Stockt «In de tijd dat ik nog hopeloos naïef was, heb ik eens een sollicitatiemail naar een productiehuis gestuurd waarin ik heel eerlijk zei wat ik eigenlijk wilde: mensen ontroeren, mensen laten nadenken en mensen laten lachen. ‘En ik zou dat graag bij u komen doen’. Een goeie ziel die me tegen mezelf wilde beschermen, heeft me toen gezegd: ‘Stijn, dit is hopeloos pedant. Zo ga je nooit werk vinden’. Op zijn aanraden heb ik mijn mail dus aangepast, met gunstig gevolg: ik werd aangenomen. Maar wat ik in die oorspronkelijke mail zei, dat is nu nog altijd mijn professionele ambitie. Als ik dat kan blijven doen, om het even voor welk medium, dan denk ik dat mijn leven geslaagd zal zijn.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234