Mano Bouzamour (27), de omstreden schrijver van 'Bestsellerboy': 'Wat de islam nodig heeft, is een overdosis humor'

De Nederlandse schrijver Mano Bouzamour, zoon van Marokkaanse gastarbeiders, was pas 22 toen hij met ‘De belofte van Pisa’ de bestverkochte debuutroman van 2014 uitbracht. Hij werd omarmd door het publiek, maar verguisd door zijn familie en zelfs bespuwd op straat.

'De ouders van schoolvriendjes aten varkensvlees en dronken bier. Ze waren superlief en gastvrij, terwijl ze volgens mijn geloof naar de hel zouden gaan'

HUMO Wanneer waren die momenten dat je je debuutroman vervloekte?

Mano Bouzamour «Als alles tegenviel. Als ik supermoe was. Als ik voelde dat ik bijna alles kwijt was.»

HUMO Je bedoelt: je ouders, je oude vrienden?

Bouzamour «Ja. (Snel) Maar het is wel míjn schrijverschap. Ik ben trots dat ik het heb gedaan.»

Het motto van zijn zopas verschenen tweede roman, ‘Bestsellerboy’, is een citaat van Oscar Wilde: ‘Als de goden ons willen straffen, verhoren ze onze gebeden.’

HUMO Je wilde met je eerste roman een bestseller schrijven. Dat is gelukt, maar je hebt er wel een prijs voor moeten betalen.

Bouzamour «Ik wist niet dat er voor zulke dingen prijzen betaald moesten worden. Ik wilde de literaire wereld bestormen, niet wetende wat me allemaal te wachten stond. Gelukkig ook maar. Want anders…»

HUMO Want anders?

Bouzamour «Goeie vraag. Ik weet het niet. Ik had wat speldenprikken verwacht, maar niet dat alles zo uit elkaar zou spatten. En dat het zo’n grote impact zou hebben op mij.»

In zijn eerste roman beschrijft hij de Marokkaanse jongen Sam, uit een beruchte Amsterdamse buurt. Hij kan goed leren, maakt van zijn zolderkamertje een kleine bibliotheek, en stroomt door naar een deftige school, worstelend tussen twee culturen. Het geeft een kijkje op het hypocriete leven van Marokkaans-Nederlandse straatjongens, opgegroeid in streng islamitische gezinnen. Ach, een diefstalletje. Hoezo, geen alcohol? En lang leve seks met Hollandse meisjes! Zolang je maar naar de moskee gaat.

De zwaar gelovige ouders van Bouzamour waren niet blij met het boek – al konden ze het zelf niet eens lezen. Na ophef over een optreden van hun zoon in het tv-programma ‘Pauw en Witteman’ gooiden ze Mano het huis uit en veranderden ze de sloten. Zijn vroegere vrienden lieten hem genadeloos vallen. Uitgekotst op straat, maar omarmd door de literaire wereld: over die diepdroevige en bewogen periode gaat ‘Bestsellerboy’, met deze keer een hoofdpersonage genaamd Mohamed, de oorspronkelijke naam van Mano.

Bouzamour «Ik heb mijn angsten beschreven. Op een gegeven moment durfde ik geen boek meer aan te raken, ik durfde de muziek niet meer op te zetten waarnaar ik had geluisterd tijdens het schrijven van mijn eerste roman.»

HUMO Wat was die angst precies?

Bouzamour (zucht, denkt) «Wat is die angst? Godver. Die heeft met veel te maken. Je moet weer presteren. Dan was ik bezig in de gym en kwam er een vrouw naar me toe: ‘Ik vond je boek fantastisch, maar wanneer verschijnt je tweede? Ik heb mijn hoop al opgegeven.’ Zoiets krijg je te horen, terwijl je zelf in de clinch ligt, met alles.

»Het pijnlijkst was dat ik dacht dat ik niet meer kon schrijven. Dat ik niet meer achter mijn bureau durfde te gaan zitten om opnieuw te beginnen.»

HUMO Bij jou was er meer aan de hand dan een klassieke writer’s block.

Bouzamour «Ik werd gestraft omdat ik gewoon had gedaan waar mijn passie ligt. Heel oneerlijk. Het gekke is wel: ik verloor een wereld, maar ik won er ook één.

