Medische fouten in België: 'Zelfs wanneer ze je verkeerde been afzetten, kun je je zaak niet winnen'

Op 6 januari 1996 onderging Susanne Leisegang een lichte knieoperatie. Er traden verwikkelingen op, de behandelende chirurg onderschatte de ernst van de situatie en in plaats van een spoedig herstel volgden er vijf extra operaties en een lange revalidatie. De patiënte spande een proces aan vanwege die medische fout. Pas in 2016, twintig jaar later, volgde een uitspraak: de chirurg is niet aansprakelijk. Of hoe een medische fout diepe wonden kan slaan.

Op 24 september 2013 verscheen het artikel ‘Manke ingreep, kreupele rechtsgang’ in Humo. Daarin getuigde Susanne Leisegang over de medische fout waarvan zij het slachtoffer was. Na een lichte operatie (het verwijderen van een cyste in de knieholte) in het H. Hartziekenhuis in Mol traden er verwikkelingen op: been en voet zwollen helemaal op als gevolg van een inwendige bloeding. De vasculaire chirurg liet – na lang wachten – een bloedverdunner toedienen. ‘Waardoor die bloeding nog verhevigde en ik gruwelijk veel pijn kreeg.’ Door de druk van die bloeding en het ontstane zuurstoftekort werden zenuwen en spieren aangetast. Amputatie van het onderbeen kon nog net vermeden worden. Kort daarna volgde een tweede bloeding en werd Susanne overgebracht naar het UZ Gasthuisberg in Leuven waar opnieuw een groot deel van haar been opengesneden moest worden om het bloed te draineren. Door de medische fout moest haar been nadien nog vijf keer geopereerd worden. Een jaar revalidatie was nodig terwijl ze in een maand hersteld had kunnen zijn. Susanne leed ook inkomensverlies omdat ze nadien nog maar halftijds kon werken als opvoedster.

'Je moet al heel sterk zijn om twintig jaar met zo’n donkere wolk te leven'

Na een jaar spande ze een proces aan tegen de vasculaire chirurg en dat was het begin van haar juridische lijdensweg: ‘25 keer is om uitstel gevraagd aan de rechtbank in Turnhout.’ Omdat medische experts niet kwamen opdagen of hun verslagen laattijdig indienden, of omdat advocaten bijkomende vragen bleven stellen om de zaak op de lange baan te schuiven. Uiteindelijk, in mei 2016 – na twintig jaar en vier maanden – volgde er een uitspraak. Susanne Leisegang wilde al eerder getuigen, maar moest wachten op de teruggave van haar dossier.

HUMO Drie jaar geleden hadden we het over de tergend trage rechtsgang, maar zag het er niet naar uit dat u deze zaak zou verliezen: de medische fout leek heel manifest. En nu is er toch een uitspraak in uw nadeel.

Susanne Leisegang «Ik heb lange tijd hoop gehad op een goede afloop. Maar terwijl de advocaat van die vasculaire chirurg zich altijd heel goed had voorbereid, liet mijn advocate de zaken op zijn beloop: zij ondernam niets tenzij ik haar wakker schudde. Het resultaat van die twintig jaar slijtageslag is dat die vasculaire chirurg niet schuldig bevonden kan worden voor de medische fout en de schade. Het is ‘niet aanwijsbaar’ dat hij nalatig is geweest of niet adequaat gereageerd heeft.»

HUMO Wie heeft dan wel een fout gemaakt?

Leisegang «Dat wordt niet gezegd. Maar hij heeft correct gehandeld. Als alles toch zo correct was, waarom wou zijn advocaat die medische fout dan aanvankelijk afschuiven op Gasthuisberg? Terwijl Gasthuisberg mij verdorie gered heeft van leegbloeden en van amputatie! Ook beweerden ze dat ik een stollingsziekte had, maar ik heb geen stollingsziekte. Pas toen die maneuvers niets uithaalden, zijn ze de chirurg beginnen te verschonen. Dat hij alles goed had opgevolgd en dat hij zelf het initiatief had genomen om mijn toestand van nabij te volgen. Een pure leugen. De waarheid is dat de nachtverpleging hem om het uur heeft opgebeld omdat het met die bloedingen uit de hand liep, en of hij alstublieft wilde komen. Maar hij is die nacht nooit langs geweest. Dat verpleegkundig verslag van die nacht is ‘verdwenen’, dat is nooit meer teruggevonden.»

