Een jonge torero oefent in een lege arena in Pamplona, Spain.Beeld César Dezfuli

ReportageStierenvechten

Maakt corona een einde aan stierenvechten in Spanje?

Maakt het coronavirus een eind aan het stierenvechten in Spanje? Vanaf maandag hadden op de jaarlijkse feesten van San Fermín de stieren als vanouds door de straten moeten rennen om ’s avonds te sneuvelen in de arena. ‘Het slachthuis? Dat is de slechtste optie.’

De arena van Pamplona is ontzagwekkend leeg. Er zijn hier zitplaatsen voor bijna 20.000 toeschouwers, in normale jaren komen er meer dan 43.000 toeristen langs. Maar nu is er niemand, op één jongen na. Met zijn rode lap beweegt hij over het zand, verwikkeld in een gevecht met een denkbeeldige stier. Je hoort zijn aanmoedigingen, zijn keelgeluiden, en de flamencomuziek die hij, misschien om de beklemmende stilte te verdrijven, heeft aangezet.

‘Wat een treurnis,’ zegt de voorzitter van de stierencommissie, José María Marco (69), zodra hij de arena binnenkomt. Aan de manier waarop hij de woorden uitspreekt, hoor je dat hij dit de hele dag door zegt, tegen iedereen die hij tegenkomt – een echo van alle gesprekken in Pamplona. Want dit jaar gaan de beroemde feesten van San Fermín, waarbij de stieren door de straten denderen en ‘s avonds sneuvelen in de arena, niet door. ‘Hoe jammerlijk.’

Het kon niet anders, zucht Marco. Bij de feesten van San Fermín draait het om samenzijn, om samen dansen, samen eten, samen drinken. Om samen het spektakel van een stierengevecht te beleven, ‘schouder aan schouder’. Als ergens in Spanje het virus kan overspringen, dan is het wel tijdens de feesten. En dus hangen aan de buitenkant van de arena nog de aanplakbiljetten van vorig jaar, met een stier in een paar eenvoudige lijnen, als op een grottekening. Nieuwe werden er nooit gemaakt.

Slachthuis

Niet alleen in Pamplona, maar in heel veel Spaanse plaatsen geldt: waar een feest is, daar zijn stieren. De kolossale dieren horen bij een Spaanse zomer, net zozeer als strandzand waaraan je je voeten verbrand, glazen tinto de verano (rode zomerwijn) die naar je hoofd stijgen en de verzengende hitte die de dagen loom maakt en de nachten lang. Er zijn natuurlijk de klassieke stierengevechten. Maar verspreid over heel Spanje worden er ook stieren in zee geduwd, door de straten gejaagd, of getooid met brandende fakkels - om een paar voorbeelden te noemen.

De meeste van die festiviteiten gaan dit jaar niet door. De stieren blijven in hun weides staan of worden anoniem afgevoerd naar het slachthuis.

Vechtstieren op een boerderij. 'Als een stier erg dapper is, krijgt hij gratie, en wordt hij niet gedood. Dat gebeurt tegenwoordig steeds vaker.'Beeld César Dezfuli

‘Dit is een beslissend moment voor de Spaanse stierensector,’ constateerde de krant El País. Immers, het is een sector die het ook voorheen al niet gemakkelijk had. De kritiek van tegenstanders, die spreken van marteling, klinkt steeds luider. Ondertussen is de interesse van het publiek tanende. Het percentage Spanjaarden dat minstens één keer per jaar een stierengevecht bezoekt, daalde volgens het ministerie van Cultuur in vijf jaar tijd van 9,5 naar 8,0 procent. Het aantal stierengevechten dat in de Spaanse arena’s wordt gehouden nam eveneens af: tussen 2007 en 2019 ging het van 953 naar 349. En nu zitten stierenvechters, arena’s en veehouders ineens zonder inkomsten. Het zal voor sommigen de doodsteek betekenen.

Het Huis van Mededogen

In Pamplona raakt het schrappen van de stierengevechten ook het plaatselijke bejaardenhuis. De eigenaar van de arena is het Casa de Misericordia, Huis van Mededogen. ‘We gebruiken de inkomsten om woonruimte voor arme ouderen te betalen,’ licht José María Marco toe, die in zijn hoedanigheid van voorzitter van de stierencommissie aan het Huis van Mededogen verbonden is. ‘Nu de stierenfeesten niet doorgaan, dreigt een enorm gat op de begroting.’ En dat terwijl er juist méér geld nodig is, om nieuwe coronabesmettingen in het bejaardenhuis te voorkomen, nadat in het voorjaar al 68 van de 550 bewoners zijn gestorven met coronasymptomen.