»Ik heb op straat geleerd om verhalen te vertellen. Op het schoolpleintje, op het voetbalveldje. Ik heb er grappen leren maken, harde en scherpe grappen. Je moest altijd op je strepen staan, voor jezelf opkomen. Daarna leerde ik verhalen te vertellen door naar films te kijken, en later, boeken te lezen. Ik hield me altijd al bezig met taal; keek goed naar de ondertiteling bij films. Van de grote rappers drukte ik de lyrics af, om te begrijpen wat ze me wilden vertellen. Zo ben ik gaan schrijven.»

HUMO In je nieuwe boek geef je je eerste roman de fictieve titel: ‘Mohamed, de proleet’.

Bouzamour (snel) «Wat vond je ervan?»

HUMO Ik moest er wel om lachen, maar…

Bouzamour «Maar?»

HUMO Ik ben geen moslim.

Bouzamour «De islam heeft humor nodig. Een overdosis humor. Het idee voor die titel kwam gewoon aanwaaien. Ik vind het interessant dat je iets een totaal andere betekenis kunt geven door één letter te veranderen. Dat is zo waanzinnig aan taal. Heel veel moslims vielen over allerlei passages in mijn eerste boek. Die ervoeren ze als beledigend, terwijl ik ze juist poëtisch vond. Daar heb ik nu bewust mee gespeeld.»

HUMO Ben je bang dat het weer een hoop gedoe zal opleveren?

Bouzamour «Ik ben niet bang. Als ik schrijf, dan moet ik alles kunnen schrijven en zeggen en denken wat ik wil. Ik wil trouw blijven aan mijn gekte. Ik wil het allerbeste en het allergeestigste verhaal vertellen.»

HUMO In je eerste boek bleef je weliswaar trouw aan jezelf, maar je omgeving beschouwde het als verraad.

Bouzamour «Ja. Ik heb er duidelijk voor gekozen mijn eigen pad te volgen en te doen waar ik vrolijk en blij en gelukkig van word. Authenticiteit is het allerbelangrijkste voor een schrijver, of eigenlijk: voor iedereen.»

HUMO Je was hartstikke trots op je eerste roman, maar de presentatie ervan was dubbel: je ouders waren er niet.

Bouzamour «Het was de mooiste, maar tegelijk ook treurigste dag van mijn leven. Het was ook een ijkpunt: nu begint het leven pas echt.»

HUMO Hoofdpersonage Mohamed vat intens verdriet samen in een snijdend kort zinnetje: ‘Ik ben een wees met levende ouders.’

Bouzamour «Dat zinnetje heb ik genoteerd toen ik door de stad aan het zwerven was. Zo heb ik me vaak gevoeld. Tegelijk gaf de roman me ook de kracht om de dingen te doen die ik moest doen. Je verliest en je wint: zo is het leven.

»Mijn ouders en ik zien elkaar nu weer. Het contact is hersteld. Ik hou erg van ze, en zij van mij. Maar ik zal wel altijd blijven schrijven en doen wat ik wil.»

'Ik ben een keer blijven zitten, maar mijn ouders zijn daar nooit achter gekomen. Ze weten niet hoe het school­systeem werkt.'




Analfabeet

In ‘Bestsellerboy’ legt de vader z’n hand op de schouder van zijn zoon Mohamed: ‘Zoon, al heel lang wil ik je iets vragen…’ Ik bloeide even op. Iedere vorm van vaders nieuwsgierigheid was een zeldzaamheid die ik koesteren moest. Ik knikte hem toe via de spiegel. Lachend vroeg hij: ‘Wanneer ga je een huis voor ons kopen in Marokko?’

HUMO Er zit heel veel in die paar zinnen.

Bouzamour «Ik ben altijd op zoek naar die gelaagdheid. Net zoals de opdracht vooraan in het boek: ‘Voor mijn ouders, die niet kunnen lezen – godzijdank.’ Ik zou heel graag willen dat ze konden lezen, en ik draag het boek op aan mijn ouders. Maar ik ben eigenlijk ook heel blij dat ze het niet kunnen lezen.»

HUMO Hoe kun je zover af komen te staan van je ouders dat ze je helemaal niet meer begrijpen?

Bouzamour «Ik denk dat taal net het probleem is: dat is zo’n belangrijk communicatiemiddel. Als je ouders niet eens kunnen lezen, dan…»

HUMO Maar jouw vader was leraar in Marokko, zei je broer in een interview.