HUMO Het knelpunt bij processen over medische fouten is dat het slachtoffer de bewijslast moet aandragen voor de fout en ook het oorzakelijk verband moet kunnen bewijzen tussen fout en schade. De dader hoeft zijn onschuld niet eens te bewijzen.

Leisegang «Dat speelt in het voordeel van de artsen. Jij bent het slachtoffer, jij komt fysiek en psychisch uit een zwart gat gekropen, maar dan verwachten ze dat je juridisch-medisch in staat bent om zo’n zaak te beginnen én op te volgen. Welke patiënt is zo alert en zo deskundig?!»

HUMO Zowel uw verzekering als die van de chirurg had een dekking van 37.000 euro rechtsbijstand. Dat betekent dat er in die twintig jaar 74.000 euro in rook is opgegaan.

'Een groot deel van het been van Susanne Leisegang moest opengesneden worden om het bloed te draineren'

Leisegang «De rekeningen van advocaten en experts blijven al die jaren maar lopen. Zij schrijven brieven en verslagen én commentaren op die verslagen, en ze factureren hun kosten aan de verzekeringsmaatschappij. Ik had daar nooit inzage van. Drie jaar geleden kreeg ik voor het eerst wat over die kosten te horen toen mijn advocaat schreef dat de verzekering gemeld had dat 35.000 van de 37.000 euro rechtsbijstand opgesoupeerd was. Waaraan dat geld precies is opgegaan, dat weet ik niet.

»En ook toevallig… Toen de dekking van de rechtsbijstand op was, toen kwam het ineens wél tot een rechtszitting. Zo van: er valt aan die cliënt niks meer te verdienen door advocaten en experts, laat ons er nu maar een punt achter zetten.

»Het toppunt is dat ik nog een rekening moet betalen: 1.600 euro voor die laatste rechtszitting, een bedrag dat niet meer gerecupereerd kon worden bij de rechtsbijstand van de verzekering.»

HUMO Moet die chirurg iets betalen?

Leisegang «Nee, hij is vrijgesproken. Maar ik als slachtoffer word nog eens aangepakt. Ah ja, want ik heb een proces dúrven aan te spannen.»


‘Geen schone zaak’

HUMO In 1996 was er sprake van een schadeloosstelling van 56.600 euro. Met een voorziene rentevoet van 8% zou je nu 263.000 euro schadevergoeding gekregen hebben. Dat geld loop je mis.

Leisegang «Een aardig bedrag, hè. En let op de rente. Door die 20 jaar uitstel is dat meer dan 200.000 euro, bijna vier keer zoveel als de schadevergoeding zelf. Maar op den duur wil je dat geld niet meer. Je wil een uitspraak, je wil van die zaak af. Je wil dat er recht gesproken wordt – dat vooral.

»Mijn grootste hoop op een gunstige afloop had ik in oktober 2012. Toen was de laatste installatievergadering voor de definitieve rechtszitting en toen gaf de voorzitter van de expertisecommissie, professor doctor F. V. (UZ Gent), mij hoop door in die commissie te zeggen: ‘Dit is geen schone zaak meer. Zo’n procedure duurt maximaal acht jaar, en we zitten al aan zestien jaar. Dat is niet meer normaal, laat ons dit zo snel mogelijk afronden.’ Hij haalde ook aan dat ik persoonlijke problemen had: in die tussentijd had ik immers drie keer kanker gehad.

»Ik was zo blij te horen dat hij voort wilde maken. Eindelijk, éíndelijk had iemand begrip! Maar die professor heeft er dan tweeënhalf jaar over gedaan om zijn verslag te maken. Dertig maanden, enkel en alleen om een synopsis van de vorige verslagen te maken en om zijn eindconclusies te formuleren. Die eindconclusies zijn nodig, want anders kan er geen rechtszaak en geen uitspraak zijn.