Zullen de arena’s ooit weer volzitten? Marco wijst erop dat de tauromaquia na het voetbal nog altijd de sport is die de meeste toeschouwers trekt in Spanje. Maar ook hij moet toegeven dat de toekomst van het stierenvechten onzeker is. ‘Op dit moment zitten we aan de bedelstaf,’ zegt hij, ‘en van de regering hoeven we niet veel te verwachten.’ Eerder werd de (linkse) minister van Cultuur door stierenliefhebbers uitgemaakt voor ‘minister van Censuur’, omdat hij nooit over de stierengevechten sprak, terwijl die toch officieel tot het cultureel erfgoed behoren.

Dat Marco zich zorgen maakt, blijkt eens te meer aan het eind van het gesprek. ‘Wees niet anti-stierenvechten,’ zegt hij tot twee keer toe, gevolgd door een hartstochtelijk pleidooi over ‘de kunst van het stierenvechten’. ‘Dit mag niet verloren gaan,’ besluit hij. ‘Als het stierenvechten verdwijnt, is dat net zoiets als wanneer de film of het theater verdwijnt. Ook dit zijn verhalen, over een stier en een torero, waarbij alles op het spel staat, zelfs een mensenleven. En vergeet niet: als een stier erg dapper is, krijgt hij gratie, en wordt hij niet gedood. Dat gebeurt tegenwoordig steeds vaker.’

Legendarische stierenfokkers

Duizend kilometer naar het zuiden. De toegangspoort naar de finca van de familie Miura is opgeluisterd met twee stierenschedels, die gebleekt zijn door de ongenaakbaar brandende zon van het Andalusische binnenland. Verboden toegang, woest vee, staat er op een bordje.

De broers Antonio and Eduardo Miura kweken stieren en vinden de kritiek op stierenvechten hypocriet: 'Niemand heeft er een probleem mee als dieren sterven in een slachthuis.'Beeld César Dezfuli

Achter het hek wachten de twee broers die samen de meest legendarische stierenfokkerij van Spanje drijven. Ze dragen ieder een lichtgekleurde hoed, maar verder lijken ze weinig op elkaar. De oudste, Eduardo Miura (78), is een gemakkelijke prater en weet precies welke boodschap hij aan zijn buitenlandse bezoek wil meegeven. De jongste, Antonio Miura (69), is een man van het buitenleven, ongepolijster dan zijn broer.

De stieren leven hier in een halfwilde toestand, vertelt Eduardo. Ze staan het hele jaar door buiten in de dehesa, dat typische open landschap met hier en daar een steeneik. De koeien krijgen hun kalveren in het land, zonder hulp. Medicijnen worden er nauwelijks gebruikt. ‘Een ecologischer veehouderij dan deze bestaat niet,’ stelt hij vast. ‘En op deze manier blijven alleen de sterkste dieren over.’

Antonio start zijn Suzuki-terreinwagen, voor een ritje over zijn uitgestrekte boerderij. De stieren staren argwanend, maar opvallend kalm, naar de auto die plotseling in hun weides verschijnt. Dit zijn ze niet gewend. Al het werk gebeurt hier nog met paarden. Aan de horizon zijn de donkere silhouetten te zien van ruiters die bezig zijn bij een van de kuddes met koeien.

Vijf jaar oud

Een Miura is in Spanje, en zeker in Pamplona, een begrip. De stieren van de Andalusische veehouders vormen traditiegetrouw de afsluiting van het stierenrennen. Er zijn weinig rassen die zo veel respect afdwingen: vanwege hun imposante gewicht van bijna zeshonderd kilo, vanwege hun brede hoorns, en vanwege een geschiedenis van stierenvechters die door hun toedoen stierven of ernstig gewond raakten.

Ook dit jaar zouden er weer zes stieren van Miura worden geselecteerd voor de feesten van San Fermín. ‘De meeste hadden hier al niet meer moeten zijn,’ verzucht Antonio, wanneer hij de weide met de stieren van vijf jaar oud in rijdt. De dieren staan op een zo groot mogelijke afstand van de woonhoeve van de Miura’s. ‘Vooral die roodbonte daar is niet te vertrouwen,’ wijst Antonio.