Bouzamour (stug) «Ja, dat schijnt mijn broer gezegd te hebben.»

HUMO Wat was je vader dan in Marokko?

Bouzamour «Geen leraar, in ieder geval. Hij had er geen werk en is hiernaartoe gekomen.»

HUMO Hij kan ook echt niet lezen?

Bouzamour «Hij kan wel Arabisch lezen en schrijven. En hij spreekt heel gebrekkig Nederlands. Mama kan niet lezen en schrijven.»

HUMO Hoe kwam jouw broer erbij om te zeggen dat je vader leraar was?

Bouzamour «Ik zou het niet weten.»

HUMO Het is toch gek om zoiets te beweren?

Bouzamour «Ja. (Zwijgt) Mijn vader kent de Koran van voren naar achteren en weer terug. Hij wordt door vrienden en familie gezien als een Korangeleerde, misschien bedoelde mijn broer dat.»

HUMO In de media rees het beeld alsof je ouders zich totaal afzijdig houden van de Nederlandse samenleving, maar uit verhalen van je broers blijkt dat ze jullie juist motiveerden om verder te komen.

Bouzamour «Natuurlijk hebben ze dat gedaan. Elke ouder wil dat toch? Maar ze stimuleerden ons voor zover ze dat konden. Ik bedoel, en dat is volgens mij tekenend voor het geheel: ik ben een keer blijven zitten, maar mijn ouders zijn daar nooit achter gekomen. Omdat ze niet weten hoe het schoolsysteem werkt.»

HUMO Maakt dat je boos?

Bouzamour «Ja, maar…»

HUMO Maar het heeft geen zin je boos te maken?

Bouzamour «Precies. (Denkt na) En misschien was ik zonder die achtergrond geen schrijver geworden. En met mij zijn er nog heel veel schrijvers die in soortgelijke situaties zijn opgegroeid.»

HUMO Hoe was het om als 22-jarige in aanraking te komen met grote schrijvers, ineens tussen je helden op het Boekenbal te staan?

Bouzamour «Vroeger hadden we een pleintje, omgeven door hekken met prikkeldraad. In het weekend gingen die hekken dicht, maar wij wilden voetballen. Dan gaven we elkaar een voetje om over die hekken te klimmen en speelden we op dat felbegeerde pleintje. Wel, die schrijvers hebben mij voetjes gegeven. Om mij over die hekken heen te laten klauteren, om te staan waar ik zo graag wilde staan.

»Het zijn lieve lui. Ze hebben me van alles geleerd over lezingen geven en hoe ik dingen moet aanpakken. Het voelt heel warm. Het zijn de mensen aan wie ik me heb opgetrokken.»

HUMO In welk opzicht waren je ouders een rolmodel?

Bouzamour «Ze hebben een enorme stap gemaakt door die ontdekkingstocht naar Nederland te maken, een compleet andere wereld. Wat ik wel maf vind, is dat ze niet hebben doorgezet. Ze waren twintigers. Dat je dan ineens teruggrijpt naar… Ja, ik vind het heel gek.»

En dan wordt Bouzamour opnieuw stil. Aan het einde van het gesprek zegt hij over dit soort weerspannige momenten: ‘Je kwam te dichtbij. Over de relatie met mijn familie, mijn oude omgeving, kan ik schrijven, maar bijna niet praten.’


van god los

Over de ouders van hoofdpersonage Mohamed, in ‘Bestsellerboy’: ‘Ze smeekten me terug naar huis te komen. Ze hadden spijt van hoe het was gelopen. (…) Ik hoorde hun gesmeek aan, het enige wat die mensen echt goed konden. Ze smeekten God dag en nacht voor een mooi leven.’

HUMO Dat klinkt wrang.

Bouzamour «Vind je? Zo zie ik dat niet. Ik ken mijn ouders bijna niet anders dan met gevouwen handen. Als ik aan mijn ouders denk, zie ik ze biddend voor me.»

HUMO Wanneer begon je dat vreemd te vinden?

Bouzamour (kijkt verrast op, denkt na) «Toen ik bij vriendjes en vriendinnetjes van school over de vloer kwam, zag ik dat hun ouders wijn en bier dronken en varkensvlees aten. Die mensen waren superlief en gastvrij. Terwijl ze volgens mijn geloof naar de hel zouden gaan. Toen begon ik zelf na te denken: zou er dan een God bestaan die rancuneus is? Dat kan toch helemaal niet? Die mensen zijn veel liever dan de meeste moslims die ik ken.»