«Ik zat natuurlijk op dat belangrijke verslag te wachten, en ik heb die prof verschillende malen gebeld en gemaild. Tevergeefs. Ik heb hem aangetekende brieven gestuurd. Tevergeefs. Nooit was hij bereikbaar. Nooit kreeg ik een reactie.

»In elke job zijn er deadlines, maar in die medisch-juridische wereld blijkbaar niet. De zaak moest voorkomen voor de rechtbank van eerste aanleg in Turnhout en ik weet van de rechtbank dat ze herhaaldelijk naar die professor schreven of hij zijn verslag wilde indienen, maar hij legde die vraag gewoon naast zich neer en de rechtbank liet dat gebeuren. Ze hadden blijkbaar geen enkel dwangmiddel. De rechtbank constateert dat een verslag nog niet klaar is, and that’s it.

»En je moet weten dat professor F. V. al in 2012 zijn factuur voor dat verslag naar de verzekering stuurde. Dus nog voor hij iets op papier had gezet! Dat is de geplogenheid. Eerst betaald worden en dan zullen ze zelf wel zien wanneer ze voor dat geld gaan werken.»

HUMO U was ook zwaar teleurgesteld in uw advocaat.

Leisegang «Na acht jaar ben ik van advocaat veranderd omdat ik vond dat hij amper bougeerde. Maar die volgende advocate was al even passief. Blijkbaar is het bon ton in dat soort zaken om heel traag te werken. De voorlaatste keer dat ik m’n advocate sprak, lag er een halve meter papier op haar bureau: mijn dossier, zei ze. Toen die zaak uitgesproken was, en ik mijn dossier opvroeg, heeft dat vier maanden geduurd, en uiteindelijk kreeg ik een bundel die maar een kwart zo dik was. Heeft ze eerder dat volume kunstmatig aangedikt, of heeft ze stukken uit het dossier gehaald: ik wéét het niet.»

HUMO Een buitenstaander zal zeggen: pech met die passieve advocaat.

Leisegang «Het zit wel degelijk dieper. Jij bent een slachtoffer, jij bent niet vertrouwd met die medisch-juridische wereld en ineens kom je in zo’n omgeving waar advocaten, experts en gerechtsdokters met elkaar grapjes uitwisselen en over hun reizen vertellen. Zij kennen elkaar en jij loopt in die wereld verloren.

»Ik ben dan nog iemand die goed georganiseerd is en die vlot kan praten, schrijven en communiceren. Hoe moet dat dan zijn voor mensen die zich niet goed kunnen uitdrukken en die de zaken minder goed kunnen opvolgen?!»


Nooit meer zwanger

HUMO Intussen bent u allicht soortgelijke slachtoffers tegengekomen?

Leisegang «Na dat eerste Humo-artikel hebben verschillende mensen mij opgebeld. Het ergste was het verhaal van een vrouw die toen ze jong was een kijkoperatie moest ondergaan om te zien of ze een kwaadaardig gezwel had in de ingewanden. Maar toen ze wakker werd, was alles weggenomen: baarmoeder eruit, eierstokken eruit, alles weg. Die vrouw heeft geen kinderen meer kunnen krijgen. En dat gezwel was niet eens kwaadaardig. Ook een manifeste fout, en in 2013 was dat koppel al tweeëntwintig jaar aan het procederen! Hun verzekering en rechtsbijstand dekte hen al niet meer, ze zaten aan 60.000 euro kosten. Dat is om zot te worden als je dat hoort! Ik wilde samen met hen naar buiten treden, maar ze waren ongelooflijk bang dat zo’n publicatie zich tegen hen zou keren. Ook dat wijst erop hoe machteloos mensen staan in die situatie.

»Mijn conclusie is dat je met het Belgische rechtssysteem geen schijn van kans hebt. Zelfs wanneer ze je verkeerde been afzetten, dan nog kun je je zaak niet winnen. Want zij hebben de tijd aan hun kant; zij kunnen de zaak tot in den treure uitstellen, en daar kun je als gewone burger niet tegenop. Ik was toen 35, nu ben ik 55. Je moet al heel sterk zijn om twintig jaar met zo’n donkere wolk te leven. En ook met die arrogantie dat zij doen wat hen uitkomt. Die arrogantie, die heeft ervoor gezorgd dat ik twintig jaar lang niet wilde opgeven.»