Sommige stieren zullen na dit jaar te oud zijn, want volgens de reglementen moeten ze vier of vijf jaar zijn tijdens het gevecht. Toch hebben de Miura’s nog geen dieren naar het slachthuis gebracht. ‘Dat is de slechtste optie, want het levert haast niets op,’ zegt Antonio. De veehouder hoopt zijn stieren alsnog te kunnen slijten in de regio Valencia, waar allerlei volksfeesten met stieren plaatsvinden.

Weinig geld

De Unie van Vechtstierenfokkers berekende dat de sector dit jaar een verlies van meer dan 77 miljoen euro lijdt. ‘Er zullen ongetwijfeld veehouderijen verdwijnen,’ zegt Antonio. Zelf probeert hij te bezuinigen, maar dat valt niet mee. ‘We houden ze wat magerder,’ zegt hij. ‘Maar ja, ze zullen toch moeten eten, ook als er straks door de droogte niets meer op het land staat.’

Zullen de stierenfokkers zich van deze tegenslag kunnen herstellen? ‘Het zal moeilijk worden,’ zegt Antonio, ‘want het is niet alleen de pandemie, maar ook de economische crisis die erna komt. Mensen zullen weinig geld hebben om een stierenspektakel te bezoeken.’

Ook de twee broers maken zich druk om de reputatie van het stierenvechten. Ze noemen de samenleving hypocriet, omdat leed alleen wordt geaccepteerd als het onzichtbaar is. ‘Niemand heeft er een probleem mee als dieren sterven in een slachthuis, of ouderen in een bejaardenhuis,’ zegt Eduardo. Bovendien, vervolgt Antonio, lijdt een stier nauwelijks tijdens het gevecht. ‘Het probleem is dat bloed rood is’, zegt hij. ‘Daardoor ziet het er verschrikkelijk uit. Maar ik ben ervan overtuigd dat de stieren weinig pijn voelen, ze zijn verdoofd door de adrenaline.’

Vertel in België dat we geen bruten zijn, smeken de Miura’s. ‘Je moet weten,’ bekent Antonio, ‘dat ik vier honden heb. Ze mogen ’s nachts bij mij op de slaapkamer. Twee van hen springen dan bij mij op bed.’

Dromen van de torero

De ranke jongen die in Pamplona in gevecht is met een denkbeeldige stier, heet Pablo Hernández (17). Hij vult de lege arena moeiteloos met zijn dromen. Ooit hoopt hij een professionele stierenvechter te zijn. Om dat doel te bereiken, is hij iedere ochtend en iedere middag hier te vinden. ‘Salonstierenvechten’, zo heet het wat hij doet. Het is een soort zwemmen op het droge, bedoeld om de bewegingen met de rode lap en de cape in de vingers te krijgen.

Pablo Hernández (17) hoopt ooit een professionele stierenvechter te zijn.Beeld César Dezfuli

De zon brandt tegen het middaguur al in het zand. Hernández vertelt zijn verhaal in een klein randje schaduw, tegen de beschoeiing van de arena. ‘Stierenvechten is uniek,’ zegt hij. ‘Het is niet zoals voetbal. Wat je voelt als torero, dat is niet normaal. Het stierenvechten is zoiets groots: het kan je alles geven, of alles afnemen.’ Hij kijkt dromerig in de verte.

Andere jongens, zegt Hernández, hebben geld of contacten die hij niet heeft. Voor hem zit er niets anders op dan heel veel te trainen, wil hij doorbreken. ‘Als ik iets moest leren voor school, had ik soms pillen nodig om me te kunnen concentreren,’ zegt hij. ‘Maar hier gaat het vanzelf.’

Zijn vrienden begrijpen niets van zijn fascinatie voor het stierenvechten. Zijn moeder vindt het maar niets: te gevaarlijk. En de aanzwellende kritiek uit de samenleving? ‘Daar let ik zo min mogelijk op,’ zegt hij, ‘want dan begin je te denken: wat doe ik hier?’

Hij zou dit jaar voor het eerst écht in actie komen in de arena van Pamplona. Nog niet met volgroeide dieren, maar met de dieren van drie jaar oud, de novillos. Dat gaat nu niet door. Hernández zucht. ‘Dat wordt dan volgend jaar.’

(VK)

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234