HUMO Vond je ze liever?

Bouzamour «Over het algemeen wel. Althans: ze waren meer betrokken, geïnteresseerder. Ik kwam als kind vaak in de moskee. En de ouderen daar waren gewoon nooit vriendelijk.»

HUMO Alleen maar streng?

Bouzamour «Ja, heel erg.»

HUMO Dus ging jij je eigen weg. Het is nogal wat, om te breken.

Bouzamour «Ik heb er nooit mee gebroken. Dat zat gewoon in mij. Ik heb er nooit voor gekozen moslim te zijn. Ik was het, maar op een gegeven moment vond ik het schrijven. Dat gaf mij houvast. En dat is heilig, nu.»

HUMO Jij ziet het schrijven als heilig.

Bouzamour «Dat klinkt misschien raar, maar het is echt zo. Ik geef me compleet over aan de literatuur.

»Ik geef het schrijven heel veel liefde en toewijding en tijd en kracht. Het geeft me ook heel veel terug. Ik heb mezelf beter leren kennen.»

HUMO Hoe werkt dat dan?

Bouzamour «Je krijgt grip op het leven. Op een wereld. (Lacht) Maar nu gaan we erg diep.»

HUMO Voor het schrijven ga je dwars door alles heen. Toen de eindredactrice bij je vorige uitgeverij niet meteen overtuigd was van je eerste roman, noemde je haar ‘een stoffige, oubollige brandnetelkut’.

Bouzamour (plots weer stug) «Hallo, dat zei ik in een documentaire van een filmmaker die me volgde vanaf mijn 19de. Het was een loepzuivere reactie. Ik was jong, had drie jaar aan het boek gewerkt, en toen zag iemand het niet zitten. Ik heb me nog redelijk coulant uitgedrukt, denk ik.»

HUMO Je liet je niet afschrikken en kwam terecht bij uitgever Mai Spijkers van Prometheus, uitgever van onder anderen Herman Brusselmans, Tom Lanoye en Griet Op de Beeck.

Bouzamour «En die geloofde wel in me. Die zag wel wat ik waard ben.»

HUMO Je beschrijvingen zijn vaak erg grappig, met een scherp randje. ‘Die kleine kut-Marokkaan neemt ook nooit op,’ laat je Mai Spijkers over jou zeggen.

Bouzamour «Hij is een personage in mijn boek, hè? Het is fictie.»

HUMO Maar Mai heet wel Mai in het boek.

Bouzamour «Waarom mag de literatuur zichzelf niet benoemen? Ik dacht: ik kan alle namen wel veranderen, maar dat vond ik ook slap.»

HUMO In de documentaire zag je fragmenten van een af en toe erg kwetsbare, maar vaak stoere jongen, veel bezig met krachttraining in de gym…

Bouzamour (onderbreekt) «Niet meer. Geen behoefte meer aan. Toen was er een wervelstorm gaande, en daar moest ik me lichamelijk tegen wapenen.»

HUMO Dus zo heftig was het? Je vertelde eerder over hoe je had gevochten nadat een oude kennis je had bespuwd.

Bouzamour (ontwijkend) «Ik moest voor mezelf opkomen. Verder wil ik er geen woorden aan vuilmaken.»

HUMO De roman zit vol zelfspot. Eigenlijk ook een manier van wapenen.

Bouzamour «Je moet om jezelf lachen voor de rest dat doet. Dat heb ik wel van jongs af aan meegekregen.»


Charlatan

Uit ‘Bestsellerboy’: ‘Marokko is een prachtig land, heel fijn, goed eten, alleen de mensen, tja, die verpesten het nogal.’

HUMO In je eerste roman stond: ‘Opgroeien in de Marokkaanse gemeenschap maakt je tot een geweldige charlatan.’

Bouzamour (lacht) «Als ik naar mijn Nederlandse vriendinnetje ging, moest ik een verhaal, een leugentje verzinnen. Want dat mocht mijn moeder natuurlijk niet weten.»

HUMO Eigenlijk is een Marokkaanse opvoeding heel goed voor een schrijver?