HUMO Gaat u in beroep?

Leisegang «Nee. Ik heb het geld niet en ik zou het ook niet aankunnen dat alles weer van voren af aan begint.

»Ik moet nu vaak terugdenken aan mensen die me twintig jaar geleden zeiden: ‘Susanne, je hebt gelijk, maar begin geen proces. Je weet niet waaraan je begint.’ Die krijgen nu gelijk, maar ja, als iedereen laat betijen, dan worden alle fouten toegedekt. Ik zou me evenzeer ongelukkig voelen als ik niks had gedaan. Maar mijn conclusie is wel: binnen deze Belgische rechtspraak kun je maar beter de dáder zijn bij medische fouten.»


Onwetendheid, angst en lang wachten

Niemand weet hoeveel medische fouten (of ‘medische ­ongevallen’) er gebeuren in België, er is geen meldingsplicht. Volgens een recent artikel in British Medical Journal (mei 2016) zouden in de VS 1,13 procent van alle doden te wijten zijn aan medisch falen; daarmee is het de derde doodsoorzaak. Een extrapolatie naar België komt dan neer op circa 1.250 doden per jaar – of 24 per week. Het aantal slachtoffers dat jaarlijks een blijvende handicap of schade aan een medische fout overhoudt, wordt op 6.000 geraamd.


Op de lange baan

Er is weinig onderzoek naar de rechtsgang die gedupeerden moeten doorlopen. In 2015 ­onderzocht een team van de ­UHasselt 1.900 dossiers die betrekking hadden op een medisch ongeval tussen 2004 en 2014. De gedupeerde patiënt die voor een minnelijke schikking koos (tussen hem en de verzekeraar van de zorgverlener) kwam er nog redelijk van af. In 40 procent van de gevallen kwam het tot een schadevergoeding, wel voor relatief geringe bedragen (gemiddeld 4.000 euro). De afhandeling duurde gemiddeld 2,5 jaar. Kiezen voor de rechtbank is kiezen voor de lange baan. Na verloop van 3 jaar was 65 procent van de dossiers nog altijd niet afgehandeld, en ook: als het dossier dan toch werd afgerond, kreeg slechts 17 procent van de slachtoffers een schadevergoeding.

Dat soort ervaringen zorgt ervoor dat veel patiënten zich geremd voelen om juridische stappen te zetten. In juli 2016 publiceerde Test-Aankoop een dossier over patiëntenrechten. Van de 450 ondervraagden zei 11 procent het slachtoffer van een medische fout te zijn. Minder dan een kwart (23,5 procent) van die gedupeerden durfde of wilde een klacht indienen.

Van alle 450 ondervraagden wist ook de helft totaal niet waar hij of zij met een klacht terechtkon. Die onwetendheid was de voornaamste reden (54 procent) om geen klacht in te dienen, gevolgd door de overtuiging dat het tijdverlies was (44 procent) of dat de procedure te ingewikkeld zou zijn (40 procent). En 14% durfde niet te klagen uit angst voor een slechtere behandeling achteraf.


Ombudsdienst

Om patiënten bij klachten te begeleiden en bemiddelend op te treden moet elk ziekenhuis bij wet een ombudsdienst organiseren. Het loon van de mensen op zo’n dienst wordt echter betaald door het ziekenhuis, waardoor je moeilijk van een onpartijdige en onafhankelijke instantie kunt spreken. Als een gedupeerde dan ‘hogerop’ wil, rest hem enkel de rechtbank, de Orde der artsen of het Fonds voor de Medische Ongevallen (dat zich enkel over ‘zware’ ongevallen ontfermt). Dat zijn allerminst laagdrempelige instanties waar moeilijke procedures en lange wachttijden de regel zijn. Bij het Fonds voor de Medische Ongevallen werd over een looptijd van 5 jaar slechts 8,6 procent van de dossiers ­afgesloten.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234