Bouzamour (lacht) «Ja. Er wordt dít gezegd, maar er wordt dát bedoeld. Dat impliciete wordt erg gewaardeerd in de literatuur.»

HUMO Wat was het moment dat je weer durfde te beginnen aan een nieuw boek? Dat je dacht: en nu ga ik achter dat bureau zitten?

Bouzamour «Ik was in Frankrijk, in een vakantiehuisje met vrienden. Op een gegeven moment begon ik te schrijven. En bleef ik de hele nacht wakker.

»Wat er de vorige keer gebeurde, was allemaal zo onverwacht. En dat moet je dan maar zien te overleven. De angst dat het weer kan gebeuren, maakte me zo bang.»

HUMO Hoe was het om ineens een mediaster te zijn?

Bouzamour «Zo zie ik mezelf totaal niet. Ik bekijk ook al die dingen niet meer. Ik vind het verschrikkelijk.»

HUMO Terwijl ijdelheid je niet vreemd lijkt.

Bouzamour «Ja. Maar om mezelf terug te horen en te zien…Nee, dank u.»

HUMO Je zet jezelf ook op Instagram, met een enorme blote bast.

Bouzamour «Zo nu en dan.»

HUMO En nu begint het publiciteitscircus opnieuw.

Bouzamour «Ik zal het wel weer trotseren, zeker?»


UITBUNDIGE SEKS

Uit ‘Bestsellerboy’: ‘Het liefst zou ik mijn gezicht nu willen vastlijmen aan haar gladgeschoren kutje, met het sterkste soort secondelijm.’

HUMO Wat vonden je drie zussen van je eerste roman?

Bouzamour «Geestig. Die vinden het leuk dat ik dit doe.»

HUMO En wat zeiden ze over de seksscènes?

Bouzamour «Daar hebben we het niet over. Ik ben benieuwd wat ze van het nieuwe boek zullen vinden. Seksualiteit is een belangrijk thema in de zoektocht naar vrijheid van het hoofdpersonage.»

HUMO Het zijn erg expliciete scènes.

Bouzamour «Deze keer dacht ik: en nu gaan we all the way. Het boek is een acute aanklacht tegen de vertrutting.»

HUMO Op een bepaald ogenblik, als Mohamed een aantal meisjes tegelijkertijd bij hem heeft uitgenodigd, dacht ik: stop, nu heb ik genoeg over seks gelezen.

Bouzamour «Dat is precies het gevoel dat ik wilde overbrengen. Op een gegeven moment had ik ook heel veel van dit soort contacten. Uitbundige seks met jonge stadsbewoonsters. Het is een soort leegte, eenzaamheid die je probeert op te vullen met allerlei dingen.»

HUMO Hoe gaat het met je vriendin?

Bouzamour (kortaf) «Ik ben vrijgezel.»

HUMO Zijn je ouders deze keer wel bij de boekpresentatie?

Bouzamour «Ja, waarschijnlijk wel.»

HUMO Heb je ze al verteld over Mohamed, de proleet?

Bouzamour «Zelfs dat zullen ze niet snappen. Ik liet mama laatst een foto zien van de acteur die de hoofdrol gaat spelen in de verfilming van mijn eerste roman. ‘Kijk, dit is de jongen in de film.’ Ze begreep niet wat de bedoeling was.»

HUMO Het was voor haar niet te bevatten.

Bouzamour «En ze begrijpt het niet, denk ik. Of ik dring gewoon niet tot haar door, dat kan natuurlijk ook.»

HUMO Wat betekent dit tweede boek voor jou?

Bouzamour «Zeg jij het eens.»

HUMO Alsof je nu pas echt weer verder kunt.

Bouzamour «Het is zo vers dat het me bijna moeite kost erover te praten. Maar ik ben zo ongelooflijk blij dat ik het heb geschreven. Ik zat zo gevangen. Ik kan niet eens bevatten dat het klaar is.

»(Enthousiast) Zaterdagochtend reed ik op mijn scooter door Amsterdam en tram 24 maakte een heel mooie bocht, met zo’n gillend tramgeluid. Prachtig, zoals de zon erop scheen. Ik dacht: ik weet precies welke zin ik moet schrijven en aan welke scène ik ’m moet toevoegen. Alleen: het boek was natuurlijk al naar de drukker.»

Mano Bouzamour, ‘Bestsellerboy’, Prometheus

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234